Casus 1: Verpleeghuis – Anna Jansen
Achtergrond: Anna Jansen is een 78-jarige vrouw die in een verpleeghuis woont vanwege haar
vasculaire dementie. Ze heeft twee volwassen kinderen, een dochter en een zoon, die haar
regelmatig bezoeken. Anna's echtgenoot is enkele jaren geleden overleden, wat een sterke
impact op haar heeft gehad. In haar vroegere leven was Anna een gepassioneerde bridger en
werkte ze als kleuterjuf. Anna hield van een bourgondisch leven en dronk geregeld samen met
haar man een glas wijn na een drukke dag op school. Toen zij met pensioen gingen zagen zij hun
sociale kring geregeld en vierden zij het leven graag. Anna heeft vlak na de geboorte van haar
zoon een herseninfarct doorgemaakt waarna zij gestopt is met orale anticonceptie. Helaas heeft
zij toen zij midden vijftig was nog tweemaal een flink herseninfarct doorgemaakt waarvoor zij
antistollingsmedicatie heeft gekregen.
Gezondheidsstatus: Anna heeft dementie, wat invloed heeft op haar geheugen, oriëntatie
vermogen en taalvaardigheden. Soms heeft ze heldere momenten waarin ze haar kinderen en
verleden goed herkent, maar op andere momenten raakt ze in de war en kan ze gedesoriënteerd
raken. Ze is ook vatbaar voor veranderingen in stemming, zoals prikkelbaarheid of apathie.
Zorgteam: Anna ontvangt zorg van het zorgteam in het verpleeghuis. Het team bestaat uit
helpenden, verzorgenden een verpleegkundige en een verpleegkundig specialist die zich
inzetten om Anna het zo comfortabel mogelijk te maken in haar laatste levensfase. Ze zorgen
voor haar dagelijkse behoeften, zoals hulp bij aankleden, persoonlijke verzorging en
medicatiebeheer. Door personeelstekort heeft het team echter moeite om tijdig en regelmatig
toiletrondes voor Anna en de andere bewoners uit te voeren, wat leidt tot de zogenaamde
‘luierdagen’ en ongemak voor Anna, zoals huidirritatie in het urogenitaal gebied.
Dagelijkse leven in het verpleeghuis: Anna brengt haar dagen door in het verpleeghuis, waar ze
een rustige kamer heeft met uitzicht op een tuin. Ze geniet van wandelingen door de tuin, waar
ze af en toe bloemen en planten herkent. Het zorgteam zorgt ervoor dat Anna wordt betrokken bij
activiteiten die haar interesses aanspreken, zoals schilderen, bloemschikken en eenvoudige
puzzels. Dit helpt haar mentale stimulatie te bevorderen en haar stemming te verbeteren.
Uitdagingen: Anna's dementie brengt enkele uitdagingen met zich mee voor het zorgteam.
Soms wordt ze verward en raakt ze in paniek omdat ze niet weet waar ze is, het zogenaamde
‘probleemgedrag’. Het team moet geduldig en begripvol met haar omgaan, haar geruststellen en
haar naar een vertrouwde omgeving begeleiden. Hiervoor gebruiken ze een zogenaamd
‘signaleringsplan’ dat is opgesteld door de psycholoog. Anna heeft ook moeite met het volgen
van een regelmatig eet- en slaapritme, wat extra aandacht vereist van het zorgteam.
Communicatie: Het zorgteam gebruikt non-verbale communicatie, zoals aanraking en
gezichtsuitdrukkingen, om met Anna te communiceren wanneer woorden niet effectief zijn. Ze
begrijpen dat het belangrijk is om Anna's zelfrespect en waardigheid te behouden door haar de
vrijheid te geven om keuzes te maken waar mogelijk. De laatste tijd verslikt Anna zich regelmatig
bij het eten. Hiervoor komt de logopediste af en toe op de afdeling langs.
Doelstelling: Het doel van het zorgteam is om Anna een veilige en stimulerende omgeving te
bieden waarin ze zich geliefd en gewaardeerd voelt. Door samenwerking met haar familie en
regelmatig overleg met zorgprofessionals, streven ze ernaar om haar kwaliteit van leven zo hoog
mogelijk te houden ondanks haar dementie.
, • Welke beroepsprofessionals zijn er bij deze patiënt betrokken?
Helpenden, verzorgenden, een verpleegkundige, verpleegkundig specialist,
activiteitenbegeleiding, logopediste, psycholoog.
• Wat zijn per casus de verantwoordelijkheden van iedere beroepsprofessional?
Helpenden, verzorgenden, een verpleegkundige en verpleegkundig specialist zetten zich in om
het zo comfortabel mogelijk te maken. Ze zorgen voor haar dagelijkse behoeften, hulp bij
aankleden, persoonlijke verzorging en medicatie beheer.
De activiteitenbegeleiding zorgt voor activiteiten die haar interesses aanspreken en haar
mentale stimulatie te bevorderen en haar stemming te verbeteren.
De logopediste komt langs omdat ze zich regelmatig verslikt bij het eten.
De psycholoog heeft Anna geholpen met een signaleringsplan, want ze kan regelmatig in paniek
raken.
• Op welke manier denk je dat jij als verpleegkundige deze zorg kunt regisseren?
Door met het team en de familie een duidelijk plan te maken. Zodat de kwaliteit van leven zo
hoog mogelijk blijft voor Anna en het team de taken goed onderling kan verdelen.
Kwaliteitskader:
Persoonsgerichte zorg en ondersteuning:
Dagelijkse verzorging: team moet zorgen dat Anna wordt geholpen bij haar dagelijkse behoeften.
Zoals aankleden, persoonlijke verzorging en medicatiebeheer. Daarnaast is het van belang dat
het zorg team goed luistert naar de behoeftes die Anna heeft bij haar dagelijkse verzorging.
Bij personeelstekort moet een duidelijk plan worden gemaakt over de behoeftes van Anna, zodat
er geen ongemakken voor Anna ontstaan. Het is dan cruciaal dat het team zich met de
toiletrondes en huidzorg bezighoudt.
Voedingszorg: omdat Anna zich regelmatig verslikt is het van belang dat het team regelmatig
contact en overleg heeft met de logopediste. Om verder complicaties met verslikken te
voorkomen.
Wonen en welzijn:
Het is van belang dat Anna activiteiten krijg aangeboden die bij haar interesses passen, zoals
een korte wandeling door de tuin of een park. Puzzels maken, bloemschikken of schilderen.
Daarnaast is het contact met haar kinderen enorm belangrijk voor het welzijn van Anna.
Kwalitatief veilige zorg en ondersteuning:
Voor kwalitatief veilige zorg en ondersteuning is goede communicatie van belang, mensen met
dementie snappen soms niet meer wat er gezegd wordt. Hierbij is non-verbale communicatie
erg belangrijk. Ook is het van belang dat als er iets gaat gebeuren hier een duidelijke uitleg over
wordt gegeven aan Anna.
Daarnaast moet de zorg begrip tonen voor Anna, dit is belangrijk voor een goede relatie tussen
personeel en Anna. Daarnaast moet er ondersteuning aangeboden worden, maar is het ook
belangrijk om te kijken wat Anna zelf nog kan. De zorgt ondersteunt, maar neemt niet over! Zo
kan Anna blijven doen wat ze belangrijk vindt.
Personeelssamenstelling:
Het is belangrijk dat het zorgteam goed samenwerkt, om het zorgplan te waarborgen en Anna’s
behoeften na te blijven streven.
Achtergrond: Anna Jansen is een 78-jarige vrouw die in een verpleeghuis woont vanwege haar
vasculaire dementie. Ze heeft twee volwassen kinderen, een dochter en een zoon, die haar
regelmatig bezoeken. Anna's echtgenoot is enkele jaren geleden overleden, wat een sterke
impact op haar heeft gehad. In haar vroegere leven was Anna een gepassioneerde bridger en
werkte ze als kleuterjuf. Anna hield van een bourgondisch leven en dronk geregeld samen met
haar man een glas wijn na een drukke dag op school. Toen zij met pensioen gingen zagen zij hun
sociale kring geregeld en vierden zij het leven graag. Anna heeft vlak na de geboorte van haar
zoon een herseninfarct doorgemaakt waarna zij gestopt is met orale anticonceptie. Helaas heeft
zij toen zij midden vijftig was nog tweemaal een flink herseninfarct doorgemaakt waarvoor zij
antistollingsmedicatie heeft gekregen.
Gezondheidsstatus: Anna heeft dementie, wat invloed heeft op haar geheugen, oriëntatie
vermogen en taalvaardigheden. Soms heeft ze heldere momenten waarin ze haar kinderen en
verleden goed herkent, maar op andere momenten raakt ze in de war en kan ze gedesoriënteerd
raken. Ze is ook vatbaar voor veranderingen in stemming, zoals prikkelbaarheid of apathie.
Zorgteam: Anna ontvangt zorg van het zorgteam in het verpleeghuis. Het team bestaat uit
helpenden, verzorgenden een verpleegkundige en een verpleegkundig specialist die zich
inzetten om Anna het zo comfortabel mogelijk te maken in haar laatste levensfase. Ze zorgen
voor haar dagelijkse behoeften, zoals hulp bij aankleden, persoonlijke verzorging en
medicatiebeheer. Door personeelstekort heeft het team echter moeite om tijdig en regelmatig
toiletrondes voor Anna en de andere bewoners uit te voeren, wat leidt tot de zogenaamde
‘luierdagen’ en ongemak voor Anna, zoals huidirritatie in het urogenitaal gebied.
Dagelijkse leven in het verpleeghuis: Anna brengt haar dagen door in het verpleeghuis, waar ze
een rustige kamer heeft met uitzicht op een tuin. Ze geniet van wandelingen door de tuin, waar
ze af en toe bloemen en planten herkent. Het zorgteam zorgt ervoor dat Anna wordt betrokken bij
activiteiten die haar interesses aanspreken, zoals schilderen, bloemschikken en eenvoudige
puzzels. Dit helpt haar mentale stimulatie te bevorderen en haar stemming te verbeteren.
Uitdagingen: Anna's dementie brengt enkele uitdagingen met zich mee voor het zorgteam.
Soms wordt ze verward en raakt ze in paniek omdat ze niet weet waar ze is, het zogenaamde
‘probleemgedrag’. Het team moet geduldig en begripvol met haar omgaan, haar geruststellen en
haar naar een vertrouwde omgeving begeleiden. Hiervoor gebruiken ze een zogenaamd
‘signaleringsplan’ dat is opgesteld door de psycholoog. Anna heeft ook moeite met het volgen
van een regelmatig eet- en slaapritme, wat extra aandacht vereist van het zorgteam.
Communicatie: Het zorgteam gebruikt non-verbale communicatie, zoals aanraking en
gezichtsuitdrukkingen, om met Anna te communiceren wanneer woorden niet effectief zijn. Ze
begrijpen dat het belangrijk is om Anna's zelfrespect en waardigheid te behouden door haar de
vrijheid te geven om keuzes te maken waar mogelijk. De laatste tijd verslikt Anna zich regelmatig
bij het eten. Hiervoor komt de logopediste af en toe op de afdeling langs.
Doelstelling: Het doel van het zorgteam is om Anna een veilige en stimulerende omgeving te
bieden waarin ze zich geliefd en gewaardeerd voelt. Door samenwerking met haar familie en
regelmatig overleg met zorgprofessionals, streven ze ernaar om haar kwaliteit van leven zo hoog
mogelijk te houden ondanks haar dementie.
, • Welke beroepsprofessionals zijn er bij deze patiënt betrokken?
Helpenden, verzorgenden, een verpleegkundige, verpleegkundig specialist,
activiteitenbegeleiding, logopediste, psycholoog.
• Wat zijn per casus de verantwoordelijkheden van iedere beroepsprofessional?
Helpenden, verzorgenden, een verpleegkundige en verpleegkundig specialist zetten zich in om
het zo comfortabel mogelijk te maken. Ze zorgen voor haar dagelijkse behoeften, hulp bij
aankleden, persoonlijke verzorging en medicatie beheer.
De activiteitenbegeleiding zorgt voor activiteiten die haar interesses aanspreken en haar
mentale stimulatie te bevorderen en haar stemming te verbeteren.
De logopediste komt langs omdat ze zich regelmatig verslikt bij het eten.
De psycholoog heeft Anna geholpen met een signaleringsplan, want ze kan regelmatig in paniek
raken.
• Op welke manier denk je dat jij als verpleegkundige deze zorg kunt regisseren?
Door met het team en de familie een duidelijk plan te maken. Zodat de kwaliteit van leven zo
hoog mogelijk blijft voor Anna en het team de taken goed onderling kan verdelen.
Kwaliteitskader:
Persoonsgerichte zorg en ondersteuning:
Dagelijkse verzorging: team moet zorgen dat Anna wordt geholpen bij haar dagelijkse behoeften.
Zoals aankleden, persoonlijke verzorging en medicatiebeheer. Daarnaast is het van belang dat
het zorg team goed luistert naar de behoeftes die Anna heeft bij haar dagelijkse verzorging.
Bij personeelstekort moet een duidelijk plan worden gemaakt over de behoeftes van Anna, zodat
er geen ongemakken voor Anna ontstaan. Het is dan cruciaal dat het team zich met de
toiletrondes en huidzorg bezighoudt.
Voedingszorg: omdat Anna zich regelmatig verslikt is het van belang dat het team regelmatig
contact en overleg heeft met de logopediste. Om verder complicaties met verslikken te
voorkomen.
Wonen en welzijn:
Het is van belang dat Anna activiteiten krijg aangeboden die bij haar interesses passen, zoals
een korte wandeling door de tuin of een park. Puzzels maken, bloemschikken of schilderen.
Daarnaast is het contact met haar kinderen enorm belangrijk voor het welzijn van Anna.
Kwalitatief veilige zorg en ondersteuning:
Voor kwalitatief veilige zorg en ondersteuning is goede communicatie van belang, mensen met
dementie snappen soms niet meer wat er gezegd wordt. Hierbij is non-verbale communicatie
erg belangrijk. Ook is het van belang dat als er iets gaat gebeuren hier een duidelijke uitleg over
wordt gegeven aan Anna.
Daarnaast moet de zorg begrip tonen voor Anna, dit is belangrijk voor een goede relatie tussen
personeel en Anna. Daarnaast moet er ondersteuning aangeboden worden, maar is het ook
belangrijk om te kijken wat Anna zelf nog kan. De zorgt ondersteunt, maar neemt niet over! Zo
kan Anna blijven doen wat ze belangrijk vindt.
Personeelssamenstelling:
Het is belangrijk dat het zorgteam goed samenwerkt, om het zorgplan te waarborgen en Anna’s
behoeften na te blijven streven.