Competentiecoaching .................................................................................................................................................................................................................................................. 2
Coachen op overtuigingen ........................................................................................................................................................................................................................................5
Loopbaancoaching ..........................................................................................................................................................................................................................................................8
LBC - intake ......................................................................................................................................................................................................................................................................... 9
LBC - Zelfonderzoek ..................................................................................................................................................................................................................................................... 11
LBC – Coachee in actie .............................................................................................................................................................................................................................................. 15
TOOL – Levenslijn ..........................................................................................................................................................................................................................................................19
TOOL – Waardenlijst ...................................................................................................................................................................................................................................................20
TOOL – Vuur werkt........................................................................................................................................................................................................................................................ 21
TOOL – Energievreters en energiegevers ................................................................................................................................................................................................... 22
TOOL – Focus op de toekomst ............................................................................................................................................................................................................................ 23
1
, COMPETENTIECOACHING
STAP 1: Omschrijven competentie
Wat zijn precies de elementen van deze competentie/vaardigheid? Welke onderdelen moet je ‘beheersen’ om dat te kunnen?
- Omschrijf de competentie die je wilt ontwikkelen in concrete observeerbare termen – gedragsindicatoren (= meetbare succesvolle gedragingen.
- Omschrijf de competentie in deelvaardigheden.
- Baseer je op materiaal dat gebruikt wordt in het kader van ontwikkeling (bv. leiderschapsmodel…).
- Er bestaan (bedrijfseigen) competentiewoordenboeken waar de invulling van een competentie vaak nog eens op ‘junior-gevorderde-senior’ wordt ingevuld.
STAP 2: Coachen – doorlopen van de 5 fasen via de GRROW
Goal (A) Specifieke context = kader van goesting
Coachee krijgt zicht op: - Wat wil je graag leren/ontwikkelen?
- De (contextuele) betekenis en - In welke situaties heb je die competentie nodig?
toepassingsgebieden van de - Laat ons eens een inventaris maken van situaties waarin deze competentie van belang is?
competentie waaraan hij wil werken - Welke situatie zie je nog als een uitdaging om je competentie in te kunnen passen?
- Wat het effect/de winst is van zijn (B) Motivatie – ‘winst van de ontwikkeling’
ontwikkeling voor zichzelf én - Stel dat je werkt aan… (competentie), wat levert jou dat op?
zijn/haar organisatie - Wat is de opbrengst voor anderen? Voor de organisatie?
- De concrete gedragsindicatoren (en - En hoe voelt dat voor jou?
een meetlat) - En wat zijn de consequenties als het niet lukt?
- De prioriteiten/keuzes in (C) Zichtbaar en ‘meetbaar’ maken
deelvaardigheden - En beschrijf eens, als je werkt aan… (competentie), wat doe jij dan concreet anders?
- Stel ik kom je binnen een half jaar filmen, wat doe jij dan concreet anders?
- Wat zal het verschil zijn met vandaag (concreet in gedrag)?
- Wat zien anderen jou doen?
- Hoe scoor je jezelf op…? En wat zou je anders doen als je een … scoort?
- Wanneer krijg je een voldoende, en wanneer outstanding van je leidinggevende?
(D) Prioriteiten
- Welk gedrag springt eruit waar je eerst mee aan de slag wil gaan?
- Op welke (deel)-vaardigheid wil jij je richten?
- Wat is voor jou nu het allerbelangrijkste?
- Welke eerste stap wil je zetten?
- En voor de organisatie? Leidinggevende?
Reality (A) Waarneming – exploratie
Coachee krijgt zicht op: - Geef eens een voorbeeld van een situatie waarin je… inzet? Hoe loopt het nu?
- Eigen gedrag, gevoel, overtuigingen - Beschrijf eens een typische situatie waarin je… nodig hebt?
(perceptie-verruiming) - Wat doe je juist als je dit… meemaakt?
- Wat werkt en niet/realisaties en - Wat zeg je dan? Wat voel je dan? Wat denk je dan? Hoe reageer je dan? (DVD)
effecten, invloed van de omgeving (B) Realisaties en effecten
- Moeilijkheden, waar het écht om - Wat heb je reeds gedaan? Wat heb je geprobeerd?
gaat - Wat was het effect hiervan? Op jou? Op de anderen?
- Wat wilde je bereiken?
- Wat zou je nu anders gedaan hebben en waarom?
- Wat beheers je al wel? Wat loopt er goed? In welke situatie? Geef eens een voorbeeld van een situatie waar het wel
goed gaat?
- Welke acties brachten je al dichter bij je doel? Wat leerde je daaruit?
(C) Hindernis (= hernieuwd doel?)
- Wat loopt nog moeilijk? Wat mis je nog?
- Wat houdt je tegen?
- Wat heeft je tegengehouden om nog meer te proberen
- Waar gaat het dan in essentie om?
- Wat is de uitdaging waar je voor staat?
2
, Resources - Wie of wat kan helpen? Welke hulpmiddelen kunnen ingeschakeld worden om .... (DOEL !!)?
Coachee krijgt zicht op: - Wat kan je doen om ... te leren/ontwikkelen?
- Oefenkansen - Welke ondersteuning kan gevraagd worden?
- Ondersteuningsmogelijkheden - Wat zijn oefenmogelijkheden?
- Inzetbare hulpmiddelen - Wat zijn mogelijke leeractiviteiten?
- Manieren om succes te borgen - Wie kan jou iets leren rond ...?
- Mocht jij de coach zijn, wat zou je jezelf adviseren? (*)
- Welke voorbeelden zouden jou kunnen inspireren?
- Ken jij iemand die ... al doet? Wat doet hij/zij? Wat kan je hieruit meenemen?
- Wat kan je meenemen van een succesvolle ervaring?
- Indien je geen rekening diende te houden met tijd, geld, ... wat zou je dan nog kunnen vooruithelpen? (*)
- Welke mogelijkheden/opties zie je nog? En wat nog?
- Wat heb je nog nooit geprobeerd maar zou wel helpen (*)
Options - Welke zaken (uit de resources) heb je al geprobeerd? Waarom was dit succesvol of niet? Waarom heb je deze
Coachee krijgt zicht op: opnieuw als mogelijkheid meegenomen?
- Criteria die voor hem/haar belangrijk (A) Criteria
zijn - Aan welke criteria moet gelijk welke oplossing/actie voor jou voldoen?
- Voor- en nadelen van elk van de (B) Gewicht/belang
opties: gewicht, belang van elk van - Welke optie zou het meest effectief zijn?
de opties - Voor welke optie heb je het meest zin?
- Mogelijke prioriteiten en - Hoe makkelijk of moeilijk zijn die opties voor jou?
combinaties (wat is er nu echt - Wat zijn de voordelen, wat zijn de nadelen?
mogelijk) - Wat ontbreekt er?
- De leerroute - Wat wil je zeker niet?
(C) Prioriteiten
- Welke combinatie zou interessant zijn?
- In welke volgorde wil je deze opties uitproberen?
à afwegen, vergelijken, analyseren van opgesomde mogelijkheden/resources
Will - Wat ga je nu doen?
Coachee krijgt zicht op: - Wat ga je eerst doen?
- Stappen, fasen - Welke stappen wil je inbouwen?
- Mijlpalen, data - Tegen wanneer wil je dit gedaan hebben?
- Benodigde hulpmiddelen/risico’s - Wanneer wil je starten?
- Evaluatie en opvolging - Wat zijn de mijlpalen?
- Welke hulpmiddelen heb je nodig om in actie te komen?
- Wat zou je kunnen tegenhouden?
- Hoe ga je dit opvolgen?
- Wanneer ga je dit evalueren?
STAP 3: COP/POP
- Te ontwikkelen competentie (0-meting/werkpunten)
- Waartoe draagt de ontwikkeling van deze competentie bij? Wat levert het op?
- Goal: beschrijf het gedrag dat straks veranderd is: hoe is dit meetbaar en zichtbaar?
- Reality: wat doe je al goed? Waar wil je nog meer in groeien?
- Ontwikkelingsactiviteiten: Wat ga je doen in functie van het gedrag dat je wil ontwikkelen? Wat kan je doen om dit gedrag te observeren, in te oefenen, erover te
reflecteren?
- Ondersteuning, hulpmiddelen, feedback
- Planning: start, streefdatum, mijlpalen, opvolging
3