Week 1
Perspectieven in de psychologie, bewustzijn en slaap
1.2Wat zijn de zes belangrijkste perspectieven van de
psychologie
Vandaag de dag zullen de meeste mensen instemmen met het feit dat emoties het denken kunnen
verstoren en dat onze waarnemingen slechts interpretaties zijn van de ons omringende wereld.
1.2.1 Scheiding van lichaam en geest en het moderne biologische
perspectief
De Franse filosoof René Descartes stelde het eerste radicaal nieuwe idee. Het geniale aan het idee
was dat de rooms-katholieke kerk de geest weliswaar buiten het wetenschappelijk onderzoek kon
houden, maar dat het bestuderen van menselijke gevoelens en gedragingen toch kon doorgaan,
omdat deze op lichamelijke activiteit in het zenuwstelsel waren gebaseerd.
Descartes denkbeeld sloot aan bij opwindende nieuwe ontdekkingen over de biologie van
zenuwbanen van dieren, waarbij wetenschappers hadden aangetoond hoe zintuigen stimulatie
omzetten in zenuwimpulsen en spierreacties. Dankzij deze ontdekkingen en Descartes’ scheiding
van lichaam en geest, konden wetenschappers voor de eerste keer aantonen dat er biologische
processen ten grondslag liggen aan sensaties en eenvoudige reflexmatige gedragingen, in plaats
van mysterieuze, spirituele krachten.
Descartes behoorde tot het rationalisme, een filosofie stroming die de ratio (het denken) als enige
middel zag om aan wetenschap en filosofie te doen. Het empirisme formuleerde echter veel kritiek
op Descartes. Empiristen zien het denken namelijk als onnodig en zelfs storend in wetenschap en
filosofie en beweren dat waarnemingen, ervaringen en experimenten de enige ware bronnen van
kennis zijn.
Het moderne biologische perspectief
Moderne biologische psychologen hebben lichaam en geest opnieuw samengevoegd. Zij beschouwen
de geest als een product van de hersenen. Volgens dit standpunt komen zowel onze persoonlijkheid,
, onze voorkeuren, onze gedragspatronen als onze vaardigheden voort uit onze lichamelijke
eigenschappen.
De biologische psychologie wordt gecombineerd met de biologie, de neurologie en andere
disciplines die geïnteresseerd zijn in processen in de hersenen tot het nieuwe vakgebied van de
neurowetenschap.
Een andere belangrijke variant van de biologische psychologie is voortgekomen uit ideeën die circa
honderdvijftig jaar geleden door Charles Darwin zijn geformuleerd. Volgens deze evolutionaire
psychologie komt een groot deel van het menselijk gedrag voort uit overgeërfde neigingen; dit
standpunt wordt in hoge mate ondersteund door recent onderzoek in de genetica.Volgens het
evolutionaire perspectief is onze genetische opmaak, die aan onze meest fundamentele gedragingen
ten grondslag ligt, gevormd door de omstandigheden waarin onze genetische voorouders duizenden
jaren gelegen verkeerden.
Volgens de evolutionaire psychologie hebben invloeden in de omgeving de stamboom van de mens
gesnoeid, waarbij de individuen met de meest adaptieve psychische en lichamelijke kenmerken
bevoordeeld werden, want ze leefden langer en waren daardoor beter in staat zich voort te planten
en zo hun eigen kenmerken door te geven. Dit heet natuurlijke selectie.
1.2.2 Het begin van de wetenschappelijke psychologie en het
moderne cognitieve perspectief
Het tweede belangrijke idee dat de vroege psychologische wetenschap vormgaf, is afkomstig uit de
scheikunde waar wetenschappers patronen ontdekten in de eigenschappen van de chemische
elementen.
De Duitse wetenschapper Wilhelm Wundt dacht dat het mogelijk was de menselijke geest op
eenzelfde manier te simplificeren als het periodiek systeem de scheikunde had vereenvoudigd. Hij
had een baanbrekend inzicht: de wetenschappelijke methoden zoals die in de natuur- en scheikunde
werden toegepast, konden ook gebruikt worden om zowel de geest als het lichaam te bestuderen.
Wundt en zijn studenten deden onderzoek waarbij getrainde vrijwilligers hun sensorische en
emotionele reacties op verschillende prikkels beschreven, een techniek genaamd introspectie.
Volgens hen bestond al onze verstandelijke activiteit uit verschillende combinaties van deze
elementaire processen.
Wundts pupil Edward Bradford Titchener bracht de zoektocht naar elementen van het bewustzijn
naar de Verenigde Staten, waar hij het structuralisme begon te noemen. Vanaf het begin kreeg
zowel Wundt als Titchener veel kritiek. De bezwaren luidde vooral dat de introspectieve methode
te subjectief was. Hoe kunnen we de nauwkeurigheid beoordelen van de beschrijving die mensen
zelf van hun gedachten en gevoelens geven?
Perspectieven in de psychologie, bewustzijn en slaap
1.2Wat zijn de zes belangrijkste perspectieven van de
psychologie
Vandaag de dag zullen de meeste mensen instemmen met het feit dat emoties het denken kunnen
verstoren en dat onze waarnemingen slechts interpretaties zijn van de ons omringende wereld.
1.2.1 Scheiding van lichaam en geest en het moderne biologische
perspectief
De Franse filosoof René Descartes stelde het eerste radicaal nieuwe idee. Het geniale aan het idee
was dat de rooms-katholieke kerk de geest weliswaar buiten het wetenschappelijk onderzoek kon
houden, maar dat het bestuderen van menselijke gevoelens en gedragingen toch kon doorgaan,
omdat deze op lichamelijke activiteit in het zenuwstelsel waren gebaseerd.
Descartes denkbeeld sloot aan bij opwindende nieuwe ontdekkingen over de biologie van
zenuwbanen van dieren, waarbij wetenschappers hadden aangetoond hoe zintuigen stimulatie
omzetten in zenuwimpulsen en spierreacties. Dankzij deze ontdekkingen en Descartes’ scheiding
van lichaam en geest, konden wetenschappers voor de eerste keer aantonen dat er biologische
processen ten grondslag liggen aan sensaties en eenvoudige reflexmatige gedragingen, in plaats
van mysterieuze, spirituele krachten.
Descartes behoorde tot het rationalisme, een filosofie stroming die de ratio (het denken) als enige
middel zag om aan wetenschap en filosofie te doen. Het empirisme formuleerde echter veel kritiek
op Descartes. Empiristen zien het denken namelijk als onnodig en zelfs storend in wetenschap en
filosofie en beweren dat waarnemingen, ervaringen en experimenten de enige ware bronnen van
kennis zijn.
Het moderne biologische perspectief
Moderne biologische psychologen hebben lichaam en geest opnieuw samengevoegd. Zij beschouwen
de geest als een product van de hersenen. Volgens dit standpunt komen zowel onze persoonlijkheid,
, onze voorkeuren, onze gedragspatronen als onze vaardigheden voort uit onze lichamelijke
eigenschappen.
De biologische psychologie wordt gecombineerd met de biologie, de neurologie en andere
disciplines die geïnteresseerd zijn in processen in de hersenen tot het nieuwe vakgebied van de
neurowetenschap.
Een andere belangrijke variant van de biologische psychologie is voortgekomen uit ideeën die circa
honderdvijftig jaar geleden door Charles Darwin zijn geformuleerd. Volgens deze evolutionaire
psychologie komt een groot deel van het menselijk gedrag voort uit overgeërfde neigingen; dit
standpunt wordt in hoge mate ondersteund door recent onderzoek in de genetica.Volgens het
evolutionaire perspectief is onze genetische opmaak, die aan onze meest fundamentele gedragingen
ten grondslag ligt, gevormd door de omstandigheden waarin onze genetische voorouders duizenden
jaren gelegen verkeerden.
Volgens de evolutionaire psychologie hebben invloeden in de omgeving de stamboom van de mens
gesnoeid, waarbij de individuen met de meest adaptieve psychische en lichamelijke kenmerken
bevoordeeld werden, want ze leefden langer en waren daardoor beter in staat zich voort te planten
en zo hun eigen kenmerken door te geven. Dit heet natuurlijke selectie.
1.2.2 Het begin van de wetenschappelijke psychologie en het
moderne cognitieve perspectief
Het tweede belangrijke idee dat de vroege psychologische wetenschap vormgaf, is afkomstig uit de
scheikunde waar wetenschappers patronen ontdekten in de eigenschappen van de chemische
elementen.
De Duitse wetenschapper Wilhelm Wundt dacht dat het mogelijk was de menselijke geest op
eenzelfde manier te simplificeren als het periodiek systeem de scheikunde had vereenvoudigd. Hij
had een baanbrekend inzicht: de wetenschappelijke methoden zoals die in de natuur- en scheikunde
werden toegepast, konden ook gebruikt worden om zowel de geest als het lichaam te bestuderen.
Wundt en zijn studenten deden onderzoek waarbij getrainde vrijwilligers hun sensorische en
emotionele reacties op verschillende prikkels beschreven, een techniek genaamd introspectie.
Volgens hen bestond al onze verstandelijke activiteit uit verschillende combinaties van deze
elementaire processen.
Wundts pupil Edward Bradford Titchener bracht de zoektocht naar elementen van het bewustzijn
naar de Verenigde Staten, waar hij het structuralisme begon te noemen. Vanaf het begin kreeg
zowel Wundt als Titchener veel kritiek. De bezwaren luidde vooral dat de introspectieve methode
te subjectief was. Hoe kunnen we de nauwkeurigheid beoordelen van de beschrijving die mensen
zelf van hun gedachten en gevoelens geven?