FUNCTIELEER, DEEL 2: MOTIVATIE
EN EMOTIE
WETENSCHAPPELIJKE CYCLUS
Psychologie = studie van gedrag en geest
o Geest opgesplitst in cognitie, motivatie en emotie
o In recente literatuur worden de tussenschotten tussen deze 3 niet door iedereen in stand gehouden
ONTWIKKELING VAN WETENSCHAPPELIJKE THEORIEËN
Theorieën leveren verklaringen voor fenomenen
Verklaring = activiteit waarbij een explanandum (te verklaren fenomeen) gelinkt wordt aan een explanans
(verklarend feit)
o Vb. fenomeen water kan gelinkt worden aan H2O
Verklaren van een theorie kan gelinkt worden aan 2 stappen
o Afbakening / definitie van explanandum
o Zoektocht naar explanans
Werkdefinitie - Werkdefinitie van explanandum bestaat vaak uit lijst van oppervlakkige
kenmerken
- Descriptieve definitie = hoe term doorgaans gebruikt wordt
- Vb. water is vloeibaar, helder, geurloos, valt uit lucht, …
Verklaring - Verklaring waarbij we explanandum linken aan explanans
- Vb. water te linken aan moleculaire structuur H2O
Empirische test - Verklaring in empirisch onderzoek testen
- Vb. we nemen staaltjes van water volgens werkdefinitie en testen of
moleculaire structuur van water effectief gelijk is aan H2O
Wetenschappelijke - Indien dit bevestigt is, kan explanans deel worden van
definitie wetenschappelijke definitie van het fenomeen
- Prescriptieve definitie = hoe term gebruikt zou moeten worden
- Definitie gebruiken om nieuwe predicties te maken
INTENSIONELE EN EXTENSIONELE DEFINITIES
Intensionele en extensionele definities zijn afhankelijk van elkaar
Intensionele definitie Stelt wat de noodzakelijke en voldoende voorwaarden zijn waaraan een
exemplaar moet beantwoorden om tot een set te behoren
- Om een set af te bakenen van andere sets
- Vaak best geschikt, vooral bij grote sets waarbij het niet mogelijk is om
alle exemplaren op te sommen
- Vb. 3 < x < 8
Extensionele definitie Somt alle exemplaren op die in de set zitten
- Om een set af te bakenen van andere sets
, - Vb. 4, 5, 6, 7
Divisio definities Extensionele definities die geen exemplaren opsommen, maar subsetst
- Zorgen voor interne organisatie van een set
- Vb. (kleine getallen: 4, 5) (grote getallen: 6, 7) OF (even getallen: 4, 6)
(oneven getallen: 5, 7)
TYPES VERKLARINGEN
Vb. toegepast op kater = explanandum
Structurele verklaringen Stelt wat de componenten van een fenomeen zijn
- Is nog geen definitie, nog niet gezegd dat aanwezigheid voldoende is om
katers af te bakenen van andere fenomenen
- Kenmerken niet voldoende, want ook bij griep
- Vb. kater bestaat uit droge mond, misselijkheid, hoofdpijn
Causale verklaringen Stelt wat de oorzaak is van mijn fenomeen
- Vb. kater: oorzaak is gisteren te veel gedronken
Mechanistische Stelt wat tussenliggende processen zijn in overgang van oorzaak naar effect
verklaringen - Doel is om af te zakken naar fundamentele bouwstenen, en dan terug op
te gaan en te kijken hoe die bouwstenen interageren om het fenomeen
(hier: kater) te produceren
LEVELS VAN ANALYSE
Zowel structurele als mechanistische verklaringen doorkruisen verschillende levels van analyse
o In psychologie nuttig 3 brede levels te onderscheiden
Observeerbaar level Systeem produceert een observeerbare output, meestal gedrag of responsen
- De overgang van input naar output is wat we een proces noemen
- Processen worden hier louter beschreven in wat we van hun input -
output, en relatie tussen input en output
- Wat ertussen ligt is black box
Mentaal level Proces ontleed in subprocessen waarbij ieder subproces eigen input en output
heeft
- Deze tussenliggende inputs en outputs zijn niet observeerbaar: mentale
representaties
- Elk subproces kan weer opgedeeld worden in andere subprocessen, met
als doel om in latere fases van decompositie overeen te komen met
hersenprocessen gesitueerd op hersenlevel
Hersenlevel Black boxen worden gematerialiseerd in hersenprocessen
BESLUIT
Theorie-ontwikkeling start met descriptieve set (vb. lucht = transparant, geurloos gas dat atmosfeer en longen vult – cf.
Aristoteles; 1 van de 4 elementen)
Verklaring ontwikkelen met als doel gemeenschappelijke noemer vinden om set af te bakenen
, Niet gevonden? Set is niet wetenschappelijk, op zoek gaan naar andere sets die wel wetenschappelijk zijn
Vb. voor lucht kon geen elegante structurele verklaring gevonden worden ➔ bestaat uit verschillende stoffen met hun eigen
eigenschappen, geen gemeenschappelijke noemer ➔ geen adequate wetenschappelijke set ➔ alle componenten in lucht beschouwen als
nieuwe explananda
H1: WETENSCHAPPELIJKE CYCLUS TOEGEPAST OP MOTIVATIE
OPDELING VAN THEORIEËN
Gedragstheorieën = theorieën die gedrag willen verklaren
o Theorieën die gedrag als explanandum nemen
Motivatietheorieën = gedragstheorieën die motivatie inroepen als explanans voor gedrag
EXPLANANDUM
Opsplitsing tussen
Kwaliteit van het gedrag = aard van het gedrag
Kwantiteit van het gedrag = intensiteit van het gedrag
MOTIVATIE
Motivatie = verzamelnaam voor een aantal motivationele constructen (vb. doelen, behoeften, verlangens,
intenties, wensen, plannen, …)
o Doelen zijn bepaald type van mentale representaties
o Doel = representatie van gewenste toestand in de toekomst
MENTALE REPRESENTATIES HEBBEN VERSCHILLENDE ASPECTEN
INHOUD
Kan om het even wat zijn (vb. slagen voor examen, naar huis fietsen, ei bakken, zon schijnt, …)
FORMAAT
2 grote types representaties
Dynamische - Leiden tot gedrag
representaties - Activatie stijgt over de tijd, dit zelfs als er obstakels zijn vb. honger >
gedrag ondernemen om te eten, wordt niet gestopt door obstakels,
indien restaurant toe, naar broodjeszaak
- Activatie van doel kan enkel gestopt worden door competitie met ander
doel dat sterker is vb. plots brand > eten
- Na poging om doel te bereiken: evaluatie (is doel bereikt?) + tijdelijke
inhibitie van doel
Niet-dynamische / - Zijn overtuigingen, verwachtingen en zuivere representaties of gedachte
cognitieve o Gaan enkel leiden tot gedrag indien ze gepaard gaan met
representaties
doelen
, - Leidt niet tot gedrag
- Activatie daalt over tijd
- Activatie wordt afgebroken indien er iets anders tussen komt
- Vb. denken aan voedsel zonder dat ik honger heb
DOELEN
Meeste theorieën gaan ervan uit dat er een oneindig aantal doelen bestaat + georganiseerd in hiërarchie
o Hogere orde doelen meer fundamenteel / belangrijk dan lagere orde doelen
Vb. doel om te overleven > doel om te studeren
Implicatie = dat hogere orde doelen voorrang nemen om lagere orde doelen
Implicatie = lagere orde doelen zijn meer inwisselbaar
o Lagere orde doelen die verbonden zijn met hogere orde doelen hebben een middel doel relatie tot
hogere orde doelen
Lagere orde doelen staan ten dienste van hogere orde doelen
Vb. doel om goed te studeren staat ten dienste van doel om later geld te verdienen
o Om hogere orde doel te realiseren, moeten eerst lagere orde doelen gerealiseerd worden
Komt overeen met het maken van een plan
Vb. doel = slagen voor examen -> studeren, inschrijven voor examen, naar lessen gaan, …
Niet uitgesloten dat lagere orde doelen eigen leven gaan leiden vb. plastische chirurgie
o Hogere orde doelen eerder gezien als aangeboren / universeel <-> lagere orde doelen eerder gezien
als aangeleerd / cultuurspecifiek
Vb. hogere orde doelen: sociale relaties, voedsel, warmte, …
Vb. lagere orde doelen: diploma psychologie
VERSCHILLEN TUSSEN GEDRAGSTHEORIEËN
3 grote klassen
1) Level van analyse
2) Proces
3) Inhoud van de doelen
LEVEL VAN ANALYSE / TYPE VERKLARING
Radicaal behaviorisme Focust op observeerbaar level en proberen causale verklaring te bieden
voor gedrag
- Verklaren gedrag enkel adhv kenmerken van de situatie en de
leergeschiedenis vb. organisme eet omdat het gedepriveerd werd
van voedsel
EN EMOTIE
WETENSCHAPPELIJKE CYCLUS
Psychologie = studie van gedrag en geest
o Geest opgesplitst in cognitie, motivatie en emotie
o In recente literatuur worden de tussenschotten tussen deze 3 niet door iedereen in stand gehouden
ONTWIKKELING VAN WETENSCHAPPELIJKE THEORIEËN
Theorieën leveren verklaringen voor fenomenen
Verklaring = activiteit waarbij een explanandum (te verklaren fenomeen) gelinkt wordt aan een explanans
(verklarend feit)
o Vb. fenomeen water kan gelinkt worden aan H2O
Verklaren van een theorie kan gelinkt worden aan 2 stappen
o Afbakening / definitie van explanandum
o Zoektocht naar explanans
Werkdefinitie - Werkdefinitie van explanandum bestaat vaak uit lijst van oppervlakkige
kenmerken
- Descriptieve definitie = hoe term doorgaans gebruikt wordt
- Vb. water is vloeibaar, helder, geurloos, valt uit lucht, …
Verklaring - Verklaring waarbij we explanandum linken aan explanans
- Vb. water te linken aan moleculaire structuur H2O
Empirische test - Verklaring in empirisch onderzoek testen
- Vb. we nemen staaltjes van water volgens werkdefinitie en testen of
moleculaire structuur van water effectief gelijk is aan H2O
Wetenschappelijke - Indien dit bevestigt is, kan explanans deel worden van
definitie wetenschappelijke definitie van het fenomeen
- Prescriptieve definitie = hoe term gebruikt zou moeten worden
- Definitie gebruiken om nieuwe predicties te maken
INTENSIONELE EN EXTENSIONELE DEFINITIES
Intensionele en extensionele definities zijn afhankelijk van elkaar
Intensionele definitie Stelt wat de noodzakelijke en voldoende voorwaarden zijn waaraan een
exemplaar moet beantwoorden om tot een set te behoren
- Om een set af te bakenen van andere sets
- Vaak best geschikt, vooral bij grote sets waarbij het niet mogelijk is om
alle exemplaren op te sommen
- Vb. 3 < x < 8
Extensionele definitie Somt alle exemplaren op die in de set zitten
- Om een set af te bakenen van andere sets
, - Vb. 4, 5, 6, 7
Divisio definities Extensionele definities die geen exemplaren opsommen, maar subsetst
- Zorgen voor interne organisatie van een set
- Vb. (kleine getallen: 4, 5) (grote getallen: 6, 7) OF (even getallen: 4, 6)
(oneven getallen: 5, 7)
TYPES VERKLARINGEN
Vb. toegepast op kater = explanandum
Structurele verklaringen Stelt wat de componenten van een fenomeen zijn
- Is nog geen definitie, nog niet gezegd dat aanwezigheid voldoende is om
katers af te bakenen van andere fenomenen
- Kenmerken niet voldoende, want ook bij griep
- Vb. kater bestaat uit droge mond, misselijkheid, hoofdpijn
Causale verklaringen Stelt wat de oorzaak is van mijn fenomeen
- Vb. kater: oorzaak is gisteren te veel gedronken
Mechanistische Stelt wat tussenliggende processen zijn in overgang van oorzaak naar effect
verklaringen - Doel is om af te zakken naar fundamentele bouwstenen, en dan terug op
te gaan en te kijken hoe die bouwstenen interageren om het fenomeen
(hier: kater) te produceren
LEVELS VAN ANALYSE
Zowel structurele als mechanistische verklaringen doorkruisen verschillende levels van analyse
o In psychologie nuttig 3 brede levels te onderscheiden
Observeerbaar level Systeem produceert een observeerbare output, meestal gedrag of responsen
- De overgang van input naar output is wat we een proces noemen
- Processen worden hier louter beschreven in wat we van hun input -
output, en relatie tussen input en output
- Wat ertussen ligt is black box
Mentaal level Proces ontleed in subprocessen waarbij ieder subproces eigen input en output
heeft
- Deze tussenliggende inputs en outputs zijn niet observeerbaar: mentale
representaties
- Elk subproces kan weer opgedeeld worden in andere subprocessen, met
als doel om in latere fases van decompositie overeen te komen met
hersenprocessen gesitueerd op hersenlevel
Hersenlevel Black boxen worden gematerialiseerd in hersenprocessen
BESLUIT
Theorie-ontwikkeling start met descriptieve set (vb. lucht = transparant, geurloos gas dat atmosfeer en longen vult – cf.
Aristoteles; 1 van de 4 elementen)
Verklaring ontwikkelen met als doel gemeenschappelijke noemer vinden om set af te bakenen
, Niet gevonden? Set is niet wetenschappelijk, op zoek gaan naar andere sets die wel wetenschappelijk zijn
Vb. voor lucht kon geen elegante structurele verklaring gevonden worden ➔ bestaat uit verschillende stoffen met hun eigen
eigenschappen, geen gemeenschappelijke noemer ➔ geen adequate wetenschappelijke set ➔ alle componenten in lucht beschouwen als
nieuwe explananda
H1: WETENSCHAPPELIJKE CYCLUS TOEGEPAST OP MOTIVATIE
OPDELING VAN THEORIEËN
Gedragstheorieën = theorieën die gedrag willen verklaren
o Theorieën die gedrag als explanandum nemen
Motivatietheorieën = gedragstheorieën die motivatie inroepen als explanans voor gedrag
EXPLANANDUM
Opsplitsing tussen
Kwaliteit van het gedrag = aard van het gedrag
Kwantiteit van het gedrag = intensiteit van het gedrag
MOTIVATIE
Motivatie = verzamelnaam voor een aantal motivationele constructen (vb. doelen, behoeften, verlangens,
intenties, wensen, plannen, …)
o Doelen zijn bepaald type van mentale representaties
o Doel = representatie van gewenste toestand in de toekomst
MENTALE REPRESENTATIES HEBBEN VERSCHILLENDE ASPECTEN
INHOUD
Kan om het even wat zijn (vb. slagen voor examen, naar huis fietsen, ei bakken, zon schijnt, …)
FORMAAT
2 grote types representaties
Dynamische - Leiden tot gedrag
representaties - Activatie stijgt over de tijd, dit zelfs als er obstakels zijn vb. honger >
gedrag ondernemen om te eten, wordt niet gestopt door obstakels,
indien restaurant toe, naar broodjeszaak
- Activatie van doel kan enkel gestopt worden door competitie met ander
doel dat sterker is vb. plots brand > eten
- Na poging om doel te bereiken: evaluatie (is doel bereikt?) + tijdelijke
inhibitie van doel
Niet-dynamische / - Zijn overtuigingen, verwachtingen en zuivere representaties of gedachte
cognitieve o Gaan enkel leiden tot gedrag indien ze gepaard gaan met
representaties
doelen
, - Leidt niet tot gedrag
- Activatie daalt over tijd
- Activatie wordt afgebroken indien er iets anders tussen komt
- Vb. denken aan voedsel zonder dat ik honger heb
DOELEN
Meeste theorieën gaan ervan uit dat er een oneindig aantal doelen bestaat + georganiseerd in hiërarchie
o Hogere orde doelen meer fundamenteel / belangrijk dan lagere orde doelen
Vb. doel om te overleven > doel om te studeren
Implicatie = dat hogere orde doelen voorrang nemen om lagere orde doelen
Implicatie = lagere orde doelen zijn meer inwisselbaar
o Lagere orde doelen die verbonden zijn met hogere orde doelen hebben een middel doel relatie tot
hogere orde doelen
Lagere orde doelen staan ten dienste van hogere orde doelen
Vb. doel om goed te studeren staat ten dienste van doel om later geld te verdienen
o Om hogere orde doel te realiseren, moeten eerst lagere orde doelen gerealiseerd worden
Komt overeen met het maken van een plan
Vb. doel = slagen voor examen -> studeren, inschrijven voor examen, naar lessen gaan, …
Niet uitgesloten dat lagere orde doelen eigen leven gaan leiden vb. plastische chirurgie
o Hogere orde doelen eerder gezien als aangeboren / universeel <-> lagere orde doelen eerder gezien
als aangeleerd / cultuurspecifiek
Vb. hogere orde doelen: sociale relaties, voedsel, warmte, …
Vb. lagere orde doelen: diploma psychologie
VERSCHILLEN TUSSEN GEDRAGSTHEORIEËN
3 grote klassen
1) Level van analyse
2) Proces
3) Inhoud van de doelen
LEVEL VAN ANALYSE / TYPE VERKLARING
Radicaal behaviorisme Focust op observeerbaar level en proberen causale verklaring te bieden
voor gedrag
- Verklaren gedrag enkel adhv kenmerken van de situatie en de
leergeschiedenis vb. organisme eet omdat het gedepriveerd werd
van voedsel