FARMACOLOGIE PEDIATRIE
Inleiding
Neonatologie: perinatale asfyxie, intraventriculaire bloedingen, apneu, TPN
Oncologie: profylaxie, tumorlysissyndroom, supportieve therapie, ALL, hersen- en niertumor, bereiden en toedienen
van chemo
Endocrinologie: congenitale hypothyroïdie, groeistoornissen
Pneumologie: cystic fibrosis
Cardiologie: farmacologie, ziekte van Kawasaki, hartritmestoornissen
Urologie: vesico-uretrale reflux, antibiotica, fimosis preputii
Neurologie: intracraniële hypertensie, epilepsie, infantiele spasmen, cerebrale parese
Kinderen met specifieke noden: ADHD
– WEL
– :Geneesmiddelen in juiste farmacologische klasse kunnen situeren
– Werking farmacologische klasse kunnen uitleggen
– NIET:
– Specialiteitsnamen
– Doseringen
– Bijwerkingen
INLEIDING
Farmacologie: onderzoekt de verdeling, effectiviteit en toxiciteit v. GM -> ‘ de leer van de geneemiddelen’
• Farmacokinetiek -> studie van het tijdsverloop van de concentratie van het geneesmiddel in het organisme.
‘ wat doet het lichaam met het geneesmiddel ?’
• Farmacodynamiek -> studie van de werking van het geneesmiddel op het organisme ‘ wat doet het
geneesmiddel met het lichaam?’
FARMOCOKINETIEK
1
, Absorptie Belang v. motiliteit en pH maag- darmkanaal
Belang v. dikte huid, doorbloeding en lichaamsoppervlak
Lichaamsoppervlak i relatie tot lichaamsgewicht: kind > volwassene -> GM met mogelijke
toxiciteit ( absorptie ↑) corticosteroïden, salicylzuur, adrenaline….
distributie Grotere totale lichaamsvocht en extracellulair compartiment bij pasgeborene en jonge kind ->
hogere dosis hydrofiele GM nodig ( bv; aminoglycosiden)
De mate v. eiwitbinding ( abumine): let op bij hypoalbuminemie ( wanneer GM vnl
eiwitgebonden is -> meer vrije fractie.
Eliminatie: Metabolisatie + excreties
Enzymatische veranderingen ( door groei en ontwikkeling) -> complexe metabolisatieproces
• Metabole route kan =/ in vergelijking met volwassene
• Metabolisatie ↓ bij neonaat, ↑ bij 1-5 jarigen, volwassen capaciteit i. puberteit
• Renale klaring: volwassen waarden tss 6- 12 maand
Leeftijdscategorie steeds nagaan -> andere dosering
Metabolisatie: GM afgebroken door leverenzymes ( CYP 450) tot een (inactieve) metaboliet.
FARMACOCOGENITCA
->zonder effecten
Genetische cytochroom P450 – polymorfismen – langzame of snelle metabolisatie -> dosis aan te passen
Dosis verhogen bij ultra rapid metabolizer
Geen dosering v. volwassenen extrapoleren naar kinderen
FARMACODYNAMIEK
Na binding GM – receptor: nabootsen of blokkerende werking v. natuurlijke boodschapper
Agonist antagonist
( -mimeticum ) ( -lyticum)
Complex -> grote diversiteit in pediatrische populatie
- Groei – ontwikkeling- lichaamssamenstelling – enzymactiviteit – functionaliteit organen
Off-label medicatie of “unlicensed” medicatie : indicaties die niet gebaseerd zijn op de officiële indicatie van het
GM. Er is geen erkenning voor toediening bij kinderen.
→ vaak te laag gedoseerd en ↑ risico op bijwerkingen
2
, NEONATOLOGIE
PERINATALE ASFYXIE
Baby is mogelijks aan het stikken bij de geboorte
Indien beademing en thoraxcompressie v. neonaat niet helpen: hartslag ondersteuning en zuurstoftoevoer
verbeteren -> adrenaline via veneuze navellijn of endotracheale tube -> indien na 10 min geen effect -> behandeling
stopzetten -> fight-reactie, autonoom zenuwstelsel.
Adrenaline: sympathicomimeticum met stimulerend effect op de α – en β- receptoren v.h. sympathische ZS
WERKING ADRENALINE:
➢ Door stimulatie van de α- receptoren treedt vasoconstrictie op v. d. meeste vaten => bloeddruk ↑
➢ Stimulatie van β1 – receptoren (hart) stimulatie v. hartslag en kracht v hartslag => hogere cardiac output.
➢ Stimulatie van β2- receptoren ( longen) => bronchodilaterend effect
Werkingsduur= kort ( halfwaardetijd van 2.5 min) -> halfwaardetijd = de tijd die het lichaam nodig heeft om de helft
van een ingenomen hoeveelheid medicatie af te breken
Bijwerkingen v adrenaline: hypertensie, tachycardie, hartritmestoornissen, hartkloppingen
Dosis:
➢ Intraveneus
➢ Endotracheaopulmonair
3
Inleiding
Neonatologie: perinatale asfyxie, intraventriculaire bloedingen, apneu, TPN
Oncologie: profylaxie, tumorlysissyndroom, supportieve therapie, ALL, hersen- en niertumor, bereiden en toedienen
van chemo
Endocrinologie: congenitale hypothyroïdie, groeistoornissen
Pneumologie: cystic fibrosis
Cardiologie: farmacologie, ziekte van Kawasaki, hartritmestoornissen
Urologie: vesico-uretrale reflux, antibiotica, fimosis preputii
Neurologie: intracraniële hypertensie, epilepsie, infantiele spasmen, cerebrale parese
Kinderen met specifieke noden: ADHD
– WEL
– :Geneesmiddelen in juiste farmacologische klasse kunnen situeren
– Werking farmacologische klasse kunnen uitleggen
– NIET:
– Specialiteitsnamen
– Doseringen
– Bijwerkingen
INLEIDING
Farmacologie: onderzoekt de verdeling, effectiviteit en toxiciteit v. GM -> ‘ de leer van de geneemiddelen’
• Farmacokinetiek -> studie van het tijdsverloop van de concentratie van het geneesmiddel in het organisme.
‘ wat doet het lichaam met het geneesmiddel ?’
• Farmacodynamiek -> studie van de werking van het geneesmiddel op het organisme ‘ wat doet het
geneesmiddel met het lichaam?’
FARMOCOKINETIEK
1
, Absorptie Belang v. motiliteit en pH maag- darmkanaal
Belang v. dikte huid, doorbloeding en lichaamsoppervlak
Lichaamsoppervlak i relatie tot lichaamsgewicht: kind > volwassene -> GM met mogelijke
toxiciteit ( absorptie ↑) corticosteroïden, salicylzuur, adrenaline….
distributie Grotere totale lichaamsvocht en extracellulair compartiment bij pasgeborene en jonge kind ->
hogere dosis hydrofiele GM nodig ( bv; aminoglycosiden)
De mate v. eiwitbinding ( abumine): let op bij hypoalbuminemie ( wanneer GM vnl
eiwitgebonden is -> meer vrije fractie.
Eliminatie: Metabolisatie + excreties
Enzymatische veranderingen ( door groei en ontwikkeling) -> complexe metabolisatieproces
• Metabole route kan =/ in vergelijking met volwassene
• Metabolisatie ↓ bij neonaat, ↑ bij 1-5 jarigen, volwassen capaciteit i. puberteit
• Renale klaring: volwassen waarden tss 6- 12 maand
Leeftijdscategorie steeds nagaan -> andere dosering
Metabolisatie: GM afgebroken door leverenzymes ( CYP 450) tot een (inactieve) metaboliet.
FARMACOCOGENITCA
->zonder effecten
Genetische cytochroom P450 – polymorfismen – langzame of snelle metabolisatie -> dosis aan te passen
Dosis verhogen bij ultra rapid metabolizer
Geen dosering v. volwassenen extrapoleren naar kinderen
FARMACODYNAMIEK
Na binding GM – receptor: nabootsen of blokkerende werking v. natuurlijke boodschapper
Agonist antagonist
( -mimeticum ) ( -lyticum)
Complex -> grote diversiteit in pediatrische populatie
- Groei – ontwikkeling- lichaamssamenstelling – enzymactiviteit – functionaliteit organen
Off-label medicatie of “unlicensed” medicatie : indicaties die niet gebaseerd zijn op de officiële indicatie van het
GM. Er is geen erkenning voor toediening bij kinderen.
→ vaak te laag gedoseerd en ↑ risico op bijwerkingen
2
, NEONATOLOGIE
PERINATALE ASFYXIE
Baby is mogelijks aan het stikken bij de geboorte
Indien beademing en thoraxcompressie v. neonaat niet helpen: hartslag ondersteuning en zuurstoftoevoer
verbeteren -> adrenaline via veneuze navellijn of endotracheale tube -> indien na 10 min geen effect -> behandeling
stopzetten -> fight-reactie, autonoom zenuwstelsel.
Adrenaline: sympathicomimeticum met stimulerend effect op de α – en β- receptoren v.h. sympathische ZS
WERKING ADRENALINE:
➢ Door stimulatie van de α- receptoren treedt vasoconstrictie op v. d. meeste vaten => bloeddruk ↑
➢ Stimulatie van β1 – receptoren (hart) stimulatie v. hartslag en kracht v hartslag => hogere cardiac output.
➢ Stimulatie van β2- receptoren ( longen) => bronchodilaterend effect
Werkingsduur= kort ( halfwaardetijd van 2.5 min) -> halfwaardetijd = de tijd die het lichaam nodig heeft om de helft
van een ingenomen hoeveelheid medicatie af te breken
Bijwerkingen v adrenaline: hypertensie, tachycardie, hartritmestoornissen, hartkloppingen
Dosis:
➢ Intraveneus
➢ Endotracheaopulmonair
3