Strafrecht
Hoofdstuk 1: belangrijke begrippen
1. Wat is strafrecht?
= een tak van het publiek recht dat het geheel van rechtsregels bevat die bepalen welke
gedragingen, onder welke voorwaarden en in welke omstandigheden, tegenover welke
personen misdrijven uitmaken, en dan onderhevig zijn aan sancties en/ of maatregelen.
1.2 Het legaliteitsbeginsel
1.2.1 Geen misdrijf zonder wet
1.2.2 Geen straf zonder wet
1.2.3 Aantal gevolgen van legaliteitsbeginsel
Strafwet moet strikt geïnterpreteerd worden; er is geen ruimte voor analoge of vrije
interpretatie
Niet terugwerkend in de tijd; men kan niet na de feiten een wet maken om sommige
gedragingen te bestraffen
Enkel op het Belgisch grondgebied en soms op Belgen in het buitenland
Legaliteitsbeginsel heeft als voornaamste reden de bescherming van het individu, de
rechtsonderhorige, tegen de willekeur van de overheid
4 Werking in de tijd: niet-retroactiviteit van de strafwet
Een strengere strafwet kan niet retroactief toegepast worden.
Een mildere strafwet wel (art. 2 Sw.)
Het meest gunstigde geldt
5 De werking van de strafwet in de ruimte
Art. 3 en 4 Sw.
Iedereen die zich in België bevindt, moet zich houden aan de Belgische wet
5.1 misdrijven gepleegd in België
= het eigenlijke territorium (= alles binnen de grenzen)
= de territoriale zee (= tot 22 224 meter vanaf de laagwaterlijn van de kust)
= vreemde schepen in de Belgische haven slechts uitzonderlijk als:
De openbare orde verstoord wordt
De kapitein de hulp inroept van de Belgische autoriteiten
Het gaat om drugshandel
= luchtruim boven het Belgisch grondgebied en de territoriale wateren
= misdrijven begaan door personen verbonden aan het Belgisch leger in het buitenland
= Ambassades, consulaten en gebouwen van internationale of supernationale instellingen in
België gelegen
,5.2 misdrijven gepleegd buiten België
Eenieder kan in België vervolgd worden wanneer hij zich buiten het grondgebied van het rijk
schuldig maakt aan:
Mensenhandel
Mensensmokkel
Bederf van de jeugd
Verkrachting van of zedenfeiten met minderjarigen
Sommige gevallen van omkoping
Terrorisme
Ernstige schendig van het internationaal humanitair recht
Meestal is er wel een link met België (dader, slachtoffer, ..)
6 werking van de strafwet ten overstaan van personen
De koning
= onschendbaar
Kan voor geen enkel misdrijf vervolgd of gestraft worden
Kan wel bepaald worden dat hij in de onmogelijkheid is te regeren
De parlementaire immuniteit
Parlementaire onverantwoordelijkheid (art. 58 Gw.)
o Een lid van Kamer of Senaat kan niet vervolgd worden voor een mening die hij
te kennen geeft in de uitoefening van zijn functie
Parlementaire onschendbaarheid (art. 59 Gw.)
o Een lid van de Kamers kan tijdens de zitting niet recchtstreeks gedagvaard
worden, verwezen worden naar een strafrechtbank of aangehouden worden,
tenzij met verlof van de Kamer waar hij deel van uitmaakt
, Hoofdstuk 2: de misdrijven
1. De indeling van misdrijven
1.1 het begrip ‘misdrijf’
= een gedraging waarbij een wettelijk geboden of verboden gedrag wordt geschonden
1.2 de indeling van misdrijven volgens materiële uitvoeringswijze
1.2.1 aflopende en voortdurende misdrijven
1.2.2 enkelvoudige en voortgezette misdrijven
enkelvoudige = 1 strafbare handeling
voortgezette = meerdere opeenvolgende strafbare handelingen van dezelfde aard die samen
één misdrijf vormen
variant is het collectief misdrijf = opeenvolgende strafbare handelingen van een verschillende
aard die samen 1 misdrijf uitmaken
2. de bestanddelen van het misdrijf
2.1 het materieel bestanddeel van een misdrijf (‘ik neem iets weg’)
= objectieve toepassing van het strafrecht: steeds een waarneembare gedraging noodzakelijk
2.1.1 handelingsmisdrijven of commissiemisdrijven
= Actieve handeling die een strafbaar gestelde gedraging uitmaakt (meeste misdrijven)
2.1.2 onthoudingsmisdrijven
= iets niet doen, wat je eigenlijk wel moest doen
geldt niet als je eigen leven in gevaar is
2.1.3 oneigenlijke onthoudingsmisdrijven
= Naast een strafbaar onthouden is er ook een actief handelen
2.1.4 de causaliteit (= gevolg)
A het gevolg van een gedraging als bestanddeel van het misdrijf
gevolg soms essentieel om misdrijf te kunnen hebben
B het gevolg van een gedraging als verzwarende omstandigheid
het gevolg van de misdaad vormt een verzwarende omstandigheid
C bepalen van het verband tussen oorzaak en gevolg: de equivalentieleer
= ‘wat is de oorzaak die ervoor gezorgd heeft dat dit van belang is’
(bv.: iemand leent voertuig uit aan dronken persoon, die persoon rijdt iemand aan en bezorgt
dus slagen en verwondingen => auto-eigenaar ook veroordeelbaar, want medeplichtig)
Hoofdstuk 1: belangrijke begrippen
1. Wat is strafrecht?
= een tak van het publiek recht dat het geheel van rechtsregels bevat die bepalen welke
gedragingen, onder welke voorwaarden en in welke omstandigheden, tegenover welke
personen misdrijven uitmaken, en dan onderhevig zijn aan sancties en/ of maatregelen.
1.2 Het legaliteitsbeginsel
1.2.1 Geen misdrijf zonder wet
1.2.2 Geen straf zonder wet
1.2.3 Aantal gevolgen van legaliteitsbeginsel
Strafwet moet strikt geïnterpreteerd worden; er is geen ruimte voor analoge of vrije
interpretatie
Niet terugwerkend in de tijd; men kan niet na de feiten een wet maken om sommige
gedragingen te bestraffen
Enkel op het Belgisch grondgebied en soms op Belgen in het buitenland
Legaliteitsbeginsel heeft als voornaamste reden de bescherming van het individu, de
rechtsonderhorige, tegen de willekeur van de overheid
4 Werking in de tijd: niet-retroactiviteit van de strafwet
Een strengere strafwet kan niet retroactief toegepast worden.
Een mildere strafwet wel (art. 2 Sw.)
Het meest gunstigde geldt
5 De werking van de strafwet in de ruimte
Art. 3 en 4 Sw.
Iedereen die zich in België bevindt, moet zich houden aan de Belgische wet
5.1 misdrijven gepleegd in België
= het eigenlijke territorium (= alles binnen de grenzen)
= de territoriale zee (= tot 22 224 meter vanaf de laagwaterlijn van de kust)
= vreemde schepen in de Belgische haven slechts uitzonderlijk als:
De openbare orde verstoord wordt
De kapitein de hulp inroept van de Belgische autoriteiten
Het gaat om drugshandel
= luchtruim boven het Belgisch grondgebied en de territoriale wateren
= misdrijven begaan door personen verbonden aan het Belgisch leger in het buitenland
= Ambassades, consulaten en gebouwen van internationale of supernationale instellingen in
België gelegen
,5.2 misdrijven gepleegd buiten België
Eenieder kan in België vervolgd worden wanneer hij zich buiten het grondgebied van het rijk
schuldig maakt aan:
Mensenhandel
Mensensmokkel
Bederf van de jeugd
Verkrachting van of zedenfeiten met minderjarigen
Sommige gevallen van omkoping
Terrorisme
Ernstige schendig van het internationaal humanitair recht
Meestal is er wel een link met België (dader, slachtoffer, ..)
6 werking van de strafwet ten overstaan van personen
De koning
= onschendbaar
Kan voor geen enkel misdrijf vervolgd of gestraft worden
Kan wel bepaald worden dat hij in de onmogelijkheid is te regeren
De parlementaire immuniteit
Parlementaire onverantwoordelijkheid (art. 58 Gw.)
o Een lid van Kamer of Senaat kan niet vervolgd worden voor een mening die hij
te kennen geeft in de uitoefening van zijn functie
Parlementaire onschendbaarheid (art. 59 Gw.)
o Een lid van de Kamers kan tijdens de zitting niet recchtstreeks gedagvaard
worden, verwezen worden naar een strafrechtbank of aangehouden worden,
tenzij met verlof van de Kamer waar hij deel van uitmaakt
, Hoofdstuk 2: de misdrijven
1. De indeling van misdrijven
1.1 het begrip ‘misdrijf’
= een gedraging waarbij een wettelijk geboden of verboden gedrag wordt geschonden
1.2 de indeling van misdrijven volgens materiële uitvoeringswijze
1.2.1 aflopende en voortdurende misdrijven
1.2.2 enkelvoudige en voortgezette misdrijven
enkelvoudige = 1 strafbare handeling
voortgezette = meerdere opeenvolgende strafbare handelingen van dezelfde aard die samen
één misdrijf vormen
variant is het collectief misdrijf = opeenvolgende strafbare handelingen van een verschillende
aard die samen 1 misdrijf uitmaken
2. de bestanddelen van het misdrijf
2.1 het materieel bestanddeel van een misdrijf (‘ik neem iets weg’)
= objectieve toepassing van het strafrecht: steeds een waarneembare gedraging noodzakelijk
2.1.1 handelingsmisdrijven of commissiemisdrijven
= Actieve handeling die een strafbaar gestelde gedraging uitmaakt (meeste misdrijven)
2.1.2 onthoudingsmisdrijven
= iets niet doen, wat je eigenlijk wel moest doen
geldt niet als je eigen leven in gevaar is
2.1.3 oneigenlijke onthoudingsmisdrijven
= Naast een strafbaar onthouden is er ook een actief handelen
2.1.4 de causaliteit (= gevolg)
A het gevolg van een gedraging als bestanddeel van het misdrijf
gevolg soms essentieel om misdrijf te kunnen hebben
B het gevolg van een gedraging als verzwarende omstandigheid
het gevolg van de misdaad vormt een verzwarende omstandigheid
C bepalen van het verband tussen oorzaak en gevolg: de equivalentieleer
= ‘wat is de oorzaak die ervoor gezorgd heeft dat dit van belang is’
(bv.: iemand leent voertuig uit aan dronken persoon, die persoon rijdt iemand aan en bezorgt
dus slagen en verwondingen => auto-eigenaar ook veroordeelbaar, want medeplichtig)