Samenvatting Statistiek Theorie
H0: INLEIDING
Zie vr eventuele extra uitleg youtube filmpjes Andy Field
(Uitleg examen)
- Wat is statistiek?
o Verzamelen
o Organiseren
o Bewerken
o Analyseren
o Interpreteren
… Van data & gegevens
➔ ≠ wiskunde ( = omgaan met zekerheid)
- Doel?:
o NIET het (be)rekenen op zich
o WEL verwerven v inzicht uit getallen
Onderzoekshypothese (= werkhypothese)
= Verwacht resultaat v/d studie obv:
▪ Theorieën
▪ Resultaten v voorgaande onderzoeken
▪ Vorige ervaringen/observaties v onderzoeker
1. NULHYPOTHESE (H0)
o = Er is GEEN verschil/verband/effect …
o = Als dan niet VERWERPEN
o = Start
o = In feite het beginresultaat vd studie
o Bv. “Wat is ≠ tss BMI v man & vrouw?”
▪ DAN zegt nulhypothese dat er GEEN verband/gelijkenis is
2. ALTERNATIEVE HYPOTHESE (Ha)
o = Er is WEL verschil/verband/effect …
o = Al dan niet te AANVAARDEN
o = Vervolg
1
,Populatie & Steekproef
- Steekproef
= Onderdeel v u populatie
= Is niet perse criterium vr betrouwbaarheid
➔ Hruit haal je u resultaat
➔ Als je hiertss bv al selectie bias hebt
kan steekproef einde onderzoek zeker
geen goed resultaat geven
FOUTEN treden op
DOEL STATISTIEK = In welke mate steekproef uitspraak kan doen op populatie
Validiteit & betrouwbaarheid
- VALIDITEIT
= Belangrijkste psychomotorische eig v/e test of meetinstrument
= Mate wrin test/instrument effectief meet wat die bedoelt te meten!
= Indicatie v degelijkheid/accuraatheid vd test(resultaten)
- BETROUWBAARHEID
= Deelaspect v validiteit
Is test/meetinstrument vrij v willekeurige fouten &/of toevallige factoren?
= Mate wrin test(resultaat) CONSISTENT/herhaalbaar is!
NOOIT valide indien NIET betrouwbaar!
WEL betrouwbaar & NIET valide KAN
o Bv meetlat, die foutief geijkt is
Soorten meetschalen
- NOMINALE SCHAAL = KWALITATIEF
o Vb. Geslacht
o Categorisch, geen kwantitatieve betekenis
- ORDINALE SCHAAL = KWALITATIEF
o Vb. Rangen in leger
o Kan geordend w, geen gelijke intervallen
2
, - INTERVAL SCHAAL = KWANTITATIEF
o Vb. Kalender- of jaartelling, T°
o Gelijke intervallen, géén absoluut nulpunt, (dis)continu
- RATIO SCHAAL = KWANTITATIEF
o Vb. Gewicht, afstand, tijd, bedragen, …
o Gelijke intervallen , wèl een absoluut nulpunt, (dis)continu
Opmerking: Likert schaal = strikt genomen ordinale schaal, MAAR w beschouwd als
intervalschaal vanaf min 5 punten!
Soort meetschaal bep keuze statistische toetsen!
Soorten variabelen
1. AFHANKELIJKE VARIABELE (AV):
o Variabele wrvan men verwacht dat die wal variëren ngl/oiv OV
o Variabele wrop men effect v OV wil onderzoeken
o UITKOMSTMAAT
2. ONAFHANKELIJKE VARIABELE (OV)
o Conditie, eig, methode, programma … wrvan men invloed/effect verwacht op AV
- Voorbeeld:
o OV = geslacht / AV = lichaamslengte
o OV = lichaamslengte / AV = Afstand verspingen
- BETWEEN subjects variabele:
o Eig/groepsvariabele die PP onderscheidt
o Bv. geslacht: len kan NIET tegelijk man & vrouw zijn
o Bv. interventie: 3 ≠de fitheidstrainingsprogramma’s: 1/3de doet programma 1,
1/3de programma 2, …
- WITHIN subjects variabele:
o Variabele w gemeten bij alle PP
o Herhaalde meting bnn 1zelfde individu
o Bv. lichaamslengte gemeten op tijdstip A & tijdstip B
o Bv. Coopertest na afloop vd fitheidstrainingsprogramma’s: 3x, want elke PP volgt
elk programma (eigen control)
3
, H1: BESCHRIJVENDE STATISTIEK
- Variabele = Kenmerk v PP uitgedrukt in een getal
- Typen variabelen:
o KWALITATIEF: nominale, ordinale schaal
o KWANTITATIEF: interval, ratio schaal;
▪ Likert-schalen vanaf 5-punten!
- BESCHRIJVENDE STATISTIEK = gegevensverzameling beschrijven
o Exploratieve data-analyse!
▪ Elke variabele individueel gaan verkennen
▪ Dit doe je 1st GRAFISCH, dan NUMERIEK
Visualisatie Data-reductie
Weergeven van verdelingen met grafieken
Grafieken voor KWALITATIEVE variabelen:
= Categorische variabelen
Burgerlijke staat = variabele
Categorieën
Bv. Geslacht = variabele EN man/vrouw = categorie
1. STAAFDIAGRAM:
(Kan heel soms ook kwantitatief zijn)
4
H0: INLEIDING
Zie vr eventuele extra uitleg youtube filmpjes Andy Field
(Uitleg examen)
- Wat is statistiek?
o Verzamelen
o Organiseren
o Bewerken
o Analyseren
o Interpreteren
… Van data & gegevens
➔ ≠ wiskunde ( = omgaan met zekerheid)
- Doel?:
o NIET het (be)rekenen op zich
o WEL verwerven v inzicht uit getallen
Onderzoekshypothese (= werkhypothese)
= Verwacht resultaat v/d studie obv:
▪ Theorieën
▪ Resultaten v voorgaande onderzoeken
▪ Vorige ervaringen/observaties v onderzoeker
1. NULHYPOTHESE (H0)
o = Er is GEEN verschil/verband/effect …
o = Als dan niet VERWERPEN
o = Start
o = In feite het beginresultaat vd studie
o Bv. “Wat is ≠ tss BMI v man & vrouw?”
▪ DAN zegt nulhypothese dat er GEEN verband/gelijkenis is
2. ALTERNATIEVE HYPOTHESE (Ha)
o = Er is WEL verschil/verband/effect …
o = Al dan niet te AANVAARDEN
o = Vervolg
1
,Populatie & Steekproef
- Steekproef
= Onderdeel v u populatie
= Is niet perse criterium vr betrouwbaarheid
➔ Hruit haal je u resultaat
➔ Als je hiertss bv al selectie bias hebt
kan steekproef einde onderzoek zeker
geen goed resultaat geven
FOUTEN treden op
DOEL STATISTIEK = In welke mate steekproef uitspraak kan doen op populatie
Validiteit & betrouwbaarheid
- VALIDITEIT
= Belangrijkste psychomotorische eig v/e test of meetinstrument
= Mate wrin test/instrument effectief meet wat die bedoelt te meten!
= Indicatie v degelijkheid/accuraatheid vd test(resultaten)
- BETROUWBAARHEID
= Deelaspect v validiteit
Is test/meetinstrument vrij v willekeurige fouten &/of toevallige factoren?
= Mate wrin test(resultaat) CONSISTENT/herhaalbaar is!
NOOIT valide indien NIET betrouwbaar!
WEL betrouwbaar & NIET valide KAN
o Bv meetlat, die foutief geijkt is
Soorten meetschalen
- NOMINALE SCHAAL = KWALITATIEF
o Vb. Geslacht
o Categorisch, geen kwantitatieve betekenis
- ORDINALE SCHAAL = KWALITATIEF
o Vb. Rangen in leger
o Kan geordend w, geen gelijke intervallen
2
, - INTERVAL SCHAAL = KWANTITATIEF
o Vb. Kalender- of jaartelling, T°
o Gelijke intervallen, géén absoluut nulpunt, (dis)continu
- RATIO SCHAAL = KWANTITATIEF
o Vb. Gewicht, afstand, tijd, bedragen, …
o Gelijke intervallen , wèl een absoluut nulpunt, (dis)continu
Opmerking: Likert schaal = strikt genomen ordinale schaal, MAAR w beschouwd als
intervalschaal vanaf min 5 punten!
Soort meetschaal bep keuze statistische toetsen!
Soorten variabelen
1. AFHANKELIJKE VARIABELE (AV):
o Variabele wrvan men verwacht dat die wal variëren ngl/oiv OV
o Variabele wrop men effect v OV wil onderzoeken
o UITKOMSTMAAT
2. ONAFHANKELIJKE VARIABELE (OV)
o Conditie, eig, methode, programma … wrvan men invloed/effect verwacht op AV
- Voorbeeld:
o OV = geslacht / AV = lichaamslengte
o OV = lichaamslengte / AV = Afstand verspingen
- BETWEEN subjects variabele:
o Eig/groepsvariabele die PP onderscheidt
o Bv. geslacht: len kan NIET tegelijk man & vrouw zijn
o Bv. interventie: 3 ≠de fitheidstrainingsprogramma’s: 1/3de doet programma 1,
1/3de programma 2, …
- WITHIN subjects variabele:
o Variabele w gemeten bij alle PP
o Herhaalde meting bnn 1zelfde individu
o Bv. lichaamslengte gemeten op tijdstip A & tijdstip B
o Bv. Coopertest na afloop vd fitheidstrainingsprogramma’s: 3x, want elke PP volgt
elk programma (eigen control)
3
, H1: BESCHRIJVENDE STATISTIEK
- Variabele = Kenmerk v PP uitgedrukt in een getal
- Typen variabelen:
o KWALITATIEF: nominale, ordinale schaal
o KWANTITATIEF: interval, ratio schaal;
▪ Likert-schalen vanaf 5-punten!
- BESCHRIJVENDE STATISTIEK = gegevensverzameling beschrijven
o Exploratieve data-analyse!
▪ Elke variabele individueel gaan verkennen
▪ Dit doe je 1st GRAFISCH, dan NUMERIEK
Visualisatie Data-reductie
Weergeven van verdelingen met grafieken
Grafieken voor KWALITATIEVE variabelen:
= Categorische variabelen
Burgerlijke staat = variabele
Categorieën
Bv. Geslacht = variabele EN man/vrouw = categorie
1. STAAFDIAGRAM:
(Kan heel soms ook kwantitatief zijn)
4