Hoorcolleges Burgerlijk Recht
Inhoudsopgave
Week 1.......................................................................................................... 1
Week 2.......................................................................................................... 4
Week 3.......................................................................................................... 8
Week 4........................................................................................................ 11
Week 5........................................................................................................ 14
Week 6........................................................................................................ 18
Week 1
Goederen: zaken en vermogensrechten
Goederen (art. 3:1 BW):
- Zaken (art. 3:2 BW): voor menselijke beheersing vatbare stoffen
Roerende zaken (art. 3:3 lid 2 BW): de rest
Onroerende zaken (art. 3:3 lid 1 BW): de grond en wat
daarmee is verbonden
- Vermogensrechten (3:6 BW)
Eigendom
Vorderingsrechten
Belangrijkste verschil tussen verbintenissenrecht en goederenrecht:
Een verbintenissenrecht alleen een vordering op de personen waarvoor
de overeenkomst geldt, terwijl het bij goederenrecht geldt voor iedereen
Contractenrecht
- Rechtshandeling: in boek 3 Vermogensrecht in het algemeen
Definitie: een handeling die gericht is op rechtsgevolg
Bepaalde handelingen kunnen ook een rechtsgevolg hebben, terwijl
ze daar niet op gericht zijn
Eenzijdige rechtshandeling: bijv. Opzegging van
huurovereenkomst
gericht tot 1 partij
Meerzijdige rechtshandelingen: gericht op meerdere partijen
- Totstandkoming rechtshandeling
Wilsvertrouwensleer: een rechtshandeling vereist een op
rechtsgevolg gerichte wil die zich door een verklaring heeft
geopenbaard
Grondslag 1: geopenbaarde wil (art. 3:33 BW)
Grondslag 2: opgewekt vertrouwen (art. 3:35 BW)
Grondslag 1: Geopenbaarde wil (art. 3:33 BW)
, - Vorm van de verklaring (art. 3:37 lid 1 BW)
- Moment tot stand komen (3:37 lid 3 BW): de rechtshandeling komt
tot stand op het moment dat de rechtsverklaring tot stand komt, dus
wanneer de brief is ontvangen door de geadresseerde
ontvangsttheorie
bijvoorbeeld relevant voor faillissementen
- Discrepantie wil en verklaring; de verklaring kan door diverse
oorzaken afwijken van wil, zoals:
Vergissing
Verspreking
Verschrijving
Dubbelzinnig woordgebruik (misverstand)
Uitgangspunt: als er discrepantie is tussen de wil en verklaring komt er
geen overeenkomst
Grondslag II: opgewekt vertrouwen (art. 3:35 BW)
- Vertrouwen gerechtvaardigd?
Rol art. 3:11 BW (subjectieve goede trouw in geobjectiveerde
vorm)
Diverse omstandigheden
Een voorbeeld: HR 15 april 1983, NJ 1983/459 (Hajjout/IJmah)
Als er gerechtvaardigd vertrouwen is komt er wel een rechtshandeling tot
stand Art. 3:33 juncto art. 3:35
Waar is de rechtshandeling gebeurd? Tijdens een borrel kan je bijvoorbeeld
de rechtshandeling niet serieus vertrouwen
Discrepantie door geestelijke stoornis tussen wil en verklaring
- Art. 3:34 BW (staat tussen 3:33 en 3:35 en geeft alleen maar de
optie om aan te tonen dat er een discrepantie was tussen wil en
verklaring maar er moet alsnog worden gekeken naar 3:35)
je moet aantonen dat de stoornis er is en dat de stoornis nadelig
was
- Begrip stoornis; tijdelijke of langdurige geestelijke verstoring,
abnormale verstoordheid, onder invloed
- Verband tussen stoornis en verklaring: als rechtshandeling nadelig
voor handelende: weerlegbaar vermoeden dat verklaring onder
invloed van stoornis is gedaan
- Indien stoornis en verband vaststaan: onweerlegbaar vermoeden dat
wil ontbrak
- Arrest Eelmann/Hinn 1960
Overeenkomst (art. 6:213 BW)
: meerzijdige handeling waarbij 1 of meer anderen een verbintenis
aangaan
Een overeenkomst komt tot stand door een aanbod en de aanvaarding
daarvan: art. 6:217 BW
, Aanbod
- Eenzijdige rechtshandeling
- Te onderscheiden van: uitnodiging om in onderhandeling te treden
(bijv. Ik zou jouw laptop willen kopen)
Arrest Hofland/ Hennis 1981
- Vervalt door:
Verwerping (art. 6:221 lid 2 BW)
Tijdsverloop (art 6:221 lid 1 BW)
Bevat het aanbod een termijn voor aanvaarding? Kijk naar de
termijn
Heeft het aanbood geen termijn voor aanvaarding?
Mondeling of schriftelijk aanbod?
Mondeling: vervalt gelijk als het niet meteen wordt
geaccepteerd
Schriftelijk: vervalt het als het niet binnen een redelijke tijd
wordt aanvaard
Herroeping (art. 6:219 lid 1 BW)
een aanbod is herroepelijk, tenzij het tegendeel blijkt
Art. 6:219 lid 2 BW zolang het aanbod nog niet is aanvaard
kan je het herroepen, na aanvaarding niet meer
- Onherroepelijk aanbod
Er gebeurt niks als je een onherroepelijk aanbod wil herroepen
Arrest Lindeman/Amsterdam
Aanvaarding
- Eenzijdige rechtshandeling
- In beginsel vormvrij (art. 3:37 lid 1 BW)
- Moet inhoudelijk overeenstemmen met aanbod
- Van het aanbod afwijkende ‘aanvaarding’ koper doet een aanbod
(art. 6:225 lid 2 BW)
Overeenkomst
Partijen sluiten een geldige overeenkomst
- Meerzijdige rechtshandeling
- Rechtsgevolg ontstaat door aaneensluitende rechtshandelingen
- Rechtsgevolg: ontstaan van verbintenissen
Aanbod en aanvaarding overeenkomst verbintenissen prestaties
van partijen
Inhoudsopgave
Week 1.......................................................................................................... 1
Week 2.......................................................................................................... 4
Week 3.......................................................................................................... 8
Week 4........................................................................................................ 11
Week 5........................................................................................................ 14
Week 6........................................................................................................ 18
Week 1
Goederen: zaken en vermogensrechten
Goederen (art. 3:1 BW):
- Zaken (art. 3:2 BW): voor menselijke beheersing vatbare stoffen
Roerende zaken (art. 3:3 lid 2 BW): de rest
Onroerende zaken (art. 3:3 lid 1 BW): de grond en wat
daarmee is verbonden
- Vermogensrechten (3:6 BW)
Eigendom
Vorderingsrechten
Belangrijkste verschil tussen verbintenissenrecht en goederenrecht:
Een verbintenissenrecht alleen een vordering op de personen waarvoor
de overeenkomst geldt, terwijl het bij goederenrecht geldt voor iedereen
Contractenrecht
- Rechtshandeling: in boek 3 Vermogensrecht in het algemeen
Definitie: een handeling die gericht is op rechtsgevolg
Bepaalde handelingen kunnen ook een rechtsgevolg hebben, terwijl
ze daar niet op gericht zijn
Eenzijdige rechtshandeling: bijv. Opzegging van
huurovereenkomst
gericht tot 1 partij
Meerzijdige rechtshandelingen: gericht op meerdere partijen
- Totstandkoming rechtshandeling
Wilsvertrouwensleer: een rechtshandeling vereist een op
rechtsgevolg gerichte wil die zich door een verklaring heeft
geopenbaard
Grondslag 1: geopenbaarde wil (art. 3:33 BW)
Grondslag 2: opgewekt vertrouwen (art. 3:35 BW)
Grondslag 1: Geopenbaarde wil (art. 3:33 BW)
, - Vorm van de verklaring (art. 3:37 lid 1 BW)
- Moment tot stand komen (3:37 lid 3 BW): de rechtshandeling komt
tot stand op het moment dat de rechtsverklaring tot stand komt, dus
wanneer de brief is ontvangen door de geadresseerde
ontvangsttheorie
bijvoorbeeld relevant voor faillissementen
- Discrepantie wil en verklaring; de verklaring kan door diverse
oorzaken afwijken van wil, zoals:
Vergissing
Verspreking
Verschrijving
Dubbelzinnig woordgebruik (misverstand)
Uitgangspunt: als er discrepantie is tussen de wil en verklaring komt er
geen overeenkomst
Grondslag II: opgewekt vertrouwen (art. 3:35 BW)
- Vertrouwen gerechtvaardigd?
Rol art. 3:11 BW (subjectieve goede trouw in geobjectiveerde
vorm)
Diverse omstandigheden
Een voorbeeld: HR 15 april 1983, NJ 1983/459 (Hajjout/IJmah)
Als er gerechtvaardigd vertrouwen is komt er wel een rechtshandeling tot
stand Art. 3:33 juncto art. 3:35
Waar is de rechtshandeling gebeurd? Tijdens een borrel kan je bijvoorbeeld
de rechtshandeling niet serieus vertrouwen
Discrepantie door geestelijke stoornis tussen wil en verklaring
- Art. 3:34 BW (staat tussen 3:33 en 3:35 en geeft alleen maar de
optie om aan te tonen dat er een discrepantie was tussen wil en
verklaring maar er moet alsnog worden gekeken naar 3:35)
je moet aantonen dat de stoornis er is en dat de stoornis nadelig
was
- Begrip stoornis; tijdelijke of langdurige geestelijke verstoring,
abnormale verstoordheid, onder invloed
- Verband tussen stoornis en verklaring: als rechtshandeling nadelig
voor handelende: weerlegbaar vermoeden dat verklaring onder
invloed van stoornis is gedaan
- Indien stoornis en verband vaststaan: onweerlegbaar vermoeden dat
wil ontbrak
- Arrest Eelmann/Hinn 1960
Overeenkomst (art. 6:213 BW)
: meerzijdige handeling waarbij 1 of meer anderen een verbintenis
aangaan
Een overeenkomst komt tot stand door een aanbod en de aanvaarding
daarvan: art. 6:217 BW
, Aanbod
- Eenzijdige rechtshandeling
- Te onderscheiden van: uitnodiging om in onderhandeling te treden
(bijv. Ik zou jouw laptop willen kopen)
Arrest Hofland/ Hennis 1981
- Vervalt door:
Verwerping (art. 6:221 lid 2 BW)
Tijdsverloop (art 6:221 lid 1 BW)
Bevat het aanbod een termijn voor aanvaarding? Kijk naar de
termijn
Heeft het aanbood geen termijn voor aanvaarding?
Mondeling of schriftelijk aanbod?
Mondeling: vervalt gelijk als het niet meteen wordt
geaccepteerd
Schriftelijk: vervalt het als het niet binnen een redelijke tijd
wordt aanvaard
Herroeping (art. 6:219 lid 1 BW)
een aanbod is herroepelijk, tenzij het tegendeel blijkt
Art. 6:219 lid 2 BW zolang het aanbod nog niet is aanvaard
kan je het herroepen, na aanvaarding niet meer
- Onherroepelijk aanbod
Er gebeurt niks als je een onherroepelijk aanbod wil herroepen
Arrest Lindeman/Amsterdam
Aanvaarding
- Eenzijdige rechtshandeling
- In beginsel vormvrij (art. 3:37 lid 1 BW)
- Moet inhoudelijk overeenstemmen met aanbod
- Van het aanbod afwijkende ‘aanvaarding’ koper doet een aanbod
(art. 6:225 lid 2 BW)
Overeenkomst
Partijen sluiten een geldige overeenkomst
- Meerzijdige rechtshandeling
- Rechtsgevolg ontstaat door aaneensluitende rechtshandelingen
- Rechtsgevolg: ontstaan van verbintenissen
Aanbod en aanvaarding overeenkomst verbintenissen prestaties
van partijen