Hoorcollege 1 – Inleiding Gezinspedagogiek (1 feb)
Ontwikkeling van het kind in interactie met gezinsleden beschrijven, begrijpen en
optimaliseren.
Babytijd
Vier domeinen van opvoeding van baby’s:
- Verzorgende opvoeding (in fysieke behoeften voorzien)
- Sociale opvoeding (interpersoonlijk gedrag bevorderen en begeleiden)
- Didactische opvoeding (stimulatie om de wereld te leren begrijpen)
- Materiele opvoeding (fysieke uitdaging en begeleiding)
Kerntaak voor ouders: sensitiviteit
Sensitiviteit: het vermogen van ouders om signalen van het kind waar te nemen, juist te
interpreteren en er correct op te reageren.
Waarom is sensitiviteit zo belangrijk?
- Voor een veilige gehechtheid
Eerste tekenen van gehechtheid:
- Ervaren van een vreemde (angst voor vreemden vanaf 8/9 maanden oud), erkennen
van een specifiek ‘veilig’ persoon
, Interne werkmodellen
Gedachten en overtuigingen gebaseerd op eerdere ervaringen. Over jezelf, anderen en de
relatie tussen jezelf en anderen. Beinvloeden je verwachtingen, acties en reacties in sociale
situaties.
- Veilig gehecht: Geloof en vertrouwen in dat in je behoeften zal worden voorzien
- Onveilig vermijdend: (onbewust) geloof dat niet in je behoeften zal worden voorzien
- Onveilig ambivalent: er niet van uit kunnen gaan dat in je behoeften zal worden
voorzien
- Onveilig gedesorganiseerd: verward en zonder strategie over of in je behoeften zal
worden voorzien
Wederkerigheid (‘serve and return’): ruimte nemen en ruimte geven. Beinvloed de
ontwikkeling van het brein zowel biologisch and psychologisch en heeft effect op alle
volgende leerfasen van het kind.
- Kritieke periode: als je iets in die periode niet doet, dan kan het daarna niet meer
- Sensitieve periode: als iets in die periode niet gebeurt, dan wordt het daarna een
stuk moeilijker (maar niet onmogelijk)
Gehechtheidsstijl over tijd
- Relatief stabiel (70-80% verandert niet)
- Stabiliteit doorgaans versterkt door vrienden- en partnerkeuze
- Classificatie kan veranderen door vrienden- en partnerkeuze
Intergenerationele transmissie van gehechtheid: als de moeder van een kind van haar eigen
moeder een bepaalde gehechtheid heeft ontwikkeld, is de kans groot dat moeder deze aan
haar eigen kind doorgeeft. Vaak is het bij de moeder zo geprogrammeerd dat het hetzelfde
zal gaan met de gehechtheid bij haar eigen kind.