Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting MFP nier en urinewegen deel prof. Bammens

Beoordeling
-
Verkocht
2
Pagina's
53
Geüpload op
26-09-2025
Geschreven in
2024/2025

Deze samenvatting omvat het deel van prof. Bammens. Het is gebaseerd op de cursus, aangevuld met info uit de slides en lesnotities. Alle leerstof voor het examen staat in deze samenvattin!

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

DEEL II: stoornissen van homeostasemechanismen
HOOFDSTUK 1: fysiopathologie van volume- en
osmose-homeostase
1. FYSIOLOGISCHE ASPECTEN

1.1 Distributie van het lichaamswater
© Water 60% totale lichaamsgewicht
© Vetweefsel: slechts 13% water
© Verschillen vetgehalte = verklaring verschillen in watergehalte tss organen, ifv geslacht & ifv leeftijd
o Geslacht: man = procentueel meer water & minder vet
o Leeftijd: ouder = procentueel meer vet & minder water
© 70 kg à 42 kg/liter water
© Water verdeeld in versch compartimenten à distributie van water:
o Intracellulair (ICV): 60%
o Extracellulair 40%:
§ Transcellulair: 2%
• Cerebrospinaal vocht
• Vocht in pleuraholte, pericard, peritoneum, oogbol, synoviae van gewrichten
§ Plasma: 7%
§ Interstitieel: 31%

1.2 Samenstelling van lichaamswater

1.2.1 Verschillen tussen extracellulair en intracellulair milieu
© Osmolaliteit (mOsm/kg) – osmolariteit (mOsm/L) = concentratie opgeloste stoffen in vloeistof
© Water diffundeert door membraan om osmotisch evenwicht tss extracell & intracell osmolaliteit te krijgen
o Osmolaliteit binnen & buiten cel moet gelijk zijn, anders is er verplaatsing van water
© MAAR samenstelling van ECF & ICF verschillend (totale hoeveelh per volume gelijk, maar versch aard van stoffen)
door:
o Actieve pompen & transporters
o Intracellulaire eiwit-binding van osmolen
o Verschillen in permeabiliteit
à diffunderen dus niet vrij
© GEVOLG:
o In ECF osmolaliteit vooral bepaald door Na+ & Cl- & HCO3-
o In ICF osmolaliteit vooral bepaald door K+, fosfaten (ATP, creatinefosfaat, fosfolipiden) & sulfaten
© Effectieve osmolen (= toniciteit)
o = stoffen die “vast” zitten in ECF of ICF
o = stoffen die echt vermogen hebben om osmotische beweging van water tss compartimenten te beïnvloeden
o Bijvoorbeeld:
§ Na+ : vooral extracell à hoeveelh Na in lich is bepalend voor extracellulaire volume
§ Mannitol : vooral extracell
§ K+ (theoretisch, want K+ conc wordt constant tegengehouden)
o Verandering in ICF osmolaliteit meestal veroorzaakt door verandering hoeveelh water intracell
© Ineffectieve osmolen
o = stoffen die (relatief) vrij diffunderen tss ECF of ICF
1

, o Dragen wel bij tot osmolaliteit
o = stoffen die weinig invloed hebben op osmotische beweging van water tss compartimenten
o Bijvoorbeeld:
§ Ureum (WEL effectief bij “dialysis disequilibrium” (= snelle veranderingen plasmaconc (bv snelle
dialyse bij uremische patiënt OF hyperglycemie bij stress) à distributie-onevenwicht)
§ Ethanol
§ Glucose (WEL effectief bij acute hyperglycemie of diabetes)


Toepassing : dialysis disequilibrium syndrome
Reverse osmotic shift à hersenoedeem
Voornamelijk bij snelle daling ureum




3 keer per week dialyse à tijd tss 2 dialyses kan er niet toe leiden dat spiegels in bloed heel hoog worden à reverse
osmotic shift vermijden
Eerste dialyse: korter dan gebruikelijke 4u + vertraagd bloeddebiet à daling is minder à bijwerkingen minder

à wnr we niet regelmatig dialyse doen à afvalstoffen gaan erg oplopen à tijdens dialyse gaan deze erg zakken in conc
à tijdelijk verschil in osmolaliteit = reverse osmotic shift à water verplaatst naar ICF à hersenoedeem

© Osmotische (on)evenwichten stellen zich in obv osmolaire concentraties van osmolen per volume water
© Plasma = 93% water + 7% lipiden en proteïnen




1.2.2 Vloeistofverplaatsing tussen intracellulair en interstitieel compartiment
© Starling-evenwicht
o Q = Kf [(Pp – Pi) – (πp – πi)]
o Distributie van vocht tss plasmacompartiment (p) & interstitieel compartiment (i) à bepaald door oncotische
druk (π) & hydrostatische druk (P) thv
§ Capillairen (Parterieel = 25 mmHg ; Pveneus = 10 mmHg ; π = 28 mmHg)
§ Interstitium (P = -6 mmHg ; π = 5 mmHg)
o Q = waterdebiet over capillaire membraan
o Kf = ultrafiltratiecoefficiënt
© Oncotische druk π à bepaald door moleculen die niet vrij diffunderen over membranen
o Hebben grote invloed op distributie vocht
o Eiwitconc plasma = 6,3 – 7,1 g% à hoger dan in interstitieel compartiment
o Albumine = 54-66% van plasma-eiwitten
o Arterieel evenveel vocht uit als veneus terug opgenomen

1.2.3 Samenstelling van bepaalde lichaamsvochten
Verlies lichaamsvochten à rekening houden met
specifieke ionensamenstelling

Samenstelling lichaamsvochten = relevant voor
interpretatie labo-afwijkingen bij verlies van vochten



2

, 1.3 Water en Na+ balans
© Balans opgeloste stoffen in water bepaald door
o Hoeveelheid inname
o Verspreiding in vochtcompartimenten
o Hoeveelheid van excretie via huid, darm en nieren
© Toniciteit = osmolaire status die volume van cellen bepaalt à geregeld door water-balans
© Extracellulair circulerend volume = geregeld door Na+-balans
© Verschil maken tss stoornissen in
o Osmo-regulatie
o Volume-regulatie
à Water & Na+ balans worden onafhankelijk geregeld
à veranderingen Na conc à stoornis water homeostasis
à abnormale Na-balans à veranderingen Na hoeveelheid à expansie of contractie (oedeem & dehydratatie) ECV


© Twee sterk verbonden homeostasemechanismen:
o Regeling extra-cellulair volume
§ Essentieel voor behoud bloeddruk Na+ balans!
§ Essentieel voor perfusie & functie weefsels
o Regeling osmolaliteit
§ Essentieel voor behoud van celvolume Water balans!
§ Essentieel voor celfunctie (bv CZS)

© Gemeenschappelijke kenmerken:
o Sensoren registreren verstopring van evenwicht
o Deze leiden tot efferente stimuli (neurologische, hormonale of hemodynamische)
o Via effector organen wordt evenwicht hersteld
o Gemeenschappelijke effector: de nieren

© Belangrijke verschillen:
Regeling ECF volume Regeling osmolaliteit
Registratie van … Effectief circulerend volume Plasma osmolaliteit
Sensoren Carotis, aorta, aff. arteriool, atria Osmoreceptoren hypothalamus
Efferent signaal RAAS, sympathicus, ADH, ANP ADH Dorst
Effector Korte termijn: hart, bloedvaten Nieren Hersenen
Lange termijn: nieren
Effect Korte termijn: bloeddruk Water excretie Water intake
Lange termijn: Na+ excretie


1.4 Homeostase van de water-balans
© Normale toniciteit = 285 mOsm/kg (275-295 mOsm/kg)
© Osmoregulerende mechanismen om toniciteit constant te houden à bepalen waterbalans à cel beschermen tegen
dehydratatie (krimpen) & water intoxicatie (zwellen)

1.4.1 Bepaling osmolariteit
© Klinische toniciteit bepalen met conc serum Na+
© Plasma-osmolariteit à meting in labo of schatting obv berekening
© Osmolariteit (mosmol/l) = 2 (Na+ + K+) + ureum/6 + glucose/18 – 10
© Eenvoudigere schattings-formule: 2 (Na+) + ureum/6 + glucose/18
© Osmolair gap = meting labo – geschatte osmolaliteit
o Mogelijke oorzaken: wnr er ongewone osmolen circuleren ih plasma (bv ethanol, methanol, sorbitol, …)
3

, 1.4.2 Regeling waterbalans
© Waterbalans : water input = water output
o Renale fysiologie staat in voor dit evenwicht
o Defecten? à hyponatremie of hypernatremie
o Inname: (totaal: 2100 – 3400)
§ Drank
§ Vast voedsel
§ Oxidatiewater
o Verlies: (totaal: 2100 – 3400)
§ Urine
• Grootste rol in regeling waterbalans
§ Perspiratio insensibilis
• Regelt vnl core temperature
§ Zweet
• Regelt vnl core temperature
§ Faeces
© Inwendige watercyclus: water gesecreteerd proximaal in spijsverteringskanaal & distaal geresorbeerd
o Verstoord in pathologische omstandigheden: bv. braken, diarree, ileus…
© Regeling waterbalans = kritisch à vochtverschuivingen tss ICF & ECF dempen veranderingen in osmolariteit
© Excretie van ‘opgeloste stoffen’ (600 mOsm) in variabele hoeveelheid water = concentratie & dilutie
o Renale fysiologie kan zorgen voor dilutie tot 10x plasma-osmolaliteit (30 mOsm) & concentratie tot 4x
plasma-osmolaliteit (1200 mOsm)
© 2 hoofdmechanismen:

a. Dorst
© Verdedigingsmiddel indien mens niet in staat is geconcentreerde urine te produceren (bv diabetes insipidus)

Sensoren plasma osmolaliteit = OSMOreceptoren
© Gelegen in CNS waar BBB doorlaatbaar is:
o Organum vasculosum van lamina terminalis (OVLT)
o Subfornicaal orgaan (SFO)
© Dorstcentrum in anterolaterale zone hypothalamus
© Toename extracellulaire osmolariteit / hogere toniciteit
à volumecontractie (shrinking) in neuronen
à stimulatie dorstgevoel
à toename (vrij) water intake

Ook niet-osmotische factoren beïnvloeden dorst
© Droogtegevoel in mond en keel via n. vagus & n.glossopharyngeus
© Angiotensine II via receptoren in wand 3e hersenventrikel
© Daling ECF & hypotensie à activatie osmoreceptoren

b. Arginine vasopressine (AVP)

Synthese & afbraak van ADH
© Synthese
o Thv kernen hypothalamus
o Via zenuwbanen naar hypofyse-achterkwab
© Afbraak
o In lever & nieren

4

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
26 september 2025
Aantal pagina's
53
Geschreven in
2024/2025
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$15.51
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
dafalgan Katholieke Universiteit Leuven
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
57
Lid sinds
2 jaar
Aantal volgers
1
Documenten
21
Laatst verkocht
1 maand geleden
dafalgan

5.0

2 beoordelingen

5
2
4
0
3
0
2
0
1
0

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen