HR-trends
Deel1: sociale wetgeving en
bronnen
Wat is sociale wetgeving?
Sociale wetgeving: geen duidelijk afgebakend geheel
Gemeenschappelijke kenmerken:
- Bijzonder doel
o Bescherming van belangen van de werknemers
o Bevorderen van hun welzijn
- Sociale wetgeving omvat:
o Arbeidsrecht
o Socialezekerheidsrecht
- Sociale wetgeving:
o - Individuele relaties tussen werkgever en werknemer
o - Collectieve relaties tussen werkgevers en werknemers
o - Beschermingsmaatregelen voor werknemers
o - Arbeidsvoorziening
o - Sociale zekerheid
o - Minimumvoorzieningen
o - Geschillen van sociaal recht
Waar vinden we de sociale wetgeving
- Zowel internationale als nationale bronnen
- Hierarchie der nationale rechtsbronnen in artikel 51 van de Cao-wet
o 1. Dwingende bepalingen van de wet
o 2. Algemeen verbindend verklaarde cao’s (wat zijn dit?)
In de nationale arbeidsraad
In een paritair comité
In een paritair subcomité
o 3. Niet algemeen verbindend verklaarde cao’s wanneer de wg lid is van een organisatie
die de cao ondertekend heeft of de cao zelf ondertekende
a) in de Nationale Arbeidsraad
b) in een paritair comité
c) in een paritair subcomité
d) buiten een paritair orgaan
,Algemeen verbindend verklaarde cao’s
Dit zijn collectieve arbeidsovereenkomsten die door de overheid verplicht worden gemaakt voor alle
werkgevers en werknemers binnen een bepaalde sector, ook als zij geen lid zijn van de organisaties
die de cao hebben afgesloten.
o 4. Geschreven individuele arbeidsovereenkomst
o 5. Niet algemeen verbindend verklaarde cao waarbij de werkgever (die de cao niet
ondertekende of geen lid is van een ondertekende organisatie) wél behoort tot het ressort
van het PC
o 6. Arbeidsreglement
o 7. Aanvullende bepalingen van de wet
o 8. Mondelinge individuele arbeidsovereenkomst
o 9. Gebruik
Belangrijk: Hoe deze hiërarchie interpreteren? (Artikel 6 WAO)
Een lagere norm mag slechts afwijken van een hogere norm als hij hiermee niet strijdig is OF voor
zover deze lagere norm de rechten van de werknemer niet vermindert of zijn plichten niet verzwaart
Deel2, hfd1: Algemene
bepalingen van de
Arbeidsovereenkomstenwet van
3 juli 1978
1. Toepassingsgebied van de wet van 3 juli 1978
1.1. Wat is een arbeidsovereenkomst?
Een wederkerige overeenkomst >< eenzijdig statuut (ambtenaar)
Voor het verrichten van arbeid >< volgen van opleiding (leerovereenkomst)
Tegen loon >< onkostenvergoeding (vrijwilligerswerk)
Onder gezag van een werkgever >< geen gezag (zelfstandige aannemingsovereenkomst)
1.2. Het ondergeschikte verband
Algemeen
• Gezagsrelatie tussen werkgever en werknemer
• Gezagsrelatie staat onafhankelijkheid bij de uitvoering van de arbeidsovereenkomst niet in de
weg
• Ook tussen gehuwden, familieleden of concubanten kan een gezagsrelatie bestaan
,Schijnzelfstandigen - Pseudowerknemers
• Werkgevers proberen sociale bijdragen voor werknemers te ontlopen
• Zelfstandigen proberen te profiteren van de sociale zekerheid voor werknemers
Samengaan van een arbeidsovereenkomst met een aannemings- of zelfstandigenovereenkomst
• Strenge beperking
• Om te vermijden dat men ontsnapt aan toepassing van de socialezekerheidswetgeving voor
werknemers
1.3. Toepassingsgebied van de Arbeidsovereenkomstenwet 3 juli 1978
Op wie is de wet van toepassing?
• Werklieden, bedienden, handelsvertegenwoordigers en dienstboden
• Dus vooral in de ‘privésector’
• Maar ook het niet-statutaire personeel van de publieke sectoren
2. Het aangaan van de arbeidsovereenkomst
2.1. Geldigheidsvereisten
Mondelinge of schriftelijke overeenkomst
Geldigheidsvereisten van het Burgerlijk Wetboek:
• Toestemming van de partijen
• Bekwaamheid van de partijen
• Bepaald voorwerp
• Geoorloofde oorzaak
Bekwaamheid
• Algemeen principe: iedereen is bekwaam om een overeenkomst af te sluiten, tenzij hij door
de wet hiertoe onbekwaam is verklaard
• Minderjarigen
• Zijn in beginsel rechtsbekwaam om arbeidsovereenkomsten af te sluiten, tenzij er
uitdrukkelijk verzet is van de vader, de moeder of de voogd (door art. 43 tot 46bis
WAO)
• Verbod op tewerkstelling van kinderen in de Arbeidswet
• Kind = minderjarigen beneden de 15 jaar, of nog voltijds leerplichtig
Toestemming
Kan aangetast worden door wilsgebreken zoals:
• Geweld
• fysieke of morele aard
• Moet “op een redelijk mens indruk maken en doen vrezen dat hijzelf, zijn onmiddellijke
familie of zijn vermogen bloot staan aan een aanzienlijk en dadelijk kwaad”
• Dwaling
• Zich vergissen, een verkeerde mening toegedaan zijn
• Moet een belangrijke dwaling over een essentieel element zijn
• Bedrog
• Leugens of bedrieglijk verzwijgen
, • Moet van die aard zijn dat de overeenkomst zonder het bedrog nooit tot stand zou zijn
gekomen
• Quid uzelf beter voordoen bij sollicitaties / recht om te liegen-verzwijgen
Voorwerp en oorzaak
• Voorwerp = datgene waartoe men zich verbindt (doen, laten of geven)
• Oorzaak = het doel van de verbintenis
• Moeten zeker en bepaald zijn
• Moeten mogelijk en geoorloofd zijn
Gevolgen
• Absolute nietigheid
• Ter bescherming van de openbare orde of goede zeden
• Kan door derden of door de rechter ingeroepen worden
• Kan niet gedekt worden door de benadeelde partij
• Relatieve nietigheid
• Voor de bescherming van private belangen
• Kan enkel door de benadeelde partij ingeroepen worden
• Kan gedekt worden door de benadeelde partij
2.2 Vormvereisten van de arbeidsovereenkomst
Mondeling (bekentenis, getuigenbewijs, vermoedens) of schriftelijk (soms geschrift vereist)
3. Soorten arbeidsovereenkomsten
3.1. Soorten naar gelang de beoogde arbeid
3.2. Soorten naargelang de duur van de overeenkomst
3.3. Soorten naargelang de omvang van het werk
3.4. Soorten naargelang de wijze waarop de overeenkomst wordt afgesloten
3.1 soorten naar gelang de beoogde arbeid
• Arbeiders: hoofdzakelijk handenarbeid
• Bedienden: hoofdzakelijk hoofdarbeid
• Handelsvertegenwoordigers: Hoofdzakelijk opsporen én bezoeken van cliënteel om te
onderhandelen over of afsluiten van zaken
• Dienstboden: hoofdzakelijk huishoudelijke handenarbeid in het gezin van de werkgever
• Studenten: gewone arbeidsovereenkomst als arbeider, bediende of handelsvertegenwoordiger
• Huisarbeiders
• Kiezen zelf hun plaats van tewerkstelling
• Kan volledig of gedeeltelijk
• Andere overeenkomsten
• Worden niet in de WAO geregeld, maar andere wetgeving
3.2 soorten naargelang de duur van de overeenkomst
Arbeidsovereenkomst van onbepaalde tijd
• Meeste arbeidsovereenkomsten