HC Humane wetenschappen
24/09/2024
2. Evolutionaire psychologie
Evolutie?
… - 1800: creationistisch denken (religeuze/spirituele kader)
“alle wezens/soorten werden ontworpen volgens een specifiek plan, op een
specifiek moment in de tijd en blijven altijd, onveranderd voortbestaan”
o Christelijk kader => Adam en Eva (scheppingsverhaal)
Transmutatie: Lamarck (18e eeuw)
= dieren geven kenmerken door aan hun nageslacht
o Klopt nog steeds niet helemaal, hij zei dat alle eigenschappen werden
doorgegeven (spieren)
≠ Darwin => aangeboren kenmerken (wel overerving) verworven kenmerken
(geen overerving)
‘Survival of the fittest’
= als eten beperkt is en overleven niet evident is zullen enkel de best aangepaste
dieren overleven
(hoe goed ben ik in staat om te leven in context + hoe goed kan ik omgaan met
gevaren in context)
2 mechanisms van Darwiniaanse evolutie
Natuurlijke selectie
Het dominant worden van die eigenschappen die de kans op overleven
verhogen (motten)
Seksuele selectie
Het dominant worden van die eigenschappen die de kans op nakomelingen
verhogen (pauw)
Natuurlijke selectie vs. seksuele selectie
=> menopauze: een vrouwenlichaam is op een bepaalde leeftijd niet meer in staat
een zwangerschap en bevalling door te staan (er is dan te veel kans op sterfte), maar
daarna kunnen ze nog wel het voortbestaan van kinderen, kleinkinderen…
ondersteunen
Natuurlijke selectie via mutatie en adaptatie
Mutatie = afwijkingen die ontstaan binnen de soort
Adaptatie = mutatie die voordeel hadden bij het overleven of krijgen van nageslacht
=> worden na een tijd standaard kenmerken van een soort
Maladaptatie = mutaties die geen voordeel hadden bij het overleven of krijgen van
nageslacht
Voorbeeld natuurlijke selectie
=> bekkenvorm: vorm van menselijk bekken heeft zich door natuurlijke selectie
aangepast om een compromis te vormen tussen twee evolutionaire drukpunten:
Effectieve voortbeweging (smal bekken om te kunnen lopen op twee benen)
Veilige bevalling (bekken moet breed genoeg zijn voor een veilige bevalling)
Tree of life
24/09/2024
2. Evolutionaire psychologie
Evolutie?
… - 1800: creationistisch denken (religeuze/spirituele kader)
“alle wezens/soorten werden ontworpen volgens een specifiek plan, op een
specifiek moment in de tijd en blijven altijd, onveranderd voortbestaan”
o Christelijk kader => Adam en Eva (scheppingsverhaal)
Transmutatie: Lamarck (18e eeuw)
= dieren geven kenmerken door aan hun nageslacht
o Klopt nog steeds niet helemaal, hij zei dat alle eigenschappen werden
doorgegeven (spieren)
≠ Darwin => aangeboren kenmerken (wel overerving) verworven kenmerken
(geen overerving)
‘Survival of the fittest’
= als eten beperkt is en overleven niet evident is zullen enkel de best aangepaste
dieren overleven
(hoe goed ben ik in staat om te leven in context + hoe goed kan ik omgaan met
gevaren in context)
2 mechanisms van Darwiniaanse evolutie
Natuurlijke selectie
Het dominant worden van die eigenschappen die de kans op overleven
verhogen (motten)
Seksuele selectie
Het dominant worden van die eigenschappen die de kans op nakomelingen
verhogen (pauw)
Natuurlijke selectie vs. seksuele selectie
=> menopauze: een vrouwenlichaam is op een bepaalde leeftijd niet meer in staat
een zwangerschap en bevalling door te staan (er is dan te veel kans op sterfte), maar
daarna kunnen ze nog wel het voortbestaan van kinderen, kleinkinderen…
ondersteunen
Natuurlijke selectie via mutatie en adaptatie
Mutatie = afwijkingen die ontstaan binnen de soort
Adaptatie = mutatie die voordeel hadden bij het overleven of krijgen van nageslacht
=> worden na een tijd standaard kenmerken van een soort
Maladaptatie = mutaties die geen voordeel hadden bij het overleven of krijgen van
nageslacht
Voorbeeld natuurlijke selectie
=> bekkenvorm: vorm van menselijk bekken heeft zich door natuurlijke selectie
aangepast om een compromis te vormen tussen twee evolutionaire drukpunten:
Effectieve voortbeweging (smal bekken om te kunnen lopen op twee benen)
Veilige bevalling (bekken moet breed genoeg zijn voor een veilige bevalling)
Tree of life