Samenvatting
INLEIDING RECHT
,Inhoudsopgave
Hoofdstuk 1 – Inleiding in het recht ................................................................................................ 2
§1.1 – Kennismaking ........................................................................................................................2
§1.2 – Indeling van het objectieve recht .............................................................................................3
§1.3 – Wat wordt verstaan onder recht? .............................................................................................4
§1.4 - Rechtsbronnen .......................................................................................................................4
Hoofdstuk 2 – Privaatrecht: kennismaking en rechtshandelingen .................................................... 8
§2.1 - Kennismaking .........................................................................................................................8
§2.2 - Rechtshandeling .....................................................................................................................9
Hoofdstuk 3 – Privaatrecht: overeenkomsten ................................................................................13
§3.1 De totstandkoming van overeenkomsten .................................................................................. 13
§3.5 – Inhoud van de overeenkomst ................................................................................................ 14
§3.6 – Nakoming ............................................................................................................................ 15
§3.7 – Tekortkoming in de nakoming ................................................................................................ 16
§3.8 – De gevolgen van niet- nakoming ............................................................................................ 18
Hoofdstuk 4 – Verbintenissen uit de wet........................................................................................21
§4.1 – Onrechtmatige daad ............................................................................................................. 21
§4.3 – Rechtmatige daden .............................................................................................................. 22
Hoofdstuk 8 – Burgerlijk procesrecht ............................................................................................24
§8.1 – Achtergronden bij het burgerlijk procesrecht .......................................................................... 24
§8.2 – Gewone rechtspraak ............................................................................................................ 24
§8.3 – Beginselen en procedures in het burgerlijk procesrecht .......................................................... 26
Hoofdstuk 10 - Bestuursrecht .......................................................................................................28
§10.1 – Wat is bestuursrecht? ......................................................................................................... 28
§10.2 – Bevoegdheid tot besturen ................................................................................................... 28
§10.3 – Besluit en beschikking ........................................................................................................ 28
§10.4 – Rechtsbescherming tegen overheidshandelen ..................................................................... 29
§10.5 – Algemene beginselen van behoorlijk bestuur ........................................................................ 29
§10.6 – Uitspraak van de bestuursrechter ........................................................................................ 29
§10.7 – Enkele beginselen van het bestuursprocesrecht ................................................................... 29
Hoofdstuk 11 – Strafrecht .............................................................................................................30
§11.1 – Inleiding in het straf(proces)recht ........................................................................................ 30
§11.2 – Fasen in het strafproces ...................................................................................................... 31
§11.3 – Uitbreiding van de strafbaarheid .......................................................................................... 34
Algemene samenvatting: .............................................................................................................35
,Hoofdstuk 1 – Inleiding in het recht
§1.1 – Kennismaking
Mens en recht
Basisprobleem is vaak belangentegenstelling
Wat is recht?
- Regelt verhoudingen tussen mensen, en tussen mensen en overheid
- Problemen worden beslecht door een rechter
- Geen eigenrichting (geweld gebruiken) toegestaan → overheid heeft
geweldsmonopolie
- Overtreding van regels heeft een sanctie als gevolg
- Doel recht → samenleving rechtvaardig, vreedzaam en efficiënt te
ordenen
- College van burgemeesters en wethouders kan bij overtreding een sanctie
opleggen: bijv. last onder dwangsom: de overtreder moet, voor elke dag
dat hij de overtreding niet ongedaan maakt, een geldbedrag betalen.
Organisatie rechterlijke macht
Rechtbank (11 totaal)
- Rechtbank kijkt als eerste naar een juridisch probleem. Het is het eerste gerecht.
- Uitspraak van een rechter heet een vonnis
- Rechtbank doet:
- Civiel recht (o.a. familierecht, handelszaken)
- Bestuursrecht (o.a. belasting, vreemdelingen)
- Strafrecht (misdrijven, overtredingen)
Gerechtshof
- Hoger beroep → nieuwe inhoudelijke beoordeling
- Uitspraak van raadsheren heet arrest
- Arrest vervangt vonnis
Hoge raad
- Onder bepaalde voorwaarden naar Hoge Raad → in cassatie gaan
- Rechtspraak met vijf raadsheren
, - Gekeken of rechtbank feiten goed heeft beoordeeld, of er voldoende bewijs is en
of het recht juist is toegepast → niet goed? Zaak gaat terug naar lagere rechter
§1.2 – Indeling van het objectieve recht
Soorten recht
Objectief recht Subjectief recht
Alle geschreven en ongeschreven regels Rechten die je kunt uitoefenen
Publiekrecht Privaatrecht
Overheid <-> burgers (bv. bestuursrecht, Burgers <-> burgers of rechtspersonen
strafrecht)
- Natuurlijke persoon = de mens
- Rechtspersoon = Organisatievorm die voor veel handelingen als natuurlijke
personen aan het recht mee doet (bedrijven of stichtingen)
Nuancering van het onderscheid privaatrecht-publiekrecht
- Het publiekrecht is van toepassing als de overheid een specifieke
overheidshandeling verricht (een handeling die alleen de overheid kan doen: wet
opstellen)
- Als de overheid optreedt als burger (bijv. het kopen van kantoorbenodigdheden)
dan geld het privaatrecht
- De wijze van rechtshandhaving is ook belangrijk: de handhaving van regels die tot
het privaatrecht behoren wordt aan de partijen zelf overgelaten De handhaving van
publiekrecht is aan de overheid voorbehouden (bijv. diefstal)
Materieel recht Formeel recht
Bevat regels die rechten verlenen en Hoe het materiele recht kan worden
verplichtingen opleggen tussen burgers afgedwongen
onderling, burgers en overheid en
overheden onderling
Dwingend recht Aanvullend recht
Geen afwijking toegestaan Partijen mogen hiervan afwijken, geldt
alleen als er geen eigen afspraken zijn
gemaakt
INLEIDING RECHT
,Inhoudsopgave
Hoofdstuk 1 – Inleiding in het recht ................................................................................................ 2
§1.1 – Kennismaking ........................................................................................................................2
§1.2 – Indeling van het objectieve recht .............................................................................................3
§1.3 – Wat wordt verstaan onder recht? .............................................................................................4
§1.4 - Rechtsbronnen .......................................................................................................................4
Hoofdstuk 2 – Privaatrecht: kennismaking en rechtshandelingen .................................................... 8
§2.1 - Kennismaking .........................................................................................................................8
§2.2 - Rechtshandeling .....................................................................................................................9
Hoofdstuk 3 – Privaatrecht: overeenkomsten ................................................................................13
§3.1 De totstandkoming van overeenkomsten .................................................................................. 13
§3.5 – Inhoud van de overeenkomst ................................................................................................ 14
§3.6 – Nakoming ............................................................................................................................ 15
§3.7 – Tekortkoming in de nakoming ................................................................................................ 16
§3.8 – De gevolgen van niet- nakoming ............................................................................................ 18
Hoofdstuk 4 – Verbintenissen uit de wet........................................................................................21
§4.1 – Onrechtmatige daad ............................................................................................................. 21
§4.3 – Rechtmatige daden .............................................................................................................. 22
Hoofdstuk 8 – Burgerlijk procesrecht ............................................................................................24
§8.1 – Achtergronden bij het burgerlijk procesrecht .......................................................................... 24
§8.2 – Gewone rechtspraak ............................................................................................................ 24
§8.3 – Beginselen en procedures in het burgerlijk procesrecht .......................................................... 26
Hoofdstuk 10 - Bestuursrecht .......................................................................................................28
§10.1 – Wat is bestuursrecht? ......................................................................................................... 28
§10.2 – Bevoegdheid tot besturen ................................................................................................... 28
§10.3 – Besluit en beschikking ........................................................................................................ 28
§10.4 – Rechtsbescherming tegen overheidshandelen ..................................................................... 29
§10.5 – Algemene beginselen van behoorlijk bestuur ........................................................................ 29
§10.6 – Uitspraak van de bestuursrechter ........................................................................................ 29
§10.7 – Enkele beginselen van het bestuursprocesrecht ................................................................... 29
Hoofdstuk 11 – Strafrecht .............................................................................................................30
§11.1 – Inleiding in het straf(proces)recht ........................................................................................ 30
§11.2 – Fasen in het strafproces ...................................................................................................... 31
§11.3 – Uitbreiding van de strafbaarheid .......................................................................................... 34
Algemene samenvatting: .............................................................................................................35
,Hoofdstuk 1 – Inleiding in het recht
§1.1 – Kennismaking
Mens en recht
Basisprobleem is vaak belangentegenstelling
Wat is recht?
- Regelt verhoudingen tussen mensen, en tussen mensen en overheid
- Problemen worden beslecht door een rechter
- Geen eigenrichting (geweld gebruiken) toegestaan → overheid heeft
geweldsmonopolie
- Overtreding van regels heeft een sanctie als gevolg
- Doel recht → samenleving rechtvaardig, vreedzaam en efficiënt te
ordenen
- College van burgemeesters en wethouders kan bij overtreding een sanctie
opleggen: bijv. last onder dwangsom: de overtreder moet, voor elke dag
dat hij de overtreding niet ongedaan maakt, een geldbedrag betalen.
Organisatie rechterlijke macht
Rechtbank (11 totaal)
- Rechtbank kijkt als eerste naar een juridisch probleem. Het is het eerste gerecht.
- Uitspraak van een rechter heet een vonnis
- Rechtbank doet:
- Civiel recht (o.a. familierecht, handelszaken)
- Bestuursrecht (o.a. belasting, vreemdelingen)
- Strafrecht (misdrijven, overtredingen)
Gerechtshof
- Hoger beroep → nieuwe inhoudelijke beoordeling
- Uitspraak van raadsheren heet arrest
- Arrest vervangt vonnis
Hoge raad
- Onder bepaalde voorwaarden naar Hoge Raad → in cassatie gaan
- Rechtspraak met vijf raadsheren
, - Gekeken of rechtbank feiten goed heeft beoordeeld, of er voldoende bewijs is en
of het recht juist is toegepast → niet goed? Zaak gaat terug naar lagere rechter
§1.2 – Indeling van het objectieve recht
Soorten recht
Objectief recht Subjectief recht
Alle geschreven en ongeschreven regels Rechten die je kunt uitoefenen
Publiekrecht Privaatrecht
Overheid <-> burgers (bv. bestuursrecht, Burgers <-> burgers of rechtspersonen
strafrecht)
- Natuurlijke persoon = de mens
- Rechtspersoon = Organisatievorm die voor veel handelingen als natuurlijke
personen aan het recht mee doet (bedrijven of stichtingen)
Nuancering van het onderscheid privaatrecht-publiekrecht
- Het publiekrecht is van toepassing als de overheid een specifieke
overheidshandeling verricht (een handeling die alleen de overheid kan doen: wet
opstellen)
- Als de overheid optreedt als burger (bijv. het kopen van kantoorbenodigdheden)
dan geld het privaatrecht
- De wijze van rechtshandhaving is ook belangrijk: de handhaving van regels die tot
het privaatrecht behoren wordt aan de partijen zelf overgelaten De handhaving van
publiekrecht is aan de overheid voorbehouden (bijv. diefstal)
Materieel recht Formeel recht
Bevat regels die rechten verlenen en Hoe het materiele recht kan worden
verplichtingen opleggen tussen burgers afgedwongen
onderling, burgers en overheid en
overheden onderling
Dwingend recht Aanvullend recht
Geen afwijking toegestaan Partijen mogen hiervan afwijken, geldt
alleen als er geen eigen afspraken zijn
gemaakt