HOOFDSTUK 8 – ALLERGIE EN OVREGEVOELIGHEIDSREACTIES
OVERGEVOELIGHEIDSREACTIES
Overgevoeligheidsreacties = overmatige reactie van het immuunsysteem, veroorzaakt ziekte
Doel immuunreactie = bescherming tegen ziekte, maar als zich overbodige of overmatige immuunrespons
ontwikkelt, kan dit ook ziekte veroorzaken
à Overgevoeligheidsreactie = te heftige reactie van het immuunsysteem
Allergie = overmatige respons op onschadelijk/onschuldig antigeen uit de omgeving,
- meeste allergische reacties zijn van Type I (bv. pollen)
- ook type IV allergische reacties kunnen optreden (bv. nikkelallergie, huidreactie)
- bv. penicilline kan de 4 verschillende types uitlokken
Allergisch antigeen = “allergeen”
INDELING OVERGEVOELIGHEIDSREACTIES
verschil type II en III: waar het
antilichaam bindt, ECM of bloed
toevoegen = kinetiek (staat ook in de nederlandse tekst)
schetsen kunnen geven!
,TYPE-I REACTIE: IGE GEMEDIEERD
MESTCELACTIVATIE ONTKETENT DE ALLERGISCHE REACTIE TYPE I
de mestcel staat centraal + wordt geactiveerd wanneer de IgE’s binden
mestcel à draagt op zijn membraan receptoren = Fc!-receptoren, Fc = constante deel van de IgE gebonden
ALLERGIE TREEDT OP BIJ OPEENVOLGENDE CONTACTEN
1ste keer dat allergeen in lichaam komt:
- antigeen moet herkend worden door een B-cel-receptor
- hulp krijgen van T-helper-II-cel, dus ThII-cytokinen moeten geproduceerd worden, bv. IL-4, IL-13
- IgE-producerende plasmacel wordt gevormd: maken alle allergeen specifieke IgE- antistoffen aanmaken
- er komen geheugencellen die bij volgende contact in gang schieten
- IgE worden gebonden op de Fc"-receptoren op de mestcel
- als allergeen weg is? stopt het de 1ste keer!
à antilichamen aangemaakt + komen in circulatie + binden op membranen van mestcel met Fc-domein
2de keer dat allergeen in lichaam komt: NOOIT vanaf de 1ste keer allergisch WANT eerst antistoffen aanmaken
- volgende contact met allergeen: receptoren worden gecrosslinked
- mestcellen zetten granules met mediatoren vrij
- mediatoren werken in op verschillende andere cellen van ons lichaam
(bv. eosonofiele leukocyten, zenuwuiteinden, bloedplaatjes geactiveerd, klieren die mucus produceren,…)
à genoeg IgE’s gebonden op mestcel
à als IgE & Fc-domein “crossen” à mestcel geactiveerd: mediatoren vrijzetten
mogelijke allergenen: gras, pollen, noten,… (niet allemaal kennen!)
, TYPE-I OVERGEVOELIGHEIDSREACTIES
Bi-fasische respons
- Snelle respons (minuten), quasi onmiddellijk na blootstelling aan allergeen
- Late fase (6-12u), gemediëerd door infiltrerende cellen
Cellen :
- Mestcellen, constitutief aanwezig in barrièreweefsels
- Eosinofiele granulocyten: migreren vanuit de bloedbaan naar weefsel waarIgE/Ag-complexen mestcellen
hebben getriggerd (analoog aan migratie v neutrofiele granulocyten naar ontstekingshaard), belangrijke cellen
voor afweer tegen parasieten
- Basofiele granulocyten
- Th2-cellen die IL-4, -5, -6, -13 produceren om B-cellen klasse-switch naar IgEte laten maken
à Deze Th2 cytokinen onderdrukken de Th1 respons.
Gebrek aan TREG’s
àvergelijkbaar met acute ontstekingsreactie (zelfde mediatoren die vrijkomen) maar detrigger is anders
(activatie door cross linken FC£ factoren)
àpatiënten hebben een verlaagd aantal regulatorische T cellen
DE LIPOXYGENASE EN CYCLO-OXYGENASE PATHWAY (ZIE LES 1)
OVERGEVOELIGHEIDSREACTIES
Overgevoeligheidsreacties = overmatige reactie van het immuunsysteem, veroorzaakt ziekte
Doel immuunreactie = bescherming tegen ziekte, maar als zich overbodige of overmatige immuunrespons
ontwikkelt, kan dit ook ziekte veroorzaken
à Overgevoeligheidsreactie = te heftige reactie van het immuunsysteem
Allergie = overmatige respons op onschadelijk/onschuldig antigeen uit de omgeving,
- meeste allergische reacties zijn van Type I (bv. pollen)
- ook type IV allergische reacties kunnen optreden (bv. nikkelallergie, huidreactie)
- bv. penicilline kan de 4 verschillende types uitlokken
Allergisch antigeen = “allergeen”
INDELING OVERGEVOELIGHEIDSREACTIES
verschil type II en III: waar het
antilichaam bindt, ECM of bloed
toevoegen = kinetiek (staat ook in de nederlandse tekst)
schetsen kunnen geven!
,TYPE-I REACTIE: IGE GEMEDIEERD
MESTCELACTIVATIE ONTKETENT DE ALLERGISCHE REACTIE TYPE I
de mestcel staat centraal + wordt geactiveerd wanneer de IgE’s binden
mestcel à draagt op zijn membraan receptoren = Fc!-receptoren, Fc = constante deel van de IgE gebonden
ALLERGIE TREEDT OP BIJ OPEENVOLGENDE CONTACTEN
1ste keer dat allergeen in lichaam komt:
- antigeen moet herkend worden door een B-cel-receptor
- hulp krijgen van T-helper-II-cel, dus ThII-cytokinen moeten geproduceerd worden, bv. IL-4, IL-13
- IgE-producerende plasmacel wordt gevormd: maken alle allergeen specifieke IgE- antistoffen aanmaken
- er komen geheugencellen die bij volgende contact in gang schieten
- IgE worden gebonden op de Fc"-receptoren op de mestcel
- als allergeen weg is? stopt het de 1ste keer!
à antilichamen aangemaakt + komen in circulatie + binden op membranen van mestcel met Fc-domein
2de keer dat allergeen in lichaam komt: NOOIT vanaf de 1ste keer allergisch WANT eerst antistoffen aanmaken
- volgende contact met allergeen: receptoren worden gecrosslinked
- mestcellen zetten granules met mediatoren vrij
- mediatoren werken in op verschillende andere cellen van ons lichaam
(bv. eosonofiele leukocyten, zenuwuiteinden, bloedplaatjes geactiveerd, klieren die mucus produceren,…)
à genoeg IgE’s gebonden op mestcel
à als IgE & Fc-domein “crossen” à mestcel geactiveerd: mediatoren vrijzetten
mogelijke allergenen: gras, pollen, noten,… (niet allemaal kennen!)
, TYPE-I OVERGEVOELIGHEIDSREACTIES
Bi-fasische respons
- Snelle respons (minuten), quasi onmiddellijk na blootstelling aan allergeen
- Late fase (6-12u), gemediëerd door infiltrerende cellen
Cellen :
- Mestcellen, constitutief aanwezig in barrièreweefsels
- Eosinofiele granulocyten: migreren vanuit de bloedbaan naar weefsel waarIgE/Ag-complexen mestcellen
hebben getriggerd (analoog aan migratie v neutrofiele granulocyten naar ontstekingshaard), belangrijke cellen
voor afweer tegen parasieten
- Basofiele granulocyten
- Th2-cellen die IL-4, -5, -6, -13 produceren om B-cellen klasse-switch naar IgEte laten maken
à Deze Th2 cytokinen onderdrukken de Th1 respons.
Gebrek aan TREG’s
àvergelijkbaar met acute ontstekingsreactie (zelfde mediatoren die vrijkomen) maar detrigger is anders
(activatie door cross linken FC£ factoren)
àpatiënten hebben een verlaagd aantal regulatorische T cellen
DE LIPOXYGENASE EN CYCLO-OXYGENASE PATHWAY (ZIE LES 1)