Samenvatting Neuropsychological rehabilitation
Hoofdstuk 1 The development of neuropsychological rehabiliation
Eerste beschrijving van behandeling van hersenbeschadiging komen uit Egypte, daarna van onder
andere Broca.
Revalidatie begon pas in de tweede wereldoorlog, meer mensen overleefden daar de hoofdwonden
door effectieve neurochirurgische procedures, betere helmen en andere geweren.
Goldstein: specifieke aanbevelingen voor spraak, lezen en schrijven
Poppelreuter: onderzoek, strategieën worden nu nog gebruikt
Tweede wereldoorlog Luria: grootvader van neuropsychologie, naar persoon kijken in de sociale
context
Cairns: hoe eerder hoofdwonden worden behandeld, hoe beter de
prognose en dus veel minder doden
Zangwill: compensatie, substitutie, directe her training
Cranich & Wepman: na oorlog werden de revalidatiecentra weer gesloten
Yom Kippur War Ben-Yishay in Israël, voorganger van holistische programma’s.
Diller cognitieve revalidatie, neglect, werkte samen met Ben-Yishay.
Revalidatie = interactief proces in twee richtingen, waar overlevers van hersenbeschadiging
samenwerken met professionals om hun optimale fysieke, psychologische, sociale en beroepsmatige
welzijn te bereiken.
Gross & Schutz (1986) vijf stappen van neuropsychologische interventies
1. Omgevingscontrole (niet leren)
2. Stimulus-respons conditionering (geen generalisatie)
3. Vaardigheidstraining (hiërarchisch, geen zelfmonitoring)
4. Strategie substitutie
5. Cognitieve cyclus (eigen doelen stellen)
Coltheart (1991) modellen om te begrijpen wat er mis is en niet hoe dit kan worden verholpen.
Dus dit is niet goed genoeg voor een revalidatieprogramma.
Leren = elk systeem of proces dat resulteert in de modificatie van gedrag door ervaring. Dit kan
gebruikt worden voor revalidatie.
Na het boek van Beck werd de cognitieve gedragstherapie (CGT) goed onderzocht en bleek dat het
werkte en de combinatie met het emotionele aspect bepaald of therapie succesvol is.
Beoordeling = systematische verzameling, organisatie en interpretatie van informatie over een
persoon en zijn situatie NPO, directe observatie, zelfrapportage, interview.
Social identity theory = zelfconcept, verkregen door lid te zijn van een sociale groep.
Y-shaped model = complexe en dynamische set van biologische, psychologische en sociale factoren
interacteren om de consequenties van hersenaandoeningen te bepalen.
Holistische benadering = bewustzijn van wat er is gebeurd, acceptie & begrip, strategieën,
compensatie, beroepsmatige counselling (groep en individu).
, Hoofdstuk 2 Evidence-based treatment
Effectiviteit = werkt het, hoe werkt het en voor wie werkt het?
Werkzaamheid = helpt het?
Efficiëntie = kosten vs. opbrengsten
Evidence-based medicine (EBM) = expliciet en oordeelkundig gebruik van klinische
onderzoeksliteratuur gecombineerd met begrip van pathofysiologie, klinische ervaring en patiënt
voorkeuren om te helpen besluiten.
1. Klinische probleem vertalen naar een vraag
2. Efficiënt zoeken naar het beste bewijs
3. Bewijs beoordelen voor eigen situatie
4. Besluit vormen op basis van bewijs
5. Evalueren van de kwaliteit van het gehele proces
RCT = beste design om de effectiviteit van de behandeling te onderzoeken.
Single case experimental design = patiënt is eigen controle en wordt dus meerdere keren gemeten.
Hoge variabiliteit in patiënten is zeldzaam.
Economic evaluation = vergelijking in termen van kosten en consequenties.
Hoofdstuk 3 Mechanisms of recovery after acquired brain injury
Breinplasticiteit = mogelijkheid van de hersenen om zijn structuur en functie aan te passen als een
gevolg van automatisch herstel.
versterkt door leren en stimulatie van de omgeving.
mate van diaschisis, functioneel herstel, gedragsgerichte compensatoire aanpassingen.
Spontaan herstel = geen revalidatietraining en herstel is onafhankelijk van ervaring.
maar niet mogelijk dat dit niet afhangt van ervaring.
lastig om onderscheid te maken tussen echt spontaan herstel en herstel door gedragsmatige
compensatie.
Diaschisis = tijdelijk verlies van excitatie of functionele stilstand van neuronen in regio’s ver van een
laesie.
gaat vanzelf weer over.
focaal = veranderingen in hersengebieden op afstand van de focale laesie.
connectioneel = veranderingen in verbindingen tussen de aangedane gebieden en andere
gebieden.
functioneel = alleen bij activatie en niet in rust.
Spontaan herstel kan ontstaan door reorganisatie van intacte circuits taal/afasie (direct
omliggende gebieden nemen functie over) en motorisch.
Maar mensen kunnen ook hun gedrag aanpassen om te compenseren voor de problemen
kijkgedrag bij neglect, spontane spraak met simpelere zinnen.
Meest krachtig is ervaringsafhankelijk herstel gebied wordt voor andere functies gebruikt.
Hoofdstuk 1 The development of neuropsychological rehabiliation
Eerste beschrijving van behandeling van hersenbeschadiging komen uit Egypte, daarna van onder
andere Broca.
Revalidatie begon pas in de tweede wereldoorlog, meer mensen overleefden daar de hoofdwonden
door effectieve neurochirurgische procedures, betere helmen en andere geweren.
Goldstein: specifieke aanbevelingen voor spraak, lezen en schrijven
Poppelreuter: onderzoek, strategieën worden nu nog gebruikt
Tweede wereldoorlog Luria: grootvader van neuropsychologie, naar persoon kijken in de sociale
context
Cairns: hoe eerder hoofdwonden worden behandeld, hoe beter de
prognose en dus veel minder doden
Zangwill: compensatie, substitutie, directe her training
Cranich & Wepman: na oorlog werden de revalidatiecentra weer gesloten
Yom Kippur War Ben-Yishay in Israël, voorganger van holistische programma’s.
Diller cognitieve revalidatie, neglect, werkte samen met Ben-Yishay.
Revalidatie = interactief proces in twee richtingen, waar overlevers van hersenbeschadiging
samenwerken met professionals om hun optimale fysieke, psychologische, sociale en beroepsmatige
welzijn te bereiken.
Gross & Schutz (1986) vijf stappen van neuropsychologische interventies
1. Omgevingscontrole (niet leren)
2. Stimulus-respons conditionering (geen generalisatie)
3. Vaardigheidstraining (hiërarchisch, geen zelfmonitoring)
4. Strategie substitutie
5. Cognitieve cyclus (eigen doelen stellen)
Coltheart (1991) modellen om te begrijpen wat er mis is en niet hoe dit kan worden verholpen.
Dus dit is niet goed genoeg voor een revalidatieprogramma.
Leren = elk systeem of proces dat resulteert in de modificatie van gedrag door ervaring. Dit kan
gebruikt worden voor revalidatie.
Na het boek van Beck werd de cognitieve gedragstherapie (CGT) goed onderzocht en bleek dat het
werkte en de combinatie met het emotionele aspect bepaald of therapie succesvol is.
Beoordeling = systematische verzameling, organisatie en interpretatie van informatie over een
persoon en zijn situatie NPO, directe observatie, zelfrapportage, interview.
Social identity theory = zelfconcept, verkregen door lid te zijn van een sociale groep.
Y-shaped model = complexe en dynamische set van biologische, psychologische en sociale factoren
interacteren om de consequenties van hersenaandoeningen te bepalen.
Holistische benadering = bewustzijn van wat er is gebeurd, acceptie & begrip, strategieën,
compensatie, beroepsmatige counselling (groep en individu).
, Hoofdstuk 2 Evidence-based treatment
Effectiviteit = werkt het, hoe werkt het en voor wie werkt het?
Werkzaamheid = helpt het?
Efficiëntie = kosten vs. opbrengsten
Evidence-based medicine (EBM) = expliciet en oordeelkundig gebruik van klinische
onderzoeksliteratuur gecombineerd met begrip van pathofysiologie, klinische ervaring en patiënt
voorkeuren om te helpen besluiten.
1. Klinische probleem vertalen naar een vraag
2. Efficiënt zoeken naar het beste bewijs
3. Bewijs beoordelen voor eigen situatie
4. Besluit vormen op basis van bewijs
5. Evalueren van de kwaliteit van het gehele proces
RCT = beste design om de effectiviteit van de behandeling te onderzoeken.
Single case experimental design = patiënt is eigen controle en wordt dus meerdere keren gemeten.
Hoge variabiliteit in patiënten is zeldzaam.
Economic evaluation = vergelijking in termen van kosten en consequenties.
Hoofdstuk 3 Mechanisms of recovery after acquired brain injury
Breinplasticiteit = mogelijkheid van de hersenen om zijn structuur en functie aan te passen als een
gevolg van automatisch herstel.
versterkt door leren en stimulatie van de omgeving.
mate van diaschisis, functioneel herstel, gedragsgerichte compensatoire aanpassingen.
Spontaan herstel = geen revalidatietraining en herstel is onafhankelijk van ervaring.
maar niet mogelijk dat dit niet afhangt van ervaring.
lastig om onderscheid te maken tussen echt spontaan herstel en herstel door gedragsmatige
compensatie.
Diaschisis = tijdelijk verlies van excitatie of functionele stilstand van neuronen in regio’s ver van een
laesie.
gaat vanzelf weer over.
focaal = veranderingen in hersengebieden op afstand van de focale laesie.
connectioneel = veranderingen in verbindingen tussen de aangedane gebieden en andere
gebieden.
functioneel = alleen bij activatie en niet in rust.
Spontaan herstel kan ontstaan door reorganisatie van intacte circuits taal/afasie (direct
omliggende gebieden nemen functie over) en motorisch.
Maar mensen kunnen ook hun gedrag aanpassen om te compenseren voor de problemen
kijkgedrag bij neglect, spontane spraak met simpelere zinnen.
Meest krachtig is ervaringsafhankelijk herstel gebied wordt voor andere functies gebruikt.