100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting - Inleiding verbintenissenrecht (R_InlVerb)

Rating
-
Sold
-
Pages
36
Uploaded on
25-08-2025
Written in
2022/2023

inleiding verbintenissenrecht HC en WG aantekeningen

Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
August 25, 2025
Number of pages
36
Written in
2022/2023
Type
Summary

Subjects

Content preview

Inleiding verbintenissenrecht 2022-2023

Week 1
Verbintenissenrecht: regels die betrekking hebben op de rechtsverhouding tussen personen
onderling.
Verbintenissenrecht: is er een verbintenis ontstaan? Wat is de reikwijdte en wat moet er gebeuren
als B de verbintenis niet nakomt.
3 vereisten overdracht 3:84 BW, de titel vereiste is belangrijk. Bv. Een verbintenis uit overeenkomst.
Leerdoelen
1. De bronnen van verbintenis kennen
De belangrijkste bronnen van verbintenis zijn:
- De overeenkomst (meerzijdige rechtshandeling)
Art. 6:213 BW
Redelijkheid en billijkheid
Art. 6:248 lid 2 jo. Art. 3:12 BW
- ‘echte verbintenissen’ uit de wet
Onrechtmatige daad (art. 6:162 BW)  bron als verbintenis tot het betalen van schade
vergoeding
Zaakwaarneming (art. 6:198 BW)
Onverschuldigde betaling (art. 6:203 BW)
Ongerechtvaardigde verrijking (art. 6:212 BW)
- Tekortkoming in de nakoming van een (andere) verbintenis

2. Belangrijke begrippen kennen


Rechtsfeit




Handeling Bloot rechtsfeit


Rechtshandeling Feitelijke handeling (niet-rechtshandeling) Onrechtmatige daad
Rechtmatige daad


Eenzijdig Meerzijdig Overeenkomst eenzijdig en wederkerig
(gericht en ongericht) Geen overeenkomst, andersoortig


Begrippen:
- Rechtsfeit: een feit waar rechtsgevolgen aan verbonden zijn
- Bloot rechtsfeit: daar kun je niks aan doen. Het doet zich voor zonder menselijke gedraging
- Feitelijke handeling: handeling die gevolgen onafhankelijk van de antwoord op de vraag of de
persoon het gevolg als beoogd doel had.

,- Rechtshandeling: wanneer een persoon een handeling verricht met de bedoeling daarmee een
bepaald rechtsgevolg tot stand te brengen
- Eenzijdige rechtshandeling: een rechtshandeling met de wilsverklaring van één persoon, de
tegenpartij hoeft niet in te stemmen
- Gerichte eenzijdige rechtshandeling: wordt gedaan jegens de geadresseerde van de
rechtshandeling en moet deze bereiken
- Ongerichte eenzijdige rechtshandeling: zijn ook geldig als ze niet jegens de geadresseerde zijn
gericht en ze niet hebben bereikt.
- Meerzijdige rechtshandeling: hierbij komen de wilsverklaringen van meerdere personen samen
- Eenzijdige overeenkomst: een persoon is verplicht om een prestatie te leveren (bv. bij een
schenking, wel een meerzijdige rechtshandeling)
- Wederkerig overeenkomst: meerzijdige rechtshandeling waarbij meerdere partijen verplicht zijn
om een prestatie te leveren.

3. De algemene vereisten voor een geldige rechtshandeling kennen
Vereisten eenzijdig gerichte rechtshandeling
- Eerst artikel 3:33 BW: wil van persoon die op rechtsgevolg is gericht, het openbaren van de wil
door het doen van een verklaring.
- Art. 3:37 lid 3 BW (eenzijdig gerichte rechtshandeling), de verklaring moet de persoon hebben
bereikt om in werking te treden. Bereiken in de zin van ‘ontvangen’ niet vernemen.
- Art 3:37 lid 5 BW, intrekking van een verklaring moet de persoon eerder dan of gelijktijdig met de
ingetrokken verklaring hebben bereikt.

Vereisten meerzijdige rechtshandeling
- In het bijzonder de verbintenis scheppende overeenkomst (art. 6:213 BW)
- Art. 6:217 lid 1 BW, aanbod en aanvaarding is overeenkomst
(aanbod is eenzijdig dus daarvoor kijken naar 3:33 BW wil en verklaring)
Er moet sprake zijn van een wilsovereenstemming tussen partijen (A en B zelfde verklaring),
hetgeen in de regel zal blijken uit de met elkaar overeenstemmende verklaring van partijen.


Vereisten voor een geldig aanbod
Aanvullende vereisten op 3:33 BW die specifiek gelden voor een aanbod
- Aanbod met het oog op een juridisch niet bindende afspraak
- Aanbod bevat (nog) niet de voornaamste elementen van de inhoud van een eventueel te sluiten
overeenkomst
Precontractuele onderhandelingen
- Advertenties (niet alles wat de koper aanbied via een advertentie telt als aanbod)
Aanbod van soortzaken door een onderneming (juridisch aanbod)
Aanbod van een specifieke zaak of andere prestatie door een particulier  HR 10 april 1981
Hofland Hennis. Volgens HR: wanneer een advertentie wordt geplaatst waarin een
individueel product voor een individuele prijs wordt aangeboden IN BEGINSEL niet ertoe
leent door eventuele gegadigden anders te worden opgevat dan als uitnodiging om in
onderhandeling te treden.
- Mogelijk is het aanbod vervallen
Hoe vervalt een aanbod
- Door tijdverloop 6:221 lid 1 mondeling en schriftelijk of door termijn voor aanvaarding art. 6:219
lid 1
- Door verwerping art 6:221 lid 2 BW, met inbegrip van een afwijkende aanvaarding art. 6:225 lid 1

,- Door herroeping art. 6:219 BW, vooropgesteld dat herroeping mogelijk is alleen bij aanbod
Intrekking kan wel bij van alle rechtshandelingen art. 3:37 lid 5 BW


4. De drie verschillende probleemgevallen kennen


Probleemgeval: een met de verklaring overeenstemmende wil ontbreekt
- Als wil en verklaring van A niet overeenstemmen kan A zich in beginsel beroepen op de
ongeldigheid van de rechtshandeling  voorwaarde A moet aannemelijk maken dat een
discrepantie is tussen zijn wil en verklaren bv hij zal nadeel lijden als B hem aan zijn wilsverklaring
houdt
- B was mogelijk te goeder trouw toen B ervan uitging dat A verklaarde overeenkomstig diens wil 
B kan proberen bescherming te ontlenen aan art. 3:35 BW (beroep doen op art. 3:35 BW)
Art. 3:35 BW
- A kan geen beroep doen op dat zijn verklaring niet overeenstemt met zijn wil in het geval dat B er
op dat moment onder de gegeven omstandigheden er redelijkerwijs van mocht uitgaan dat A dit
wel bedoelde  dan wordt B beschermd
- Art. 3.11 (jo.) altijd erbij, indien hij ze in de gegeven omstandigheden behoorde te kennen
Uitzondering HR 12 september 1986 Westhoff/Spronsen
- Standpunt Westhoff:
Spronsen mag Westhoff alleen aan de ontslagname houden wanneer hij door ongedaan
making van het ontslag in een nadeligere toestand zou komen te verkeren dan waarin hij
zonder ontslagname zou hebben verkeerd.
- Hoge Raad stemt in:
Dat de werkgeefster, hoezeer zij de betreffende uitingen als een ontslagneming heeft
opgevat en mocht opvatten, de werknemer toch niet aan die ontslagneming mag houden
indien er niet aan haar zijde sprake is van nadeel.
Dit waren allemaal toepassing wilsvertrouwensleer in geval van eenzijdige rechtshandeling
In geval van meerzijdige dus overeenkomst (6:213 BW):
- Begint bij eenzijdige rechtshandeling namelijk aanbod
- A doet verklaring en die bereikt B
- B aanvaard aanbod en die bereikt A
- Toch stelt A dat hij iets heeft verklaard dat niet overeenstemt met zijn wil
- In beginsel ongeldig aanbod 3:33 BW
- Werkt door in meerzijdig dus geen overeenkomst want geen wilsovereenstemming
- B kan 3:35 BW doen en bescherming daaraan ontlenen met goede trouw 3:11 BW



Probleemgeval: geestelijke stoornis
A heeft een verklaring afgelegd die niet overeenstemt bij zijn wil vanwege invloed van geestelijke
stoornis  art. 3:34 BW
Bewijsegels art. 3:34 lid 1 BW
- Er sprake is van geestelijke stoornis EN
- Er verband is tussen die stoornis en de verklaring

, Hetzij doordat de stoornis een redelijke waardering van de bij de handeling betrokken
belangen belet,
Hetzij doordat de verklaring onder invloed van de stoornis is gedaan
Dat laatste wordt vermoed indien:
1. De rechtshandeling nadelig is voor de gestoorde, TENZIJ
2. Het nadeel op het tijdstip van de rechtshandeling redelijkerwijze niet
was te voorzien (5 broden)
- Art. 3:34 lid 2 BW: vernietigbaarheid van de rechtshandeling
- Er is sprake van geestelijke stoornis.. rechtshandeling A is vernietigbaar. Zolang geen beroep op
de vernietigbaarheid van de rechtshandeling wordt gedaan, blijft deze gewoon geldig
- B kan proberen bescherming te ontlenen aan art. 3:35 als 3:11 goeder trouw


Probleemgeval: misverstand
- Beide partijen verklaren conform een wil en verklaren hetzelfde, toch komen ze erachter dat ze
ieder iets anders bedoelde
- HR 17 december 1976 Bunde/Erckens
- Erckens meent dat er geen overeenkomst tot stand is gekomen omdat partijen het begrip
belastingschade verschillend uitleggen
- Hoge Raad zegt dat de antwoord op de vraag of al of niet een overeenkomst tot stand is
gekomen, in beginsel afhangt van wat beide partijen over en weer hebben verklaard en uit elkaar
verklaringen en gedragingen overeenkomstig de zin die zij daaraan in de gegeven
omstandigheden redelijkerwijze mocht toekennen, hebben afgeleid




Jurisprudentie rechtsregels:
- Bunde/Erckens: misverstand over betekenis van begrip. indien partijen die een overeenkomst
wensen te sluiten, daarin een voor misverstand vatbare uitdrukking bezigen, die zij elk in
verschillende zin hebben opgevat, hangt het antwoord op de vraag, of al dan niet een
overeenkomst tot stand is gekomen, in beginsel af van wat beide partijen over en weer hebben
verklaard en uit elkaars verklaringen en gedragingen, overeenkomstig de zin die zij daaraan in de
gegeven omstandigheden redelijkerwijze mochten toekennen, hebben afgeleid.
Daarbij kan onder meer een rol spelen:
a. of de betekenis waarin de ene partij de uitdrukking heeft opgevat meer voor de hand lag dan
die waarin de ander haar heeft opgevat;
b. of, indien deze uitdrukking een vaststaande technische betekenis heeft, de partij die van deze
betekenis is uitgegaan, mocht verwachten dat ook de andere partij deze betekenis zou
toekennen
c. of de andere partij zich had voorzien van deskundige bijstand en de wederpartij mocht
verwachten dat deze die betekenis kende en die andere partij daaromtrent voorlichtte
d. of één der door partijen aan de uitdrukking gehechte betekenissen zou leiden tot een resultaat
dat met hetgeen partijen met de overeenkomst beoogden minder goed zou zijn te rijmen.

- Westhoff/Spronsen: Een werkgever mag een werknemer slechts dan aan een ontslagneming
houden, wanneer zij in gerechtvaardigd vertrouwen op de bij haar gewekte schijn iets heeft
$9.35
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
zainabikane

Get to know the seller

Seller avatar
zainabikane Vrije Universiteit Amsterdam
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
1
Member since
6 months
Number of followers
0
Documents
7
Last sold
5 days ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions