100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting - Sociologie 1

Rating
-
Sold
-
Pages
55
Uploaded on
04-11-2025
Written in
2025/2026

Deze samenvatting van Sociologie 1 (1e bachelor) is de ultieme houvast voor je examen. Ze combineert alle essentiële inhoud uit het handboek van de UHasselt, aangevuld met duidelijke lesnotities, verhelderende voorbeelden en een consistente, overzichtelijke structuur. Perfect om efficiënt te studeren.

Show more Read less
Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
November 4, 2025
Number of pages
55
Written in
2025/2026
Type
Summary

Subjects

Content preview

Sociologie, een eerste kennismaking (HC1, H1)

Inleiding: niet iedereen leeft even lang
 Studie sociale leven+ menselijk G, patronen, soc interactie, cult, SL, groepen,
instellingen, gemeenschap, structuur

 Context!=> structuur
 Samenhang
 Logische+ brede verklaringen ‘waarom’
 Patronen+ wetmatigheden
 Betwist idee vrije wil

De verklaring… relaties tussen mensen
 Opleidingsverschillen-> soc ongelijkheid-> omgang problemen!-> levenskansen


De sociologische verbeelding
Sociologie = verklaringen zoeken voor wat mensen in hun leven ervaren

Hulpmiddel: sociologische verbeelding (Mills, 1959)
 Doel: ‘individu’ EN ‘samenleving’ verzoenen
 Kritiek op sociologie: ondersteunen van elitaire ideeën (enkel voor machtige/ rijke)
 Alternatief: sociologische verbeelding
= individuele gebeurtenissen plaatsen+ verklaren vanuit geheel van sociale
relaties die zelf een specifieke historische oorsprong hebben
 Geheel soc relaties (=SL) beïnvloed onze biografie
 Ingebed in sociale omgeving (bv. Opleiding ouders…)

Hoe?: ‘persoonlijke problemen’ vs. ‘publieke kwesties’
– Biografie van individuen -> Sociale omgeving (structuur) <- Historisch
verloop! (oef)

De sociologie: 2 stelregels
Stelregel 1:
Sociologen zoeken naar algemene wetmatigheden en patronen!
➔GEEN enkelvoudige verklaringen=> ook andere contexten (>< culturele antropologie)
Algemene wetmatigheden:
 Vergelijkbaar onder meerdere individuen/groepen
 Vergelijkbaar doorheen de tijd

Stelregel 2:
De socioloog verklaart het sociale door het sociale.
Dé grote vragen:
1. Hoe oefent sociale omgeving (SL) invloed uit op -> menselijk gedrag en interactie?
(macro-perspectief+ top-down)
2. Hoe oefenen menselijk gedrag en interactie invloed uit op -> sociale omgeving?
(micro-perspectief+ bottom-up)
➔Wederkerend!

Van gedrag tot samenleving (bouwstenen
biografie+ maatschappelijke omgeving)
 Als individu GEEN INVLOED op omgeving!
 Pas in soc interactie met mensen=> invloed op omgeving
 Bv. Greta Thunberg: door contact anderen (landen)=> omgeving veranderen
(betogingen)
 Bv. Charlie Kirk: niet eigen wensen=> effect omgeving: tonen niet eens invloed van
hem

,3 basisvragen in de sociologie
(toepassen op grondleggers)
Door Charles Wright Mills (in ‘Social Imagination’, 1959)
1. Welke soorten mensen overheersen in bepaalde periode?
(onderzoek naar ideaal-typische individuen binnen SL)
2. Wat is de structuur van de samenleving?
(onderzoek naar bredere organisatie en sociale orde vd SL)
3. Waar staat de samenleving in de geschiedenis van de mensheid?
(onderzoek naar historische ontwikkeling)?

Gedrag
Gedrag= elke actie/reactie van een individu (vb. uitdrukking)
1. Objectief waarneembare/externe dimensie
 Door anderen gepercipieerd/ waargenomen
 min. 2 individuen (ego= ik en alter= ander in interactie)
Bv. Gesproken woord, gebaren, gelaatsuitdrukkingen

2. Subjectief waarneembare/interne dimensie
 slechts 1 individu (ego)
 4 componenten:
1) Motivationele component
► Motivatie = Drijfveren achter het gedrag
►Winstmaximalisatie, sociale erkenning, zucht naar controle, seksuele lust
Bv. Elon Musk: twitter= controle denkpatronen+ winstmaximalisatie (meerdere
drijfveren)

2) Emotionele component
► Emotie; Angst, Onrust, Schaamte, Schuld
Bv. Klimaatbetoog oudere mensen (levensstijl; schuld/ schaamte)

3) Reflexieve component
► Zelfbeeld
• Hoe je naar jezelf kijkt vanuit externe positie (naar eigen G kijken door iemand
zijn ogen)
• Niet ervaren? Geen durf

4) Cognitieve component
► Beeld van de werkelijkheid
• vb. klimaatontkenners

 4 dimensies met elkaar verweven: analytisch
 Intern+ extern verweven: emoties gepaard met gelaatsuitdrukkingen

Handelen
Handelen= Gedrag met doelgerichtheid
• Mentale voorbereiding én betekenis
• Vaak ‘onbewust’: afhankelijk van barrières
Bv. Rij= niet veel mentale voorbereiding+ onbewuster
Bv. Wedstrijd: goede voorbereiding+ bewust
 Beide doelgericht!

Sociaal handelen
► Max Weber (1864-1920)
Sociaal handelen= Handelen van ego gericht op het vroegere, huidige of toekomstige
handelen van alter
- Houdt rekening met wat anderen doen, deden, gaan of kunnen doen

, - Toekomst voorspellen
► Sociale handelingstypologie: 4 types
1) Instrumenteel rationeel handelen
►Gedrag is welbewust en doelgericht
►Handelingssituatie:
 Actoren willen doel bereiken
 Doel bereiken is afhankelijk van…
1. Condities (beperkingen)
– Wat zijn de voorwaarden waarin het doel bereikt kan worden?
2. Middelen (faciliteren= vergemakkelijken)
– Wat kan men gebruiken om het doel te bereiken?
 Centraal: efficiëntie! (kosten minimaliseren-baten maximaliseren afweging)

2) Waarde rationeel handelen
► Handeling is waardevol en NIET rationeel (geen doel)
►Aard van waarde: vanuit ethisch, esthetisch, religieus..
► Doel is nastrevenswaardig
 Centraal: ongelimiteerde kosten (voor zichzelf)

Verschil= analytisch-> waarde rationeel handelen ook middelen& condities
Herken: efficiëntie of waarde volheid handeling zelf?


3) Affectief handelen
►Ongecontroleerde reactie
►Niet stilstaan bij gevolgen (soms betekenis (on)duidelijk)
►Verbinding met sociale betekenis (<> subjectief component van gedrag)
VERSCHIL: affectief handelen= WEL sociale betekenis <-> subjectieve
component (ik, ego)
 Centraal: emoties bepalen het gedrag

4) Traditioneel handelen
►Sociale gewoontes (NIET individueel!-> verwachtingen groep) vb. Kerstmis
vieren uit religie
►Tradities: verplicht karakter+ herhaling
▪ Gekoppeld aan sancties (sterke waarde gekoppeld)
▪ Niet altijd vrije keuze=> context


Bewust? 5) Reflexief
=Waarde handelen
rationeel handelen!(<-> traditioneel handelen)
 ►Christelijke
Vanuit Stoppen,overtuiging:
denken, kiezen (ook
geboorte van bij instrumenteel-rationeel
Jezus= bewust= waarde handelen)
► Nadenken
rationeel handelen welke richting uitgaan (niet voortgestuwd door verleden)
 Vieren ►want geleerd, niet
Onzekerheid religieus=
(<-> onbewust=
zekerheid traditioneel
traditioneel)
Sociale interactie
Interactie ꞊ gelijkaardige betekenis aan handelen door twee of meer personen
꞊ niet chaotisch, maar voorspelbaarheid+ herkenbaarheid
= handeling persoon+ reactie daarop door ander

Opdat-motieven: pragmatisch, volgens waarden, affectief of traditioneel handelen=>
proberen iets te realiseren
EGO: handelt opdat iets zou gebeuren
➢ Extern doel, waarde realiseren, emotie beleven, traditie volgen
ALTER: handelt omdat EGO iets deed
 Soc interactie= wederkerend

, Vormen van interactie
1) -Conformiteit/ overeenstemmen
►Verloopt volgens betekenis van beide partners in interactie
►Wederzijds akkoord over wat en hoe (duidelijk in context)
>< deviantie (geen akkoord, vreemd G,1 niet houden aan (expliciete) regels)
Bv. Hoorcollege (wat: informatieoverdracht door leerkracht aan leerling, hoe: via uitleg
en stilzwijgend)

2) Coöperatie/ samenwerking
Doel realiseren middels => (stilzwijgend) akkoord
► Deels conformiteit aanwezig (= deelaspect)

► conformiteit+ samenwerking centraal in sociologie! (sociale orde verklaren)

3) Conflict
► GEEN akkoord over interactie (>< wil niet samenwerken)
► Doel om interactie aan te passen
► Strijd om schaarse middelen (niet akkoord bij verdeling= conflict)
► vb. consumptiemaatschappij: geld verdienen+ in competitie met anderen voor job
► Ook over waarden, aanzien en macht
► Ook positieve gevolgen (VN ontstaan door conflicten tussen landen WOI)
► Groepen= onverdraagzaam
► Enkel beperkte afwijkingen aanvaard

4) Ruil
Peter Blau (1918-2002):
►Sociale ruil= baten of beloningen ontvangen, betekent voor de ander kosten
(≠ economische ruil; altijd vast bv. Meteen betalen bij bakker)
Vb. moeder geeft kind eten (baten), betekent tijdsinvestering voor moeder
(kosten)
 Dankbaarheid: publiekelijk= baten (nl verhoging sociale achting) voor alter
Sociale ruiltheorie:
►Menselijk gedrag gekenmerkt door ruil van materiële + symbolische bronnen
►Ongelijke verdeling kosten + baten
– Ego: ontvangt beloning
– Alter: kosten voor geven van beloning
►Sociale verwachting: op termijn een wederdienst, maar ongespecifieerd, niet vast

Vanuit interactie ontstaat cultuur en structuur!
Cultuur= gedeelde betekenis die mensen geven aan handelen+ objecten uit omgeving
 Wordt geformaliseerd in waarden, normen, overtuigingen, wetten

►Levensstijl van een samenleving (waarden-> normen)
 Vb. Vlaanderen privacy (waarde)+ rolluiken (norm)<-> Nederland niets verbergen
(w)+ raam

Structuur= geheel posities van actoren+ vorm van interacties+ relaties tussen die actoren
►Verschillende posities in samenleving vormen hiërarchie (standensamenleving)
►Vorm waarin interacties zijn ingebed
 Conflict, samenwerking, centralisatie…
►Complex van geformaliseerde posities

Vb. Uhasselt: structuur= geheel hiërarchische posities (prof, leerling, rector…)+ cultuur=
nadruk kwaliteit bij kennisontwikkeling

 Als individu niet veel vat op cult of structuur (langdurige+ ‘niet conformistische
handelingen nodig)
 Stolling+ vloeibaar worden van cultuur door sociale interacties=> sociale orde+ soc
verandering
$16.99
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
michlevangrieken

Get to know the seller

Seller avatar
michlevangrieken Universiteit Hasselt
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
1
Member since
3 months
Number of followers
0
Documents
2
Last sold
2 months ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions