1 RETAIL FUNCTIES EN STRATEGIE
1.1 RETAIL FUNCTIES
1.1.1 INLEIDING
Retail is het kopen van producten van andere organisaties met de bedoeling om ze door te verkopen aan de
eindklant, meestal zonder transformatie en beperkt tot de diensten die verband houden met de verkoop vd
handelswaarden.
Retailers zijn “tussenpersonen” tussen fabrikanten en eindafnemers
o Zowel B2B als B2C
o Kopen producten van andere organisaties met de bedoeling ze door te verkopen aan eindklant
Meestal zonder transformatie
Beperkt tot diensten die verband houden met verkoop
Soorten retailers:
o Retailers die voedingsproducten verkopen
Aldi
Carrefour
Lidl
…
o Retailers die niet-voedingsproducten verkopen: kleding, elektronica, services
ZEB
Torfs
Vandenborre
…
1
,1.1.2 MET WIE DIENEN RETAI LERS VOORNAMELIJK REKENING TE HOUDEN?
Concurrenten + consumenten: markt
o Snel evoluerend
o (Heel) competitief
(Merk)fabrikanten
o Dient de retailer producten van aan te kopen
o Onderhandelingen over voorwaarden, hoeveelheden, prijs
Regulering/overheid: lokale & nationale overheden, Europese richtlijnen/regelgevingen
o Waar men zich wel en niet mag vestigen
o Prijzen en concurrentie
o Wanneer men promoties mag voeren (en welke)
1ste pijler: competitie
o 2 types concurrentie:
Intra: gelijkaardige aanbieders -> Hunkemöller en Etam
Inter: tussen niet-gelijkaardige aanbieders -> Hunkemöller en INNO
2de pijler: consumenten (aanbod hieraan aanpassen)
o Vergrijzing bevolking
o Meer éénouder en multiculturele gezinnen
o Men is meer op zoek naar gemak en tijdsbesparing
de
3 pijler: producten
o Hetgeen zijn aanbieden: assortiment
o Manier om te differentiëren van de concurrentie
o Fysieke producten: moeten ingekocht worden bij verschillende (merk)fabrikanten
1.1.3 WAAROM BESTAAN RETAILERS?
Gaat over de functie die retailers hebben
Welke noodzaak?
o (Merk)fabrikanten streven economies of scale na op vlak van productie
Efficiëntie
Zijn daardoor vaak gecentraliseerd en groot -> voor consument veraf
o Consumenten vereisen bepaalde diensten die moeilijk kunnen worden gegeven door fabrikant
Outsourcen naar retailers
Retailers zullen dan ook dichter bij consument staan
1.1.3.1 ASSORTIMENT MAKEN
2
, Kloof dichten tussen wat aanbieders aanbieden als assortiment en wat de consument wilt als assortiment
o Consument/afnemer wilt kunnen kiezen tussen verschillende opties/alternatieven
o Fabrikant/producent maakt slechts een beperkt aantal producten (geen substituten)
Retailers bieden variëteit (= product retailer)
o Kunnen kiezen uit verschillende substituten -> Complementaire producten
o Retailer zorgt ook voor keuze uit verschillende productcategorieën -> one-stop shopping
Retailer:
o Maakt een selectie van relevante producten in elke categorie
o Vergemakkelijkt het zoek- & keuzeproces
o Voordeel voor de consument
Bv. producten in supermarkten komen van verschillende fabrikanten
1.1.3.2 VOLUME “OPBREKEN”
Kloof tussen geproduceerde hoeveelheid en typische gewenste afname dichten
o Producent produceert in grote hoeveelheden
Produceren en transporteren in bulk
Reden: transport efficiënt bekomen
Bv. paletten in volle vrachtwagens
o Consument wenst kleine(re) hoeveelheden af te nemen
Bv. 1 product of verpakking
Bv. Grote paletten in volle vrachtwagens zetten -> consument wenst meestal 1 producteenheid ervan te kopen
1.1.3.3 TIJD EN PLAATS OVERBRUGGEN
Plaats: overbrugging geografische afstand tussen producent en consument
o Fabrikant: op 1 of enkele specifieke locaties
o Consument (gezinnen): verspreid over grote geografische regio
Retailer zorgt voor winkels dichtbij consument door uitgebreik winkelnetwerk
o Geografische decentralisatie
Bv. Online verkoop/retailing, leveren aan huis, logistische partij toevoegen
Tijd: overbrugging van het moment van productie en moment van consumptie -> door stock aan te
houden
o Doel: voorraad zo laag mogelijk en tegelijkertijd zorgen dat producten steeds beschikbaar zijn
o Waar: in distributiecentra en winkels
o Kloof van wachttijd wordt gedicht
Bv. Door snel te leveren, kassa’s zo efficiënt mogelijk te maken, 7/7 open,…
1.1.3.4 INSTAAN VOOR DE TRANSACTIES
Betalingen faciliteren en instaan voor de overdracht van het product
o Inclusief het aanbieden van “krediet” -> stimuleert de vraag
Kan ook “geoutsourcet” worden
o Je hoeft er niet noodzakelijk zelf voor in te staan
o WEL sta je in voor de coördinatie
Gestandaardiseerde procedures maar ook (prijs)onderhandelingen
o Afhankelijk vh type product dat verkocht wordt (bv. auto)
3
, Bv. Krediet bij aankoop van elektro of auto’s
1.1.3.5 (PRODUCT GERELATEERDE) SERVICES VERLENEN
In 1ste instantie: informatieverstrekking
o VOOR verkoop
o Belangrijk
de
In 2 instantie: garantie & diensten na verkoop (onderhoud, herstellingen)
o NA verkoop
o Bv. Vandenborre
Ook instaan voor het assembleren vh door de klant gekozen product & installatie
o Blijft in belang stijgen
o Van “do-it-yourself” naar “do-it-for-me”
1.1.3.6 SAMENGEVAT
Voordelen voor de consument
o Afstand verkleinen
o Wachttijden verkleinen
o Hoeveelheid/kwantiteit verkleinen
o Keuze vergroten
o Krediet
+ Secundaire functies
o De ene retailer zal dit al meer doen dan een andere
o Afhankelijk van welke functies die men wil vervullen qua prijs/beleving
Ook bv. zintuiglijke prikkels en/of entertainment
Vraag creëren/stimuleren
o Kennis over de producten/diensten van fabrikanten/producenten overbrengen op klanten
Decentralisatie van informatie
Klanten kunnen producten testen in de winkel (bv. kleren passen in de winkel)
Verkooppersoneel dat advies kan geven tijdens het aankoopproces
Stimuleert verkoop maar kost ook geld want zonder winkels NIET mogelijk
Behoeften van klanten identificeren
o Obv klantendata en direct contact met klanten
o Het eigen assortiment daar naar aanpassen
o Communniceren aan de (merk)fabrikanten
1.1.4 WANNEER SAMENWERKEN MET EEN RETAILER?
Als de transactiekosten om samen te werken met een retailer lager liggen dan de transactiekosten om
zelf (volledig) in te staan voor de verkoop van de eigen producten/diensten
o Logistieke infrastructuur (= winkel netwerk)
o Verkooppersoneel
o Kennis van de geografische markt,…
Samenwerken met retailers: lagere transactiekosten voor de fabrikant/producten
Waarom kan de retailer de functies tegen een lagere kost uitvoeren dan de fabrikant?
o Door het specialiseren in het uitvoeren van deze functies kan de retailer ze
Efficiënter uitvoeren
Kosten efficiënter uitvoeren (door “op te schalen”)
4
1.1 RETAIL FUNCTIES
1.1.1 INLEIDING
Retail is het kopen van producten van andere organisaties met de bedoeling om ze door te verkopen aan de
eindklant, meestal zonder transformatie en beperkt tot de diensten die verband houden met de verkoop vd
handelswaarden.
Retailers zijn “tussenpersonen” tussen fabrikanten en eindafnemers
o Zowel B2B als B2C
o Kopen producten van andere organisaties met de bedoeling ze door te verkopen aan eindklant
Meestal zonder transformatie
Beperkt tot diensten die verband houden met verkoop
Soorten retailers:
o Retailers die voedingsproducten verkopen
Aldi
Carrefour
Lidl
…
o Retailers die niet-voedingsproducten verkopen: kleding, elektronica, services
ZEB
Torfs
Vandenborre
…
1
,1.1.2 MET WIE DIENEN RETAI LERS VOORNAMELIJK REKENING TE HOUDEN?
Concurrenten + consumenten: markt
o Snel evoluerend
o (Heel) competitief
(Merk)fabrikanten
o Dient de retailer producten van aan te kopen
o Onderhandelingen over voorwaarden, hoeveelheden, prijs
Regulering/overheid: lokale & nationale overheden, Europese richtlijnen/regelgevingen
o Waar men zich wel en niet mag vestigen
o Prijzen en concurrentie
o Wanneer men promoties mag voeren (en welke)
1ste pijler: competitie
o 2 types concurrentie:
Intra: gelijkaardige aanbieders -> Hunkemöller en Etam
Inter: tussen niet-gelijkaardige aanbieders -> Hunkemöller en INNO
2de pijler: consumenten (aanbod hieraan aanpassen)
o Vergrijzing bevolking
o Meer éénouder en multiculturele gezinnen
o Men is meer op zoek naar gemak en tijdsbesparing
de
3 pijler: producten
o Hetgeen zijn aanbieden: assortiment
o Manier om te differentiëren van de concurrentie
o Fysieke producten: moeten ingekocht worden bij verschillende (merk)fabrikanten
1.1.3 WAAROM BESTAAN RETAILERS?
Gaat over de functie die retailers hebben
Welke noodzaak?
o (Merk)fabrikanten streven economies of scale na op vlak van productie
Efficiëntie
Zijn daardoor vaak gecentraliseerd en groot -> voor consument veraf
o Consumenten vereisen bepaalde diensten die moeilijk kunnen worden gegeven door fabrikant
Outsourcen naar retailers
Retailers zullen dan ook dichter bij consument staan
1.1.3.1 ASSORTIMENT MAKEN
2
, Kloof dichten tussen wat aanbieders aanbieden als assortiment en wat de consument wilt als assortiment
o Consument/afnemer wilt kunnen kiezen tussen verschillende opties/alternatieven
o Fabrikant/producent maakt slechts een beperkt aantal producten (geen substituten)
Retailers bieden variëteit (= product retailer)
o Kunnen kiezen uit verschillende substituten -> Complementaire producten
o Retailer zorgt ook voor keuze uit verschillende productcategorieën -> one-stop shopping
Retailer:
o Maakt een selectie van relevante producten in elke categorie
o Vergemakkelijkt het zoek- & keuzeproces
o Voordeel voor de consument
Bv. producten in supermarkten komen van verschillende fabrikanten
1.1.3.2 VOLUME “OPBREKEN”
Kloof tussen geproduceerde hoeveelheid en typische gewenste afname dichten
o Producent produceert in grote hoeveelheden
Produceren en transporteren in bulk
Reden: transport efficiënt bekomen
Bv. paletten in volle vrachtwagens
o Consument wenst kleine(re) hoeveelheden af te nemen
Bv. 1 product of verpakking
Bv. Grote paletten in volle vrachtwagens zetten -> consument wenst meestal 1 producteenheid ervan te kopen
1.1.3.3 TIJD EN PLAATS OVERBRUGGEN
Plaats: overbrugging geografische afstand tussen producent en consument
o Fabrikant: op 1 of enkele specifieke locaties
o Consument (gezinnen): verspreid over grote geografische regio
Retailer zorgt voor winkels dichtbij consument door uitgebreik winkelnetwerk
o Geografische decentralisatie
Bv. Online verkoop/retailing, leveren aan huis, logistische partij toevoegen
Tijd: overbrugging van het moment van productie en moment van consumptie -> door stock aan te
houden
o Doel: voorraad zo laag mogelijk en tegelijkertijd zorgen dat producten steeds beschikbaar zijn
o Waar: in distributiecentra en winkels
o Kloof van wachttijd wordt gedicht
Bv. Door snel te leveren, kassa’s zo efficiënt mogelijk te maken, 7/7 open,…
1.1.3.4 INSTAAN VOOR DE TRANSACTIES
Betalingen faciliteren en instaan voor de overdracht van het product
o Inclusief het aanbieden van “krediet” -> stimuleert de vraag
Kan ook “geoutsourcet” worden
o Je hoeft er niet noodzakelijk zelf voor in te staan
o WEL sta je in voor de coördinatie
Gestandaardiseerde procedures maar ook (prijs)onderhandelingen
o Afhankelijk vh type product dat verkocht wordt (bv. auto)
3
, Bv. Krediet bij aankoop van elektro of auto’s
1.1.3.5 (PRODUCT GERELATEERDE) SERVICES VERLENEN
In 1ste instantie: informatieverstrekking
o VOOR verkoop
o Belangrijk
de
In 2 instantie: garantie & diensten na verkoop (onderhoud, herstellingen)
o NA verkoop
o Bv. Vandenborre
Ook instaan voor het assembleren vh door de klant gekozen product & installatie
o Blijft in belang stijgen
o Van “do-it-yourself” naar “do-it-for-me”
1.1.3.6 SAMENGEVAT
Voordelen voor de consument
o Afstand verkleinen
o Wachttijden verkleinen
o Hoeveelheid/kwantiteit verkleinen
o Keuze vergroten
o Krediet
+ Secundaire functies
o De ene retailer zal dit al meer doen dan een andere
o Afhankelijk van welke functies die men wil vervullen qua prijs/beleving
Ook bv. zintuiglijke prikkels en/of entertainment
Vraag creëren/stimuleren
o Kennis over de producten/diensten van fabrikanten/producenten overbrengen op klanten
Decentralisatie van informatie
Klanten kunnen producten testen in de winkel (bv. kleren passen in de winkel)
Verkooppersoneel dat advies kan geven tijdens het aankoopproces
Stimuleert verkoop maar kost ook geld want zonder winkels NIET mogelijk
Behoeften van klanten identificeren
o Obv klantendata en direct contact met klanten
o Het eigen assortiment daar naar aanpassen
o Communniceren aan de (merk)fabrikanten
1.1.4 WANNEER SAMENWERKEN MET EEN RETAILER?
Als de transactiekosten om samen te werken met een retailer lager liggen dan de transactiekosten om
zelf (volledig) in te staan voor de verkoop van de eigen producten/diensten
o Logistieke infrastructuur (= winkel netwerk)
o Verkooppersoneel
o Kennis van de geografische markt,…
Samenwerken met retailers: lagere transactiekosten voor de fabrikant/producten
Waarom kan de retailer de functies tegen een lagere kost uitvoeren dan de fabrikant?
o Door het specialiseren in het uitvoeren van deze functies kan de retailer ze
Efficiënter uitvoeren
Kosten efficiënter uitvoeren (door “op te schalen”)
4