Fake news vs facts
Procedure Volume Vs. Degree of RCT Evidence and Support
= hoe vaak medische/ = mate van wetenschappelijk bewijs
chirugische procedure vanuit RCT’s
in praktijk wordt
uitgevoerd
Proces voordat WS op patiënt wordt toegepast
V
I
Randomised controlled trial L
2 groepen:
= per toeval toewijzen aan groep, met controle groep obv experimenten
(controleert het versch zaken) Interventie: Controle:
Doel: -(nieuwe) -placebo
valkuilen/ risico’s op bias vermijden (= systematische vertekening van behandeling -andere
resultaten waardoor conclusies niet overeenkomen met werkelijkheid) -advies interventie
• systematische error (fout wrdr resultaten steeds zelfde kant uitgaan) -kine -gwne zorg
• overschatting/ onderschatting echte effect (in werkelijkheid)
-> Richting onvoorspelbaar en niet te corrigeren (
• Door methodologische fouten
Effectief Geblindeerd Uitval/
attrition rate Compliance Blindering
.....
6 uitkomst
beoordelaar
Representatief Voldoende Intention to
groot Blindering treat analyse
Vglbare patiënt + arts Contaminatie Co-interventies
groepen
1 Observatie van studies
, 2 Steekproef van bronpopulatie steekproef voldoende ,
groot
resultaten komen allemaal
Representatief En Voldoende groot > maar samen , geen randd e
• Wie = doelgroep? • precisie (random error vermijden)
• Hoe steekproef getrokken? • Bias (telkens dezelfde/ systematische
• Hoe deelnemers actief benaderd? fout door foute methodologie) en
• Wie stemde toe om deel te nemen? imprecisie (telkens andere fout)
vermijden 7
3 Randomisatie
Hoe (Brigitte effect vermijden)? Doel: Allocation concealment (= blinderen van
• geboortedatum Alle voorspelbaarheid tegen gaan randomisatie -> onderzoeker niet op de hoogte
• Dobbelsteen en gebalanseerde groepen om van hoe groepen verdeeld)
• Ondoorzichtige enveloppe bias te voorkomen -> Brigitte effect vermijden
• Online randomisatie met ( elke persoon evenveel kans op -> zonder allocation concealment: effect
gecodeerde medicatie interventie als controlegroep => interventie onderzoeker + 40%
• Doorzichtige enveloppen balans prognotische/
• Online randomisatie in blokken voorspellende factoren)
van 4
• Alternerend
Soorten randomisatie
Pseudo/ quasi randomisatie Echte randomisatie Eenvoudige randomisatie Randomisatie met restricties
(geen goede manier) (beter) • 1:1 (evenveel mensen in (als studies bv heel duur zijn,…)
• geboortedatum • centraal systeem controle als interventie • 1:2 of 1:4 etc (meer in behandelde
• Dag van de week • Sequentieel groep) groep en minder in controle groep
• Dossiernummer genummerde • Cave kleine studies om makkelijker aan # patiënten te
medicatie (op pil (meer kans mensen met geraken)
staat wie actieve pil zelfde profiel in groep -> • In blokken per kenmerk (subgroepen
krijgt) hoe groter, hoe minder of clusters) (als je random doet nog
die kans => meer gelijk steeds kans bv meer mannen dan
verdeeld) vrouwen in groep maar moet gelijk
zijn => dus op basis van kenmerk)
4 Vergelijkbaarheid van groepen
Doel: Selectie bias
Effect confounders (= factor die effect
Observationeel onderzoek Randomised controlled trials
verstoort) uitsluiten
(geen randomisatie, kijken naar hvl mensen (Vglbare groepen => voorkomen
Vb. Studie effect gele vingers op
bloodgesteld aan factor en hvl niet) => kan effect selectie bias)
lonkanker bestuderen
hebben op wie in elke groep zit (selectie bias) Vb. Zeggen aan 1 groep alcohol
=> roken = factor die zowel invloed
Vb. Oude studie effect alcohol: mensen die geen drinken en andere niet (niet
heeft op gele vingers als op
alcohol dronken bleken hoger risico op sterfte => ethisch)
longkanker (hier rekening mee houden)
conclusie alcohol = goed
maar bleken meer mensen met aandoening in
groep die niet dronk (groepen niet gebalanseerd)
Procedure Volume Vs. Degree of RCT Evidence and Support
= hoe vaak medische/ = mate van wetenschappelijk bewijs
chirugische procedure vanuit RCT’s
in praktijk wordt
uitgevoerd
Proces voordat WS op patiënt wordt toegepast
V
I
Randomised controlled trial L
2 groepen:
= per toeval toewijzen aan groep, met controle groep obv experimenten
(controleert het versch zaken) Interventie: Controle:
Doel: -(nieuwe) -placebo
valkuilen/ risico’s op bias vermijden (= systematische vertekening van behandeling -andere
resultaten waardoor conclusies niet overeenkomen met werkelijkheid) -advies interventie
• systematische error (fout wrdr resultaten steeds zelfde kant uitgaan) -kine -gwne zorg
• overschatting/ onderschatting echte effect (in werkelijkheid)
-> Richting onvoorspelbaar en niet te corrigeren (
• Door methodologische fouten
Effectief Geblindeerd Uitval/
attrition rate Compliance Blindering
.....
6 uitkomst
beoordelaar
Representatief Voldoende Intention to
groot Blindering treat analyse
Vglbare patiënt + arts Contaminatie Co-interventies
groepen
1 Observatie van studies
, 2 Steekproef van bronpopulatie steekproef voldoende ,
groot
resultaten komen allemaal
Representatief En Voldoende groot > maar samen , geen randd e
• Wie = doelgroep? • precisie (random error vermijden)
• Hoe steekproef getrokken? • Bias (telkens dezelfde/ systematische
• Hoe deelnemers actief benaderd? fout door foute methodologie) en
• Wie stemde toe om deel te nemen? imprecisie (telkens andere fout)
vermijden 7
3 Randomisatie
Hoe (Brigitte effect vermijden)? Doel: Allocation concealment (= blinderen van
• geboortedatum Alle voorspelbaarheid tegen gaan randomisatie -> onderzoeker niet op de hoogte
• Dobbelsteen en gebalanseerde groepen om van hoe groepen verdeeld)
• Ondoorzichtige enveloppe bias te voorkomen -> Brigitte effect vermijden
• Online randomisatie met ( elke persoon evenveel kans op -> zonder allocation concealment: effect
gecodeerde medicatie interventie als controlegroep => interventie onderzoeker + 40%
• Doorzichtige enveloppen balans prognotische/
• Online randomisatie in blokken voorspellende factoren)
van 4
• Alternerend
Soorten randomisatie
Pseudo/ quasi randomisatie Echte randomisatie Eenvoudige randomisatie Randomisatie met restricties
(geen goede manier) (beter) • 1:1 (evenveel mensen in (als studies bv heel duur zijn,…)
• geboortedatum • centraal systeem controle als interventie • 1:2 of 1:4 etc (meer in behandelde
• Dag van de week • Sequentieel groep) groep en minder in controle groep
• Dossiernummer genummerde • Cave kleine studies om makkelijker aan # patiënten te
medicatie (op pil (meer kans mensen met geraken)
staat wie actieve pil zelfde profiel in groep -> • In blokken per kenmerk (subgroepen
krijgt) hoe groter, hoe minder of clusters) (als je random doet nog
die kans => meer gelijk steeds kans bv meer mannen dan
verdeeld) vrouwen in groep maar moet gelijk
zijn => dus op basis van kenmerk)
4 Vergelijkbaarheid van groepen
Doel: Selectie bias
Effect confounders (= factor die effect
Observationeel onderzoek Randomised controlled trials
verstoort) uitsluiten
(geen randomisatie, kijken naar hvl mensen (Vglbare groepen => voorkomen
Vb. Studie effect gele vingers op
bloodgesteld aan factor en hvl niet) => kan effect selectie bias)
lonkanker bestuderen
hebben op wie in elke groep zit (selectie bias) Vb. Zeggen aan 1 groep alcohol
=> roken = factor die zowel invloed
Vb. Oude studie effect alcohol: mensen die geen drinken en andere niet (niet
heeft op gele vingers als op
alcohol dronken bleken hoger risico op sterfte => ethisch)
longkanker (hier rekening mee houden)
conclusie alcohol = goed
maar bleken meer mensen met aandoening in
groep die niet dronk (groepen niet gebalanseerd)