8. de bronze age collapse en dark age (ca 1200-900 vc)
Chronologisch kader:
- 1200-1100: “Bronze Age Collapse”
ineenstorting regionaal systeem van territoriale staten
- 1100-900: “Dark Age”
- 900-600: Heropbouw
expansie Assyrië
Situatie vlak voor bronze
age collapse
Invloedsfeer Egypte en Hatti
tot diep in de Levant
Bronnen: (rond 1200, ineenstorting systeem)
nadruk op rampspoed en vernietiging
elementen van continuïteit minder zichtbaar
- Archeologische bronnen
o Verwoeste en verbrande sites (beter bewaard)
o Verlaten sites
o Wijzigen nederzettingspatroon (minder en kleinere nederzettingen)
- Geschreven bronnen
o Koninklijke inscripties
o Diplomatieke correspondentie
Bronze age collapse
Oostelijke MZ gebied Grote staten
(Mycene, Hatti, de Levant) (Babylonië, Assyrië, Elam en Egypte)
- Sterke omwentelingen - Gradueel verval en verandering
- Vernietigingen van eeuwenoude - Lijden onder terugval oostelijke staten
culturele praktijken (heersers zijn grotendeels afhankelijk
- terugval van elkaar)
1
, totaal verval van systeem dat bestond tussen 1600-1200
beweging van west naar oost
verschillende rijken:
1. Mycene
2. Hettitisch rijk
3. levant
4. Egypte
5. Assyrië
6. Babylonië
1. Mycene
- Weinig bronnen over verschillende
koninkrijkjes
- Wel archeologische vondsten (dia 8-10)
duidelijk dat ze uitmaakten van
internationaal systeem
- Reikwijdte Myceense cultuur:
o Griekenland, Kreta, Egeïsche
eilanden, Anatolische kust
- Sociale en politieke structuur onbekend
kan deels worden gereconstrueerd door werken van Homerus, maar deze zijn pas
later geschreven (7de eeuw v.C.) en dus niet 100% representatief
- Sterk centraal gezag
o Grote paleizen, citadellen en forten
o Elites en accumulatie van rijkdom
- Handel met Cyprus en de Levant
verschillende elementen teruggevonden in Levant uit de Balkan (via Mycene)
- Vanaf vroeg 12de:
o Verwoesting paleizen en steden
o Verdwijnen lineair B schrift (dia 12)
o Afname handel
o Afname grafgiften
Cyprus vult vacuüm (stedelijke opleving)
- Kaart: verval van Mycene
o Vlammetjes= verwoeste steden en sites
2
, o Pijlen: routes van overvallers
2. Hettitische rijk
- Bron: Koninklijke annalen van Suppiluliuma II (1207-?)
o Revoltes van vazallen
Kurunta van Tarhuntassa claimt troon en wordt
semi-onafhankelijk
opvolgingsproblemen
o Militaire expedities in West-Anatolië en op Cyprus
o Hongersnoden ?
- Verschillende van deze zaken waren 100 jaar geleden
ook het geval, maar nu komt dit allemaal samen + rijk
is extra kwetsbaar door val van andere rijken (handel, communicatie en luxe valt weg)
- Hattusa
o Bovenstad: koning en elite
deels verwoest
reeds verlaten
o Onderstad: tempels en bevolking
niet verwoest
- Overige sites
o sommige sites verwoest
o sommige sites verlaten
o nooit complete verwoesting
o niet uniform
- Karkemish (zie groene kaart)
o Niet verwoest
o vazalkoning claimt troon en zet Hettitisch koninklijk huis voort
o voormalige Hettitische vazalstaatjes in Syrië worden geleidelijk onafhankelijk (willen
niet meewerken met nieuwe koning)
“Neo-Hettitische staten”
- Ugarit
o 1190: verwoest en verbrand (niet heropgebouwd)
o havenstad Ras ibn Hani wel snel heropgebouwd
o correspondentie tussen Alashiya en Ugarit gevonden
3
, Ammurapi van Ugarit benadrukt wanhopige situatie en vraagt hulp (dia 20-21)
• Alashiya zelf onder vuur waarschuwt voor rovers op zee
• deel van troepen Ugarit in Hettitische hartland
• Karkemish stuurt troepen, maar te laat (dieper landinwaarts, zelf niet veel last
van invallen)
3. De Levant
- selectieve vernietiging
- niet simultaan
o belangrijke havens ongedeerd (Byblos, Sidon)
o andere steden vernietigd (Ashkelon, Hazor)
- Filistijnen
o Nieuw volk
o Vestigen zich in vijf koninkrijken
Gaza, Ashkelon, Ashdod, Ekron en Gath
4. Egypte
- Invasie buitenlandse veroveraars
- Inscriptie van Merneptah (1213-1203)
o 1209: aanval door Libiërs uit het westen en coalitie van volkeren “van de landen van
de zee” uit het noorden
- inscripties van Ramses III (1184-1153)
o herhaarlijke aanvallen uit het noorden
o invasie van ‘eiland mensen’ in Hettitische rijk, Tarhuntassa, Arzawa, Karkemish en
Alashiya
confederatie van Peleset, Tjeker, Shekelesh, Denyen en Weshesh
o simultane verwoesting steden
- verslagen Ramses III zijn niet historisch objectief
o Hettitische rijk had geen last van aanvallen
o “eiland mensen” waren reeds eerder aanwezig in regio (o.a. als huurlingen in legers
van de Hettieten en Egypte)
o geen invasie van een buitenlands leger maar voortdurende botsingen met
verschillende groepen
verwoestingen waren niet simultaan, maar een langdurig proces
4
Chronologisch kader:
- 1200-1100: “Bronze Age Collapse”
ineenstorting regionaal systeem van territoriale staten
- 1100-900: “Dark Age”
- 900-600: Heropbouw
expansie Assyrië
Situatie vlak voor bronze
age collapse
Invloedsfeer Egypte en Hatti
tot diep in de Levant
Bronnen: (rond 1200, ineenstorting systeem)
nadruk op rampspoed en vernietiging
elementen van continuïteit minder zichtbaar
- Archeologische bronnen
o Verwoeste en verbrande sites (beter bewaard)
o Verlaten sites
o Wijzigen nederzettingspatroon (minder en kleinere nederzettingen)
- Geschreven bronnen
o Koninklijke inscripties
o Diplomatieke correspondentie
Bronze age collapse
Oostelijke MZ gebied Grote staten
(Mycene, Hatti, de Levant) (Babylonië, Assyrië, Elam en Egypte)
- Sterke omwentelingen - Gradueel verval en verandering
- Vernietigingen van eeuwenoude - Lijden onder terugval oostelijke staten
culturele praktijken (heersers zijn grotendeels afhankelijk
- terugval van elkaar)
1
, totaal verval van systeem dat bestond tussen 1600-1200
beweging van west naar oost
verschillende rijken:
1. Mycene
2. Hettitisch rijk
3. levant
4. Egypte
5. Assyrië
6. Babylonië
1. Mycene
- Weinig bronnen over verschillende
koninkrijkjes
- Wel archeologische vondsten (dia 8-10)
duidelijk dat ze uitmaakten van
internationaal systeem
- Reikwijdte Myceense cultuur:
o Griekenland, Kreta, Egeïsche
eilanden, Anatolische kust
- Sociale en politieke structuur onbekend
kan deels worden gereconstrueerd door werken van Homerus, maar deze zijn pas
later geschreven (7de eeuw v.C.) en dus niet 100% representatief
- Sterk centraal gezag
o Grote paleizen, citadellen en forten
o Elites en accumulatie van rijkdom
- Handel met Cyprus en de Levant
verschillende elementen teruggevonden in Levant uit de Balkan (via Mycene)
- Vanaf vroeg 12de:
o Verwoesting paleizen en steden
o Verdwijnen lineair B schrift (dia 12)
o Afname handel
o Afname grafgiften
Cyprus vult vacuüm (stedelijke opleving)
- Kaart: verval van Mycene
o Vlammetjes= verwoeste steden en sites
2
, o Pijlen: routes van overvallers
2. Hettitische rijk
- Bron: Koninklijke annalen van Suppiluliuma II (1207-?)
o Revoltes van vazallen
Kurunta van Tarhuntassa claimt troon en wordt
semi-onafhankelijk
opvolgingsproblemen
o Militaire expedities in West-Anatolië en op Cyprus
o Hongersnoden ?
- Verschillende van deze zaken waren 100 jaar geleden
ook het geval, maar nu komt dit allemaal samen + rijk
is extra kwetsbaar door val van andere rijken (handel, communicatie en luxe valt weg)
- Hattusa
o Bovenstad: koning en elite
deels verwoest
reeds verlaten
o Onderstad: tempels en bevolking
niet verwoest
- Overige sites
o sommige sites verwoest
o sommige sites verlaten
o nooit complete verwoesting
o niet uniform
- Karkemish (zie groene kaart)
o Niet verwoest
o vazalkoning claimt troon en zet Hettitisch koninklijk huis voort
o voormalige Hettitische vazalstaatjes in Syrië worden geleidelijk onafhankelijk (willen
niet meewerken met nieuwe koning)
“Neo-Hettitische staten”
- Ugarit
o 1190: verwoest en verbrand (niet heropgebouwd)
o havenstad Ras ibn Hani wel snel heropgebouwd
o correspondentie tussen Alashiya en Ugarit gevonden
3
, Ammurapi van Ugarit benadrukt wanhopige situatie en vraagt hulp (dia 20-21)
• Alashiya zelf onder vuur waarschuwt voor rovers op zee
• deel van troepen Ugarit in Hettitische hartland
• Karkemish stuurt troepen, maar te laat (dieper landinwaarts, zelf niet veel last
van invallen)
3. De Levant
- selectieve vernietiging
- niet simultaan
o belangrijke havens ongedeerd (Byblos, Sidon)
o andere steden vernietigd (Ashkelon, Hazor)
- Filistijnen
o Nieuw volk
o Vestigen zich in vijf koninkrijken
Gaza, Ashkelon, Ashdod, Ekron en Gath
4. Egypte
- Invasie buitenlandse veroveraars
- Inscriptie van Merneptah (1213-1203)
o 1209: aanval door Libiërs uit het westen en coalitie van volkeren “van de landen van
de zee” uit het noorden
- inscripties van Ramses III (1184-1153)
o herhaarlijke aanvallen uit het noorden
o invasie van ‘eiland mensen’ in Hettitische rijk, Tarhuntassa, Arzawa, Karkemish en
Alashiya
confederatie van Peleset, Tjeker, Shekelesh, Denyen en Weshesh
o simultane verwoesting steden
- verslagen Ramses III zijn niet historisch objectief
o Hettitische rijk had geen last van aanvallen
o “eiland mensen” waren reeds eerder aanwezig in regio (o.a. als huurlingen in legers
van de Hettieten en Egypte)
o geen invasie van een buitenlands leger maar voortdurende botsingen met
verschillende groepen
verwoestingen waren niet simultaan, maar een langdurig proces
4