Samenvatting: ethiek toets
Beroepsopleiding
Advocatuur
,Termen Ethiek Toets
In de toets ethiek staan de kennis en de toepassing van relevante regelgeving centraal. De
beroepsopleiding hanteert de onderstaande toetstermen.
Toetstermen
• Je kunt de bronnen van het gedragsrecht benoemen.
• Je kunt de rol van de advocaat in de rechtsstaat toelichten.
• Je kunt de kernwaarden voor de advocatuur uitleggen.
• Je hebt kennis van de inhoud van de Voda, met de nadruk op de hoofdstukken 6 en 7
over kantoororganisatie en relatie advocaat-cliënt.
• Je kunt de financiële kanten van het gedragsrecht toelichten.
• Je kunt in een concrete situatie een gedragsrechtelijk dilemma signaleren.
• Je kunt in een concrete situatie een financieel-gedragsrechtelijk dilemma signaleren.
• Je kunt in een concrete situatie vaststellen welke gedragsrechtelijke normen toepasselijk
zijn, in algemene zin en ten opzichte van de cliënt, de rechter, andere advocaten, derden
of in financiële zin.
• Je kunt in een concrete situatie vaststellen of aan de gedragsrechtelijke normen voldaan
wordt, in algemene zin als ten opzichte van de cliënt, de rechter, andere advocaten,
derden of in financiële zin.
• Je kunt bij twijfel over de juiste handelwijze in een concrete situatie in algemene zin of ten
opzichte van de cliënt, de rechter, andere advocaten, derden of in financiële zin, een
goede oplossing vinden met behulp van het gedragsrecht ondanks eventuele druk van
anderen (kantoorgenoten, de cliënt, derden).
• Je kunt, indien in een concrete situatie niet voldaan wordt aan de gedragsrechtelijke
norm in algemene zin of ten opzichte van de cliënt, de rechter, andere advocaten, derden
of in financiële zin, een juiste en praktische oplossing kiezen met inachtneming van het
gedragsrecht ondanks eventuele druk van anderen (kantoorgenoten, de cliënt, derden).
• Je kunt uitleggen waarom het tuchtrecht noodzakelijk is voor het functioneren van de
advocaat in de rechtsstaat.
• Je kunt de hoofdlijnen van de tuchtrechtprocedure, zoals beschreven in de Advocatenwet,
• benoemen.
• Je kunt de partijen die betrokken zijn bij de tuchtrechtprocedure en hun rollen daarin,
beschrijven.
• Je kunt uitleggen wat verstaan wordt onder ‘handelen of nalaten dat een behoorlijk
advocaat niet betaamt’ als bedoeld in art. 46 Advocatenwet.
• Je kunt de grondtrekken van de procedure inzake onbehoorlijke praktijkuitoefening, als
bedoeld in art. 60b e.v. Advocatenwet benoemen.
• Je kunt uitleggen hoe een declaratie tot stand komt zowel in betalende als in
toevoegingszaken
• Je kunt de basisvereisten van de Wwft voor de praktijkvoering noemen.
• Je kunt uitleggen hoe je dient te handelen in geval de Wwft van toepassing is op je
dienstverlening.
• Je kunt met betrekking tot belangrijke maatschappelijke discussies (zoals: wat verwacht
de samenleving van de advocatuur; tarieven, toezicht, commercialisering, communicatie
met cliënt) de rol of het functioneren van de advocaat in het licht van het gedrags- of
tuchtrecht uitleggen.
1
, Relevante onderwerpen (die altijd terugkomen in de toets):
• De kernwaarden en de vertaling naar de gedragsregels.
• Het tuchtrecht, waaronder de voorlopige maatregelen.
• De WWFT en artikel 7.1 – 7.3 Voda.
• Derdengelden (rekening).
• Verrekening declaratie met derdengelden (zowel in Voda als gedragsregels geregeld).
• Declaratiegeschillen.
• Hoe je wel en niet mag declareren, waaronder toegestane en verboden afspraken.
• Gefinancierde rechtsbijstand (GR/ 18)
• Confraternele correspondentie of schikkingsonderhandelingen (GR 26 of 27)
• De gedragsregels inclusief toelichting per doelgroep.
2
Beroepsopleiding
Advocatuur
,Termen Ethiek Toets
In de toets ethiek staan de kennis en de toepassing van relevante regelgeving centraal. De
beroepsopleiding hanteert de onderstaande toetstermen.
Toetstermen
• Je kunt de bronnen van het gedragsrecht benoemen.
• Je kunt de rol van de advocaat in de rechtsstaat toelichten.
• Je kunt de kernwaarden voor de advocatuur uitleggen.
• Je hebt kennis van de inhoud van de Voda, met de nadruk op de hoofdstukken 6 en 7
over kantoororganisatie en relatie advocaat-cliënt.
• Je kunt de financiële kanten van het gedragsrecht toelichten.
• Je kunt in een concrete situatie een gedragsrechtelijk dilemma signaleren.
• Je kunt in een concrete situatie een financieel-gedragsrechtelijk dilemma signaleren.
• Je kunt in een concrete situatie vaststellen welke gedragsrechtelijke normen toepasselijk
zijn, in algemene zin en ten opzichte van de cliënt, de rechter, andere advocaten, derden
of in financiële zin.
• Je kunt in een concrete situatie vaststellen of aan de gedragsrechtelijke normen voldaan
wordt, in algemene zin als ten opzichte van de cliënt, de rechter, andere advocaten,
derden of in financiële zin.
• Je kunt bij twijfel over de juiste handelwijze in een concrete situatie in algemene zin of ten
opzichte van de cliënt, de rechter, andere advocaten, derden of in financiële zin, een
goede oplossing vinden met behulp van het gedragsrecht ondanks eventuele druk van
anderen (kantoorgenoten, de cliënt, derden).
• Je kunt, indien in een concrete situatie niet voldaan wordt aan de gedragsrechtelijke
norm in algemene zin of ten opzichte van de cliënt, de rechter, andere advocaten, derden
of in financiële zin, een juiste en praktische oplossing kiezen met inachtneming van het
gedragsrecht ondanks eventuele druk van anderen (kantoorgenoten, de cliënt, derden).
• Je kunt uitleggen waarom het tuchtrecht noodzakelijk is voor het functioneren van de
advocaat in de rechtsstaat.
• Je kunt de hoofdlijnen van de tuchtrechtprocedure, zoals beschreven in de Advocatenwet,
• benoemen.
• Je kunt de partijen die betrokken zijn bij de tuchtrechtprocedure en hun rollen daarin,
beschrijven.
• Je kunt uitleggen wat verstaan wordt onder ‘handelen of nalaten dat een behoorlijk
advocaat niet betaamt’ als bedoeld in art. 46 Advocatenwet.
• Je kunt de grondtrekken van de procedure inzake onbehoorlijke praktijkuitoefening, als
bedoeld in art. 60b e.v. Advocatenwet benoemen.
• Je kunt uitleggen hoe een declaratie tot stand komt zowel in betalende als in
toevoegingszaken
• Je kunt de basisvereisten van de Wwft voor de praktijkvoering noemen.
• Je kunt uitleggen hoe je dient te handelen in geval de Wwft van toepassing is op je
dienstverlening.
• Je kunt met betrekking tot belangrijke maatschappelijke discussies (zoals: wat verwacht
de samenleving van de advocatuur; tarieven, toezicht, commercialisering, communicatie
met cliënt) de rol of het functioneren van de advocaat in het licht van het gedrags- of
tuchtrecht uitleggen.
1
, Relevante onderwerpen (die altijd terugkomen in de toets):
• De kernwaarden en de vertaling naar de gedragsregels.
• Het tuchtrecht, waaronder de voorlopige maatregelen.
• De WWFT en artikel 7.1 – 7.3 Voda.
• Derdengelden (rekening).
• Verrekening declaratie met derdengelden (zowel in Voda als gedragsregels geregeld).
• Declaratiegeschillen.
• Hoe je wel en niet mag declareren, waaronder toegestane en verboden afspraken.
• Gefinancierde rechtsbijstand (GR/ 18)
• Confraternele correspondentie of schikkingsonderhandelingen (GR 26 of 27)
• De gedragsregels inclusief toelichting per doelgroep.
2