WIJSBEGEERTE SAMENVATTING
INLEIDING
Wetenschappers
o ideaalbeeld dat kennis afgerond of voltooid is
o zoektocht naar morele zekerheden
Filosofen
o onzekerheid zaaien en koesteren (in zowel wetenschappelijke als morele kwesties)
stelling werd verdedigd door Engelse filosoof Bertrand Russell
filosofie heeft als taak om onzekerheden te leren verdragen maar ook om ze zelf op te
gaan zoeken
HOOFDSTUK 1: WAT IS FILOSOFIE?
Filosofie volgens de Amerikaanse satiricus Ambrose Bierce
o Een stelsel van vele wegen die van nergens naar niets leiden
sloeg hiermee de nagel op de kop: veel filosofen houden zich bezig met onmogelijke
vragen
Wat is filosofie?
o voorbeeld van onmogelijke vraag, geen eenduidig antwoord
o het is een dubbele vraag:
- positieve definitie: filosofie is… (je somt kenmerken op die typerend zijn)
- negatieve definitie: filosofie verschilt van… (kenmerken die verschillen van andere
domeinen)
Dubbele doelstelling:
- kennis laten maken met filosofie
- kennis laten maken met manier van denken die een rode draad vormt in het handboek
essentialisme: filosofische, metafysische theorie, die stelt dat iedere entiteit wordt
gedefinieerd door een
aantal noodzakelijke eigenschappen
(bv: tabel van Mendeljev atoomnummer is essentiële eigenschap om tot een bepaald
atoom te
behoren)
POSITIEVE DEFINITIE
Ontzettend veel definities van filosofie
o Britse filosoof Nigel Warburton: “de filosofie is een ongewoon thema in die zin dat haar
beoefenaars het oneens zijn over de vraag waarover het gaat“
o Etymologie van het woord: liefde voor wijsheid, verlangen om te weten
Aristoteles: alle mensen verlangen natuurlijk naar wijsheid, niet enkel filosofen
o In dit hfs: definitie proberen creëren door te kijken naar attitude, methoden en domein
Een attitude
,o Filosofie = kritisch denken
o Vb: hebben we een lichaam? (Descartes)
filosofen kunnen erg ver gaan, en belanden zo bij gekke, kritische bedenkingen
o Filosofen als partypoopers ze ergeren zich aan de banaliteiten waarop ons dagelijks
leven rust + ze kunnen/willen zich niet neerleggen bij overgeleverde inzichten
MAAR niet enkel filosofen kunnen ver en kritisch denken, ook wetenschappers denken
kritisch en zijn toch geen filosofen: gemeenschappelijke attitudes tussen filosofie en
wetenschap:
- ze zijn kritisch en ruimdenkend
- ze doen zoveel mogelijk beroep op rationele argumenten en overwegingen
- ze laten zich niet misleiden door schijnbare vanzelfsprekendheden
-…
o Definitie van wetenschap door Amerikaanse fysicus Richard Feynman (had een hekel aan
filosofie):
“ één van de kwaliteiten van de wetenschap is dat ze ons de waarde bijbrengt van het
rationeel denken, en het belang van vrijheid van denken, ze leert ons dat het loont om te
twijfelen aan de waarheid van wat ons verteld wordt”
Wat is het verschil dan nog tussen wetenschap en filosofie als Feynman gelijk heeft?
kritisch denken is dus geen essentieel kenmerk voor de filosofie
Een methodologie
o Intuïtie:
- intuïties zijn overtuigingen
maar, niet elke overtuiging is een intuïtie
- intuïties zijn een zelfstandige categorie van mentale toestanden, waarbij een bepaalde
propositie of bewering waar blijkt te zijn, of waarbij de bewering zich voordoet als een
waarheid
intuïtie is mentale toestand die druk zet op een persoon om een bewering te geloven of
als waarheid te aanvaarden
- filosofische intuïties zijn a priori intuïties (een intuïtie waar geen ervaringen of observaties
aan voorafgaan)
Descartes doelde op zo’n intuïties bij heldere en welonderscheiden ideeën (idee van
volmaaktheid)
Wanneer filosofen enkel gebruik maken van intuïties en niet van empirisch onderzoek,
noemen we ze fauteuilfilosofen = armchair philosophers
o conceptuele analyse
- analyse van concepten (begrippen): hieruit komen vaak verrassende dingen voor
- vele concepten uit dagelijks leven en wetenschap zijn afkomstig uit de volkspsychologie
(= folk psychology) een groep van concepten die doorheen de geschiedenis eindeloos
aangepast en herschikt werden om tegenmoet te komen aan de steeds veranderende
noden van hun gebruikers
- doel van conceptuele analyse: concepten in een enkele definitie te vatten
dit is zeer moeilijk doordat veel van die concepten rijk aan inhoud en dus meerzinnig zijn
analyse = poging om noodzakelijke en voldoende voorwaarden te bepalen voor de
toepassing van het concept
intuïties en conceptuele analyses gaan hand in hand:
- veel filosofen voeren hun analyse uit vanuit hun fauteuil m.b.v. hun intuïties over het
concept in kwestie
, - conceptuele analyse kan tot conceptconstructie (= conceptual engineering) leiden
wnr een concept niet meer voldoet aan eisen v.d. gebruikers, kunnen ze overwegen
om deze te wijzigen
(vb onderscheid sekse en gender)
o gedachte-experiment
- = een instrument van de verbeelding dat gebruikt wordt om nieuwe informatie over een
thema te verkrijgen zonder gebruik te maken van nieuwe empirische data
- voordelen:
verhelderen een probleem door het te visualiseren
leveren gegevens op die voor of tegen een bepaalde theorie kunnen worden gebruikt
je kan er financiële, technologische en morele problemen mee omzeilen die zich
zouden stellen bij echte wereld-experimenten
- methoden die filosofen gebruiken om intuïties op het spoor te komen, ze beginnen altijd
bij “stel u eens voor dat…”
-vb: brains in a vat (een epistemologisch gedachte-experiment)
wordt gebruikt om scepticisme (filosofische overtuiging dat het onmogelijk is om
zekere kennis te verkrijgen) kracht bij te zetten
“beeld je in dat onze hersenen zich op een andere planeet bevinden waar een
wetenschapper ons brein signalen geeft waardoor wij de indruk krijgen dat we dit
leven leven”
de vraag is nu of we met zekerheid kunnen zeggen dat wij niet zomaar hersenen op
sterk water zijn NEE, dit blijft een mogelijkheid: dan is alles illusoir waar we zeker
van zijn
MAAR ook deze methoden zijn niet uniek voor de filosofie, ook wetenschappers doen aan
deze methoden,…
Een domein
o Kijken naar de aard van de vragen en problemen die filosofen behandelen
o Domein van filosofie = onbeantwoordbare, vage, abstracte vragen
er bestaan er ontelbaar veel (Wat is het doel van het leven? Bestaat er een god? Wat is
liefde? …)
deze voorliefde impliceert volgens sommigen dat er geen vooruitgang kan zijn in de
filosofie: filosofie lijkt hierdoor eerder op kunst dan op wetenschap:
- ze gaan niet cumulatief te werk ze volgen elkaar op, er is geen vooruitgang
- deze analyse verklaart wrm veel wetenschappers zich keren tegen de filosofie
maar de stelling dat er wel vooruitgang is in de wetenschap kan ook weerlegt worden:
grote voorstander
hiervan is de Amerikaanse wetenschapsfilosoof Thomas Kuhn: volgens hem kan er wel
vooruitgang zijn
binnen paradigma’s, maar ertussen niet: incommensurabele paradigma’s
incommensurabiliteit = onvergelijkbaarheid
vb: massa heeft bij Newton en bij Einstein een heel andere betekenis
, ook de stelling dat filosofie geen vooruitgang heeft kan weerlegt worden: bv de
psychologie die uit de filosofie is geëvolueerd
o Uitspraak van Amerikaanse filosoof Thomas Nagel:
“We zouden niet ver komen in het leven wnr we de ideeën tijd, getal, kennis, taal, goed en
slecht niet meestal vanzelfsprekend beschouwden, maar in de filosofie onderzoeken we
die dingen zelf”
vb, iedereen kan het begrip tijd gebruiken, maar wat is tijd?
o Maar er bestaan ook onbeantwoordbare vragen die niet filosofisch zijn (hebben blonde
mensen meer plezier? Is een bepaald karakter uit een film gestorven? …)
o Ook wetenschappers wagen zich aan de meest fundamentele vragen
ook hier geen essentieel kenmerk
DEELDOMEINEN
Je kan de vraag “wat is filosofie” ook beantwoorden door te zeggend dat het een academische
discipline is met vier deeldomeinen:
- metafysica
- logica wetenschapsfilosofie
- epistemologie
- moraalfilosofie
MAAR is het makkelijker om te definiëren wat de deeldomeinen zijn? Nee dit blijkt ook niet
evident te zijn
Metafysica
o Afkomst woord uit Griekse oudheid Aristoteles heeft een werk met als titel “metafysica”
twee interpretaties van zijn titel mogelijk
- chronologisch gezien, het werd geschreven na het werk met als titel “fysica”
- structureel gezien, metafysica als problemen die voorbij, achter of onder de fysica liggen
zeker: het ging over dingen die niet veranderen, i.t.t. tot fysische fenomenen
o Invulling van woord in moderne tijd:
- de metafysica bekommert zich over de problemen die in het algmeen gaan over wat het
betekent om te bestaan
- relatie tussen mentale toestanden en hersentoestanden, probleem van wilsvrijheid,…
behoorde bij Aristoteles nog tot fysica, maar nu zijn het dus metafysische problemen
o Prototypisch voorbeeld van een metafysisch probleem: het geest-lichaam probleem: zijn
wij meer dan onze hersenen?
- materialisten/fysicalisten: nee, alles is opgebouwd m.b.v. materie (ook mentale
toestanden, dit zijn gwn hersentoestanden)
- dualisten: ja, mentale toestanden zijn opgebouwd uit geestesspul
o 2de prototypisch voorbeeld: debat over wilsvrijheid: twee vragen in dit debat:
- wat is wilsvrijheid?
analyse van het concept: wilsvrijheid heeft minstens twee voorwaarde:
Keuzevrijheid
Broncontrole = zelfbepaling
INLEIDING
Wetenschappers
o ideaalbeeld dat kennis afgerond of voltooid is
o zoektocht naar morele zekerheden
Filosofen
o onzekerheid zaaien en koesteren (in zowel wetenschappelijke als morele kwesties)
stelling werd verdedigd door Engelse filosoof Bertrand Russell
filosofie heeft als taak om onzekerheden te leren verdragen maar ook om ze zelf op te
gaan zoeken
HOOFDSTUK 1: WAT IS FILOSOFIE?
Filosofie volgens de Amerikaanse satiricus Ambrose Bierce
o Een stelsel van vele wegen die van nergens naar niets leiden
sloeg hiermee de nagel op de kop: veel filosofen houden zich bezig met onmogelijke
vragen
Wat is filosofie?
o voorbeeld van onmogelijke vraag, geen eenduidig antwoord
o het is een dubbele vraag:
- positieve definitie: filosofie is… (je somt kenmerken op die typerend zijn)
- negatieve definitie: filosofie verschilt van… (kenmerken die verschillen van andere
domeinen)
Dubbele doelstelling:
- kennis laten maken met filosofie
- kennis laten maken met manier van denken die een rode draad vormt in het handboek
essentialisme: filosofische, metafysische theorie, die stelt dat iedere entiteit wordt
gedefinieerd door een
aantal noodzakelijke eigenschappen
(bv: tabel van Mendeljev atoomnummer is essentiële eigenschap om tot een bepaald
atoom te
behoren)
POSITIEVE DEFINITIE
Ontzettend veel definities van filosofie
o Britse filosoof Nigel Warburton: “de filosofie is een ongewoon thema in die zin dat haar
beoefenaars het oneens zijn over de vraag waarover het gaat“
o Etymologie van het woord: liefde voor wijsheid, verlangen om te weten
Aristoteles: alle mensen verlangen natuurlijk naar wijsheid, niet enkel filosofen
o In dit hfs: definitie proberen creëren door te kijken naar attitude, methoden en domein
Een attitude
,o Filosofie = kritisch denken
o Vb: hebben we een lichaam? (Descartes)
filosofen kunnen erg ver gaan, en belanden zo bij gekke, kritische bedenkingen
o Filosofen als partypoopers ze ergeren zich aan de banaliteiten waarop ons dagelijks
leven rust + ze kunnen/willen zich niet neerleggen bij overgeleverde inzichten
MAAR niet enkel filosofen kunnen ver en kritisch denken, ook wetenschappers denken
kritisch en zijn toch geen filosofen: gemeenschappelijke attitudes tussen filosofie en
wetenschap:
- ze zijn kritisch en ruimdenkend
- ze doen zoveel mogelijk beroep op rationele argumenten en overwegingen
- ze laten zich niet misleiden door schijnbare vanzelfsprekendheden
-…
o Definitie van wetenschap door Amerikaanse fysicus Richard Feynman (had een hekel aan
filosofie):
“ één van de kwaliteiten van de wetenschap is dat ze ons de waarde bijbrengt van het
rationeel denken, en het belang van vrijheid van denken, ze leert ons dat het loont om te
twijfelen aan de waarheid van wat ons verteld wordt”
Wat is het verschil dan nog tussen wetenschap en filosofie als Feynman gelijk heeft?
kritisch denken is dus geen essentieel kenmerk voor de filosofie
Een methodologie
o Intuïtie:
- intuïties zijn overtuigingen
maar, niet elke overtuiging is een intuïtie
- intuïties zijn een zelfstandige categorie van mentale toestanden, waarbij een bepaalde
propositie of bewering waar blijkt te zijn, of waarbij de bewering zich voordoet als een
waarheid
intuïtie is mentale toestand die druk zet op een persoon om een bewering te geloven of
als waarheid te aanvaarden
- filosofische intuïties zijn a priori intuïties (een intuïtie waar geen ervaringen of observaties
aan voorafgaan)
Descartes doelde op zo’n intuïties bij heldere en welonderscheiden ideeën (idee van
volmaaktheid)
Wanneer filosofen enkel gebruik maken van intuïties en niet van empirisch onderzoek,
noemen we ze fauteuilfilosofen = armchair philosophers
o conceptuele analyse
- analyse van concepten (begrippen): hieruit komen vaak verrassende dingen voor
- vele concepten uit dagelijks leven en wetenschap zijn afkomstig uit de volkspsychologie
(= folk psychology) een groep van concepten die doorheen de geschiedenis eindeloos
aangepast en herschikt werden om tegenmoet te komen aan de steeds veranderende
noden van hun gebruikers
- doel van conceptuele analyse: concepten in een enkele definitie te vatten
dit is zeer moeilijk doordat veel van die concepten rijk aan inhoud en dus meerzinnig zijn
analyse = poging om noodzakelijke en voldoende voorwaarden te bepalen voor de
toepassing van het concept
intuïties en conceptuele analyses gaan hand in hand:
- veel filosofen voeren hun analyse uit vanuit hun fauteuil m.b.v. hun intuïties over het
concept in kwestie
, - conceptuele analyse kan tot conceptconstructie (= conceptual engineering) leiden
wnr een concept niet meer voldoet aan eisen v.d. gebruikers, kunnen ze overwegen
om deze te wijzigen
(vb onderscheid sekse en gender)
o gedachte-experiment
- = een instrument van de verbeelding dat gebruikt wordt om nieuwe informatie over een
thema te verkrijgen zonder gebruik te maken van nieuwe empirische data
- voordelen:
verhelderen een probleem door het te visualiseren
leveren gegevens op die voor of tegen een bepaalde theorie kunnen worden gebruikt
je kan er financiële, technologische en morele problemen mee omzeilen die zich
zouden stellen bij echte wereld-experimenten
- methoden die filosofen gebruiken om intuïties op het spoor te komen, ze beginnen altijd
bij “stel u eens voor dat…”
-vb: brains in a vat (een epistemologisch gedachte-experiment)
wordt gebruikt om scepticisme (filosofische overtuiging dat het onmogelijk is om
zekere kennis te verkrijgen) kracht bij te zetten
“beeld je in dat onze hersenen zich op een andere planeet bevinden waar een
wetenschapper ons brein signalen geeft waardoor wij de indruk krijgen dat we dit
leven leven”
de vraag is nu of we met zekerheid kunnen zeggen dat wij niet zomaar hersenen op
sterk water zijn NEE, dit blijft een mogelijkheid: dan is alles illusoir waar we zeker
van zijn
MAAR ook deze methoden zijn niet uniek voor de filosofie, ook wetenschappers doen aan
deze methoden,…
Een domein
o Kijken naar de aard van de vragen en problemen die filosofen behandelen
o Domein van filosofie = onbeantwoordbare, vage, abstracte vragen
er bestaan er ontelbaar veel (Wat is het doel van het leven? Bestaat er een god? Wat is
liefde? …)
deze voorliefde impliceert volgens sommigen dat er geen vooruitgang kan zijn in de
filosofie: filosofie lijkt hierdoor eerder op kunst dan op wetenschap:
- ze gaan niet cumulatief te werk ze volgen elkaar op, er is geen vooruitgang
- deze analyse verklaart wrm veel wetenschappers zich keren tegen de filosofie
maar de stelling dat er wel vooruitgang is in de wetenschap kan ook weerlegt worden:
grote voorstander
hiervan is de Amerikaanse wetenschapsfilosoof Thomas Kuhn: volgens hem kan er wel
vooruitgang zijn
binnen paradigma’s, maar ertussen niet: incommensurabele paradigma’s
incommensurabiliteit = onvergelijkbaarheid
vb: massa heeft bij Newton en bij Einstein een heel andere betekenis
, ook de stelling dat filosofie geen vooruitgang heeft kan weerlegt worden: bv de
psychologie die uit de filosofie is geëvolueerd
o Uitspraak van Amerikaanse filosoof Thomas Nagel:
“We zouden niet ver komen in het leven wnr we de ideeën tijd, getal, kennis, taal, goed en
slecht niet meestal vanzelfsprekend beschouwden, maar in de filosofie onderzoeken we
die dingen zelf”
vb, iedereen kan het begrip tijd gebruiken, maar wat is tijd?
o Maar er bestaan ook onbeantwoordbare vragen die niet filosofisch zijn (hebben blonde
mensen meer plezier? Is een bepaald karakter uit een film gestorven? …)
o Ook wetenschappers wagen zich aan de meest fundamentele vragen
ook hier geen essentieel kenmerk
DEELDOMEINEN
Je kan de vraag “wat is filosofie” ook beantwoorden door te zeggend dat het een academische
discipline is met vier deeldomeinen:
- metafysica
- logica wetenschapsfilosofie
- epistemologie
- moraalfilosofie
MAAR is het makkelijker om te definiëren wat de deeldomeinen zijn? Nee dit blijkt ook niet
evident te zijn
Metafysica
o Afkomst woord uit Griekse oudheid Aristoteles heeft een werk met als titel “metafysica”
twee interpretaties van zijn titel mogelijk
- chronologisch gezien, het werd geschreven na het werk met als titel “fysica”
- structureel gezien, metafysica als problemen die voorbij, achter of onder de fysica liggen
zeker: het ging over dingen die niet veranderen, i.t.t. tot fysische fenomenen
o Invulling van woord in moderne tijd:
- de metafysica bekommert zich over de problemen die in het algmeen gaan over wat het
betekent om te bestaan
- relatie tussen mentale toestanden en hersentoestanden, probleem van wilsvrijheid,…
behoorde bij Aristoteles nog tot fysica, maar nu zijn het dus metafysische problemen
o Prototypisch voorbeeld van een metafysisch probleem: het geest-lichaam probleem: zijn
wij meer dan onze hersenen?
- materialisten/fysicalisten: nee, alles is opgebouwd m.b.v. materie (ook mentale
toestanden, dit zijn gwn hersentoestanden)
- dualisten: ja, mentale toestanden zijn opgebouwd uit geestesspul
o 2de prototypisch voorbeeld: debat over wilsvrijheid: twee vragen in dit debat:
- wat is wilsvrijheid?
analyse van het concept: wilsvrijheid heeft minstens twee voorwaarde:
Keuzevrijheid
Broncontrole = zelfbepaling