Cross-culturele psychologie
DEEL 1: GEBIEDSOMSCHRIJVING EN METHODOLOGIE
H1: Inleiding in de crossculturele psychologie
1.1 Wat is cultuur?
Er zijn verschillen tussen culturen: in de taal, in de omgang, bv. Nederland vs. België: andere
woorden voor dezelfde zaken (lopen vs. rennen), zwangerschapsverlof etc.
Er zijn verschillende manieren waarop mensen meerdere culturen hebben gekregen/ervaren
Het is eigen aan de mens dat wij cultuur hebben
vanaf het ontstaan van de mensheid => wereldwijde migratiestromen van mensen
Er zijn bijna geen andere diersoorten die zo’n migratiestroom hebben vertoond en op andere
plaatsen in andere klimaten hebben leren overleven als de mens.
De mens als culturele soort
Cultuurdiversiteit is eigen aan de mens => plasticiteit en diversiteit binnen de mens
Observatie: uitzonderlijk aanpassingsvermogen aan zeer heterogene omstandigheden, in
vergelijking met andere diersoorten
o Natuurlijke en mensgemaakte omgeving
o Sociale organisatie en levensonderhoud
o Menselijke kennis en kunde
=> grote diversiteit aan menselijke levenswijzen
Verklaring? Neuroplasticiteit van het menselijk brein= het brein past zich voortdurend aan
Plastisch brein => lerende soort: houdt in dat we een lange periode hebben van leren, opgroeien,
opvoeding om te kunnen functioneren in onze cultuur, en dat heeft te maken met
cultuuroverdracht (via socialisatie)
zowel erfelijke zaken als dingen die we meekrijgen: hardware en software
Wat is cultuur? Wat verstaan we eronder?
OEFENING
o wat zijn 3 kenmerken van Belgische cultuur?
• Frieten
• Bier
• Stoofvlees/chocolade
o wat zijn 3 kenmerken van Amerikaanse cultuur?
• Dom
• Burger/fastfood
• Trump
o Soms gaat het om voedsel, soms ook sociaalpsychologische zaken, subjectieve
aspecten (bepaalde categorieën)
1
,Cross-culturele psychologie 2024-2025 MANON DIDRICHE
o Welke was gemakkelijker?
• Amerikaans, waarom? Het is moeilijk om over je eigen cultuur te denken, het is
een gewoonte/vanzelfsprekendheid en we zijn ons er pas van bewust als we
andere mensen zien die andere culturele achtergrond hebben (andere
gedragingen)
• Je ervaart het als vanzelfsprekend, want je hebt geen vergelijkingspunt
Cultuur= door een gemeenschap gedeeld systeem van waarden en normen, ideeën, attitudes,
gedragingen, communicatiemiddelen en de producten, en die worden van generatie op
generatie overgeleverd
~ ajuinmodel van cultuur: bestaat uit verschillende schillen
o Buitenste schil= zichtbare cultuur (voeding, gebouwen, kleding) – valt het
eerst op
o Middelste schil= sociale omgang en regels – als je de cultuur beter leert
kennen (daar wel meer verschillen)
o Binnenste schil= subjectieve cultuur – wat het voor hun betekent om zichzelf te zijn, bv.
wat betekent boos zijn voor hun, en hoe ze dat uiten
Andere metafoor: ijsberg, waarbij het topje de zichtbare cultuur is en naarmate je meer
nabijheid krijgt en mensen beter leert kennen dan kom je nog meer te weten eronder
Of piramide: gedeeld binnen de gemeenschap (dragers van dezelfde cultuur), maar
cultuur is ook intern divers, en tussen culturen zijn er verschillen maar ook
gelijkenissen
Drie belangrijke kenmerken van cultuur
1. Gedeeld
o Voor cultuur is er altijd een groep(je) nodig (van heel klein tot heel groot)
o De mate waarin het gedeeld is varieert: individuele verschillen binnen eenzelfde cultuur
=> ook persoonlijkheid, levenservaring en de vele andere cultuurtjes waar je deel van
bent
• Mensen zijn lid van veel verschillende culturen
o Impliceert dat er tussen culturen verschillen kunnen zijn
• Verschillen tussen culturen= mate waarin er ruimte is voor diversiteit binnen een
cultuur, nl. sommige culturen zijn losser en andere zijn strikter
2. Overgeleverd
o Cultuur is aangeleerd doorheen ons leven, niet zomaar uitgevonden/meegekregen via de
genen: het komt namelijk bovenop de natuur
• Kennis van hoe men zich moet gedragen
• Het waarom van het gedrag
• Er wordt iets verwacht in een bepaalde context en je krijgt een reactie als je dat
niet volgt
2
,Cross-culturele psychologie 2024-2025 MANON DIDRICHE
o Via een levenslang leerproces overgedragen van de ene op de andere generatie=
socialisatieproces
• Primaire socialisatie= door directe familie (ouders of andere centrale zorgfiguren)
• Secundaire socialisatie= door school, vrienden, werk,… (levenslang)
• Tertiaire socialisatie= macroniveau: de samenleving en bv. sociale media kunnen
ook cultuur doorgeven, gebeurd voor een stukje onbewust, je wordt voortdurend
beïnvloed
OEFENING
Hoe gaan de maaltijden er bij jou thuis aan toe?
Taakverdeling daar kunnen bepaalde verschillen in zitten, wat je eet, met wie (wie er aan tafel
zit)= niet expliciet benoemd maar krijg je wel mee
Socialisatie => verschillende processen
o Enculturatie= cultuuroverdracht in tijd, doordat je geboren word in een bepaalde cultuur
en er participeert, MAAR je kan ook in meer dan een cultuur opgroeien
o Acculturatie= cultuuroverdracht in geografische en sociale ruimte, bv. tweede taal leren
o Maar cultuuroverdracht =/= kopieermachine: er is veel mogelijkheid tot
veranderingen/vernieuwing en aanpassing
Wij dragen ook bij aan de cultuur waarin we leven (wederzijdse beïnvloeding)
3. Dynamisch
o Houdt in dat cultuur erg adaptief is, en dat er aanpassing is,
• Cultuur wordt doorgegeven van generatie op generatie, MAAR die blijf daarom
niet altijd hetzelfde
• Cultuur verandert over de tijd
o Bv. siesta in Mediterrane landen op warmste moment van de dag, dat maakt dat ze laat
eten = oorspronkelijk aanpassing aan klimaat, maar wordt deel van de cultuur
o Bv. hier bier en frietjes, dat is omdat aardappelen goed worden gekweekt
o Cultuur is de aanpassing van de menselijke soort op ecologische, socio-politieke en
biologische factoren, bv. er zijn veel mensen in Japan: maakt dat je anders omgaat met
mensen (ook in corona)
o Cultuur verandert via mensen => constante wederkerigheid
1.2 Wat is cross-culturele psychologie?
Cross-culturele psychologie= “de wetenschappelijke studie van gelijkenissen en verschillen in
het menselijk psychologisch functioneren in verschillende culturele groepen, daarbij
onderzoekend hoe ons denken, voelen en doen beïnvloed wordt door een culturele context”
o Het gaat over de wisselwerking tussen individu en culturele omgeving
o Cross-culturele is wanneer de nadruk ligt op het vergelijken van culturen culturele
psychologie is meer algemeen over de culturele aspecten van denken, voelen en
handelen
3
, Cross-culturele psychologie 2024-2025 MANON DIDRICHE
Twee benaderingen
1) Universalisme/absolutisme: vaak in algemene psychologie
Op zoek naar menselijke psychologie in het algemeen, en die is universeel hetzelfde => daarbij
worden cultuurverschillen tussen mensen gezien als ruis: je bent daar niet in geïnteresseerd
er zijn basisprocessen die de mens aansturen (hardware)
o Sensorische, motorische functies, bv. Ishihara test voor kleurenblindheid: lijn
herkennen in een patroon => cross-cultureel maakt het een goed onderscheid
tussen kleurenblinde en niet-kleurenblinde mensen
o Functies vanaf jonge leeftijd kunnen universeel zijn, bv. objectpermanentie
(8 maand): begrijpen dat een object dat verborgen is, dat nog altijd bestaat
o Zeer abstracte functies, bv. taalontwikkeling (maar…): er zijn bepaalde aspecten
die universeel zijn, in die zin dat in alle culturen gaan mensen taal leren MAAR hoe dat in
elkaar zit en hoe dat gebruikt word => enorm veel taalvariatie
Kritiek: universalisme is abstraheren => je komt bij meer universele kenmerken
Als je zegt “psychologie gaat alleen over dit” dan verlies je veel betekenisvolle culturele variatie
2) Relativisme: (cross)culturele psychologie (in welke mate veralgemeenbaar)
Er is geen contextvrij gedag => enkel vanuit de context van de cultuur waarin het verschijnt bij
mensen kan psychologie worden begrepen: er zijn heel weinig voorbeelden van zaken die niet
cultureel gekleurd zijn,
o bv. hoe mensen leren tellen is cultureel bepaald (vingers open of vinger sluiten) => heeft
invloed op rekenen
o bv. boer laten is hetzelfde gedrag in alle culturen, maar kan een erg andere betekenis
hebben: onbeleefd => het eten was lekker
Kritiek:
o culturen zijn geen “eilandjes” => we kunnen intercultureel communiceren en relaties
aangaan
o word nog moeilijk om dan nog algemene morele standaarden en wetgevingen te hebben
o we hebben ook veel gemeen als mensen
Wat is het nu?
Binnen de cross-culturele psychologie: de mate waarin specifieke psychologische functies
veralgemeenbaar/cultuurgebonden zijn, is een empirische vraag
o Mensen over de hele wereld zijn op vele manieren gelijkaardig, maar tegelijkertijd
beïnvloedt de cultuur waarin ze opgroeien wel hun psychologie op betekenisvolle
manieren.
o Bewijs voor absolutisme: zaken op jonge leeftijd, meer biologisch/lichamelijk, bv.
onderzoek: in West-Europa en Oost-Azië dezelfde lichamelijke gewaarwordingen bij
emoties andere dingen worden wel beïnvloed door cultuur
o Dus: geen “alles of niets”-vraag, het hangt er van af hoe je naar iets kijkt
4