Algemene psychologie
Hoofdstuk 1: wat is psychologie? wat zijn de belangrijkste
perspectieven van de psychologie?
1.1 Wat is psychologie en wat is het niet?
Psychologie = breed veld, veel specialismen, maar in wezen de wetenschap van
gedrag & geestelijke processen
->Niet enkel geestelijke processen, ook gedrag (= intern, indirect & extern
waarneembaar)
->Wetenschap gebaseerd op objectieve verifieerbare gebeurtenissen
Psychè (geest, ziel) – logos (gebied van studie)
Drie soorten psychologen:
Experimentele psychologen/ onderzoekspsychologen
o Onderzoeken uitvoeren die psychologische kennis creëren
o Kleinste groep, vaak binnen universiteit
Docenten psychologie
o Diversiteit van opleidingen (lesgeven + mensen behandelen + wet
oz)
Toegepaste psychologen
o Kennis die vergaard is door experimentele psychologen gebruiken
om mensen hun problemen op te lossen
o 2/3 vd psychologen
Basisgebieden
Ontwikkelingspsychologie
= studie vh gedrag in verschillende levensfasen vd mens
Persoonlijkheidspsychologie
= bestudeert mens als individu, waarin verschillen mensen van elkaar
(syn. differentiële psychologie)
Cognitieve psychologie
= studie vd afzonderlijke psychische functies en processen (syn. algemene
/ experimentele psychologie, functieleer)
, Sociale psychologie
= studie vh gedrag vd mens in relatie tot anderen & hun omgeving
Biologische psychologie
= studie vh gedrag vd mens uitgaande van principes uit de biologie (syn.
biopsychologie / psychobiologie)
Methodenleer
= studie vd onderzoeksmethoden vh empirisch onderzoek (vh menselijk
gedrag) (syn. methodologie)
1.2 Wat zijn de zes belangrijkste perspectieven van de psychologie
Oudere wortels
Filosofische wortels: Socrates, Plato, Aristoteles
o Speculaties over gekte en bewustzijn
o Zeggen dat emoties het denken verstoren en dat onze
waarnemingen interpretaties zijn
Azië
o Volgers yoga & het Boeddhisme verkennen het bewustzijn en
probeerde het te beheersen via meditatie
Afrika
o Door traditionele en spirituele opvattingen kwamen er andere
verklaringen voor persoonlijkheid & psychische stoornissen
Middeleeuws Europa
o Rooms-katholieke kerk voegt nieuwe ideeën toe aan Griekse
filosofie over de geest
Uiteindelijk radicaal nieuwe ideeën over geest en gedrag => de 6
perspectieven
1.2.1 (Modern) biologisch perspectief (scheiding van lichaam & geest)
René Descartes (17eE) -> ‘ik denk, dus ik ben’
Scheiding spirituele geest & fysiek lichaam (geest niet nodig om fysieke
verschijnselen te onderzoeken & omgekeerd)
Rationalisme (R.D.) <-> empirisme
o Rationalisme: ‘ik denk dus ik ben’ -> denken is enige middel om
aan wetenschap & filosofie te doen
, o Empirisme: kritiek op Descartes -> zien denken als iets storend &
onnodig.
Werkelijkheid leren kennen kan enkel obv dingen die we kunnen
waarnemen -> waarnemingen & ervaringen = enige ware bronnen
van kennis
Theorie ≠ vaststaand feit! -> evolueert als er nieuwe
gegevens binnenkomen (bv. ooit was ‘de wereld is plat’ een
theorie, maar door nieuwe waarnemingen & experimenten is
dit geen theorie meer)
Francis Bacon: ‘denken vertroebelt de waarneming’
John Locke: ‘de mens is bij de geboorte tabula Rasa’
(onbeschreven blad) -> mens = gevormd door ervaringen en
leerprocessen
Later -> modern biologisch perspectief voegt lichaam & geest terug
samen
Fysieke processen kunnen impact hebben op mentaal welzijn & omgekeerd
Geest = product van hersenen
Oorzaken gedrag gezocht in: zenuwstelsel, endocriene stelsel & de genen
2 variaties
Neurowetenschap
Evolutionaire psychologie (Charles Darwin)
o Natuurlijke selectie: individuen met meest adaptieve psychische en
lichamelijke eigenschappen overleven beter en planten zich voort,
wat leidt tot de geleidelijke ontwikkeling van de soort naar een
betere aanpassing aan hun omgeving
1.2.2 (Modern) cognitieve perspectief (begin wetenschappelijke
psychologie)
W. Wundt (19eE-20eE)
o Op zoek naar bouwstenen van het denken: structuralisme
o 1879: eerste psychologisch labo
o Deed veel onderzoek adhv methode van introspectie (bij jezelf
‘binnenkijken’)
, o Kritiek: introspectie is subjectief, variabel tussen verschillende
observatoren, vaak retrospectie (als je vraagt ‘hoe leuk vond je dit
op een schaal van 1 tot 10, dan is niet voor iedereen het getal ‘6’
hetzelfde)
o Gestaltpsychologen zeggen: kijk niet naar de deeltjes, maar naar
het geheel
W. James: ‘psychische processen kunnen het beste begrepen
worden in het licht van hun adaptieve nut en functie’,
funtionalisme (zoals Darwin vond hij dat je enkel naar de
functionele deeltjes moest kijken en dat de elementen die niet
nuttig zijn, weg moeten)
Later -> modern cognitieve perspectief
Ontwikkeling computer
o Brain imaging: hersenen tijdens mentale processen (leren,
geheugen, perceptie & denken als vormen van
informatieverwerking) bestuderen
o Vanaf 20ste eeuw openden eerdere perspectieven (wundt, james,
gestalt) de deuren naar volgende 4 perspectieven
1.2.3 Behavioristisch perspectief (nadruk op waarneembaar gedrag)
John B. Watson (19eE-20eE)
o Alles heeft te maken met hoe gedrag bekrachtigd of bestraft wordt
(gedrag = gestuurd door externe stimuli)
o Geen onderscheid tss mens & dier bij bestuderen gedrag
B. F. Skinner (20eE)
o Operante conditionering
I. Pavlov (19eE-20eE)
o Klassieke conditionering
1.2.4 Perspectieven vanuit de gehele persoon
S. Freud (19eE-20e E)
o Psychodynamische stroming
o Psyche (onbewuste geest) & dynamica (reservoir van energie)
o Techniek vrije associatie
Hoofdstuk 1: wat is psychologie? wat zijn de belangrijkste
perspectieven van de psychologie?
1.1 Wat is psychologie en wat is het niet?
Psychologie = breed veld, veel specialismen, maar in wezen de wetenschap van
gedrag & geestelijke processen
->Niet enkel geestelijke processen, ook gedrag (= intern, indirect & extern
waarneembaar)
->Wetenschap gebaseerd op objectieve verifieerbare gebeurtenissen
Psychè (geest, ziel) – logos (gebied van studie)
Drie soorten psychologen:
Experimentele psychologen/ onderzoekspsychologen
o Onderzoeken uitvoeren die psychologische kennis creëren
o Kleinste groep, vaak binnen universiteit
Docenten psychologie
o Diversiteit van opleidingen (lesgeven + mensen behandelen + wet
oz)
Toegepaste psychologen
o Kennis die vergaard is door experimentele psychologen gebruiken
om mensen hun problemen op te lossen
o 2/3 vd psychologen
Basisgebieden
Ontwikkelingspsychologie
= studie vh gedrag in verschillende levensfasen vd mens
Persoonlijkheidspsychologie
= bestudeert mens als individu, waarin verschillen mensen van elkaar
(syn. differentiële psychologie)
Cognitieve psychologie
= studie vd afzonderlijke psychische functies en processen (syn. algemene
/ experimentele psychologie, functieleer)
, Sociale psychologie
= studie vh gedrag vd mens in relatie tot anderen & hun omgeving
Biologische psychologie
= studie vh gedrag vd mens uitgaande van principes uit de biologie (syn.
biopsychologie / psychobiologie)
Methodenleer
= studie vd onderzoeksmethoden vh empirisch onderzoek (vh menselijk
gedrag) (syn. methodologie)
1.2 Wat zijn de zes belangrijkste perspectieven van de psychologie
Oudere wortels
Filosofische wortels: Socrates, Plato, Aristoteles
o Speculaties over gekte en bewustzijn
o Zeggen dat emoties het denken verstoren en dat onze
waarnemingen interpretaties zijn
Azië
o Volgers yoga & het Boeddhisme verkennen het bewustzijn en
probeerde het te beheersen via meditatie
Afrika
o Door traditionele en spirituele opvattingen kwamen er andere
verklaringen voor persoonlijkheid & psychische stoornissen
Middeleeuws Europa
o Rooms-katholieke kerk voegt nieuwe ideeën toe aan Griekse
filosofie over de geest
Uiteindelijk radicaal nieuwe ideeën over geest en gedrag => de 6
perspectieven
1.2.1 (Modern) biologisch perspectief (scheiding van lichaam & geest)
René Descartes (17eE) -> ‘ik denk, dus ik ben’
Scheiding spirituele geest & fysiek lichaam (geest niet nodig om fysieke
verschijnselen te onderzoeken & omgekeerd)
Rationalisme (R.D.) <-> empirisme
o Rationalisme: ‘ik denk dus ik ben’ -> denken is enige middel om
aan wetenschap & filosofie te doen
, o Empirisme: kritiek op Descartes -> zien denken als iets storend &
onnodig.
Werkelijkheid leren kennen kan enkel obv dingen die we kunnen
waarnemen -> waarnemingen & ervaringen = enige ware bronnen
van kennis
Theorie ≠ vaststaand feit! -> evolueert als er nieuwe
gegevens binnenkomen (bv. ooit was ‘de wereld is plat’ een
theorie, maar door nieuwe waarnemingen & experimenten is
dit geen theorie meer)
Francis Bacon: ‘denken vertroebelt de waarneming’
John Locke: ‘de mens is bij de geboorte tabula Rasa’
(onbeschreven blad) -> mens = gevormd door ervaringen en
leerprocessen
Later -> modern biologisch perspectief voegt lichaam & geest terug
samen
Fysieke processen kunnen impact hebben op mentaal welzijn & omgekeerd
Geest = product van hersenen
Oorzaken gedrag gezocht in: zenuwstelsel, endocriene stelsel & de genen
2 variaties
Neurowetenschap
Evolutionaire psychologie (Charles Darwin)
o Natuurlijke selectie: individuen met meest adaptieve psychische en
lichamelijke eigenschappen overleven beter en planten zich voort,
wat leidt tot de geleidelijke ontwikkeling van de soort naar een
betere aanpassing aan hun omgeving
1.2.2 (Modern) cognitieve perspectief (begin wetenschappelijke
psychologie)
W. Wundt (19eE-20eE)
o Op zoek naar bouwstenen van het denken: structuralisme
o 1879: eerste psychologisch labo
o Deed veel onderzoek adhv methode van introspectie (bij jezelf
‘binnenkijken’)
, o Kritiek: introspectie is subjectief, variabel tussen verschillende
observatoren, vaak retrospectie (als je vraagt ‘hoe leuk vond je dit
op een schaal van 1 tot 10, dan is niet voor iedereen het getal ‘6’
hetzelfde)
o Gestaltpsychologen zeggen: kijk niet naar de deeltjes, maar naar
het geheel
W. James: ‘psychische processen kunnen het beste begrepen
worden in het licht van hun adaptieve nut en functie’,
funtionalisme (zoals Darwin vond hij dat je enkel naar de
functionele deeltjes moest kijken en dat de elementen die niet
nuttig zijn, weg moeten)
Later -> modern cognitieve perspectief
Ontwikkeling computer
o Brain imaging: hersenen tijdens mentale processen (leren,
geheugen, perceptie & denken als vormen van
informatieverwerking) bestuderen
o Vanaf 20ste eeuw openden eerdere perspectieven (wundt, james,
gestalt) de deuren naar volgende 4 perspectieven
1.2.3 Behavioristisch perspectief (nadruk op waarneembaar gedrag)
John B. Watson (19eE-20eE)
o Alles heeft te maken met hoe gedrag bekrachtigd of bestraft wordt
(gedrag = gestuurd door externe stimuli)
o Geen onderscheid tss mens & dier bij bestuderen gedrag
B. F. Skinner (20eE)
o Operante conditionering
I. Pavlov (19eE-20eE)
o Klassieke conditionering
1.2.4 Perspectieven vanuit de gehele persoon
S. Freud (19eE-20e E)
o Psychodynamische stroming
o Psyche (onbewuste geest) & dynamica (reservoir van energie)
o Techniek vrije associatie