STRAFVORDERI
NG
,Inhoudsopgave
1
,Les 25/9
Algemene beginselen strafprocesrecht
Justitieel apparaat: niet voldoende middelen om alles te vervolgen doen met middelen
die we hebben = strafrechtelijk beleid prioriteiten stellen: seponeren, vervolgen,
minnelijke schikking…
Definitie
Begrip
= Geheel van rechtsregels betreffende de opsporing, vervolging en berechting van personen
die ervan verdacht worden een misdrijf te hebben gepleegd
- Synoniemen: formeel strafrecht, strafprocesrecht, strafvordering
Onderscheid tussen materieel en formeel strafrecht
Materieel – formeel strafrecht: elkaar nodig
Personen tot wie regels gericht zijn
- Formeel strafrecht: gericht aan overheid (zij die met de toepassing van de regels
belast zijn)
o Politie: bevindt zich op terrein + gebonden aan aantal regels
o Staande: parket/OM
o Zittende: rechter
- Materieel strafrecht: gericht tot iedereen
Inhoud regels
- Materieel strafrecht: vanzelfsprekende inhoud, bescherming van fundamentele
waarden
- Formeel strafrecht: minder vanzelfsprekend (bv. verjaring), beschermde waarden
liggen op een ander vlak en zijn meer aan evolutie onderhevig
Sanctionering van schending van deze regels
- Materieel strafrecht: bestraffing
o Op elk misdrijf staat straf en schending van de norm zorgt voor bestraffing
2
, - Formeel strafrecht: niet steeds een sanctie; sanctie staat ook niet vast (soms verval
van de strafvordering, soms bewijsuitsluiting, soms strafvermindering).
o Grote beoordelingsvrijheid
Doelstellingen van strafproces
Dubbele finaliteit: waarheidsvinding en bescherming van individuele grondrechten →
strafprocesrecht moet deze belangen met elkaar verzoenen
Waarheidsvinding
- Invalshoek van de regels: openbaar belang → daarom voornaamste doel
‘waarheidsvinding’
- Waarheidsvinding, publiek recht, openbaar belang (bv. houding van het slachtoffer
irrelevant)
Bescherming individuele grondrechten
- Overheden: bevoegdheden die verregaande beperking van bepaalde grondrechten
kunnen inhouden bij onderzoek
o Bestaan niet enkel tav verdachten, maar ook tav derden
o Daarom is beschermde belang groter dan louter ‘rechten van verdediging’
- Persoon die vervolgd wordt wegens misdrijf: geniet complex grondrechten ‘rechten
van verdediging’
- Bescherming individuele grondrechten: privacy, briefgeheim, eigendomsrecht:
ruimer dan enkel de rechten van verdediging
Onderlinge afweging van waarheidsvinding en individuele grondrechten
- Aanvankelijk waarheidsvinding centraal individuele grondrechten nt aanwezig
vb tortuur
- Na WOII: algemeen besef dat zoiets nooit meer mocht gebeuren individuele
grondrechten opgang
o EVRM: 1950 ondertekend
o Laatste 20-30 jaar: meer repressief
o Voornaamste waarborg: wettelijk karakter van overheidsoptreden
Beperking van grondrechten moeten op wettelijke basis rusten
- Legaliteitsbeginsel (art. 12 Gw.), privacy (art. 22 Gw.) edm.
- Wet op zich is niet voldoende, de wet moet ook aan bepaalde inhoudelijke eisen
beantwoorden (bv. art. 8 EVRM)
o Belangen van burger in algemeen en van verdachte in bijzonder wegen door
in strafproces
3
, - Concrete afweging in de rechtspraak: slingerbeweging
o Sinds jaren 60: meer belang aan grondrechten
o Nu:
Veel nadruk op rechtshandhaving (o.a. als gevolg van het terrorisme)
Bv. recente discussie in 2017 over de verlenging van de
arrestatietermijn (48/72 uur)
Artikel 32 VTSv: onrechtmatig verkregen bewijs
Moet slechts in 3 hypothesen buiten beschouwen worden
gelaten door strafrechter
Accusatoire en inquisitoire strafrechtspleging
Principe
Accusatoir
- Horizontale processtructuur (zoals bv. in een burgerlijk geding)
o Aanklager en verdediging staan op gelijke voet en hebben proces volledig in
handen
- Passieve rol van de rechter: rechter hoort toe en beslist welke partij ‘gelijk’ heeft
- Volledige openbaarheid
- Discussie tss 2 rechtspartijen, rechter soort arbiter weinig inspraak
Inquisitoir
- Verticale processtructuur
- Actieve rol van de rechter: rechter leidt het proces: zoekt zelf naar waarheid
o Heeft actieve leiding
o Verregaande bevoegdheden
- Geheim karakter: achter gesloten deuren
- Niet-tegensprekelijk: beklaagde heeft niet de mogelijkheid om tegen hem
verzamelde bewijzen te weerleggen en verdediging naar voren te brengen
Praktijk
- Zuivere types komen bijna nergens meer voor
o Common law landen: hoofdzakelijk accusatoir (grotere rol voor politie, veel
juryrechtspraak)
o Continentale landen: hoofdzakelijk inquisitoir (vooronderzoek onder leiding
van OM, bestaan van onderzoeksmagistraat) doch onderzoek ter
terechtzitting hoofdzakelijk accusatoir MAAR op basis van tijdens het
vooronderzoek samengesteld strafdossier
2 fasen
4
, Vooronderzoek → strafdossier wordt opgesteld
Fase ter terechtzitting: strafdossier dient als basis voor
behandeling van zaak
o Accusatoir: openbaar, mondeling en tegensprekelijk +
rechter heeft passieve rol
Verloop van het strafproces
2 fasen: vooronderzoek (geheime fase) + onderzoek ten gronde (openbare fase)
Vooronderzoek
- Doel: verdachte identificeren + nagaan of er voldoende bezwaren tegen hem bestaan
Opsporingsonderzoek en gerechtelijk onderzoek
2 types
1. Opsporingsonderzoek
o Door PdK, zonder onderzoeksrechter
o Wordt ook afgesloten door PdK (vervolging, sepot of buitengerechtelijke
afhandeling)
o Meer dan 95 % van de strafzaken op deze manier behandeld
2. Gerechtelijk onderzoek
o Idem opsporingsonderzoek, maar door onderzoeksrechter
o Meestal wanneer dwangmaatregelen vereist zijn ((bv. huiszoeking,
telefoontap, aanhoudingsbevel edm.)
Hiervoor bevel van onderzoeksrechter nodig
o Wordt afgesloten door raadkamer in aparte procedure = regeling der
rechtspleging
Kenmerken van het vooronderzoek
- Geheim, niet-tegensprekelijk en schriftelijk
o Verdachte en slachtoffer onder bepaalde voorwaarden toch inzagerecht
Het geheim karakter van het vooronderzoek
- Art. 28 quinquies Sv. (OO) en 57 §1 Sv. (GO)
- Geheimhouding tav verdachte en slachtoffer en openbare opinie
o Toch afwijkingen
Tav verdachte en slachtoffer: interne openbaarheid
Tav publiek: externe openbaarheid
5
,Draagwijdte
Tav verdachte en slachtoffer
- Tav verdachte en slachtoffer: worden niet betrokken bij het onderzoek en in principe
geen inzage. Maar:
o Kopie van ondervraging
Procureur kan dit recht uitstellen, niet weigeren
o Inzage art. 21bis (algemeen en in OO) en art. 61ter Sv. (GO), met
weigeringsgronden maar met recht van hoger beroep bij KI
PdK kan dit weigeren
o Inzage betekent in principe ook recht op kopiename (zelfs met eigen
middelen)
Tav publiek
- Tav publiek: achter gesloten deuren
o Persmededelingen mogelijk door PdK en advocaat maar onder voorwaarden
((art. 28quinquies Sv. en 57 Sv.)
Identiteit van partijen worden niet vrijgegeven
Niet-tegensprekelijk karakter en sturing van vooronderzoek
- OO: vrijwel volledig → verdachte en slachtoffer hebben geen inspraak in onderzoek
(wordt geleid door parket)
- GO: meer participatie
o Soms recht op tegenexpertise (vb DNA) + bijkomende onderzoeksdaden
Het schriftelijk karakter van het vooronderzoek
- Alle verrichtingen tijdens vooronderzoek zijn schriftelijk proces-verbaal
o Basis voor behandeling van zaak op openbare zitting
Les 30/9
Onderzoek ten gronde
- Onderzoeksfase waarin uitspraak wordt gedaan over grond van de zaak (zijn feiten
bewezen + straf)
- Voor vonnisgerechten
- Kenmerken: openbaar, tegensprekelijk en mondeling
Openbaarheid van terechtzitting en uitspraak
- Art. 148 (terechtzitting) en 149 (uitspraak) Gw. : publiek mag aanwezig zijn
- Uitzonderingen; dan wel achter gesloten deuren
o Openbare orde en goede zeden (art. 148 Gw.)
6
, o Bescherming privéleven van de partijen (art. 6 EVRM)
o Geen uitzonderingen wat de uitspraak betreft → steeds openbaar
- Geldt enkel tav vonnisgerechten, niet tav onderzoeksgerechten
- Interne en externe openbaarheid
o Intern: beklaagde heeft automatisch inzage in strafdossier → om zich te
kunnen verdedigen
o Extern: publiek kan toezicht uitoefenen op strafrechtspleging
Tegensprekelijk karakter van de procedure
- Recht op debat (verstek is nochtans mogelijk)
o Beklaagde kan tegenbewijs voorleggen
- Wapengelijkheid tussen beklaagde en OM (‘equality of arms’)
- Strafdossier zeer belangrijk: rechter is in grote mate een ‘verificatierechter’
geworden
Mondeling karakter van de rechtspleging
- Alles mondeling
o Maar advocaten kunnen ook schriftelijk verweer (conclusies) neerleggen
- Schriftelijk verslag van de zitting wordt gemaakt door griffie = proces-verbaal van de
terechtzitting
- Volledig mondelinge procedure voor het hof van assisen
Actoren in het strafproces
De verdachte
Situering
- Persoon die ervan verdacht wordt een strafbaar feit te hebben gepleegd
Verschillende statuten
- Verdachte: algemeen
o Tegen wie een strafrechtelijk onderzoek loopt
- Inverdenkinggestelde (art. 61bis Sv.) : ofwel automatisch ofwel ingevolge
inverdenkingstelling door de onderzoeksrechter (art. 61bis Sv., zie later)
o Tegen wie een formele aanklacht werd geformuleerd
- Inbeschuldigingstelling: bij hof van assisen
- Beklaagde: tijdens onderzoek ter terechtzitting (onderzoek ten gronde)
- Beschuldigde: hof van assisen
7
, - Veroordeelde: persoon die door vonnisgerecht schuldig werd bevonden
- Ook rechtspersonen (sedert 1999)
- Lasthebber ad hoc (art. 2bis VTSv; vertegenwoordiger van de rechtspersoon bij
gelijktijdige vervolging met de natuurlijke persoon)
o Rechter beslist wie als lasthebber ad hoc wordt aangesteld
De advocaat
- De verdediging = verdachte + advocaat
- Wet en deontologie: confidentialiteit tss verdachte en advocaat is wettelijk
beschermd + advocaat moet zich aan deontologische regels van de balie houden
- Rechten van verdediging
o Contact met de advocaat
o Bijstand van de advocaat bij het verhoor (Salduz)
o Strafrechtelijk kortgeding
o Bijkomend onderzoek edm.
Het slachtoffer
Situering
- Aandacht sedert meer dan 20 jaar sterk toegenomen (zaak Dutroux en parl.
onderzoekscommissie)
- Algemeen:
o Verplichting tot correcte bejegening van slachtoffers (art. 3bis VTSv)
o Rechten voor benadeelden (art. 5bis VTSv)
o Burgerlijke partijstelling
De verschillende statuten van ‘slachtoffer’
- Slachtoffer: geen noodzakelijke partij in strafproces
Slachtoffer in het algemeen
Slachtoffervriendelijke bejegening
- Art. 3bis VTSv: correcte bejegening van slachtoffers (bv. bijstand, informatie en
contact met andere diensten – art. 46 WPA)
- Justitieassistent slachtofferonthaal: onthaal-, ondersteuning- en informatiefunctie
binnen en buiten gerechtsgebouw
- Gekende slachtoffers worden opgeroepen indien het OM dader vervolgt
o Verplichting om de gekende slachtoffers dan op te roepen
o Elke benadeelde: w geïnformeerd over mogelijkheid om statuut van
benadeelde persoon te verkrijgen en daarbij horende rechten
8
, - Vertrouwenspersoon bij verhoor minderjarigen (zie later)
- Slachtofferhulpfonds (zie later)
- Soms ‘partner’ in het kader van de strafuitvoering
o Herstelbemiddeling tussen dader en slachtoffer
Buiten de strafprocedure om (art. 3ter VTSv)
Te onderscheiden van bemiddeling in strafzaken (art. 216ter Sv.)
Vertrouwelijk karakter (art. 554 e.v. Sv.)
De benadeelde persoon
- Art. 5bis VTSv
- Persoon die verklaart schade te hebben geleden (art. 5bis VTSv)
- Verklaring bij politie (ook t.a.v. de verbalisant) of op parket
- Geen partij in het proces maar kan wel inzage vragen en wordt op hoogte gebracht
van seponering en rechtsdag
De burgerlijke partij
- Volwaardige partij in het strafproces
o Ook rechtspersonen
- Betreft de schadevergoeding, niet de strafvordering
- Zelfde rechten als de IVG: inzage, strafrechtelijk kortgeding, bijkomend onderzoek,
tegenspraak in de regeling van de rechtspleging
De burgerlijk aansprakelijke partij
- Burgerlijke vordering tegen de burgerrechtelijk aansprakelijke (art. 1384 oud BW; art.
6,12 tot en met 6,16 BW vanaf 1 januari 2025)
- Geen noodzakelijke partij
- In het belang van de benadeelde
- Bv. ouders, werkgever edm
De tussenkomende partij
- Kan vrijwillig of gedwongen
- Derden kunnen in principe niet tussenkomen
o Uitzonderingen:
Indien een derde het voorwerp is van een sanctie (bv.
verbeurdverklaring) (art. 5ter VTSv)
Deze derden kunnen ook rechtsmiddelen aanwenden (om zich tegen
verbeurdverklaring te verzetten)
Indien de wet dit toelaat (bij verzekeraars)
Kan gedwongen of vrijwillig
9
NG
,Inhoudsopgave
1
,Les 25/9
Algemene beginselen strafprocesrecht
Justitieel apparaat: niet voldoende middelen om alles te vervolgen doen met middelen
die we hebben = strafrechtelijk beleid prioriteiten stellen: seponeren, vervolgen,
minnelijke schikking…
Definitie
Begrip
= Geheel van rechtsregels betreffende de opsporing, vervolging en berechting van personen
die ervan verdacht worden een misdrijf te hebben gepleegd
- Synoniemen: formeel strafrecht, strafprocesrecht, strafvordering
Onderscheid tussen materieel en formeel strafrecht
Materieel – formeel strafrecht: elkaar nodig
Personen tot wie regels gericht zijn
- Formeel strafrecht: gericht aan overheid (zij die met de toepassing van de regels
belast zijn)
o Politie: bevindt zich op terrein + gebonden aan aantal regels
o Staande: parket/OM
o Zittende: rechter
- Materieel strafrecht: gericht tot iedereen
Inhoud regels
- Materieel strafrecht: vanzelfsprekende inhoud, bescherming van fundamentele
waarden
- Formeel strafrecht: minder vanzelfsprekend (bv. verjaring), beschermde waarden
liggen op een ander vlak en zijn meer aan evolutie onderhevig
Sanctionering van schending van deze regels
- Materieel strafrecht: bestraffing
o Op elk misdrijf staat straf en schending van de norm zorgt voor bestraffing
2
, - Formeel strafrecht: niet steeds een sanctie; sanctie staat ook niet vast (soms verval
van de strafvordering, soms bewijsuitsluiting, soms strafvermindering).
o Grote beoordelingsvrijheid
Doelstellingen van strafproces
Dubbele finaliteit: waarheidsvinding en bescherming van individuele grondrechten →
strafprocesrecht moet deze belangen met elkaar verzoenen
Waarheidsvinding
- Invalshoek van de regels: openbaar belang → daarom voornaamste doel
‘waarheidsvinding’
- Waarheidsvinding, publiek recht, openbaar belang (bv. houding van het slachtoffer
irrelevant)
Bescherming individuele grondrechten
- Overheden: bevoegdheden die verregaande beperking van bepaalde grondrechten
kunnen inhouden bij onderzoek
o Bestaan niet enkel tav verdachten, maar ook tav derden
o Daarom is beschermde belang groter dan louter ‘rechten van verdediging’
- Persoon die vervolgd wordt wegens misdrijf: geniet complex grondrechten ‘rechten
van verdediging’
- Bescherming individuele grondrechten: privacy, briefgeheim, eigendomsrecht:
ruimer dan enkel de rechten van verdediging
Onderlinge afweging van waarheidsvinding en individuele grondrechten
- Aanvankelijk waarheidsvinding centraal individuele grondrechten nt aanwezig
vb tortuur
- Na WOII: algemeen besef dat zoiets nooit meer mocht gebeuren individuele
grondrechten opgang
o EVRM: 1950 ondertekend
o Laatste 20-30 jaar: meer repressief
o Voornaamste waarborg: wettelijk karakter van overheidsoptreden
Beperking van grondrechten moeten op wettelijke basis rusten
- Legaliteitsbeginsel (art. 12 Gw.), privacy (art. 22 Gw.) edm.
- Wet op zich is niet voldoende, de wet moet ook aan bepaalde inhoudelijke eisen
beantwoorden (bv. art. 8 EVRM)
o Belangen van burger in algemeen en van verdachte in bijzonder wegen door
in strafproces
3
, - Concrete afweging in de rechtspraak: slingerbeweging
o Sinds jaren 60: meer belang aan grondrechten
o Nu:
Veel nadruk op rechtshandhaving (o.a. als gevolg van het terrorisme)
Bv. recente discussie in 2017 over de verlenging van de
arrestatietermijn (48/72 uur)
Artikel 32 VTSv: onrechtmatig verkregen bewijs
Moet slechts in 3 hypothesen buiten beschouwen worden
gelaten door strafrechter
Accusatoire en inquisitoire strafrechtspleging
Principe
Accusatoir
- Horizontale processtructuur (zoals bv. in een burgerlijk geding)
o Aanklager en verdediging staan op gelijke voet en hebben proces volledig in
handen
- Passieve rol van de rechter: rechter hoort toe en beslist welke partij ‘gelijk’ heeft
- Volledige openbaarheid
- Discussie tss 2 rechtspartijen, rechter soort arbiter weinig inspraak
Inquisitoir
- Verticale processtructuur
- Actieve rol van de rechter: rechter leidt het proces: zoekt zelf naar waarheid
o Heeft actieve leiding
o Verregaande bevoegdheden
- Geheim karakter: achter gesloten deuren
- Niet-tegensprekelijk: beklaagde heeft niet de mogelijkheid om tegen hem
verzamelde bewijzen te weerleggen en verdediging naar voren te brengen
Praktijk
- Zuivere types komen bijna nergens meer voor
o Common law landen: hoofdzakelijk accusatoir (grotere rol voor politie, veel
juryrechtspraak)
o Continentale landen: hoofdzakelijk inquisitoir (vooronderzoek onder leiding
van OM, bestaan van onderzoeksmagistraat) doch onderzoek ter
terechtzitting hoofdzakelijk accusatoir MAAR op basis van tijdens het
vooronderzoek samengesteld strafdossier
2 fasen
4
, Vooronderzoek → strafdossier wordt opgesteld
Fase ter terechtzitting: strafdossier dient als basis voor
behandeling van zaak
o Accusatoir: openbaar, mondeling en tegensprekelijk +
rechter heeft passieve rol
Verloop van het strafproces
2 fasen: vooronderzoek (geheime fase) + onderzoek ten gronde (openbare fase)
Vooronderzoek
- Doel: verdachte identificeren + nagaan of er voldoende bezwaren tegen hem bestaan
Opsporingsonderzoek en gerechtelijk onderzoek
2 types
1. Opsporingsonderzoek
o Door PdK, zonder onderzoeksrechter
o Wordt ook afgesloten door PdK (vervolging, sepot of buitengerechtelijke
afhandeling)
o Meer dan 95 % van de strafzaken op deze manier behandeld
2. Gerechtelijk onderzoek
o Idem opsporingsonderzoek, maar door onderzoeksrechter
o Meestal wanneer dwangmaatregelen vereist zijn ((bv. huiszoeking,
telefoontap, aanhoudingsbevel edm.)
Hiervoor bevel van onderzoeksrechter nodig
o Wordt afgesloten door raadkamer in aparte procedure = regeling der
rechtspleging
Kenmerken van het vooronderzoek
- Geheim, niet-tegensprekelijk en schriftelijk
o Verdachte en slachtoffer onder bepaalde voorwaarden toch inzagerecht
Het geheim karakter van het vooronderzoek
- Art. 28 quinquies Sv. (OO) en 57 §1 Sv. (GO)
- Geheimhouding tav verdachte en slachtoffer en openbare opinie
o Toch afwijkingen
Tav verdachte en slachtoffer: interne openbaarheid
Tav publiek: externe openbaarheid
5
,Draagwijdte
Tav verdachte en slachtoffer
- Tav verdachte en slachtoffer: worden niet betrokken bij het onderzoek en in principe
geen inzage. Maar:
o Kopie van ondervraging
Procureur kan dit recht uitstellen, niet weigeren
o Inzage art. 21bis (algemeen en in OO) en art. 61ter Sv. (GO), met
weigeringsgronden maar met recht van hoger beroep bij KI
PdK kan dit weigeren
o Inzage betekent in principe ook recht op kopiename (zelfs met eigen
middelen)
Tav publiek
- Tav publiek: achter gesloten deuren
o Persmededelingen mogelijk door PdK en advocaat maar onder voorwaarden
((art. 28quinquies Sv. en 57 Sv.)
Identiteit van partijen worden niet vrijgegeven
Niet-tegensprekelijk karakter en sturing van vooronderzoek
- OO: vrijwel volledig → verdachte en slachtoffer hebben geen inspraak in onderzoek
(wordt geleid door parket)
- GO: meer participatie
o Soms recht op tegenexpertise (vb DNA) + bijkomende onderzoeksdaden
Het schriftelijk karakter van het vooronderzoek
- Alle verrichtingen tijdens vooronderzoek zijn schriftelijk proces-verbaal
o Basis voor behandeling van zaak op openbare zitting
Les 30/9
Onderzoek ten gronde
- Onderzoeksfase waarin uitspraak wordt gedaan over grond van de zaak (zijn feiten
bewezen + straf)
- Voor vonnisgerechten
- Kenmerken: openbaar, tegensprekelijk en mondeling
Openbaarheid van terechtzitting en uitspraak
- Art. 148 (terechtzitting) en 149 (uitspraak) Gw. : publiek mag aanwezig zijn
- Uitzonderingen; dan wel achter gesloten deuren
o Openbare orde en goede zeden (art. 148 Gw.)
6
, o Bescherming privéleven van de partijen (art. 6 EVRM)
o Geen uitzonderingen wat de uitspraak betreft → steeds openbaar
- Geldt enkel tav vonnisgerechten, niet tav onderzoeksgerechten
- Interne en externe openbaarheid
o Intern: beklaagde heeft automatisch inzage in strafdossier → om zich te
kunnen verdedigen
o Extern: publiek kan toezicht uitoefenen op strafrechtspleging
Tegensprekelijk karakter van de procedure
- Recht op debat (verstek is nochtans mogelijk)
o Beklaagde kan tegenbewijs voorleggen
- Wapengelijkheid tussen beklaagde en OM (‘equality of arms’)
- Strafdossier zeer belangrijk: rechter is in grote mate een ‘verificatierechter’
geworden
Mondeling karakter van de rechtspleging
- Alles mondeling
o Maar advocaten kunnen ook schriftelijk verweer (conclusies) neerleggen
- Schriftelijk verslag van de zitting wordt gemaakt door griffie = proces-verbaal van de
terechtzitting
- Volledig mondelinge procedure voor het hof van assisen
Actoren in het strafproces
De verdachte
Situering
- Persoon die ervan verdacht wordt een strafbaar feit te hebben gepleegd
Verschillende statuten
- Verdachte: algemeen
o Tegen wie een strafrechtelijk onderzoek loopt
- Inverdenkinggestelde (art. 61bis Sv.) : ofwel automatisch ofwel ingevolge
inverdenkingstelling door de onderzoeksrechter (art. 61bis Sv., zie later)
o Tegen wie een formele aanklacht werd geformuleerd
- Inbeschuldigingstelling: bij hof van assisen
- Beklaagde: tijdens onderzoek ter terechtzitting (onderzoek ten gronde)
- Beschuldigde: hof van assisen
7
, - Veroordeelde: persoon die door vonnisgerecht schuldig werd bevonden
- Ook rechtspersonen (sedert 1999)
- Lasthebber ad hoc (art. 2bis VTSv; vertegenwoordiger van de rechtspersoon bij
gelijktijdige vervolging met de natuurlijke persoon)
o Rechter beslist wie als lasthebber ad hoc wordt aangesteld
De advocaat
- De verdediging = verdachte + advocaat
- Wet en deontologie: confidentialiteit tss verdachte en advocaat is wettelijk
beschermd + advocaat moet zich aan deontologische regels van de balie houden
- Rechten van verdediging
o Contact met de advocaat
o Bijstand van de advocaat bij het verhoor (Salduz)
o Strafrechtelijk kortgeding
o Bijkomend onderzoek edm.
Het slachtoffer
Situering
- Aandacht sedert meer dan 20 jaar sterk toegenomen (zaak Dutroux en parl.
onderzoekscommissie)
- Algemeen:
o Verplichting tot correcte bejegening van slachtoffers (art. 3bis VTSv)
o Rechten voor benadeelden (art. 5bis VTSv)
o Burgerlijke partijstelling
De verschillende statuten van ‘slachtoffer’
- Slachtoffer: geen noodzakelijke partij in strafproces
Slachtoffer in het algemeen
Slachtoffervriendelijke bejegening
- Art. 3bis VTSv: correcte bejegening van slachtoffers (bv. bijstand, informatie en
contact met andere diensten – art. 46 WPA)
- Justitieassistent slachtofferonthaal: onthaal-, ondersteuning- en informatiefunctie
binnen en buiten gerechtsgebouw
- Gekende slachtoffers worden opgeroepen indien het OM dader vervolgt
o Verplichting om de gekende slachtoffers dan op te roepen
o Elke benadeelde: w geïnformeerd over mogelijkheid om statuut van
benadeelde persoon te verkrijgen en daarbij horende rechten
8
, - Vertrouwenspersoon bij verhoor minderjarigen (zie later)
- Slachtofferhulpfonds (zie later)
- Soms ‘partner’ in het kader van de strafuitvoering
o Herstelbemiddeling tussen dader en slachtoffer
Buiten de strafprocedure om (art. 3ter VTSv)
Te onderscheiden van bemiddeling in strafzaken (art. 216ter Sv.)
Vertrouwelijk karakter (art. 554 e.v. Sv.)
De benadeelde persoon
- Art. 5bis VTSv
- Persoon die verklaart schade te hebben geleden (art. 5bis VTSv)
- Verklaring bij politie (ook t.a.v. de verbalisant) of op parket
- Geen partij in het proces maar kan wel inzage vragen en wordt op hoogte gebracht
van seponering en rechtsdag
De burgerlijke partij
- Volwaardige partij in het strafproces
o Ook rechtspersonen
- Betreft de schadevergoeding, niet de strafvordering
- Zelfde rechten als de IVG: inzage, strafrechtelijk kortgeding, bijkomend onderzoek,
tegenspraak in de regeling van de rechtspleging
De burgerlijk aansprakelijke partij
- Burgerlijke vordering tegen de burgerrechtelijk aansprakelijke (art. 1384 oud BW; art.
6,12 tot en met 6,16 BW vanaf 1 januari 2025)
- Geen noodzakelijke partij
- In het belang van de benadeelde
- Bv. ouders, werkgever edm
De tussenkomende partij
- Kan vrijwillig of gedwongen
- Derden kunnen in principe niet tussenkomen
o Uitzonderingen:
Indien een derde het voorwerp is van een sanctie (bv.
verbeurdverklaring) (art. 5ter VTSv)
Deze derden kunnen ook rechtsmiddelen aanwenden (om zich tegen
verbeurdverklaring te verzetten)
Indien de wet dit toelaat (bij verzekeraars)
Kan gedwongen of vrijwillig
9