TV 6- Tijd van regenten en vorsten
7. Koningen, heren en denkers
7.1 Absolutisme
1. Absolute macht:
Kenmerkend aspect: 23. Het streven van vorsten naar Absolutisme: koning heeft alle macht en staat
absolute macht boven de wet
1. Je kunt met voorbeelden uitleggen hoe de Franse In Frankrijk-> koning wilde geen toestemming
koningen in de 17e eeuw op politiek, militair, meer vragen, streefde naar uitbreiding macht en
economisch en religieus gebied hun macht versterking centraal gezag
vergrootten Politiek:
2. Je kunt verschillen en overeenkomsten noemen - koning neemt alle beslissingen, geen
tussen het bestuur van absolute vorsten in tegenspraak
Frankrijk, Rusland en Pruisen - ambtenaren die rechtstreeks aan de koning
3. Je kunt uitleggen dat in de Nederlandse rapporteerden, wetten afkondigden, censuur
Republiek en in Engeland de pogingen tot invoerden
centralisatie van de vorst mislukten - macht adel inperken
4. Je kunt aan de hand van enkele voorbeelden Militair:
uitleggen welke verschillende ideeën in deze - goed uitgerust leger -> betrouwbaar instrument
periode werden geformuleerd over de macht van Economisch:
de staat - mercantilisme => export bevorderen, import
beperken
Religieus:
- eenvormigheid
Koning was plaatsvervanger voor god op aarde
(droit divin)
2. Verschillen & overeenkomsten bestuur landen:
FR & RUS -> geen geloofsvrijheid
, PRUI-> wel geloofsvrijheid
FR, RUS, PRUI-> vorsten absoluut gezag
3. NL-> geen vorst, stadhouders wilden macht,
maar slaagden er niet in
Britse eilanden-> macht bij parlement,
burgeroorlog, stadhouder Willem III werd koning
van EN & stadhouder republiek
4. Verschillende ideeën macht in de staat:
Hobbes-> mensen hebben van nature recht op
zelfverdediging
Locke-> regering is geen absolute soeverein,
maar reageert slechts op basis van vertrouwen
van volk. Als de regering zich ten opzichte van
het volk misdraagt, kan het volk het vertrouwen
opzeggen en een andere regering kiezen.
7.3 De wetenschappelijke revolutie
KA 26: De wetenschappelijke revolutie Wetenschappelijke revolutie: fase in de geschiedenis
1. Uitleggen wat het verschil is tussen rationalisme waarin de houding van wetenschappers ingrijpend
en empirisme in de wetenschap veranderde
2. Uitleggen welke omstandigheden leidden tot het 1. René Descartes & Francis Bacon meenden dat de
ontstaan van een wetenschappelijke revolutie in wereld niet kon worden verklaard door alleen
Europa en in de Republiek in het bijzonder beroep te doen op het gezag van anderen, je
3. Uitleggen dat de wetenschappelijke revolutie moest logisch redeneren of systematisch
leidde tot een nieuw wereldbeeld én dat dit een observeren en experimenteren
langzaam proces was Descartes: het verstand en vermogen tot logisch
redeneren was de meest zuivere bron =>
rationalisme
Bacon: juist waarneming door middel van de
, zintuigen is het beginpunt van kennis =>
empirisme
2. Oorzaken wetens. revolutie:
Republiek -> religieuze verdraagzaamheid en
relatieve vrijheid trok veel wetenschappers
aan
Europa: later werd het in andere landen ook
gunstig
Republiek: pas opgerichte universiteiten
stonden bekend om hun opvallende openheid
ten aanzien van nieuwe ontwikkelingen, vooral
wis en natuurfilosofie
Europa: na 1650 werden wetenschappelijke
verenigingen opgericht
Onderzoekers maakten gebruik van
ambachtelijke kennis voor de vaardigheden
van hun eigen instrumenten =>
samenwerking onderzoekers en
ambachtslieden
Economische & maatschappelijke
omstandigheden in een land hadden invloed
Republiek: mensen hadden geld en tijd om
onderzoek te den en dingen uit te vinden
3. Langzaam proces:
- Scherpe scheiding tussen geloof, bijgeloof en
wetenschap bestond nog niet
- In sommige landen kon de kerk de publicatie
van wetenschappelijke resultaten verbieden
=> geen vrijheid
- Van oorsprong middeleeuwse universiteiten
waren vaak pure onderwijsinstellingen, waar
, kennis eerder werd doorgegeven dan
vernieuwd => onderzoek werd gedaan op
eigen initiatief
- Economische en maatschappelijke
omstandigheden hadden invloed
Nieuw wereldbeeld:
Nieuwe ontdekkingen in sterrenkunde, wiskunde
en natuurkunde (Galileo, Copernicus, Newton)
Nieuwe visie op God en de wereld
Descartes=> mechanistisch wereldbeeld: de
wereld is een machine die God in beweging heeft
gezet, maar die nu zelfstandig functioneerde
volgens bepaalde natuurwetten Spinoza => God
was de schepping, wie god wilde kennen moest
de natuurwetten bestuderen, niet de bijbel
7. Koningen, heren en denkers
7.1 Absolutisme
1. Absolute macht:
Kenmerkend aspect: 23. Het streven van vorsten naar Absolutisme: koning heeft alle macht en staat
absolute macht boven de wet
1. Je kunt met voorbeelden uitleggen hoe de Franse In Frankrijk-> koning wilde geen toestemming
koningen in de 17e eeuw op politiek, militair, meer vragen, streefde naar uitbreiding macht en
economisch en religieus gebied hun macht versterking centraal gezag
vergrootten Politiek:
2. Je kunt verschillen en overeenkomsten noemen - koning neemt alle beslissingen, geen
tussen het bestuur van absolute vorsten in tegenspraak
Frankrijk, Rusland en Pruisen - ambtenaren die rechtstreeks aan de koning
3. Je kunt uitleggen dat in de Nederlandse rapporteerden, wetten afkondigden, censuur
Republiek en in Engeland de pogingen tot invoerden
centralisatie van de vorst mislukten - macht adel inperken
4. Je kunt aan de hand van enkele voorbeelden Militair:
uitleggen welke verschillende ideeën in deze - goed uitgerust leger -> betrouwbaar instrument
periode werden geformuleerd over de macht van Economisch:
de staat - mercantilisme => export bevorderen, import
beperken
Religieus:
- eenvormigheid
Koning was plaatsvervanger voor god op aarde
(droit divin)
2. Verschillen & overeenkomsten bestuur landen:
FR & RUS -> geen geloofsvrijheid
, PRUI-> wel geloofsvrijheid
FR, RUS, PRUI-> vorsten absoluut gezag
3. NL-> geen vorst, stadhouders wilden macht,
maar slaagden er niet in
Britse eilanden-> macht bij parlement,
burgeroorlog, stadhouder Willem III werd koning
van EN & stadhouder republiek
4. Verschillende ideeën macht in de staat:
Hobbes-> mensen hebben van nature recht op
zelfverdediging
Locke-> regering is geen absolute soeverein,
maar reageert slechts op basis van vertrouwen
van volk. Als de regering zich ten opzichte van
het volk misdraagt, kan het volk het vertrouwen
opzeggen en een andere regering kiezen.
7.3 De wetenschappelijke revolutie
KA 26: De wetenschappelijke revolutie Wetenschappelijke revolutie: fase in de geschiedenis
1. Uitleggen wat het verschil is tussen rationalisme waarin de houding van wetenschappers ingrijpend
en empirisme in de wetenschap veranderde
2. Uitleggen welke omstandigheden leidden tot het 1. René Descartes & Francis Bacon meenden dat de
ontstaan van een wetenschappelijke revolutie in wereld niet kon worden verklaard door alleen
Europa en in de Republiek in het bijzonder beroep te doen op het gezag van anderen, je
3. Uitleggen dat de wetenschappelijke revolutie moest logisch redeneren of systematisch
leidde tot een nieuw wereldbeeld én dat dit een observeren en experimenteren
langzaam proces was Descartes: het verstand en vermogen tot logisch
redeneren was de meest zuivere bron =>
rationalisme
Bacon: juist waarneming door middel van de
, zintuigen is het beginpunt van kennis =>
empirisme
2. Oorzaken wetens. revolutie:
Republiek -> religieuze verdraagzaamheid en
relatieve vrijheid trok veel wetenschappers
aan
Europa: later werd het in andere landen ook
gunstig
Republiek: pas opgerichte universiteiten
stonden bekend om hun opvallende openheid
ten aanzien van nieuwe ontwikkelingen, vooral
wis en natuurfilosofie
Europa: na 1650 werden wetenschappelijke
verenigingen opgericht
Onderzoekers maakten gebruik van
ambachtelijke kennis voor de vaardigheden
van hun eigen instrumenten =>
samenwerking onderzoekers en
ambachtslieden
Economische & maatschappelijke
omstandigheden in een land hadden invloed
Republiek: mensen hadden geld en tijd om
onderzoek te den en dingen uit te vinden
3. Langzaam proces:
- Scherpe scheiding tussen geloof, bijgeloof en
wetenschap bestond nog niet
- In sommige landen kon de kerk de publicatie
van wetenschappelijke resultaten verbieden
=> geen vrijheid
- Van oorsprong middeleeuwse universiteiten
waren vaak pure onderwijsinstellingen, waar
, kennis eerder werd doorgegeven dan
vernieuwd => onderzoek werd gedaan op
eigen initiatief
- Economische en maatschappelijke
omstandigheden hadden invloed
Nieuw wereldbeeld:
Nieuwe ontdekkingen in sterrenkunde, wiskunde
en natuurkunde (Galileo, Copernicus, Newton)
Nieuwe visie op God en de wereld
Descartes=> mechanistisch wereldbeeld: de
wereld is een machine die God in beweging heeft
gezet, maar die nu zelfstandig functioneerde
volgens bepaalde natuurwetten Spinoza => God
was de schepping, wie god wilde kennen moest
de natuurwetten bestuderen, niet de bijbel