KERN
Isa Verstappen (leerjaar 1, periode 1)
,Samenvatting Kern1 a
Les 1a
Leerdoelen:
- Leg in eigen woorden de begrippen holistische zorg, zelfmanagement en
zelfredzaamheid uit
Holistische zorg:
o Iets is holistisch wanneer er naar het geheel gekeken wordt en niet naar de
som van de verschillende onderdelen waarvan iets is opgebouwd
o Bij een holistische geneeswijze wordt het gehele individu betrokken
§ De zorgvrager wordt als psychosociale en somatische eenheid
beschouwd
• Het psychische en lichamelijke hangen nauw samen met elkaar
en beïnvloeden elkaar
§ 3 aspecten
• Psychische
• Sociale
• Lichamelijke
o De reguliere medische manier wordt aangevuld met aandacht voor
individuele factoren die invloed hebben op het lichamelijk en geestelijk
welbevinden
§ Nadruk ligt op mentale, spirituele, emotionele en sociale signalen
o Elk mens is uniek en iedereen heeft eigen behoeften
https://mens-en-samenleving.infonu.nl/sociaal/2606-visies-binnen-de-zorg.html
https://www.nogg.nl/holistisch-coach-
counselor/?gclid=EAIaIQobChMIkr2kwfWO5QIVh4jVCh0YOQCbEAAYASAAEgIJ7fD_B
wE
Zelfmanagement:
o Zelfmanagement is het zodanig omgaan met de chronische aandoening
(symptomen, behandeling, lichamelijke en sociale consequenties en
bijbehorende aanpassingen in de leefstijl) dat de aandoening optimaal wordt
ingepast in het leven
§ Vermogen om aandoening zo goed mogelijke te kunnen inpassen in
hun leven
§ Om leren gaan met symptomen, behandelingen en
leefstijlveranderingen
o Dagelijks functioneren, kwaliteit van leven en welzijn behouden of verbeteren
§ Mensen bepalen zelf hoe zij hun dagelijks leven aanpassen om de
gezondheidsproblemen de baas te blijven
o Zelfmanagement betekent dat
§ De zorgvrager:
• Kan kiezen in hoeverre men de regie over het leven in eigen
hand wil houden
• Mede kan bepalen hoe de zorg eruitziet
, §De zorgverlener:
• De zorg laat aansluiten bij de wensen, behoeften en
mogelijkheden van mensen in hun dagelijks leven
• Capaciteiten van de zorgvrager benut en hulpbronnen uit de
omgeving inschakelt
• Aandacht besteedt aan meer dan aan de ziekte alleen
o Zelfmanagement geldt alleen voor mensen met een chronische aandoening
http://kennisbundel.vilans.nl/zelfmanagement-wat-is-zm.html
Zelfredzaamheid:
o Het vermogen van mensen om zichzelf te redden op alle levensterreinen met
zo min mogelijk professionele ondersteuning en zorg
o Het vermogen om voor jezelf te zorgen
o Mensen kunnen zich in het dagelijks leven redden
§ Het vermogen om dagelijkse levensverrichtingen zelfstandig te doen
o Zelfredzaamheid gaat om de volgende levensterreinen
§ Dagbesteding
• Vrije tijd
• Zinvolle activiteiten
§ Lichamelijk, psychisch en cognitief functioneren
§ Sociaal netwerk
§ Woonsituatie
§ Huishouden
§ Algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL)
§ Mobiliteit
§ Financiën
o Zelfredzaamheid geldt voor iedereen
https://www.vilans.nl/docs/producten/Handreiking_zelfredzaamheid.pdf
- Leg in eigen woorden de zes dimensies van positieve gezondheid uit
De zes dimensies van positieve gezondheid:
o Lichaamsfuncties
§ Medische feiten
§ Medische waarnemingen
§ Fysiek functioneren
§ Klachten en pijn
§ Energie
o Mentale functies en -beleving
§ Cognitief functioneren
§ Emotionele toestand
§ Eigenwaarde/ zelfrespect
§ Gevoel controle te hebben
§ Zelfmanagement en eigen regie
§ Veerkracht
, o Spiritueel/ Existentiële dimensie
§ Zingeving/ meaningfulness
§ Doelen/ idealen nastreven
§ Toekomstperspectief
§ Acceptatie
o Kwaliteit van leven
§ Kwaliteit van leven/ welbevinden
§ Geluk beleven
§ Genieten
§ Ervaren gezondheid
§ Lekker in je vel zitten
§ Levenslust
§ Balans
o Sociaal maatschappelijke participatie
§ Sociale en communicatieve vaardigheden
§ Betekenisvolle relaties
§ Sociale contacten
§ Geaccepteerd worden
§ Maatschappelijke betrokkenheid
§ Betekenisvol werk
o Dagelijks functioneren
§ Basis Algemeen Dagelijkse Levensverrichtingen (ADL)
§ Instrumentele ADL (IADL)
§ Werkvermogen
§ Health literacy
http://www.allesisgezondheid.nl/content/positieve-gezondheid
- Onderscheid in grote lijnen de verschillende levensfasen op basis van kenmerken en
patronen
De zuigelingfase:
o Geboorte tot 18 maanden
o Vertrouwen vs. Fundamenteel wantrouwen
§ Vertrouwen dat de verzorger er altijd is, zodat het kind vertrouwen in
omgeving en wereld om hem/haar heen verkrijgt
§ Basisvertrouwen wordt bepaald door de mate waarin is voldaan aan
de prille levensbehoeften van het kind
§ Verzorgers moeten een veilige basis bieden en het kind aanmoedigen
op onderzoek uit te gaan
§ Hechting tussen kind en verzorger
Peuterleeftijd:
o 18 maanden tot 3 jaar
o Autonomie vs. Schaamte en twijfel
§ Omgeving moedigt onafhankelijkheid en exploratief gedrag aan
§ Niet aan lot over laten en ook niet over beschermend gedragen
Kleuterleeftijd:
o 3 tot 5 jaar
o Initiatief vs. Schuldgevoel
Isa Verstappen (leerjaar 1, periode 1)
,Samenvatting Kern1 a
Les 1a
Leerdoelen:
- Leg in eigen woorden de begrippen holistische zorg, zelfmanagement en
zelfredzaamheid uit
Holistische zorg:
o Iets is holistisch wanneer er naar het geheel gekeken wordt en niet naar de
som van de verschillende onderdelen waarvan iets is opgebouwd
o Bij een holistische geneeswijze wordt het gehele individu betrokken
§ De zorgvrager wordt als psychosociale en somatische eenheid
beschouwd
• Het psychische en lichamelijke hangen nauw samen met elkaar
en beïnvloeden elkaar
§ 3 aspecten
• Psychische
• Sociale
• Lichamelijke
o De reguliere medische manier wordt aangevuld met aandacht voor
individuele factoren die invloed hebben op het lichamelijk en geestelijk
welbevinden
§ Nadruk ligt op mentale, spirituele, emotionele en sociale signalen
o Elk mens is uniek en iedereen heeft eigen behoeften
https://mens-en-samenleving.infonu.nl/sociaal/2606-visies-binnen-de-zorg.html
https://www.nogg.nl/holistisch-coach-
counselor/?gclid=EAIaIQobChMIkr2kwfWO5QIVh4jVCh0YOQCbEAAYASAAEgIJ7fD_B
wE
Zelfmanagement:
o Zelfmanagement is het zodanig omgaan met de chronische aandoening
(symptomen, behandeling, lichamelijke en sociale consequenties en
bijbehorende aanpassingen in de leefstijl) dat de aandoening optimaal wordt
ingepast in het leven
§ Vermogen om aandoening zo goed mogelijke te kunnen inpassen in
hun leven
§ Om leren gaan met symptomen, behandelingen en
leefstijlveranderingen
o Dagelijks functioneren, kwaliteit van leven en welzijn behouden of verbeteren
§ Mensen bepalen zelf hoe zij hun dagelijks leven aanpassen om de
gezondheidsproblemen de baas te blijven
o Zelfmanagement betekent dat
§ De zorgvrager:
• Kan kiezen in hoeverre men de regie over het leven in eigen
hand wil houden
• Mede kan bepalen hoe de zorg eruitziet
, §De zorgverlener:
• De zorg laat aansluiten bij de wensen, behoeften en
mogelijkheden van mensen in hun dagelijks leven
• Capaciteiten van de zorgvrager benut en hulpbronnen uit de
omgeving inschakelt
• Aandacht besteedt aan meer dan aan de ziekte alleen
o Zelfmanagement geldt alleen voor mensen met een chronische aandoening
http://kennisbundel.vilans.nl/zelfmanagement-wat-is-zm.html
Zelfredzaamheid:
o Het vermogen van mensen om zichzelf te redden op alle levensterreinen met
zo min mogelijk professionele ondersteuning en zorg
o Het vermogen om voor jezelf te zorgen
o Mensen kunnen zich in het dagelijks leven redden
§ Het vermogen om dagelijkse levensverrichtingen zelfstandig te doen
o Zelfredzaamheid gaat om de volgende levensterreinen
§ Dagbesteding
• Vrije tijd
• Zinvolle activiteiten
§ Lichamelijk, psychisch en cognitief functioneren
§ Sociaal netwerk
§ Woonsituatie
§ Huishouden
§ Algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL)
§ Mobiliteit
§ Financiën
o Zelfredzaamheid geldt voor iedereen
https://www.vilans.nl/docs/producten/Handreiking_zelfredzaamheid.pdf
- Leg in eigen woorden de zes dimensies van positieve gezondheid uit
De zes dimensies van positieve gezondheid:
o Lichaamsfuncties
§ Medische feiten
§ Medische waarnemingen
§ Fysiek functioneren
§ Klachten en pijn
§ Energie
o Mentale functies en -beleving
§ Cognitief functioneren
§ Emotionele toestand
§ Eigenwaarde/ zelfrespect
§ Gevoel controle te hebben
§ Zelfmanagement en eigen regie
§ Veerkracht
, o Spiritueel/ Existentiële dimensie
§ Zingeving/ meaningfulness
§ Doelen/ idealen nastreven
§ Toekomstperspectief
§ Acceptatie
o Kwaliteit van leven
§ Kwaliteit van leven/ welbevinden
§ Geluk beleven
§ Genieten
§ Ervaren gezondheid
§ Lekker in je vel zitten
§ Levenslust
§ Balans
o Sociaal maatschappelijke participatie
§ Sociale en communicatieve vaardigheden
§ Betekenisvolle relaties
§ Sociale contacten
§ Geaccepteerd worden
§ Maatschappelijke betrokkenheid
§ Betekenisvol werk
o Dagelijks functioneren
§ Basis Algemeen Dagelijkse Levensverrichtingen (ADL)
§ Instrumentele ADL (IADL)
§ Werkvermogen
§ Health literacy
http://www.allesisgezondheid.nl/content/positieve-gezondheid
- Onderscheid in grote lijnen de verschillende levensfasen op basis van kenmerken en
patronen
De zuigelingfase:
o Geboorte tot 18 maanden
o Vertrouwen vs. Fundamenteel wantrouwen
§ Vertrouwen dat de verzorger er altijd is, zodat het kind vertrouwen in
omgeving en wereld om hem/haar heen verkrijgt
§ Basisvertrouwen wordt bepaald door de mate waarin is voldaan aan
de prille levensbehoeften van het kind
§ Verzorgers moeten een veilige basis bieden en het kind aanmoedigen
op onderzoek uit te gaan
§ Hechting tussen kind en verzorger
Peuterleeftijd:
o 18 maanden tot 3 jaar
o Autonomie vs. Schaamte en twijfel
§ Omgeving moedigt onafhankelijkheid en exploratief gedrag aan
§ Niet aan lot over laten en ook niet over beschermend gedragen
Kleuterleeftijd:
o 3 tot 5 jaar
o Initiatief vs. Schuldgevoel