Wierook en tranen
Ward Ruyslinck
Naam: Linde Nieman
Klas: H4D
Docent: mevrouw Wagemaker
, Titel: tranen en wierook.
Schrijver: Ward Ruyslinck.
Uitgeverij: Manteau Antwerpen-Amsterdam
Niveau: 3
Jaar van de eerste druk: 1958
Aantal bladzijden: 129
Eerste zin: ‘willen we hier maar uitspannen?’
Titelverklaring: de titel wordt op twee plaatsen in het verhaar duidelijk gemaakt. De
eerste keer dat de titel werd uitgelegd was op bladzijde 27, dit was na de
bombardering van de vluchtelingen , waarbij de ouders van waldo om het leven
komen: " De aarde dampte, er steeg een donkere zure nevel uit op, en heel even
rook ik weer de wierook." Terwijl Waldo verdriet had om het overlijden van zijn
ouders, rook hij een geur die voor hem op wierook leek.
De tweede keer dat de titel duidelijk werdt gemaakt was op bladzijde 137, deze
gebeurtenis was toen Waldo kort na het overlijden van Vera, in de kapel bij het
ziekenhuis kwam om daar voor haar te bidden: "Nauwelijks zat ik daar, of de zoete
dronkenmakende geur van wierook dreef naar mij toe.". Wierook staat voor de
dromerige kinderwereld, tranen voor de harde realiteit van de oorlog.
Het gaat er dus over dat zodra hij de geur van wierook ruikt er iets verdrietigs is
gebeurd waardoor hij moet huilen(tranen).
Thema:
Het thema van het boek is de tegenstelling tussen het ongerepte, dromerige,
ontwakende kinderbewustzijn en de wreedheid van de Tweede Wereldoorlog, de
wereld van de volwassenen. Bijvoorbeeld: De duitse soldaten bieden Waldo en Vera
aan om met hun mee te rijden naar Antwerpen, maar voeren Waldo dronken en
vergrijpen zich aan Vera.
Samenvatting:
Het verhaal gaat over Waldo, een negenjarig jongetje die samen met zijn ouders de
vlucht naar Frankrijk heeft genomen in mei 1940. Waldo is erg hecht met zijn ouders,
hij is ervan overtuigd dat de oorlog niet hun zaak is en voelt zich veilig bij zijn ouders.
Ze komen de tweede nacht in Poperinge aan en overnachten bij een oud,
heksachtig vrouwtje. Vader noemt Waldo soms kerkuiltje vanwege zijn voorliefde
voor wierook. In de verte horen ze 's nachts het luchtafweergeschut van de oorlog.
Midden in de nacht worden ze gewekt door Willy, de kleinzoon van het oude wijfje,
die op hun kamer de ratjes eten wil geven.
De volgende dag blijkt de grenspost gesloten. Waldo beleeft deze hele tocht als iets
spannend en opwindends. Het gezin is van streek maar besluit om zich mee te laten
drijven met de massa van andere mensen. Plotseling wordt de vluchtkaravaan
verrast door een Duitse luchtaanval. Waldo's ouders worden gedood. Een
Ward Ruyslinck
Naam: Linde Nieman
Klas: H4D
Docent: mevrouw Wagemaker
, Titel: tranen en wierook.
Schrijver: Ward Ruyslinck.
Uitgeverij: Manteau Antwerpen-Amsterdam
Niveau: 3
Jaar van de eerste druk: 1958
Aantal bladzijden: 129
Eerste zin: ‘willen we hier maar uitspannen?’
Titelverklaring: de titel wordt op twee plaatsen in het verhaar duidelijk gemaakt. De
eerste keer dat de titel werd uitgelegd was op bladzijde 27, dit was na de
bombardering van de vluchtelingen , waarbij de ouders van waldo om het leven
komen: " De aarde dampte, er steeg een donkere zure nevel uit op, en heel even
rook ik weer de wierook." Terwijl Waldo verdriet had om het overlijden van zijn
ouders, rook hij een geur die voor hem op wierook leek.
De tweede keer dat de titel duidelijk werdt gemaakt was op bladzijde 137, deze
gebeurtenis was toen Waldo kort na het overlijden van Vera, in de kapel bij het
ziekenhuis kwam om daar voor haar te bidden: "Nauwelijks zat ik daar, of de zoete
dronkenmakende geur van wierook dreef naar mij toe.". Wierook staat voor de
dromerige kinderwereld, tranen voor de harde realiteit van de oorlog.
Het gaat er dus over dat zodra hij de geur van wierook ruikt er iets verdrietigs is
gebeurd waardoor hij moet huilen(tranen).
Thema:
Het thema van het boek is de tegenstelling tussen het ongerepte, dromerige,
ontwakende kinderbewustzijn en de wreedheid van de Tweede Wereldoorlog, de
wereld van de volwassenen. Bijvoorbeeld: De duitse soldaten bieden Waldo en Vera
aan om met hun mee te rijden naar Antwerpen, maar voeren Waldo dronken en
vergrijpen zich aan Vera.
Samenvatting:
Het verhaal gaat over Waldo, een negenjarig jongetje die samen met zijn ouders de
vlucht naar Frankrijk heeft genomen in mei 1940. Waldo is erg hecht met zijn ouders,
hij is ervan overtuigd dat de oorlog niet hun zaak is en voelt zich veilig bij zijn ouders.
Ze komen de tweede nacht in Poperinge aan en overnachten bij een oud,
heksachtig vrouwtje. Vader noemt Waldo soms kerkuiltje vanwege zijn voorliefde
voor wierook. In de verte horen ze 's nachts het luchtafweergeschut van de oorlog.
Midden in de nacht worden ze gewekt door Willy, de kleinzoon van het oude wijfje,
die op hun kamer de ratjes eten wil geven.
De volgende dag blijkt de grenspost gesloten. Waldo beleeft deze hele tocht als iets
spannend en opwindends. Het gezin is van streek maar besluit om zich mee te laten
drijven met de massa van andere mensen. Plotseling wordt de vluchtkaravaan
verrast door een Duitse luchtaanval. Waldo's ouders worden gedood. Een