Sociale agogiek: inleiding
1. Sociale agogiek
Sociale agogiek= omvat de wetenschappelijke studie van systematische en
intentionele pedagogische interventies gericht op het ondersteunen van
individuen en groepen in hun welzijn en het realiseren van sociale
rechtvaardigheid
Het is de theoretische onderbouw van het sociaal werk
Sociaal werk gaat om zeer diverse praktijken op zeer vele terreinen
Bijvoorbeeld: jeugdhulp, vluchtelingenwerk, ouderenzorg, jeugdwerk, buurtsport,
hulp aan daders en slachtoffers, zorg voor personen met een handicap
2. Sociaal werk als zeer diverse praktijk
2.1 Aanbod voor:
Verschillende leeftijdsgroepen (kinderen, jongeren, volwassenen)
Specifieke doelgroepen (mensen in armoede, dak- en thuislozen,
vluchtelingen, mensen met een beperking, mensen met een
drugproblematiek, … )
Verschillende levensdomeinen van mensen, gecombineerde
levensdomeinen (saml die multicomplex zijn) (emotioneel, materieel, … )
2.2 Complexe beleidscontext:
Europese regelgeving (bv:
Federaal (bv: OCMW wet)
Gemeenschappen/gewesten (decreten)
Vlaams (bv: Vlaamsgroeipakket)
Lokaal (bv: gemeentebestuur, stadsbestuur)
2.3 Verschillende juridische organisatievormen:
Publieke dienstverlening (georganiseerd door een overheid, bijvoorbeeld
OCMW)
Privaat initiatief (vooral Verenigingen zonder Winstoogmerk (VZW’s),
mogelijk met subsidies vanuit een overheid)
Commerciële initiatieven (bv: G4S, Sodexo, …)
(Actuele discussie over vermarkting)
2.4 Formele en informele praktijken (of combinaties):
Formele dienstverlening Informele dienstverlening
Formele en informele praktijken (of Zorg verleend door individuele burgers
combinaties) (familie, vrijwilligers..)
Professionals die betaald worden, hun Bv: mantelzorg
job
2.5 Individueel/collectief:
Individueel aanbod: groepen, familie Beide lopen door elkaar
= continuüm
, (vb. individuele hulpvragers of gezinnen helpen)
Collectief aanbod: gesprekken met groepen
(vb. buurtwerk, groepswerk, …)
2.6 Een opdeling in lijnen:
Nulde lijn: laagdrempelig, vrijblijvend
bv mantelzorg, zelfhulpgroep, …
Eerste lijn: diensten waar je als burger te recht kan, eerste nabije
ondersteuning
bv Centra Algemeen Welzijnswerk (CAW), OCMW, huisarts
Tweede lijn: gezondheidszorg, via doorverwijzing
bv Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg (CGGZ)
Derde lijn: residentieel: mensen die in een voorziening overnachten
bv residentiële voorziening jeugdhulp
Vierde lijn: psychologische problemen
bv Psychiatrisch ziekenhuis
2.7 wat verbindt deze praktijken?
‘Sociaal werk is een op de praktijk gebaseerd beroep en een academische
discipline die sociale verandering en ontwikkeling, sociale cohesie,
empowerment en bevrijding van mensen bevordert. Principes van sociale
rechtvaardigheid, mensenrechten, collectieve sociale verantwoordelijkheid en
respect voor vormen van diversiteit staan centraal in het sociaal werk.
Onderbouwd door sociaalwerktheorieën, sociale- en menswetenschappen en
inheemse of lokale vormen van kennis, engageert sociaal werk mensen en
structuren om problemen aan te pakken en welzijn te bevorderen. (NIET
kennen)
= globale/internationale definitie vh sociaal werk (word samengesteld
door mensen over de hele wereld die nadenken over wat ons bindt.)
Doel: Mensen krachtiger maken, welzijn vergroten, sociale cohesie vergroten
Er is nood aan sociale verandering
algemene elementen over sociaal werk
3. Sociaal werk als pedagogische praktijk
3.1 Pedagogisch handelen
Sociaal werk is pedagogisch handelen: intentioneel (=doelbewust) en
systematisch (= er zit een idee achter over hoe het moet) tussenkomen in het
socialisatieproces van kinderen, jongeren en volwassenen met als doel dit proces
te veranderen in de richting van meer welzijn
, Socialisatie: (on)bewust aanleren van gewoonten, waarden, normen en kennis
van een bepaalde groep of maatschappij (spontaan), (We kunnen ook als
maatschappij gesocialiseerd zijn)
Intentioneel en systematisch: doordacht beïnvloeden van dit
socialisatieproces gericht op welzijnsverhoging
Gericht op kinderen, jongeren én volwassenen
Pedagogisch tussenkomen:
= vertaling van sociale/maatschappelijke problemen naar pedagogische
vraagstukken waar we als professionals mee aan de slag gaan.
Die ‘vertaling’ brengt echter veel vragen met zich mee voor sociaal werkers:
hoe houden we de maatschappelijke component ook in beeld? Is onze
‘vertaling’ rechtvaardig? Je moet ook zeker kijken naar de context!
Bv: Delinquentieprobleem vertalen in probleem van slechte waarden en
normen: is dit rechtvaardig? -> in de gevangenissen denk je dat ze andere
waarden en normen hebben dan ons, maar dit is niet zo. Door miserie in de
gevangenis geraken. We moeten kijken naar het slachtoffer maar ook naar
omgevingsfactoren. Is de gevangenis dan een juiste oplossing?
Roept dus vragen op voor professionals:
Waarom komen we tussen?
Ten aanzien van wie komen we tussen?
Met welk doel komen we tussen? (voor te versterken of te controleren?)
Hoe moeten deze interventies eruit zien? (hoelang? In groep? Individueel?)
Wat betekenen onze tussenkomsten voor de handelingsmogelijkheden van
mensen? (voelen ze hun ondersteunt door de praktijken?)
Voorwerp van debat, omdat dit niet neutraal is
3.2 Pedagogisch handelen is nooit neutraal
Vertrekt vanuit specifieke opvattingen over de samenleving en opvoeding
Bv: wat is een ‘goede’ opvoeding? Een goede burger., In opvoeding bv:
dominant idee over hoe we kinderen opvoeden is anders hoe je grootouders
zijn opgevoed. Wij hebben meer vrijheid gehad dan onze ouders/grootouders
in studiekeuze.
Je moet je proberen inleven in de leefwereld van anderen bv: een moeder die
wilt tonen dat ze verantwoordelijk is slaat haar kind
Krijgt vorm binnen en geeft vorm aan de relatie tussen het ‘private’ en
‘publieke’
, “Dat is het gebied tussen wat mensen doen, en wat maatschappelijk opgelegd
of verwacht wordt. In dat tussengebied tussen het ‘private’ en het ‘publieke’
kan je meerdere posities innemen. Je kan ervan uitgaan dat mensen zich
moeten aanpassen aan wat maatschappelijk verwacht wordt. Of je gaat ervan
uit dat de samenleving niet altijd goed in elkaar zit en moet veranderen.”
Mensen moeten zelfredzaam zijn = iemand die zijn plan kan trekken en die
niet te veel beroep doet op de saml voor ondersteuning/hulp
3.3 Pedagogisch handelen vraagt verantwoording
Pedagogisch handelen is niet neutraal
Geeft mee vorm aan sociale problemen
Bestaande orde bevestigen of veranderen
Vraag naar verantwoording; waar zetten we als sociaal werk op in?
Globale definitie van sociaal werk als internationaal ankerpunt
Politiserend sociaal werk in Vlaanderen (en internationaal) als belangrijke
actuele discussie
4. Sociaal werk doet er toe, maar….
Sociaal werk is zeer belangrijk en het doet er toe (vanuit de leefwereld zelf,
mensen die in de shit zitten maar door interventies er terug bovenop komen)
maar sociaal werk is niet per definitie positief (bv: sociaal werk in nazisme
bij Jodenvervolging en het uit huis halen van kinderen)
Dus: Nood aan aandacht voor reflectie over en theoretische onderbouw van
de wijze waarop interventies ingrijpen op de leefsituatie en leefwereld van
mensen en welk soort pedagogie we ontwikkelen (= nadenken welke
pedagogen we willen zijn en welke pedagogie we willen ontwikkelen)
4.1 sociale agogiek
Dit betekent dat we in deze cursus en de opleiding sociale agogiek/sociaal werk
dus nadenken over sociaal werk als intentionele pedagogische interventies in een
maatschappelijke context, vanuit de vraag
Hoe deze zijn ontstaan
Vanuit welke ideeën
Welke vorm deze krijgen
Wat bedoelde en onbedoelde effecten zijn;
Of deze rechtvaardig zijn
Hoe we goede praktijken kunnen ontwikkelen
4.2 sociale agogiek en andere disciplines
Orthopedagogiek: focus op de behandeling van diverse groepen in context
1. Sociale agogiek
Sociale agogiek= omvat de wetenschappelijke studie van systematische en
intentionele pedagogische interventies gericht op het ondersteunen van
individuen en groepen in hun welzijn en het realiseren van sociale
rechtvaardigheid
Het is de theoretische onderbouw van het sociaal werk
Sociaal werk gaat om zeer diverse praktijken op zeer vele terreinen
Bijvoorbeeld: jeugdhulp, vluchtelingenwerk, ouderenzorg, jeugdwerk, buurtsport,
hulp aan daders en slachtoffers, zorg voor personen met een handicap
2. Sociaal werk als zeer diverse praktijk
2.1 Aanbod voor:
Verschillende leeftijdsgroepen (kinderen, jongeren, volwassenen)
Specifieke doelgroepen (mensen in armoede, dak- en thuislozen,
vluchtelingen, mensen met een beperking, mensen met een
drugproblematiek, … )
Verschillende levensdomeinen van mensen, gecombineerde
levensdomeinen (saml die multicomplex zijn) (emotioneel, materieel, … )
2.2 Complexe beleidscontext:
Europese regelgeving (bv:
Federaal (bv: OCMW wet)
Gemeenschappen/gewesten (decreten)
Vlaams (bv: Vlaamsgroeipakket)
Lokaal (bv: gemeentebestuur, stadsbestuur)
2.3 Verschillende juridische organisatievormen:
Publieke dienstverlening (georganiseerd door een overheid, bijvoorbeeld
OCMW)
Privaat initiatief (vooral Verenigingen zonder Winstoogmerk (VZW’s),
mogelijk met subsidies vanuit een overheid)
Commerciële initiatieven (bv: G4S, Sodexo, …)
(Actuele discussie over vermarkting)
2.4 Formele en informele praktijken (of combinaties):
Formele dienstverlening Informele dienstverlening
Formele en informele praktijken (of Zorg verleend door individuele burgers
combinaties) (familie, vrijwilligers..)
Professionals die betaald worden, hun Bv: mantelzorg
job
2.5 Individueel/collectief:
Individueel aanbod: groepen, familie Beide lopen door elkaar
= continuüm
, (vb. individuele hulpvragers of gezinnen helpen)
Collectief aanbod: gesprekken met groepen
(vb. buurtwerk, groepswerk, …)
2.6 Een opdeling in lijnen:
Nulde lijn: laagdrempelig, vrijblijvend
bv mantelzorg, zelfhulpgroep, …
Eerste lijn: diensten waar je als burger te recht kan, eerste nabije
ondersteuning
bv Centra Algemeen Welzijnswerk (CAW), OCMW, huisarts
Tweede lijn: gezondheidszorg, via doorverwijzing
bv Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg (CGGZ)
Derde lijn: residentieel: mensen die in een voorziening overnachten
bv residentiële voorziening jeugdhulp
Vierde lijn: psychologische problemen
bv Psychiatrisch ziekenhuis
2.7 wat verbindt deze praktijken?
‘Sociaal werk is een op de praktijk gebaseerd beroep en een academische
discipline die sociale verandering en ontwikkeling, sociale cohesie,
empowerment en bevrijding van mensen bevordert. Principes van sociale
rechtvaardigheid, mensenrechten, collectieve sociale verantwoordelijkheid en
respect voor vormen van diversiteit staan centraal in het sociaal werk.
Onderbouwd door sociaalwerktheorieën, sociale- en menswetenschappen en
inheemse of lokale vormen van kennis, engageert sociaal werk mensen en
structuren om problemen aan te pakken en welzijn te bevorderen. (NIET
kennen)
= globale/internationale definitie vh sociaal werk (word samengesteld
door mensen over de hele wereld die nadenken over wat ons bindt.)
Doel: Mensen krachtiger maken, welzijn vergroten, sociale cohesie vergroten
Er is nood aan sociale verandering
algemene elementen over sociaal werk
3. Sociaal werk als pedagogische praktijk
3.1 Pedagogisch handelen
Sociaal werk is pedagogisch handelen: intentioneel (=doelbewust) en
systematisch (= er zit een idee achter over hoe het moet) tussenkomen in het
socialisatieproces van kinderen, jongeren en volwassenen met als doel dit proces
te veranderen in de richting van meer welzijn
, Socialisatie: (on)bewust aanleren van gewoonten, waarden, normen en kennis
van een bepaalde groep of maatschappij (spontaan), (We kunnen ook als
maatschappij gesocialiseerd zijn)
Intentioneel en systematisch: doordacht beïnvloeden van dit
socialisatieproces gericht op welzijnsverhoging
Gericht op kinderen, jongeren én volwassenen
Pedagogisch tussenkomen:
= vertaling van sociale/maatschappelijke problemen naar pedagogische
vraagstukken waar we als professionals mee aan de slag gaan.
Die ‘vertaling’ brengt echter veel vragen met zich mee voor sociaal werkers:
hoe houden we de maatschappelijke component ook in beeld? Is onze
‘vertaling’ rechtvaardig? Je moet ook zeker kijken naar de context!
Bv: Delinquentieprobleem vertalen in probleem van slechte waarden en
normen: is dit rechtvaardig? -> in de gevangenissen denk je dat ze andere
waarden en normen hebben dan ons, maar dit is niet zo. Door miserie in de
gevangenis geraken. We moeten kijken naar het slachtoffer maar ook naar
omgevingsfactoren. Is de gevangenis dan een juiste oplossing?
Roept dus vragen op voor professionals:
Waarom komen we tussen?
Ten aanzien van wie komen we tussen?
Met welk doel komen we tussen? (voor te versterken of te controleren?)
Hoe moeten deze interventies eruit zien? (hoelang? In groep? Individueel?)
Wat betekenen onze tussenkomsten voor de handelingsmogelijkheden van
mensen? (voelen ze hun ondersteunt door de praktijken?)
Voorwerp van debat, omdat dit niet neutraal is
3.2 Pedagogisch handelen is nooit neutraal
Vertrekt vanuit specifieke opvattingen over de samenleving en opvoeding
Bv: wat is een ‘goede’ opvoeding? Een goede burger., In opvoeding bv:
dominant idee over hoe we kinderen opvoeden is anders hoe je grootouders
zijn opgevoed. Wij hebben meer vrijheid gehad dan onze ouders/grootouders
in studiekeuze.
Je moet je proberen inleven in de leefwereld van anderen bv: een moeder die
wilt tonen dat ze verantwoordelijk is slaat haar kind
Krijgt vorm binnen en geeft vorm aan de relatie tussen het ‘private’ en
‘publieke’
, “Dat is het gebied tussen wat mensen doen, en wat maatschappelijk opgelegd
of verwacht wordt. In dat tussengebied tussen het ‘private’ en het ‘publieke’
kan je meerdere posities innemen. Je kan ervan uitgaan dat mensen zich
moeten aanpassen aan wat maatschappelijk verwacht wordt. Of je gaat ervan
uit dat de samenleving niet altijd goed in elkaar zit en moet veranderen.”
Mensen moeten zelfredzaam zijn = iemand die zijn plan kan trekken en die
niet te veel beroep doet op de saml voor ondersteuning/hulp
3.3 Pedagogisch handelen vraagt verantwoording
Pedagogisch handelen is niet neutraal
Geeft mee vorm aan sociale problemen
Bestaande orde bevestigen of veranderen
Vraag naar verantwoording; waar zetten we als sociaal werk op in?
Globale definitie van sociaal werk als internationaal ankerpunt
Politiserend sociaal werk in Vlaanderen (en internationaal) als belangrijke
actuele discussie
4. Sociaal werk doet er toe, maar….
Sociaal werk is zeer belangrijk en het doet er toe (vanuit de leefwereld zelf,
mensen die in de shit zitten maar door interventies er terug bovenop komen)
maar sociaal werk is niet per definitie positief (bv: sociaal werk in nazisme
bij Jodenvervolging en het uit huis halen van kinderen)
Dus: Nood aan aandacht voor reflectie over en theoretische onderbouw van
de wijze waarop interventies ingrijpen op de leefsituatie en leefwereld van
mensen en welk soort pedagogie we ontwikkelen (= nadenken welke
pedagogen we willen zijn en welke pedagogie we willen ontwikkelen)
4.1 sociale agogiek
Dit betekent dat we in deze cursus en de opleiding sociale agogiek/sociaal werk
dus nadenken over sociaal werk als intentionele pedagogische interventies in een
maatschappelijke context, vanuit de vraag
Hoe deze zijn ontstaan
Vanuit welke ideeën
Welke vorm deze krijgen
Wat bedoelde en onbedoelde effecten zijn;
Of deze rechtvaardig zijn
Hoe we goede praktijken kunnen ontwikkelen
4.2 sociale agogiek en andere disciplines
Orthopedagogiek: focus op de behandeling van diverse groepen in context