Lichaamstaal van de hond (Deel 1)
1. Belang van juiste interpretatie van gedrag
Noodzakelijk voor jullie taken in het werkveld:
o Verzorgen
o Interacties aangaan
o Huisvesting aanpassen
o Trainen
Invloed op welzijn:
o Hoe voelt het dier zich?
o Veiligheid van jezelf, de hond en de omgeving
Doel: correct interpreteren → gepast reageren
2. Lichaamstaal van de hond
= Piloerectie (haren rechtop over rug)
Altijd een teken van sterke emotie/opwinding
Betekenis afhankelijk van context en rest van de lichaamstaal
= Mogelijke oorzaken:
1. Hoge opwinding/spanning
2. Angst of onzekerheid
3. Verdedigende agressie
4. Gemengde emoties / innerlijk conflict
-> Conclusie: Piloerectie over de hele rug wijst op
een hond die hoog geëmotioneerd is, maar het precieze gevoel hangt af van de
rest van de lichaamstaal en de situatie. Het kan variëren van opwinding tot angst
of defensieve agressie.
3. Rasgebonden verschillen
Sommige rassen kunnen signalen minder goed tonen
o Expressie van signalen verschilt
vb. Old English Sheepdog:
o Nekharen nauwelijks zichtbaar
o Moeilijk staartsignalen
o Ogen soms niet zichtbaar
4. Lichaamshouding
= Neutrale houding (referentiepunt) ->
Let op:
Lichaam
Staart
Kop
!Houd rekening met ras/anatomie!
5. Analyse van lichaamsdelen
,= Neutrale houding als basis
Het lichaam van een hond geeft via verschillende onderdelen informatie
over zijn emotionele toestand.
Let op houding, spanning, en beweging van lichaamsdelen om te zien hoe
de hond zich voelt.
Een ontspannen hond staat in een natuurlijke, neutrale houding.
Kleine, subtiele veranderingen in spanning of houding kunnen veel zeggen
over emoties en stemming.
= Hoofd & hals
Hoogte van de neus
Relatie tussen ruglijn (toplijn) en hals
= Lichaam
Positie ledematen
Hoeken van de gewrichten
Spierspanning
Toplijn (recht, gebogen, rond)
6. Zwaartepunt
= Honden communiceren door gewicht te verplaatsen:
o Behouden, vergrotten of verkleinen van
afstanden
Naar achter
o Afstand behouden of vergroten
o Onzekerheid, voorzichtigheid, spanning
Naar voren
o Nieuwsgierigheid
o Offensief gedrag
o “Klaar voor actie”
Zijwaarts
o Persoonlijke ruimte bewaken
o Invasie vermijden
o Respectvolle interacties
Vb:
Meerdere foto-analyses tonen:
Subtiele versus duidelijke gewichtswisselingen
Verschillen tussen nieuwsgierigheid, onzekerheid, agressie, spanning
Effect van leiband op lichaamstaal
8. Staart
= De staart toont opwinding, emotie, intentie en spanning
, + balansfunctie
A. Staartpositie
Hoog → alert/zelfverzekerd, mogelijk agressie
Neutraal → ontspannen
Laag/tussen poten → angst,
onzekerheid, onderdanigheid
B. Snelheid van beweging
Snel → sterke opwinding (positief of
negatief)
Traag, ruim → ontspannen, vriendelijk
C. Amplitude (breedheid)
Breed/los → sociaal, blij, open houding
Klein/stijf → spanning, alertheid, controle
Plots veranderend → wisselende emotie of alertheid
D. Richting van kwispelen
Naar rechts → positieve emoties, toenadering
Naar links → negatieve emoties, terugtrekking
“Helikopterstaart” → grote vreugde bij begroeting
E. Geen beweging
Kan wijzen op:
o Ontspanning
o Angstbevriezing
o Agonistische bevriezing (voorstadium agressie)
= Foto-analyses staart & lichaam (samengevat)
Hoge staart + stijve beweging → spanning/offensief
Lage of geklemde staart → onzeker/angstig
Lage, brede kwispel → vriendelijk, kalme toenadering
Puntje van staart beweegt snel → hoge opwinding
Staart in cirkel (“helikopter”) → blije verwachting
Lichaamstaal van de hond (Deel 2)
1. De kop: belangrijkste onderdelen om te lezen
1. Oren en ooraanzet
2. Voorhoofd
3. Ogen