Module: Extramurale zorg 2 – CNA
Inleiding
De hersenen kunnen op verschillende manieren worden onderverdeeld. Een daarvan is gebaseerd op de
indeling in de embryonale periode, en kent een aantal onderdelen:
a. de grote hersenen (telencephalon) bestaande uit twee helften (hemisferen) die met elkaar verbonden
zijn door middel van de zgn. balk (corpus callosum). Elke hemisfeer is onderverdeeld in vier kwabben
(lobus, mv. lobi), met aan de buitenzijde de neuronen (de hersenschors of cortex cerebri).
b. diep in de grote hersenen gelegen structuren die met ‘subcorticaal’ worden aangeduid, o.a. de basale
kernen en het limbisch systeem.
c. de tussenhersenen bestaande uit o.a de thalamus, hypothalamus en hypofyse; de hypothalamus
wordt tegenwoordig vaak ook tot het limbisch systeem gerekend. Subcorticale kernen en
tussenhersenen vormen dan ook functioneel eigenlijk een geheel, dat met ‘binnenhersenen’ zou
kunnen worden aangeduid.
d. de drie onderdelen van de hersenstam (truncus cerebri), nl. de middenhersenen (mesencephalon), de
brug (pons) en het verlengde merg (medulla oblongata)
e. de kleine hersenen (cerebellum)
f. het ruggenmerg (medulla spinalis) (NB ook wel met het Griekse woord ‘myelum’ aangeduid)
Tip: gebruik tijdens het maken van de opdrachten de 3D brain website (http://www.g2conline.org/, je hebt
hiervoor Flash player nodig. Rechtsboven zie je onder ‘Targeted content’ een plaatje van de hersenen en 3-D
brain staan) of app, verkrijgbaar via iTunes (voor Apple) of Google play (Android). Bevat beelden die 3D kunnen
worden geroteerd.
Let op: de app is erg groot om te downloaden!
, Algemene neuro-anatomie - Voorbereidingsopdrachten
1. Zoek onderstaande structuren van de grote hersenen op in een anatomie atlas of website. Probeer deze
structuren aan te wijzen op één van onderstaande figuren van het buitenaanzicht van de hersenen.
Benoem kort de belangrijkste functie(s) (behalve van e en g)
a. Lobus frontalis: denken, keuzes maken, persoonlijkheid, motorische tertiaire schors
b. Lobus parietalis: somatosensorische schors
c. Lobus occipitalis: visuele schors
d. Lobus temporalis: auditieve schors
e. Sulcus centralis en lateralis
f. Gyrus pre- en postcentralis: primaire motorische en primaire somatosensorische schors
g. Fissura longitudinalis
f.2 f.1
e.1
b 2.
a
g
c e.2
d
Doe ditzelfde voor onderstaande structuren in de mediane doorsnede. Let op: niet alle structuren zijn in de
figuur duidelijk te zien. Wijs dan de locatie aan van waar deze structuur zich ongeveer bevindt.
a. Corpus callosum (hersenbalk): verbinding li-re hemisfeer
b. Thalamus: filter sensorische prikkels
c. Hypothalamus: hormoonklier, betrokken bij oa stressrespons
d. Hypofyse: hormoonklier, betrokken bij oa stressrespons
e. Gebieden van de hersenstam: mesencephalon, pons, medulla oblongata: automatische functies
f. Basale kernen (alleen in het geheel, niet alle losse structuren): automatische en emotionele
motoriek
g. Cerebellum: coordinatie en evenwicht
a
f
b g
c
e.1
d
e.2
e.3