Methodisch werken
Hoofdstuk 1: Agogisch werken
1. Agogiek & veranderen
Agogiek = Begeleiden van veranderingsprocessen
= Soms verandering nodig/handig als iemand daarbij helpt, meedenkt & steunt.
Veranderingen vr mensen stellen hoge eisen aan betrokkenen. Dwingt mensen nieuwe
normen, gewoontes, gedachten & gedragen eigen maken = gaat niet vanzelf
Agogie = Grieks: agein → voeren/leiden
1.1. Agogiek: omschrijving
= Leer van algemene principes van deze werkvelden
= Studie/leer van het doen veranderen van mensen
= Biedt aanwijzingen vr wijze waarop je mensen kan helpen, begeleiden/beïnvloeden
in veranderingen
Sociale agogiek
= Studie van de systematische & intentionele interventies gericht op het ondersteunen
van individuen & groepen in hun sociale & culturele ontplooiing
Begrippen die centraal staan:
Sociale agogiek als wetenschap
- Sociale werkelijkheid bestudeerd
- Sociale agogische wetenschap = om mensen in agogische beroepen te
ondersteunen in hun handelen = Handelingswetenschap
Interventies
- Maw komt tss gebeurtenissen, situaties in leefsituaties & relaties tss mensen
- Doel: Situaties beïnvloeden → deze tsskomst niet neutraal
- Belangrijk: bewust zijn van eigen handelen, waarden en normen
- Tsskomst niet alleen gericht cliënt zelf mr ook op personen in omgeving van cliënt
of op delen van samenleving
Intentioneel
- Agogisch werk heeft altijd nadrukkelijk verandering tot doel
- Gaat niet om willekeurige veranderingen mr verandering nr situatie die vraf
gepland is
- Agogisch werker staat stil bij wrm tsskomt. Vrhand afvragen wat bereiken
- Verschil tss professionele hulp en goedbedoelde hulp van vrienden
Systematisch
- Omstandigheden kunnen vanzelf tot verandering leiden
- Systematisch proberen omstandigheden te creëren die beoogde veranderingen
kunnen vergemakkelijken
- Hulpverlener baseert is gebaseerd op methodiek
- Kiest de best passende methode = contextgebonden
1
,1.2. Veranderen = ontplooien
Agogisch werker helpen de cliënt in hun psychosociale en culturele ontplooiing
Gaat over: individueel welbevinden, gedrag en interactie t.o.v. anderen, participatie aan
samenleving
1.3. Individuen en groepen in verandering
Cliënten:
Individuen:
- Psychosociale functioneren
- Vb. aanvaarden zoon andere keuzes maakt, je mening durven zeggen
Groepen:
- Gezinnen, leefgroepen, inkomensgroepen, groep uit zelfde cultuur, afkomst,
hulpvraag,...
- Vb. gezin leeft ruzie bespreken, leefgroep maakt nieuwe afspraken over koken
Focus vooral om microniveau en de vaardigheden ontwikkelen in de interactie met
cliënten
Voorbeelden verandering: door agogen
- Maatschappelijk werker helpt iemand zodanig te veranderen dat hij geen
schulden meer maakt
- Organisatieadviseur wil een sociale organisatie zo helpen veranderen dat het
personeel meer bevrediging in zijn werk vindt
- Justitieel werker probeert een gevangene zodanig te helpen veranderen dat deze
later weer normaal kan functioneren in de maatschappij
1.4. Soorten verandering
Verandering verschil tussen nieuwe en oude situatie:
- Oude situatie vervangen
- Nieuwe situatie toevoegen
Uitgangssituatie/vertreksituatie van een veranderingsproces kan verschillend zijn:
Negatieve uitgangssituatie:
- Wegwerken van problemen = Sociale agogiek/exagogiek
- Vb: roken → wegwerken + vervangen → stoppen met roken en beginnen sporten
Positieve uitgangssituatie
- Streven naar een nog betere toestand = Anagogiek
- Vb: Groepen die als samen komen → maar willen grondige werking → 1 keer per
week samenzitten om rond afval te werken
Niet veranderen
- Voorkomen dat situatie verslechtert/escaleert
- Vb: preventie/harm-reduction
2
, Oefening:
Negatieve uitgangssituatie wegnemen
- Een maatschappelijk werker helpt een jongere met een verslaving om een
afkickprogramma te starten en een stabiele woonplek te vinden.
- Een schoolmaatschappelijk werker begeleidt een leerling die gepest wordt en
helpt zowel de leerling als de klas om het pestgedrag te stoppen.
Positieve uitgangssituatie: iets optimaliseren
- Een buurtcentrum organiseert workshops rond gezonde voeding om de
levenskwaliteit van de bewoners te verbeteren.
- Een organisatie helpt langdurig werklozen bij het aanleren van
sollicitatievaardigheden en netwerken, zodat ze een betere kans maken op werk.
Geen verandering om escalatie voorkomen
- Een sociaal werker in een opvangcentrum merkt spanningen tussen twee
bewoners, maar grijpt niet meteen in. Hij wacht op een geschikt moment om te
bemiddelen.
- In een gezinsbegeleidingstraject kiest de hulpverlener ervoor om een conflict
tussen ouders en kinderen even te laten rusten om te voorkomen dat het gesprek
uit de hand loopt.
1.5. Verandering nader bekeken
- Gaat traag
- Mensen in weerstand tgn verandering
- Op groepsniveau: lastig veranderen, oude gewoontes ingeburgerd
- Nood aan verandering op lange termijn
- Deze factoren: uitdagend voor hulpverleners
Definitie De Bie
= Studie van systematische en intentionele interventies gericht op ondersteunen van
individuen en groepen in hun sociale en culturele ontplooiing
= Verhoogt psychosociaal welzijn van cliënt
Rol maatschappelijk werker:
- Mensen begeleiden in veranderingsproces
- Basisvaardigheden communicatie: hulpverlenend gesprek tss hulpverlener en
hulpvrager
- Stijl van gesprek: hulpverleningsstijl
- Verschillende methodieken
3
Hoofdstuk 1: Agogisch werken
1. Agogiek & veranderen
Agogiek = Begeleiden van veranderingsprocessen
= Soms verandering nodig/handig als iemand daarbij helpt, meedenkt & steunt.
Veranderingen vr mensen stellen hoge eisen aan betrokkenen. Dwingt mensen nieuwe
normen, gewoontes, gedachten & gedragen eigen maken = gaat niet vanzelf
Agogie = Grieks: agein → voeren/leiden
1.1. Agogiek: omschrijving
= Leer van algemene principes van deze werkvelden
= Studie/leer van het doen veranderen van mensen
= Biedt aanwijzingen vr wijze waarop je mensen kan helpen, begeleiden/beïnvloeden
in veranderingen
Sociale agogiek
= Studie van de systematische & intentionele interventies gericht op het ondersteunen
van individuen & groepen in hun sociale & culturele ontplooiing
Begrippen die centraal staan:
Sociale agogiek als wetenschap
- Sociale werkelijkheid bestudeerd
- Sociale agogische wetenschap = om mensen in agogische beroepen te
ondersteunen in hun handelen = Handelingswetenschap
Interventies
- Maw komt tss gebeurtenissen, situaties in leefsituaties & relaties tss mensen
- Doel: Situaties beïnvloeden → deze tsskomst niet neutraal
- Belangrijk: bewust zijn van eigen handelen, waarden en normen
- Tsskomst niet alleen gericht cliënt zelf mr ook op personen in omgeving van cliënt
of op delen van samenleving
Intentioneel
- Agogisch werk heeft altijd nadrukkelijk verandering tot doel
- Gaat niet om willekeurige veranderingen mr verandering nr situatie die vraf
gepland is
- Agogisch werker staat stil bij wrm tsskomt. Vrhand afvragen wat bereiken
- Verschil tss professionele hulp en goedbedoelde hulp van vrienden
Systematisch
- Omstandigheden kunnen vanzelf tot verandering leiden
- Systematisch proberen omstandigheden te creëren die beoogde veranderingen
kunnen vergemakkelijken
- Hulpverlener baseert is gebaseerd op methodiek
- Kiest de best passende methode = contextgebonden
1
,1.2. Veranderen = ontplooien
Agogisch werker helpen de cliënt in hun psychosociale en culturele ontplooiing
Gaat over: individueel welbevinden, gedrag en interactie t.o.v. anderen, participatie aan
samenleving
1.3. Individuen en groepen in verandering
Cliënten:
Individuen:
- Psychosociale functioneren
- Vb. aanvaarden zoon andere keuzes maakt, je mening durven zeggen
Groepen:
- Gezinnen, leefgroepen, inkomensgroepen, groep uit zelfde cultuur, afkomst,
hulpvraag,...
- Vb. gezin leeft ruzie bespreken, leefgroep maakt nieuwe afspraken over koken
Focus vooral om microniveau en de vaardigheden ontwikkelen in de interactie met
cliënten
Voorbeelden verandering: door agogen
- Maatschappelijk werker helpt iemand zodanig te veranderen dat hij geen
schulden meer maakt
- Organisatieadviseur wil een sociale organisatie zo helpen veranderen dat het
personeel meer bevrediging in zijn werk vindt
- Justitieel werker probeert een gevangene zodanig te helpen veranderen dat deze
later weer normaal kan functioneren in de maatschappij
1.4. Soorten verandering
Verandering verschil tussen nieuwe en oude situatie:
- Oude situatie vervangen
- Nieuwe situatie toevoegen
Uitgangssituatie/vertreksituatie van een veranderingsproces kan verschillend zijn:
Negatieve uitgangssituatie:
- Wegwerken van problemen = Sociale agogiek/exagogiek
- Vb: roken → wegwerken + vervangen → stoppen met roken en beginnen sporten
Positieve uitgangssituatie
- Streven naar een nog betere toestand = Anagogiek
- Vb: Groepen die als samen komen → maar willen grondige werking → 1 keer per
week samenzitten om rond afval te werken
Niet veranderen
- Voorkomen dat situatie verslechtert/escaleert
- Vb: preventie/harm-reduction
2
, Oefening:
Negatieve uitgangssituatie wegnemen
- Een maatschappelijk werker helpt een jongere met een verslaving om een
afkickprogramma te starten en een stabiele woonplek te vinden.
- Een schoolmaatschappelijk werker begeleidt een leerling die gepest wordt en
helpt zowel de leerling als de klas om het pestgedrag te stoppen.
Positieve uitgangssituatie: iets optimaliseren
- Een buurtcentrum organiseert workshops rond gezonde voeding om de
levenskwaliteit van de bewoners te verbeteren.
- Een organisatie helpt langdurig werklozen bij het aanleren van
sollicitatievaardigheden en netwerken, zodat ze een betere kans maken op werk.
Geen verandering om escalatie voorkomen
- Een sociaal werker in een opvangcentrum merkt spanningen tussen twee
bewoners, maar grijpt niet meteen in. Hij wacht op een geschikt moment om te
bemiddelen.
- In een gezinsbegeleidingstraject kiest de hulpverlener ervoor om een conflict
tussen ouders en kinderen even te laten rusten om te voorkomen dat het gesprek
uit de hand loopt.
1.5. Verandering nader bekeken
- Gaat traag
- Mensen in weerstand tgn verandering
- Op groepsniveau: lastig veranderen, oude gewoontes ingeburgerd
- Nood aan verandering op lange termijn
- Deze factoren: uitdagend voor hulpverleners
Definitie De Bie
= Studie van systematische en intentionele interventies gericht op ondersteunen van
individuen en groepen in hun sociale en culturele ontplooiing
= Verhoogt psychosociaal welzijn van cliënt
Rol maatschappelijk werker:
- Mensen begeleiden in veranderingsproces
- Basisvaardigheden communicatie: hulpverlenend gesprek tss hulpverlener en
hulpvrager
- Stijl van gesprek: hulpverleningsstijl
- Verschillende methodieken
3