De bedoeling van het vak is om informatie te verschaffen. Accounting =
informatie verschaffen. Dit is zowel belangrijk voor mensen binnen het bedrijf
(managers) en mensen buiten het bedrijf: stakeholders (aandeelhouders). Deze
informatie kan ook belangrijk zijn voor mensen die geld lenen aan een bedrijf,
bijvoorbeeld in de vorm van een obligatieleningen.
Financial accounting: externe berichtgeving VS Management accounting:
interne berichtgeving.
De focus bij accounting ligt op het annual report (jaarverslag). Dit bestaat
grofweg uit 3 verschillende onderdelen:
- Management report: dit is een verslag vanuit het management over
ontwikkelingen van het afgelopen jaar en de huidige status van het
bedrijf
- Financial statements: Income statement, statement of retained
earnings, balance sheet, cash flow statement (4).
- Auditor’s report: Een assesment van de wijze waarop de principes van
accounting zijn toegepast.
,
,Belangrijk om te onthouden: Assets = Liabilities = Stockholders Equity
Mechanics of accounting: bookkeeping
Het vastleggen van business transactions is onderhevig aan 3 “problemen”:
- Recognition issue: wanneer heeft een transactie plaatsgevonden?
- Valuation issue: wat is de gepaste waarde van de transactie?
- Classification issue: hoe bepaalde componenten van een transactie te
categoriseren?
,How do companies keep track of account balances?
Concluderend: financiele statements zijn onderhevig aan veranderingen
vanwege transacties. Men zou er voor kunnen kiezen dat er na elke transactie
een nieuw financieel statement wordt opgesteld. Dit zou echter niet efficient zijn.
Om deze reden worden financiele statements periodiek opgesteld en worden alle
transacties bijgehouden via Journal entries (journaalposten) en T-accounts.
Belangrijk om te onthouden is dat elke transactie tenminste effect heeft op 2
accounts: principe van dubbel boekhouden. Wanneer een kant wordt
gedebiteerd/crediteerd dient het tegenoverstelde aan de andere kant van de
balans te gebeuren. THE ACCOUNTING EQUATION MUST ALWAYS APPLY
T-accounts
Een T-account (grootboekrekening) is niets meer dan een afzonderlijke account
(rekening/”balansje”) voor een specifieke asset, liabilities, SE, revenue of
expense.
,Boekhouden:
Trial balance (saldi balans): Overzicht voor de uiteindelijke balans met allerlei
cijfers.
Week 15 (H3 & H4)
Volgorde van boeken (belanrijk):
Income sheet -> Statement of retained earnings -> Balance sheet.
,Adjusting entries (aanvullende journaalposten)
Er is een verschil tussen wat er daadwerkelijk met de kas gebeurd en hoe je
opbrengsten en kosten boekt. Je boekt kosten/opbrengsten niet enkel wanneer
er geld is binnen gekomen of is betaald: Cash basis VS accrual accounting.
Om kosten/opbrengsten die nog niet daadwerkelijk gemaakt/binnen zijn te
boeken maak je adjusting entries. Hierover later meer uitleg.
Een van de problemen is dat bedrijven verplicht zijn om periodiek verslag te
doen. Dit noemen we bijvoorbeeld een “fiscal year” -> annual report. Je knipt het
leven van een organisatie dus in stukjes. Een probleem kan bijvoorbeeld zijn dat
iets vooruit betaald is (in 2012 ontvangen voor 2013). Een goed voorbeeld
hiervan zijn verzekeringen.
*Een boekjaar hoeft niet altijd op 01-01 te beginnen, als het maar een jaar
duurt.
,Accrual accounting
De basis van accruel accounting is dat er geen posten worden geboekt aan de
hand van kasstromen.
Accrual accounting kent 2 belangrijke principes. Het geld hoeft niet binnen te
zijn, dit is geen criterium.
1. Revenu recognition (realisatie principe): Wanneer is er volgens accrual
accounting sprake van een opbrengst?
Als een product of dienst is geleverd
De daarbij behorende winst is objectief vast te stellen
Cash collection is reasonably assured
2. Matching principle:
Schrijf kosten toe aan de periode waarin ze zijn gebruikt om
winsten/opbrengsten te genereren. Kosten moet je dus relateren aan de
opbrengst(en) die hiermee gegenereerd worden: matching.
Kortom: je moet soms knopen doorhakken. Er komt een bepaalde mate van
subjectiviteit kijken bij accrual based accounting. Denk bijvoorbeeld aan R&D. Je
kunt je afvragen hoe je dit bijvoorbeeld verantwoord. Kosten? Ze helpen immers
om revenues te genereren. Of zijn het nog geen kosten en pas op het moment dat
er opbrengsten worden gegenereerd echt kosten? In de praktijk is dit niet zo
lastig. Alles wat bedoeld is om uiteindelijk revenues te genereren zijn kosten. De
enige vraag is wanneer je ze boekt. Het punt is dat het verband tussen kosten en
gegenereerde opbrengsten (in de toekomst) discutabel is. Je weet het niet. Je
mag kosten alleen als vooruitbetaald zien als je zeker bent dat er opbrengsten
gegenereerd worden. Anders neem je alle kosten direct.
(voorzichtigheidsprincipe).
, Voorbeeld:
Vergelijk nu cash-basis accounting VS accrual based accounting. Welke manier
geeft een beter inzicht in de economische waarde van het bedrijf in deze
perioden?
Cash basis: na periode 1 zegt iemand die puur cash based denkt: stop ermee. Je
hebt een flink verlies. Echter heb je in periode 2 juist een flinke winst. Op basis
hiervan zijn de vooruitzichten juist weer heel positief. Daarnaast heb je in deze
periode helemaal geen kosten. Nog beter! Conclusie? Op basis hiervan kun je erg
lastig conclusies trekken.
Accrual based: Je ziet dat de winst hier meer gelijk is verdeeld over de 2
periodes. Daarnaast zie je dat de kosten/opbrengsten op het moment van de
transactie zijn geboekt en niet op het moment dat er geld binnenkomt/uitgaat.