Revalidatie onderste lidmaat
Heup
Kinesitherapeutisch onderzoek
Anamnese
P in zijn geheel bekijken
Klinisch onderzoek
1. (Neurologisch en neurodynamisch onderzoek)
Niet altijd nodig, alleen als er bij de anamnese tekens zijn die wijzen op neurologische betrokkenheid
2. Inspectie
Globale Lokale
Start al bij binnenkomen Botcontouren
Algemene houding Gewrichtsstand
- =/ type houdingen Spierconditie
- Sagittaal en frontaal Huidtoestand
Gewichtsverdeling
Stand benen, bekken, lwz Functioneel of structureel
Dynamisch
Structurele wijzigingen heupregio:
Hoekverandering tss collum femoris en femurschaft
Coxa vara: hoek < 120° => ↑ abductiestand femur
Coxa valga: hoek > 135-140° => ↑ adductiestand femur
Zorgen vr afwijkende positie vh caput femoris ih
acetabulum + effect op stabiliserend vermogen vd
heupspieren
Hoekverandering tss condyli femoris en collum femoris
Anteversie: caput femoris meer nr ventraal =>
compensatie: mediale rotatie femur (en evt tibia)
Retroversie: resulteert in exorotatiestand vh been
3. Palpatie
Temperatuur en zwelling -> voor en na klinisch onderzoek
Structuurpalpatie -> einde vh onderzoek
4. Actief Beweeglijkheidsonderzoek
DOEL! -> antwoorden vinden op…
1
,Revalidatie onderste lidmaat
- Bewegelijkheid (ROM) -> hoeveel
- Pijn
- Coördinatie (uitvoering)
- Compensaties
- Bereidheid (fear avoidance)
Aandachtspunten:
- Keuze bewegingen obv anamnese (opletten met Fz)
- VOOR passief onderzoek
- Bilateraal (eerst niet-aangedane zijde als referentie)
- Functie heup altijd in combi met SIG en lumbaal bekijken
Functionele tests:
- Functionele demo
- Controle gangpatroon, posturale balans
- Tenenstand, hurken, uitvalpas, lopen, springen,…
Lokaal-anatomische tests:
- Osteokinematische bewegingen
o Flexie en extensie
o Abductie (in ruglig) en adductie (1 been laten hangen zodat andere add kan doen)
o Exo -en endorotatie (heup en knie 90°)
- Fysiologische beweging = rol + glijbeweging
5. Passief Beweeglijkheidsonderzoek
Nodige info over heupgewricht:
- Caput femoris: convex
Acetabulum: concaaf
- Acetabulum gericht naar lateraal-ventraal-caudaal
- Capsulair patroon; endo>abd/flex>ext
- Rustpositie: 30°flexie, 30° abductie° en beperkte, lichte exorotatie
- Closed packed position: max extensie + lichte abd en lichte endo
- Gemiddelde bewegingsuitlsag (maar vooral Re–Li vgl)
Beweging Bewegingsuitslag
Flexie 0-110/120°
Extensie 0-15°
Exorotatie 0-60°
Endorotatie 0-40°
Abductie 0-45°
Adductie 0-25°
DOEL -> antwoorden vinden op…
- ROM
- Pijn (voor, tijdens en na oef bevragen)
2
, Revalidatie onderste lidmaat
- Trajectweerstand
- Eindgevoel -> bij heup altijd elastisch
Aandachtspunt: P niet steeds van positie laten veranderen
Fysiologische bewegingen:
- 1 hand thv bekkenregio en andere thv been (distale femur of knie)
- Angulaire beweging (rol en glij)
- Bewegingen vh actief bew onderzoek
Technieken:
FLEXIE
Ruglig
Handen: SIAS en knieholte (compressie kniegewricht
vermijden)
Ob ontspannen laten hangen
Heup buigen tot SIAS mee begint bewegen
EXTENSIE
Voorlig
Handen: ilium en langs mediaal onder distale femur (of onder
knie als die beschermd moet worden)
Ob laten hangen
Extensie tot ilium begint te bewegen
ABDUCTIE
Ruglig
Handen: SIAS en onder knie waarbij voorarm ob en knie
ondersteunt
Geen bijkomende rotatie
Abductie tot bekken begint te bewegen
ADDUCTIE
Ander been rechtzetten en kruisen over te testen been, dan
kan onderste gestrekte been nr add
ROTATIES
Exo/endo:
- Ruglig
- Heup 90° flexie
- Handen: knie (moet ter plaatsen blijven)
Andere manier voor endo:
- Voorlig
- Knieën: 90° flexie
- Bij deze houding staan ligamenten meer onder
spanning
- Handen: distaal ob en ilium
- Enkel naar lateraal bewegen
3
Heup
Kinesitherapeutisch onderzoek
Anamnese
P in zijn geheel bekijken
Klinisch onderzoek
1. (Neurologisch en neurodynamisch onderzoek)
Niet altijd nodig, alleen als er bij de anamnese tekens zijn die wijzen op neurologische betrokkenheid
2. Inspectie
Globale Lokale
Start al bij binnenkomen Botcontouren
Algemene houding Gewrichtsstand
- =/ type houdingen Spierconditie
- Sagittaal en frontaal Huidtoestand
Gewichtsverdeling
Stand benen, bekken, lwz Functioneel of structureel
Dynamisch
Structurele wijzigingen heupregio:
Hoekverandering tss collum femoris en femurschaft
Coxa vara: hoek < 120° => ↑ abductiestand femur
Coxa valga: hoek > 135-140° => ↑ adductiestand femur
Zorgen vr afwijkende positie vh caput femoris ih
acetabulum + effect op stabiliserend vermogen vd
heupspieren
Hoekverandering tss condyli femoris en collum femoris
Anteversie: caput femoris meer nr ventraal =>
compensatie: mediale rotatie femur (en evt tibia)
Retroversie: resulteert in exorotatiestand vh been
3. Palpatie
Temperatuur en zwelling -> voor en na klinisch onderzoek
Structuurpalpatie -> einde vh onderzoek
4. Actief Beweeglijkheidsonderzoek
DOEL! -> antwoorden vinden op…
1
,Revalidatie onderste lidmaat
- Bewegelijkheid (ROM) -> hoeveel
- Pijn
- Coördinatie (uitvoering)
- Compensaties
- Bereidheid (fear avoidance)
Aandachtspunten:
- Keuze bewegingen obv anamnese (opletten met Fz)
- VOOR passief onderzoek
- Bilateraal (eerst niet-aangedane zijde als referentie)
- Functie heup altijd in combi met SIG en lumbaal bekijken
Functionele tests:
- Functionele demo
- Controle gangpatroon, posturale balans
- Tenenstand, hurken, uitvalpas, lopen, springen,…
Lokaal-anatomische tests:
- Osteokinematische bewegingen
o Flexie en extensie
o Abductie (in ruglig) en adductie (1 been laten hangen zodat andere add kan doen)
o Exo -en endorotatie (heup en knie 90°)
- Fysiologische beweging = rol + glijbeweging
5. Passief Beweeglijkheidsonderzoek
Nodige info over heupgewricht:
- Caput femoris: convex
Acetabulum: concaaf
- Acetabulum gericht naar lateraal-ventraal-caudaal
- Capsulair patroon; endo>abd/flex>ext
- Rustpositie: 30°flexie, 30° abductie° en beperkte, lichte exorotatie
- Closed packed position: max extensie + lichte abd en lichte endo
- Gemiddelde bewegingsuitlsag (maar vooral Re–Li vgl)
Beweging Bewegingsuitslag
Flexie 0-110/120°
Extensie 0-15°
Exorotatie 0-60°
Endorotatie 0-40°
Abductie 0-45°
Adductie 0-25°
DOEL -> antwoorden vinden op…
- ROM
- Pijn (voor, tijdens en na oef bevragen)
2
, Revalidatie onderste lidmaat
- Trajectweerstand
- Eindgevoel -> bij heup altijd elastisch
Aandachtspunt: P niet steeds van positie laten veranderen
Fysiologische bewegingen:
- 1 hand thv bekkenregio en andere thv been (distale femur of knie)
- Angulaire beweging (rol en glij)
- Bewegingen vh actief bew onderzoek
Technieken:
FLEXIE
Ruglig
Handen: SIAS en knieholte (compressie kniegewricht
vermijden)
Ob ontspannen laten hangen
Heup buigen tot SIAS mee begint bewegen
EXTENSIE
Voorlig
Handen: ilium en langs mediaal onder distale femur (of onder
knie als die beschermd moet worden)
Ob laten hangen
Extensie tot ilium begint te bewegen
ABDUCTIE
Ruglig
Handen: SIAS en onder knie waarbij voorarm ob en knie
ondersteunt
Geen bijkomende rotatie
Abductie tot bekken begint te bewegen
ADDUCTIE
Ander been rechtzetten en kruisen over te testen been, dan
kan onderste gestrekte been nr add
ROTATIES
Exo/endo:
- Ruglig
- Heup 90° flexie
- Handen: knie (moet ter plaatsen blijven)
Andere manier voor endo:
- Voorlig
- Knieën: 90° flexie
- Bij deze houding staan ligamenten meer onder
spanning
- Handen: distaal ob en ilium
- Enkel naar lateraal bewegen
3