Theoretische criminologie
Samenvatting hoorcolleges
2021-2022
Multidisciplinaire objectwetenschap = vanuit meerdere wetenschappen (apart) naar de
criminaliteit kijken
- Interdisciplinair = verweven blik tussen de verschillende wetenschappen
Pyramide van criminaliteit:
Evolution of social harm
- Relatively harmful somewhat harmful very harmful
Severity of social response
- Mild moderate severe
Agreement about the norm
- Confusion or apathy high disagreement high agreement
Theoretische vernieuwing ontwikkelingen onder invloed van:
- Wetenschapsinterne factoren
- Wetenschapsexterne factoren
Paradigma = algemene wijze van kijken naar de wereld, dat impliceert wat je kan zien, doen
en theoretiseren.
- Klassieke paradigma
o Mens is rationele actor
o Kosten-en-batenafweging
- Positivistische paradigma
o Oorzaken van criminaliteit
Toetsen en onderzoeken
Objectief
- Interpretatieve paradigma
o Subjectiviteit
o Samenleving is een sociaal construct
o Verschillende waarheden
- Kritische paradigma
o Actiewetenschap
o Wetenschap moet subjectief zijn
o Niet alleen onderzoek doen, ook actie ondernemen!
Theoretische benaderingen/perspectieven:
- Fundamenteel beeld van de samenleving
- Richtsnoer voor theorie en onderzoek
Theorie = consistent stelsel van uitspraken die met elkaar samenhangen
- Verklaart sociale werkelijkheid
- Toetsbaar d.m.v. onderzoek
,Concept:
- Minder toetsbaar
- Valt binnen een paradigma/benadering/theorie
Etiologie = oorzakenleer (causaliteit)
Verklaringsniveaus:
- Macro
o Focus op samenleving als geheel
o Totaalbeeld ban sociale structuren in de samenleving
o Meestal sociologische benaderingen
- Meso
o Focus op middelgrote analyse-eenheden
o Meestal sociologische benaderingen
- Micro
o Focus op individuen
o Meestal psychologische benaderingen
Consensus = we zijn het met elkaar eens over de (gedeelde) norm
Conflict = allemaal andere belangen en geen vaststaande beelden
Interactie = de samenleving is opgebouwd uit interacties met elkaar
- Fluïde verandert constant
Mensbeelden:
- Rationele actor
o Rationeel denkend mens dat weloverwogen keuzes maakt en kosten-en-
batenafwegingen maakt
- Gedetermineerde actor = gedwongen tot criminaliteit door bepaalde
omstandigheden
o Sociologisch, psychologisch, etc.
- Victimised actor (de actor als slachtoffer) = de dader wordt gezien als slachtoffer van
het systeem in de samenleving en niet als crimineel
Precriminologie = klassieke criminologie
- Niet etiologisch niet gericht op oorzaken van criminaliteit maar op de hervorming
van het strafrecht
- Reactie op absolutisme
- Opkomst verlichting
- Vroege industrialisatie
- Opkomst burgerij
Precriminologie kernideeën:
- Universele rechten
- Rationele mens, calculerende dader
- Strafrecht moet rechtvaardig, eerlijk, onafhankelijk en voorspelbaar zijn
, - Humaniseren strafrecht
- Invloed utilitarisme grootst mogelijke geluk voor het grootst mogelijk aantal
mensen
Beccaria bentum (bonesara) (1738-1794)
- Aristocraat
- Italiaan
- Invloed van hobbes, locke, rousseau, hume, diderot en montesquieu
- 1764: boek ‘over misdaden en straffen’
o Anonieme uitgaven
- Denken gericht op hervorming
- Combinatie sociaal contractsdenken, utilitarisme en natuurlijke rechten
o Individuele soevereiniteit
- Proportionaliteit
- Hedonisme en rationaliteit
o Zo min mogelijk pijn en zoveel mogelijk pleasure (kosten-batenafweging)
- Straf moet voldoen aan drie voorwaarden:
o Zekerheid (er moet gestraft worden), snelheid (de straf moet snel ten uitvoer
gelegd worden), strengheid (proportionaliteit)
Jeremy Bentham (1748-1832)
- Engeland
- Rechtenstudie oxford
- Liberaal-utilitarisme
- Hedonisme = Zo min mogelijk pijn en zoveel mogelijk pleasure (kosten-
batenafweging)
- Recht is middel in creatie goede samenleving
o Hervorming strafgestel
o Straf is een kwaad dus nutsvereiste
- Rechtszekerheid boven rechtvaardigheid
- Doel straf: kosten-batenafweging beïnvloeden
o Zwaardere straf mogelijk bij recidive
- Panopticon = idee ideale gevangenis
Precriminologie:
- Maatschappijbeeld consensus over wat goed en kwaad is in de samenleving
- Mensbeeld rationele actor
o Kosten-en-batenafweging
- Beleid richten op kosten-en-batenafweging
o Proportionaliteit
Achtergrond positivisme:
- Reactie op klassieke school 18e eeuw positivistische school 19e eeuw
o Italiaanse school (Lombroso, biocriminologie)
o Franse school (Lacassagne, Tarde)
Gericht op de acties binnen de samenleving die voor criminaliteit
zorgen
, Elke samenleving heeft de criminaliteit die die verdient
Hoorcollege 2 – week 1
Psychologie waarom plegen individuen criminaliteit – welke ervaringen en welke
kenmerken van het individu leiden tot het plegen van delicten?
Sociologische analyse:
- Culturele normen en waarden
- Man vrouw verhouding
- Machtsverhoudingen
Psychologische analyse:
- Kenmerken omstandigheden individu
- Opvattingen
- Trauma’s
- Onder invloed zijn ten tijde van het delict
Doel psychologische criminologie ingrijpen bij (potentiële daders)
- Voorspellen & voorkomen crimineel gedrag
Positivistische paradigma past bij psychologische benaderingen:
- Kijkt naar specifieke oorzaken
- Micro:
o Overgang goddelijk denken eigen wil
o Rationele keuze
o Routine activiteiten
o Biologische en psychologische benaderingen
- Menselijk gedrag is product van:
o Natuurlijke invloeden (determinisme)
Altijd zoeken naar verklaringen voor fenomenen (‘iets staat altijd vast’
= iets kan altijd verklaard worden en is niet overgelaten aan de vrije
wil)
Elke actie is te herleiden tot eerdere biologische of omgevingsfactoren
o Inzicht door herhaalde observatie, meten en delen van informatie
o Wetenschappelijke kennis leidt tot een betere wereld (positief positivisme)
Ontwikkelingen biocriminologie:
- Erfelijkheid
o Evolutietheorie verdeling genen over de populatie
o Doorgeven van genen
DNA genen opgebouwd uit DNA
Genen = specifieke stukjes DNA
Chromosoom = opgebouwd uit DNA
- Neurochemie (neurotransmitters en hormonen)
- Neurofysiologie (zenuwstelsel, hartslag, huidgeleiding)
- Neuroanatomie (structuur van het brein)
Samenvatting hoorcolleges
2021-2022
Multidisciplinaire objectwetenschap = vanuit meerdere wetenschappen (apart) naar de
criminaliteit kijken
- Interdisciplinair = verweven blik tussen de verschillende wetenschappen
Pyramide van criminaliteit:
Evolution of social harm
- Relatively harmful somewhat harmful very harmful
Severity of social response
- Mild moderate severe
Agreement about the norm
- Confusion or apathy high disagreement high agreement
Theoretische vernieuwing ontwikkelingen onder invloed van:
- Wetenschapsinterne factoren
- Wetenschapsexterne factoren
Paradigma = algemene wijze van kijken naar de wereld, dat impliceert wat je kan zien, doen
en theoretiseren.
- Klassieke paradigma
o Mens is rationele actor
o Kosten-en-batenafweging
- Positivistische paradigma
o Oorzaken van criminaliteit
Toetsen en onderzoeken
Objectief
- Interpretatieve paradigma
o Subjectiviteit
o Samenleving is een sociaal construct
o Verschillende waarheden
- Kritische paradigma
o Actiewetenschap
o Wetenschap moet subjectief zijn
o Niet alleen onderzoek doen, ook actie ondernemen!
Theoretische benaderingen/perspectieven:
- Fundamenteel beeld van de samenleving
- Richtsnoer voor theorie en onderzoek
Theorie = consistent stelsel van uitspraken die met elkaar samenhangen
- Verklaart sociale werkelijkheid
- Toetsbaar d.m.v. onderzoek
,Concept:
- Minder toetsbaar
- Valt binnen een paradigma/benadering/theorie
Etiologie = oorzakenleer (causaliteit)
Verklaringsniveaus:
- Macro
o Focus op samenleving als geheel
o Totaalbeeld ban sociale structuren in de samenleving
o Meestal sociologische benaderingen
- Meso
o Focus op middelgrote analyse-eenheden
o Meestal sociologische benaderingen
- Micro
o Focus op individuen
o Meestal psychologische benaderingen
Consensus = we zijn het met elkaar eens over de (gedeelde) norm
Conflict = allemaal andere belangen en geen vaststaande beelden
Interactie = de samenleving is opgebouwd uit interacties met elkaar
- Fluïde verandert constant
Mensbeelden:
- Rationele actor
o Rationeel denkend mens dat weloverwogen keuzes maakt en kosten-en-
batenafwegingen maakt
- Gedetermineerde actor = gedwongen tot criminaliteit door bepaalde
omstandigheden
o Sociologisch, psychologisch, etc.
- Victimised actor (de actor als slachtoffer) = de dader wordt gezien als slachtoffer van
het systeem in de samenleving en niet als crimineel
Precriminologie = klassieke criminologie
- Niet etiologisch niet gericht op oorzaken van criminaliteit maar op de hervorming
van het strafrecht
- Reactie op absolutisme
- Opkomst verlichting
- Vroege industrialisatie
- Opkomst burgerij
Precriminologie kernideeën:
- Universele rechten
- Rationele mens, calculerende dader
- Strafrecht moet rechtvaardig, eerlijk, onafhankelijk en voorspelbaar zijn
, - Humaniseren strafrecht
- Invloed utilitarisme grootst mogelijke geluk voor het grootst mogelijk aantal
mensen
Beccaria bentum (bonesara) (1738-1794)
- Aristocraat
- Italiaan
- Invloed van hobbes, locke, rousseau, hume, diderot en montesquieu
- 1764: boek ‘over misdaden en straffen’
o Anonieme uitgaven
- Denken gericht op hervorming
- Combinatie sociaal contractsdenken, utilitarisme en natuurlijke rechten
o Individuele soevereiniteit
- Proportionaliteit
- Hedonisme en rationaliteit
o Zo min mogelijk pijn en zoveel mogelijk pleasure (kosten-batenafweging)
- Straf moet voldoen aan drie voorwaarden:
o Zekerheid (er moet gestraft worden), snelheid (de straf moet snel ten uitvoer
gelegd worden), strengheid (proportionaliteit)
Jeremy Bentham (1748-1832)
- Engeland
- Rechtenstudie oxford
- Liberaal-utilitarisme
- Hedonisme = Zo min mogelijk pijn en zoveel mogelijk pleasure (kosten-
batenafweging)
- Recht is middel in creatie goede samenleving
o Hervorming strafgestel
o Straf is een kwaad dus nutsvereiste
- Rechtszekerheid boven rechtvaardigheid
- Doel straf: kosten-batenafweging beïnvloeden
o Zwaardere straf mogelijk bij recidive
- Panopticon = idee ideale gevangenis
Precriminologie:
- Maatschappijbeeld consensus over wat goed en kwaad is in de samenleving
- Mensbeeld rationele actor
o Kosten-en-batenafweging
- Beleid richten op kosten-en-batenafweging
o Proportionaliteit
Achtergrond positivisme:
- Reactie op klassieke school 18e eeuw positivistische school 19e eeuw
o Italiaanse school (Lombroso, biocriminologie)
o Franse school (Lacassagne, Tarde)
Gericht op de acties binnen de samenleving die voor criminaliteit
zorgen
, Elke samenleving heeft de criminaliteit die die verdient
Hoorcollege 2 – week 1
Psychologie waarom plegen individuen criminaliteit – welke ervaringen en welke
kenmerken van het individu leiden tot het plegen van delicten?
Sociologische analyse:
- Culturele normen en waarden
- Man vrouw verhouding
- Machtsverhoudingen
Psychologische analyse:
- Kenmerken omstandigheden individu
- Opvattingen
- Trauma’s
- Onder invloed zijn ten tijde van het delict
Doel psychologische criminologie ingrijpen bij (potentiële daders)
- Voorspellen & voorkomen crimineel gedrag
Positivistische paradigma past bij psychologische benaderingen:
- Kijkt naar specifieke oorzaken
- Micro:
o Overgang goddelijk denken eigen wil
o Rationele keuze
o Routine activiteiten
o Biologische en psychologische benaderingen
- Menselijk gedrag is product van:
o Natuurlijke invloeden (determinisme)
Altijd zoeken naar verklaringen voor fenomenen (‘iets staat altijd vast’
= iets kan altijd verklaard worden en is niet overgelaten aan de vrije
wil)
Elke actie is te herleiden tot eerdere biologische of omgevingsfactoren
o Inzicht door herhaalde observatie, meten en delen van informatie
o Wetenschappelijke kennis leidt tot een betere wereld (positief positivisme)
Ontwikkelingen biocriminologie:
- Erfelijkheid
o Evolutietheorie verdeling genen over de populatie
o Doorgeven van genen
DNA genen opgebouwd uit DNA
Genen = specifieke stukjes DNA
Chromosoom = opgebouwd uit DNA
- Neurochemie (neurotransmitters en hormonen)
- Neurofysiologie (zenuwstelsel, hartslag, huidgeleiding)
- Neuroanatomie (structuur van het brein)