Botmetabolisme en osteoporose
Bot kun je onderscheiden in twee groepen:
- corticaal/compact bot
- 80% van je skeletgewicht
- met name in lange pijpbeenderen
- hard, sterk, stijf
- dient ter bescherming
- trabeculair/spongieus bot
- 20% van je skeletgewicht
- in wervels en uiteinden van beenderen
- zacht, poreus en bevat beenmerg
- metabool actieve botten bestaande uit
- water (10%)
- hydroxypatiet (mineralen) (60%)
- collageen (30%)
- mineralen (Mg, Na, bicarbonaat) (1%)
Bot bestaat uit vier verschillende soorten cellen:
- osteoblasten: maken nieuw bot aan
- osteoclasten: breken bot af
- osteocyten: osteoblasten die in het bot worden ingebouwd, heeft een hormonale
functie
- osteoïd: oude osteoblasten, die zorgen voor opbouw van botweefsel
Parathyroid hormoon (PTH) (bijschildklierhormoon)
Het meeste calcium zit in je botten. De cyclusvoorraad wordt geregeld door PTH.
Dit hormoon zorgt daarnaast voor spiercontracties, zenuwgeleiding en stolling.
Je bijschildklier neemt lage calciumconcentraties in je bloed waar en produceert aan de
hand daarvan PTH. Dit hormoon verhoogd dan de calciumconcentratie op drie manieren:
1. botten - PTH stimuleert osteoclasten
2. nieren - PTH zorgt voor een toename van calciumresorptie en activeert vitamine D
3. darmen - actief vitamine D zorgt ervoor dat er in de darmen meer calcium
opgenomen kan worden
PTH kan ook zorgen dat de calciumconcentratie afneemt.
Vitamine D is erg belangrijk voor de opname van calcium en fosfaat in de darmen.
Je kan vitamine D opnemen van de zon en voeding.
Inactief vitamine D gaat eerst naar de lever en dan naar de nieren om daar geactiveerd te
worden onder invloed van PTH → actief vitamine D gaat vervolgens naar de darmen en
bindt daar aan een receptor en stimuleert zo de opname van calcium en fosfaat in het bloed.
Je piekbotmassa haal je ongeveer als je 30 jaar bent.
Bot kun je onderscheiden in twee groepen:
- corticaal/compact bot
- 80% van je skeletgewicht
- met name in lange pijpbeenderen
- hard, sterk, stijf
- dient ter bescherming
- trabeculair/spongieus bot
- 20% van je skeletgewicht
- in wervels en uiteinden van beenderen
- zacht, poreus en bevat beenmerg
- metabool actieve botten bestaande uit
- water (10%)
- hydroxypatiet (mineralen) (60%)
- collageen (30%)
- mineralen (Mg, Na, bicarbonaat) (1%)
Bot bestaat uit vier verschillende soorten cellen:
- osteoblasten: maken nieuw bot aan
- osteoclasten: breken bot af
- osteocyten: osteoblasten die in het bot worden ingebouwd, heeft een hormonale
functie
- osteoïd: oude osteoblasten, die zorgen voor opbouw van botweefsel
Parathyroid hormoon (PTH) (bijschildklierhormoon)
Het meeste calcium zit in je botten. De cyclusvoorraad wordt geregeld door PTH.
Dit hormoon zorgt daarnaast voor spiercontracties, zenuwgeleiding en stolling.
Je bijschildklier neemt lage calciumconcentraties in je bloed waar en produceert aan de
hand daarvan PTH. Dit hormoon verhoogd dan de calciumconcentratie op drie manieren:
1. botten - PTH stimuleert osteoclasten
2. nieren - PTH zorgt voor een toename van calciumresorptie en activeert vitamine D
3. darmen - actief vitamine D zorgt ervoor dat er in de darmen meer calcium
opgenomen kan worden
PTH kan ook zorgen dat de calciumconcentratie afneemt.
Vitamine D is erg belangrijk voor de opname van calcium en fosfaat in de darmen.
Je kan vitamine D opnemen van de zon en voeding.
Inactief vitamine D gaat eerst naar de lever en dan naar de nieren om daar geactiveerd te
worden onder invloed van PTH → actief vitamine D gaat vervolgens naar de darmen en
bindt daar aan een receptor en stimuleert zo de opname van calcium en fosfaat in het bloed.
Je piekbotmassa haal je ongeveer als je 30 jaar bent.