Inleiding bouwtechnisch ontwerpen - Overzicht leerstof 2020 - 2021
Algemeen
Op het examen zal voornamelijk gepeild worden naar terminologie, inzicht, en detailtekeningen. Er
wordt niet verwacht dat jullie grote stukken cursus kunnen reproduceren. Op het examen zal de
ruimte om te antwoorden steeds beperkt zijn.
Verwijzingen naar normen zijn steeds informatief. Focus ook niet op cijfers en getallen. De
geschiedenis van een materiaal zal nooit in detail gevraagd worden. Het productieproces van een
materiaal moet je kennen, maar je moet dit steeds kunnen uitleggen op maximaal 5 lijnen. De grote
lijnen zijn dus belangrijk, niet de details. De geschiedenis van een materiaal is enkel relevant om aan
te geven hoe de evolutie in een productieproces een impact heeft gehad op het materiaal.
Er wordt nooit gevraagd naar brandeigenschappen
Leer geen materiaaleigenschappen van buiten, maar je moet wel in staat zijn om een aantal
verschillende materialen te rangschikken zoals je kan afleiden uit de examenvragen. Als er gevraagd
wordt om afmetingen te geven (vb. bij houtskeletwand) gaat dit niet over de exacte
handelsafmetingen, maar grootte-ordes.
Hieronder worden een aantal voorbeelden van examenvragen gegeven uit een beperkt aantal
hoofdstukken. Let op: deze lijst is niet limitatief. De leerstof is dus niet beperkt tot onderstaande
vragen. Op het examen zal er een combinatie zijn van een reeks vragen die peilen naar terminologie,
enkele grotere vragen die peilen naar inzicht en toepassing, en minstens één tekening van een detail.
De eerste vragen zijn steeds eenvoudige vragen die peilen naar kennis, de tweede reeks vragen
peilen meer naar inzicht. Hieronder worden niet alle hoofdstukken besproken, maar het type vragen
is ook van toepassing op de rest van de cursus.
Zowel de cursus als de presentaties maken integraal deel uit van het cursusmateriaal. Soms zijn de
slides uitgebreider dan de cursus, maar ook dan moet dit gekend zijn. Bijvoorbeeld rond houten
gevelbekleding zijn er behoorlijk wat slides met voorbeelden van detaillering. Het heeft geen zin om
elke tekening van buiten te leren, maar de principes zijn wel relevant om te begrijpen, en kunnen
deel uitmaken van een examenvraag of detailtekening.
Ook technische voorlichting 264 maakt deel uit van de leerstof. Zoals vooraf aangekondigd moeten
enkel delen 2.1 (fundering), 2.2 (hellend dak), en 2.4 (buitenschrijnwerk) gekend zijn. Wat betreft de
details: enkel volgende details moeten gekend zijn: 1.0, 2.0, 3.0, 4.2, 5.0, 5.1, 8.0, 10.0. Het is
belangrijker om te begrijpen waarom een detail zo in elkaar zit dan het louter te kunnen
reproduceren. Lees op het examen ook goed de examenvraag: het kan zijn dat er gevraagd wordt
naar een detail dat jullie niet gezien hebben, maar dat elementen combineert van behandelde
details. Ook de logica van de eenvoudige vuistregels rond koudebruggen moeten jullie kunnen
toepassen.
Gebakken en niet-gebakken kunststeen
- Wat zijn kaolien
- Wat is een frog
Algemeen
Op het examen zal voornamelijk gepeild worden naar terminologie, inzicht, en detailtekeningen. Er
wordt niet verwacht dat jullie grote stukken cursus kunnen reproduceren. Op het examen zal de
ruimte om te antwoorden steeds beperkt zijn.
Verwijzingen naar normen zijn steeds informatief. Focus ook niet op cijfers en getallen. De
geschiedenis van een materiaal zal nooit in detail gevraagd worden. Het productieproces van een
materiaal moet je kennen, maar je moet dit steeds kunnen uitleggen op maximaal 5 lijnen. De grote
lijnen zijn dus belangrijk, niet de details. De geschiedenis van een materiaal is enkel relevant om aan
te geven hoe de evolutie in een productieproces een impact heeft gehad op het materiaal.
Er wordt nooit gevraagd naar brandeigenschappen
Leer geen materiaaleigenschappen van buiten, maar je moet wel in staat zijn om een aantal
verschillende materialen te rangschikken zoals je kan afleiden uit de examenvragen. Als er gevraagd
wordt om afmetingen te geven (vb. bij houtskeletwand) gaat dit niet over de exacte
handelsafmetingen, maar grootte-ordes.
Hieronder worden een aantal voorbeelden van examenvragen gegeven uit een beperkt aantal
hoofdstukken. Let op: deze lijst is niet limitatief. De leerstof is dus niet beperkt tot onderstaande
vragen. Op het examen zal er een combinatie zijn van een reeks vragen die peilen naar terminologie,
enkele grotere vragen die peilen naar inzicht en toepassing, en minstens één tekening van een detail.
De eerste vragen zijn steeds eenvoudige vragen die peilen naar kennis, de tweede reeks vragen
peilen meer naar inzicht. Hieronder worden niet alle hoofdstukken besproken, maar het type vragen
is ook van toepassing op de rest van de cursus.
Zowel de cursus als de presentaties maken integraal deel uit van het cursusmateriaal. Soms zijn de
slides uitgebreider dan de cursus, maar ook dan moet dit gekend zijn. Bijvoorbeeld rond houten
gevelbekleding zijn er behoorlijk wat slides met voorbeelden van detaillering. Het heeft geen zin om
elke tekening van buiten te leren, maar de principes zijn wel relevant om te begrijpen, en kunnen
deel uitmaken van een examenvraag of detailtekening.
Ook technische voorlichting 264 maakt deel uit van de leerstof. Zoals vooraf aangekondigd moeten
enkel delen 2.1 (fundering), 2.2 (hellend dak), en 2.4 (buitenschrijnwerk) gekend zijn. Wat betreft de
details: enkel volgende details moeten gekend zijn: 1.0, 2.0, 3.0, 4.2, 5.0, 5.1, 8.0, 10.0. Het is
belangrijker om te begrijpen waarom een detail zo in elkaar zit dan het louter te kunnen
reproduceren. Lees op het examen ook goed de examenvraag: het kan zijn dat er gevraagd wordt
naar een detail dat jullie niet gezien hebben, maar dat elementen combineert van behandelde
details. Ook de logica van de eenvoudige vuistregels rond koudebruggen moeten jullie kunnen
toepassen.
Gebakken en niet-gebakken kunststeen
- Wat zijn kaolien
- Wat is een frog