Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 5 out of 44 pages
Summary

Samenvatting deel 2- Hart en vaten 1 (1007GENGE2)

Document preview thumbnail
Preview 5 out of 44 pages

Dit is het tweede deel van de samenvatting van Hart en Vaten 1. De samenvatting bestaat uit 4 delen en bevat 240 pagina's. Op mijn account staat een deal waar je best alle delen samen aankoopt. De samenvatting bevat de theorie van alle lessen en zelfstudielessen. Onderwerpen waarop extra nadruk werd gelegd, zijn aangeduid met een ster. De samenvatting bevat een gemakkelijk overzicht. Enkele onderwerpen komen meer dan 1x voor omdat die ook besproken zijn in meerdere lessen, zo wordt duidelijk waar de nadruk op ligt. Succes :) (kijk op mijn profiel voor de voordeelbundel met alle 4 delen)

Content preview

7. Vasculaire functie:
7.1. Anatomie en functie:




in capillairen: uitwisseling




⇒ niet van buiten, vooral weten uit wat de versch. bloedvaten voornamelijk zijn opgebouwd
⇒ en verschil tussen dikke en dunne wand

,⇒ 10% vh bloedvolume zit aan de veneuze kant
⇒ bloeddruk is het hoogst kort na het hart (niet noodzakelijk aorta)
⇒ naarmate bloed verder vervoerd wordt: weerstand
⇒ vooral in weerstandsvaten (vasoconstrictie)
⇒ drukverval, voor we de capillairen bereiken want anders zou hier teveel vocht uitsijpelen
(oedeem), arteriolen zorgen ervoor dat capillairen beschermd worden door te hoge druk


in het LV zijn er zeer hoge verschillen in
systolische en diastolische druk

⇒ in aortaklep is diastolische druk veel hoger
omdat de aortaklep sluit en dat bloed niet terug
kan stromen

⇒ pulsatiele druk blijft wel
⇒ nog te zien in eerste vertakkingen van arterieel
systeem
⇒ verdwijnt in de capillairen (constante druk)

, bloedflow snelheid en bloedvatdiameter

⇒ bloedstroom is niet overal constant,
verschilt naar gelang de grootte vd vaten

in longen: traagste snelheid




7.2. Arteriële bloeddruk:




dus in aorta is er een maximale druk (systolische) en minimale druk (diastolische)
het verschil tussen beide = polsdruk

wat bepaalt de bloeddruk doorheen de weefsels → gemiddelde bloeddruk
= de diastolische druk + ⅓ van de polsdruk (P mean)

tussen systolische en diastolische druk: incisura / notch
= dichotische incisura en de golf daarna: dichotische golf


gemiddelde bloeddruk =
CVD + (SVR = perifere weerstand x CO = hartdebiet)
CO (cardiac output)

MAP (gemiddelde arteriële bloeddruk)

als men in inspanning is (sneller hartritme)
→ MAP zal dichter bij systolische druk liggen
want diastolische tijd wordt korter




determinanten vd arteriële druk:
- slagvolume (+ frequentie)
- arteriële compliance: de stijfheid/soepelheid van de wand van de bloedvaten
- windkessel effect: diastolisch duwen van slagvolume naar weefsels
- polsdruk
- arteriolaire vaatweerstand

,stel:
→ we hebben een drukvat met een kraantje dat periodisch open en dicht gaat
→ door druk is er flow in het buizensysteem daar onder
→ normaal zou er dan ook uit het kraantje in dezelfde ‘golven’ water uit komen
→ stel: we steken er een elastische buis tussen die uitzet als de kraan open gaat
→ een deel vh volume loopt niet meteen naar buiten maar zorgt voor het uitzetten
→ als kraantje dicht is loopt de elastische buis verder leeg en er zal nog steeds beetje water
uitlopen (zie onderste grafiek met bogen)
→ dit is ook zo in ons lichaam, want anders heeft ons lichaam telkens geen perfusie

Windkessel-fenomeen:
hoe elastisch de aorta is (hoe compliant): dan zal de druk
meer of minder oplopen

⇒ bepaald slagvolume in de aorta gaat gepaard met de
druk in de aorta

gemiddeld: polsdruk = 40-50 mmHg

compliantiecurve ≠ een rechte lijn
→ bij lagere tensies en hetzelfde slagvolume: lagere
polsdruk
→ of pt heeft hoge bloeddruk en nog hetzelfde volume bij
= zal steiler stijgen

niet lineair omdat collageenvezels niet oneindig kunnen uitrekken

, 1. Waarom neemt systolische arteriële druk toe naar distaal?
2. Waarom neemt systolische arteriële flowsnelheid af naar distaal?

⇒ ejectie van slagvolume in aorta ascendens lokt
drukgolf uit die naar distaal gepropageerd wordt
(sneller dan de flow) (4 à 10 m/s)


drukgolf wordt thv bifurcaties retrograad gereflecteerd
→ summatie
→ grotere amplitude distale pols


terugslag golf (ter hoogte van bifurcaties) komt terug
in aorta = de dichotische golf
⇒ maar dichter bij de plaats van de terugslaggolf zal
de golf meer en meer summeren (optellen) met de
originele golf waardoor die groter wordt

⇒ onze systolische bloeddruk is niet het hoogst in de
aorta! (gemiddeld wel)
⇒ komt door dit summatie-effect

Document information

Study
Uploaded on
November 5, 2025
Number of pages
44
Written in
2025/2026
Type
Summary
$17.98

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
romyopdebeeck
4.0
(1)
Sold
2
Followers
0
Items
14
Last sold
4 months ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions