Samenvatting bioveiligheid
General principles of biosecurity in animal production and veterinary medicine
What is biosecurity?
Bioveiligheid is ‘het toepassen van een aantal maatregelen, te maken met management, gedrag en fysiek, om het
risico te verminderen op introductie, verspreiding binnen de populatie en het verspreiden tussen bedrijven van
pathogenen naar, tussen en van een populatie dieren’
• Gaat bijna uitsluitend over preventieve maatregelen
• Gaat vooral om een combinatie van acties
Externe bioveiligheid: de verspreiding tussen bedrijven en het binnenkomen op een bedrijf vermijden
• Alle transmissieroutes in gedachte houden: aanvoer dieren, voeders, vrachtwagens, bezoekers, water,
lucht, …
Interne bioveiligheid: verspreiding binnen het bedrijf vermijden
• Vooral maatregelen die je zelf moet toepassen, heel makkelijk winst mee te behalen
Why is biosecurity important?
Bioveiligheid past volledig binnen het kader van One Health. Het kan ook gezien worden als de fundering van
dierziektebestrijding, gevolgd door de preventieve diergeneeskunde en de curatieve diergeneeskunde (als
laatste). Het is een concept dat steeds belangrijker wordt omdat bedrijven groter worden.
Een goed toegepaste bioveiligheid kan leiden tot betere productieparameters en minder gebruik van antibiotica.
Het doel van bioveiigheid is dan ook als volgt:
• Betere productieparametes (vb groei)
• Proberen vrij te worden van ziektes
• Exotische ziektes vermijden
• Public health, dierenwelzijn en publieke mening (bedrijven zo proper mogelijk maken)
De wetgeving rond bioveiligheid is nog zeer beperkt, al zijn er wel al een aantal componenten verplicht.
Biosecurity and disease transmission
Bioveiligheid is zeer complex, er is geen enkel protocol dat toegepast kan worden op dezelfde kudde. Er zijn heel
wat variabelen die het noodzakelijk maken in elk geval een eigen bioveiligheidplan op te stellen (vb soort
pathogeen, kudde, transmissieroute).
Er moet een balans gevonden worden tussen bioveiligheid en het management (hiervoor kun je een score
systeem gebruiken). Niet elke maatregel heeft namelijk dezelfde impact.
Je kan gebruik maken van een risico-gebaseerd score systeem, dat gewichten toekent aan alle verschillende
maatregelen. Zo een systeem is gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek. Ook tussen verschillende ziektes kan
het zijn dat dezelfde maatregel een licht ander gewicht krijgt!
Principles of biosecurity
1. Geïnfecteerde en gezonde dieren zoveel mogelijk scheiden
o Zowel direct als indirect (kledij, transport, …) tussen de dieren vermijden
o ‘Propere’ kan van het bedrijf = binnenin het bedrijf, de dieren en stallen inclusief
o ‘Vuile’ kant van het bedrijf = buiten het bedrijf, de omgeving
o Telkens wanneer de proper-vuil grens overschreden moet worden, moeten er maatregelen
genomen worden (! Maatregelen moeten goed en consequent gevolgd worden !)
, 2. Reduceren van de infectiedruk
o Infectiedruk zo laag mogelijk houden
o Infectiecyclus verbreken en zo de druk op het immuunsysteem van de dieren verminderen
3. Niet alle transmissieroutes hebben evenveel belang
o Laag risico: ademhaling personen – voeder – ongedierte – lucht – materiaal – transport, kleren,
handen – drinkwater – levende dieren: hoog risico
4. Het risico is een combinatie van de kans op transmissie en de frequentie van de transmissie
o Niet enkel het risico van een individuele actie speelt een rol, maar ook het aantal keren dat die
actie herhaald wordt
o “A thousand small chances equals one big chance”
o Er moeten du sook zeker gepaste maatregelen genomen worden voor factoren met een lage
impact maar een hoge frequentie
5. Grotere groepen dieren hebben groter risico
o Hoe groter het bedrijf, hoe hoger de kans op (meer) infecties in geval van een inkomen
pathogeen
The components of biosecurity
Externe bioveiligheid
= alle maatregelen die genomen worden om de introductie van een pathogeen binnen een bedrijf en het
verspreiden tussen bedrijven te verminderen
• Alle acties waarbij er contact is tussen bedrijf en buitenwereld
Structuur van het bedrijf en de ingangscontrole
• Mensen: zowel mechanische als biologische vector, direct contact
• Duidelijke opdeling in een propere zone en een vuile zone (strikte scheiding!)
o Propere zone
▪ Enkel binnenkomen als je bioveiligheidsmaatregelen genomen hebt
▪ Enkel intern transport (vb. dieren naar andere stal brengen)
▪ Geen externe voertuigen
o Vuile zone
▪ Extern transport
▪ Externe personen
o Afsluiting: fysieke barrières, duidelijke communicatie
• Hygiëne lock; van vuile naar propere zone gaan
o 3 gouden regels: kleding veranderen, schoenen veranderen,
handen wassen
o Idealiter: hygiëne lock per compartiment / dierhuis
o Stap 1: naam noteren
o Stap 2: jas en schoenen uitdoen
o Stap 3: handen wassen (met propere handdoek afdrogen)
▪ ! handschoenen dragen is GEEN alternatief voor
handen wassen !
o Stap 4: door douche of over bank (scheiding tussen vuil en
proper)
▪ Douche veiliger dan bank
o Stap 5: propere overall en schoenen aandoen
o Stap 6: schoeisel desinfecteren
• Boerderijkleren en schoenen
o Voor alle bezoekers en personeel!
o Boerderijspecifiek, proper, gedesinfecteerd schoeisel
, o Desinfectiebad: regelmatig vloeistof vervangen, gebruiken met propere schoenen, correcte
contact rtijd en termperatuur
• Hygiëne lock: van propere naar vuile zone gaan
o Stap 1: was en desinfecteer schoenen
o Stap 2: zet schoenen weg
o Stap 3: neem vuile overall af
o Stap 4: douche / stap over de bank
o Stap 5: handen wassen
o Stap 6: eigen kleren en schoenen terug aandoen
• Binnen de 24 uur voor je bezoek aan een bedrijf mag je niet op een ander bedrijf zijn geweest
• Quarantaine: voorkomen dat ziektedragers de kudde inkomen
o Quarantaine periode moet voldoende lang zijn
o Klinisch onderzoek van dieren, samples nemen en wachten op labo-onderzoek, vaccineren
o Dier laten wennen en adapteren aan je bedrijf
o Voor alle dieren die het bedrijf binnenkomen
o Aal-in/all-out
o Volledig kuisen en desinfecteren na elke dier(groep)
o Apart luchtvolume en ventilatie
• Keuringen / wedstrijden
o Slecht idee wat bioveiligheid betreft
o Dieren moeten in quarantaine bij terugkomst op de boerderij
!!! bioveiligheidsmaatregelen moeten doenbaar zijn (zowel financieel als qua tijdsbesteding) !!!
Voorbeelden
• Aankoop van dieren en dierlijke producten
o Zoveel mogelijk vermijden: zorg voor een eigen aanfok, …
o Limiteer de aankoop zoveel als mogelijk
o Introductie nieuwe dieren: quarantaine stal
o All-in, all-out systeem
o Aankoop sperma: zorgen dat het in een brievenbus gestoken kan worden zodat de transporteur
niet binnen hoeft te komen
• Transport van dieren en verplaatsen van mest en karkassen
o Propere en vuile weg voor verkeer
o Vrachtwagens volledig kuisen en desinfecteren
• Voeder-, water en materiaal voorziening
o Regelmatige kwaliteits- en veiligheidschecks
o Materiaal niet lenen aan andere bedrijven
• Toegang voor personeel en bezoekers
o Handen wassen, douchen alvorens de stal binnen te gaan
o Diergroep specifieke kleren, schoenen en materiaal
• Controle op ongedierte en vogels
• Locatie en omgeving
o Lage dierdensiteit in de omgeving is positief
Interne bioveiligheid
= alle maatregelen die ervoor zorgen dat het verspreiden binnen het bedrijf, tussen verschillende diergroepen,
zoveel mogelijk vermeden wordt
• Sterk gelinkt aan management en dagelijkse gewoontes (handen wassen, …)
Voorbeelden
1. Ziekte management
, o Correct handelen (ev quarantaine) bij en correct behandelen van zieke dieren
o Vaccinaties
2. All-in / all-out
3. Dierdensiteit
o Resulteert in meer stress waardoor ziektes gemakkelijker verspreiden
4. Compartimentatie en verschillende werklijnen
o Beginnen met de jongste dieren, vervolgens de oudere en als laatste de zieke dieren en
quarantaine dieren
5. Kuisen en desinfecteren
Impact of biosecurity
Hoge bioveiligheid leidt tot
• Lager antibioticagebruik
• Betere productieparameters
Economische impact
• Bioveiligheid hoeft niet super duur te zijn, de kleine goedkope maatregelen kunnen al een werels van
verschil maken (vb kledij, schoenen, …)
Coaching biosecurity
Typische benadering van coaching
• ‘Awareness’: de veehouder moet bewustzijn van het feit dat er een gevaar is
• ‘Desire’: de veehouder moet het willen verbeteren
• ‘Knowledge’: de veehouder moet weten hoe hij bioveiligheid moet verbeteren (rol dierenarts)
• ‘Ability’: de veehouder moet het kunnen toepassen (vb financieel)
• ‘Reinforcement’: de veehouder moet het kunnen volhouden, gemotiveerd blijven, blijvende
ondersteuning krijgen
Water, lucht en bodem
Inleiding
Belang van waterkwaliteit in de veehouderij
• Wateropname / -kwaliteit beïnvloedt de zoötechnische prestaties
• Slecht waterkwaliteit → metabole effecten, infecties, ziekte
• Waterkwaliteit van belang voor: werking reiniging- en ontsmettingsmiddelen, antibiotica, …
• Veehouderij kan vervuilend effluent produceren
➔ Kennis van biologische en chemische risico’s en metingen van belang
Hygiënische aspecten van (drink)watervoorziening
Mogelijke waterbronnen voor het gebruik op het veebedrijf
Grondwater
• = water dat zich onder het bodemoppervlak bevindt (in de verzadigde zone) en in direct contact staat
met de bodem
o Verzadigde zone: grond waar alle poriën gevuld zijn met water → dieper gelegen
o Onverzadigde zone: poriën gevuld met lucht en water → vlak onder bodemoppervlak
• Ondiep of freatisch grondwater: afkomstig uit freatische waterlagen
o = grondwaterlagen (verzadigde zones) die ondiep gelegen zijn en gevoed worden door
insijpelend hemelwater dat via onverzadigde zone de watervoerende laag bereikt
(onafgesloten, watervoerende lagen)
General principles of biosecurity in animal production and veterinary medicine
What is biosecurity?
Bioveiligheid is ‘het toepassen van een aantal maatregelen, te maken met management, gedrag en fysiek, om het
risico te verminderen op introductie, verspreiding binnen de populatie en het verspreiden tussen bedrijven van
pathogenen naar, tussen en van een populatie dieren’
• Gaat bijna uitsluitend over preventieve maatregelen
• Gaat vooral om een combinatie van acties
Externe bioveiligheid: de verspreiding tussen bedrijven en het binnenkomen op een bedrijf vermijden
• Alle transmissieroutes in gedachte houden: aanvoer dieren, voeders, vrachtwagens, bezoekers, water,
lucht, …
Interne bioveiligheid: verspreiding binnen het bedrijf vermijden
• Vooral maatregelen die je zelf moet toepassen, heel makkelijk winst mee te behalen
Why is biosecurity important?
Bioveiligheid past volledig binnen het kader van One Health. Het kan ook gezien worden als de fundering van
dierziektebestrijding, gevolgd door de preventieve diergeneeskunde en de curatieve diergeneeskunde (als
laatste). Het is een concept dat steeds belangrijker wordt omdat bedrijven groter worden.
Een goed toegepaste bioveiligheid kan leiden tot betere productieparameters en minder gebruik van antibiotica.
Het doel van bioveiigheid is dan ook als volgt:
• Betere productieparametes (vb groei)
• Proberen vrij te worden van ziektes
• Exotische ziektes vermijden
• Public health, dierenwelzijn en publieke mening (bedrijven zo proper mogelijk maken)
De wetgeving rond bioveiligheid is nog zeer beperkt, al zijn er wel al een aantal componenten verplicht.
Biosecurity and disease transmission
Bioveiligheid is zeer complex, er is geen enkel protocol dat toegepast kan worden op dezelfde kudde. Er zijn heel
wat variabelen die het noodzakelijk maken in elk geval een eigen bioveiligheidplan op te stellen (vb soort
pathogeen, kudde, transmissieroute).
Er moet een balans gevonden worden tussen bioveiligheid en het management (hiervoor kun je een score
systeem gebruiken). Niet elke maatregel heeft namelijk dezelfde impact.
Je kan gebruik maken van een risico-gebaseerd score systeem, dat gewichten toekent aan alle verschillende
maatregelen. Zo een systeem is gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek. Ook tussen verschillende ziektes kan
het zijn dat dezelfde maatregel een licht ander gewicht krijgt!
Principles of biosecurity
1. Geïnfecteerde en gezonde dieren zoveel mogelijk scheiden
o Zowel direct als indirect (kledij, transport, …) tussen de dieren vermijden
o ‘Propere’ kan van het bedrijf = binnenin het bedrijf, de dieren en stallen inclusief
o ‘Vuile’ kant van het bedrijf = buiten het bedrijf, de omgeving
o Telkens wanneer de proper-vuil grens overschreden moet worden, moeten er maatregelen
genomen worden (! Maatregelen moeten goed en consequent gevolgd worden !)
, 2. Reduceren van de infectiedruk
o Infectiedruk zo laag mogelijk houden
o Infectiecyclus verbreken en zo de druk op het immuunsysteem van de dieren verminderen
3. Niet alle transmissieroutes hebben evenveel belang
o Laag risico: ademhaling personen – voeder – ongedierte – lucht – materiaal – transport, kleren,
handen – drinkwater – levende dieren: hoog risico
4. Het risico is een combinatie van de kans op transmissie en de frequentie van de transmissie
o Niet enkel het risico van een individuele actie speelt een rol, maar ook het aantal keren dat die
actie herhaald wordt
o “A thousand small chances equals one big chance”
o Er moeten du sook zeker gepaste maatregelen genomen worden voor factoren met een lage
impact maar een hoge frequentie
5. Grotere groepen dieren hebben groter risico
o Hoe groter het bedrijf, hoe hoger de kans op (meer) infecties in geval van een inkomen
pathogeen
The components of biosecurity
Externe bioveiligheid
= alle maatregelen die genomen worden om de introductie van een pathogeen binnen een bedrijf en het
verspreiden tussen bedrijven te verminderen
• Alle acties waarbij er contact is tussen bedrijf en buitenwereld
Structuur van het bedrijf en de ingangscontrole
• Mensen: zowel mechanische als biologische vector, direct contact
• Duidelijke opdeling in een propere zone en een vuile zone (strikte scheiding!)
o Propere zone
▪ Enkel binnenkomen als je bioveiligheidsmaatregelen genomen hebt
▪ Enkel intern transport (vb. dieren naar andere stal brengen)
▪ Geen externe voertuigen
o Vuile zone
▪ Extern transport
▪ Externe personen
o Afsluiting: fysieke barrières, duidelijke communicatie
• Hygiëne lock; van vuile naar propere zone gaan
o 3 gouden regels: kleding veranderen, schoenen veranderen,
handen wassen
o Idealiter: hygiëne lock per compartiment / dierhuis
o Stap 1: naam noteren
o Stap 2: jas en schoenen uitdoen
o Stap 3: handen wassen (met propere handdoek afdrogen)
▪ ! handschoenen dragen is GEEN alternatief voor
handen wassen !
o Stap 4: door douche of over bank (scheiding tussen vuil en
proper)
▪ Douche veiliger dan bank
o Stap 5: propere overall en schoenen aandoen
o Stap 6: schoeisel desinfecteren
• Boerderijkleren en schoenen
o Voor alle bezoekers en personeel!
o Boerderijspecifiek, proper, gedesinfecteerd schoeisel
, o Desinfectiebad: regelmatig vloeistof vervangen, gebruiken met propere schoenen, correcte
contact rtijd en termperatuur
• Hygiëne lock: van propere naar vuile zone gaan
o Stap 1: was en desinfecteer schoenen
o Stap 2: zet schoenen weg
o Stap 3: neem vuile overall af
o Stap 4: douche / stap over de bank
o Stap 5: handen wassen
o Stap 6: eigen kleren en schoenen terug aandoen
• Binnen de 24 uur voor je bezoek aan een bedrijf mag je niet op een ander bedrijf zijn geweest
• Quarantaine: voorkomen dat ziektedragers de kudde inkomen
o Quarantaine periode moet voldoende lang zijn
o Klinisch onderzoek van dieren, samples nemen en wachten op labo-onderzoek, vaccineren
o Dier laten wennen en adapteren aan je bedrijf
o Voor alle dieren die het bedrijf binnenkomen
o Aal-in/all-out
o Volledig kuisen en desinfecteren na elke dier(groep)
o Apart luchtvolume en ventilatie
• Keuringen / wedstrijden
o Slecht idee wat bioveiligheid betreft
o Dieren moeten in quarantaine bij terugkomst op de boerderij
!!! bioveiligheidsmaatregelen moeten doenbaar zijn (zowel financieel als qua tijdsbesteding) !!!
Voorbeelden
• Aankoop van dieren en dierlijke producten
o Zoveel mogelijk vermijden: zorg voor een eigen aanfok, …
o Limiteer de aankoop zoveel als mogelijk
o Introductie nieuwe dieren: quarantaine stal
o All-in, all-out systeem
o Aankoop sperma: zorgen dat het in een brievenbus gestoken kan worden zodat de transporteur
niet binnen hoeft te komen
• Transport van dieren en verplaatsen van mest en karkassen
o Propere en vuile weg voor verkeer
o Vrachtwagens volledig kuisen en desinfecteren
• Voeder-, water en materiaal voorziening
o Regelmatige kwaliteits- en veiligheidschecks
o Materiaal niet lenen aan andere bedrijven
• Toegang voor personeel en bezoekers
o Handen wassen, douchen alvorens de stal binnen te gaan
o Diergroep specifieke kleren, schoenen en materiaal
• Controle op ongedierte en vogels
• Locatie en omgeving
o Lage dierdensiteit in de omgeving is positief
Interne bioveiligheid
= alle maatregelen die ervoor zorgen dat het verspreiden binnen het bedrijf, tussen verschillende diergroepen,
zoveel mogelijk vermeden wordt
• Sterk gelinkt aan management en dagelijkse gewoontes (handen wassen, …)
Voorbeelden
1. Ziekte management
, o Correct handelen (ev quarantaine) bij en correct behandelen van zieke dieren
o Vaccinaties
2. All-in / all-out
3. Dierdensiteit
o Resulteert in meer stress waardoor ziektes gemakkelijker verspreiden
4. Compartimentatie en verschillende werklijnen
o Beginnen met de jongste dieren, vervolgens de oudere en als laatste de zieke dieren en
quarantaine dieren
5. Kuisen en desinfecteren
Impact of biosecurity
Hoge bioveiligheid leidt tot
• Lager antibioticagebruik
• Betere productieparameters
Economische impact
• Bioveiligheid hoeft niet super duur te zijn, de kleine goedkope maatregelen kunnen al een werels van
verschil maken (vb kledij, schoenen, …)
Coaching biosecurity
Typische benadering van coaching
• ‘Awareness’: de veehouder moet bewustzijn van het feit dat er een gevaar is
• ‘Desire’: de veehouder moet het willen verbeteren
• ‘Knowledge’: de veehouder moet weten hoe hij bioveiligheid moet verbeteren (rol dierenarts)
• ‘Ability’: de veehouder moet het kunnen toepassen (vb financieel)
• ‘Reinforcement’: de veehouder moet het kunnen volhouden, gemotiveerd blijven, blijvende
ondersteuning krijgen
Water, lucht en bodem
Inleiding
Belang van waterkwaliteit in de veehouderij
• Wateropname / -kwaliteit beïnvloedt de zoötechnische prestaties
• Slecht waterkwaliteit → metabole effecten, infecties, ziekte
• Waterkwaliteit van belang voor: werking reiniging- en ontsmettingsmiddelen, antibiotica, …
• Veehouderij kan vervuilend effluent produceren
➔ Kennis van biologische en chemische risico’s en metingen van belang
Hygiënische aspecten van (drink)watervoorziening
Mogelijke waterbronnen voor het gebruik op het veebedrijf
Grondwater
• = water dat zich onder het bodemoppervlak bevindt (in de verzadigde zone) en in direct contact staat
met de bodem
o Verzadigde zone: grond waar alle poriën gevuld zijn met water → dieper gelegen
o Onverzadigde zone: poriën gevuld met lucht en water → vlak onder bodemoppervlak
• Ondiep of freatisch grondwater: afkomstig uit freatische waterlagen
o = grondwaterlagen (verzadigde zones) die ondiep gelegen zijn en gevoed worden door
insijpelend hemelwater dat via onverzadigde zone de watervoerende laag bereikt
(onafgesloten, watervoerende lagen)