De zorg en begeleiding van de moeder en haar
pasgeboren kind in de periode direct na de bevalling, ook
wel het kraambed genoemd. Dit is een cruciale tijd voor
zowel moeder als kind, waarin herstel, hechting en de
start van borstvoeding centraal staan.
HET KRAAMBED
samenvatting van Hanne Smits
,postnatale zorg bij kraamvrouw
postpartum: duur
• begin: vanaf het geboorte van de placenta → vanaf het kind er is
• 6 weken: controle gynaecoloog → postpartum is afgerond
• 10 dagen: baarmoeder zit terug in het bekken → niet meer palpeerbaar
• +/- 9 maanden: ontzwangeren → gewicht laten zakken, rol van ouder opnemen,…
postpartum: doelstellingen
• kort verblijf op kraamafdeling → tegemoet komen aan behoefte van observatie, informatie en
begeleiding
• doelstellingen:
- evalueren van de evolutieve veranderingen
- voorkomen van verwikkelingen
- verlichten van postpartumongemakken
- begeleiding bij borstvoeding
- bevorderen van de ouder-kind relatie en ouderschap door voorlichting en begeleiding
- stimuleren van postpartumonderzoek op 6 weken
- psychosociale en medische begeleiding → ouders opvangen
- ontwikkeling van het kind → gewicht, lengte,…
- interventie inzetten (indien nodig) → doorsturen naar psycholoog, psychiater,…
postpartum: fysiologische veranderingen
• alles van de zwangerschap gaat terug naar ‘normaal’
• vroedkundige begeleiding: 8 B’s controleren
→ baarmoeder → borsten
→ bloedverlies → blaas
→ bilnaad → bloeddruk (pols, temperatuur)
→ benen → beleving
1) uterus
• myometrium: spier die baarmoeder laat indrukken of uitdrukken
- snelheid involutie en subinvolutie: hangt af van 1e kind, 8e kind, meerling,…
- veiligheidsbol: hoe kleiner en harder de baarmoeder, hoe veiliger
hoe kleiner de baarmoeder hoe kleiner de wonde van de placenta, is ze samengeknepen? Dan zijn
de bloedvaten ook dicht
• endometrium: binnenkant, via hier gaat de vrouw bloed verliezen
- lochia: bloedverlies (bestaat uit slijmvlies, necrotiserende weefselresten, bloed)
- snelheid van het herstel: afhankelijk van de genezing van het endometrium
• cervix: moet uitzetten tot 10cm
- primipara vs multipara: herstelt niet helemaal volledig
2) baarmoeder
• belang van blaasleging
• palpatie baarmoeder
- dag 0: navelhoogte
- dag 1: 1 vinger onder navelhoogte
- dag 2: 2 vingers onder navelhoogte
- …
1
,• naweeën
- pijnlijk (afhankelijk van de pariteit)
- baarmoeder knijpt terug samen (pijn is normaal)
- behandeling naweeën: lege blaas, buikligging met kussen en analgetica (pijnstiller, niet binnen 4u
na bevalling)
• wat controleer je:
- hardheid
- hoogte
- pijnlijkheid
3) bloed
• kleur
- dag 1-6: rood
- dag 7-8: roodbruin
- dag 9-10: wit
• geur
- fletse geur
- opletten bij zwaar ruikende geur (infectie)
• hoeveelheid
- dag 0: erg hevige menstruatie (+++)
- dag 1: ++
- dag 2: +
- dag 3 tot 6 weken: steeds minder
• wat controleer je:
- hoeveelheid
- geur
- kleur
4) vagina
• gekneusd, opgezwollen en wijder als voorheen
• geen vroedkundige begeleiding: geneest uit zichzelf
5) perineum
• gescheurd, geknipt,… → pijnlijk bij zitten
• heelt gemakkelijk (korte pijn)
• 10% heeft na 2 maand nog last
• 30% klachten bij kunstverlossing
• dyspareunie (aanhoudende of terugkerende pijn bij het vrijen) kan pijnlijk zijn → tot 1 jaar na bevalling
6) bilnaad
• episiotomie: inknippen van het perineum (bilnaad tussen vulva en anus)
• inspectie: schaamlippen spreiden en op zij laten draaien
• GVO: raad geven, pijnlijk maar pijn mag niet toenemen (infectie)
• 7 tot 10 dagen tot de wond heelt
• pijnvermindering:
- lokaal ijsfrictie (maandverband nat maken en invriezen)
- spoelen bij het plassen
- pijnmedicatie
7) buikwand
• verslapt door uitrekking: herstelt maar kan enkele maanden duren (+/- 9 maanden)
2
, • diastase: rechte buikspieren rekken uit elkaar
→ verschillende oorzaken: pariteit (grotere kans bij meerdere kinderen)
• striemen: opperhuid rekt op waardoor elastische vezels en collageen breken
→ heeft te maken met de eigenheid van huid
→ gaat nooit helemaal weg
→ rood-paars naar wit
8) borsten
• moedermelk wordt ontwikkeld tijdens de zwangerschap
- mammogenese: groei van melkklieren
- lactogenese: opgang komen van melk
- galactogenese: behoud van melkproductie
• moedermelk vervang placenta
• verwachtingen meegeven: borstvoeding verloopt niet altijd vlot
• bekijk borsten en tepels: bv. nakijken op rode plekken of kloof in tepels
• voeding op 24u: 8 tot 12 keer gevoed
• GVO: pijn bij aanhappen, volle borsten op dag 3 (maximale productie van melk waardoor de borst hard
wordt = stuwing), regelmatig voeden,…
9) gewicht
• onmiddellijk 5 tot 6 kg verlies
• na 1 week: 2 kg vochtverlies
• overige extra verlies wordt traag afgebroken
• 28% heeft op 6 weken het gewicht van voor de zwangerschap
10) hematologische veranderingen
• tijdens zwangerschap: lichaam maakt extra bloed aan omdat het weet dat het veel ga verliezen
(bloedarmoede tegengaan)
• postpartum: stolling gaat stabiliseren → verhoogde kans op klontervorming
• witte bloedcellen stijgen: wanneer er een infectie is → is nu normaal door veranderingen in het
lichaam
11) benen
• spataders → verhoogde aanmaak van bloed tijdens de zwangerschap
• flebitis = ontsteking van de ander → te merken aan koorts
• advies: verplichte mobilisatie, steunkousen (versmallen de aders zodat er minder kans is op klonters),
pols & temperatuur, gevoeligheid van de kuiten en antistollingstherapie (fraxieparine)
12) vitale parameters
• temperatuur blijft binnen de normale grenzen
• pols blijft binnen normale grenzen
• bloeddruk: opletten voor flauwvallen bij eerste opkomen (minder bloed in het hoofd bij opstaan)
→ bloeddruk meten in lig – recht zitten – rechtzitten op de rand van bed – opstaan
• anemie (= bloedarmoede): hemoglobine onder 11g/dl
3
pasgeboren kind in de periode direct na de bevalling, ook
wel het kraambed genoemd. Dit is een cruciale tijd voor
zowel moeder als kind, waarin herstel, hechting en de
start van borstvoeding centraal staan.
HET KRAAMBED
samenvatting van Hanne Smits
,postnatale zorg bij kraamvrouw
postpartum: duur
• begin: vanaf het geboorte van de placenta → vanaf het kind er is
• 6 weken: controle gynaecoloog → postpartum is afgerond
• 10 dagen: baarmoeder zit terug in het bekken → niet meer palpeerbaar
• +/- 9 maanden: ontzwangeren → gewicht laten zakken, rol van ouder opnemen,…
postpartum: doelstellingen
• kort verblijf op kraamafdeling → tegemoet komen aan behoefte van observatie, informatie en
begeleiding
• doelstellingen:
- evalueren van de evolutieve veranderingen
- voorkomen van verwikkelingen
- verlichten van postpartumongemakken
- begeleiding bij borstvoeding
- bevorderen van de ouder-kind relatie en ouderschap door voorlichting en begeleiding
- stimuleren van postpartumonderzoek op 6 weken
- psychosociale en medische begeleiding → ouders opvangen
- ontwikkeling van het kind → gewicht, lengte,…
- interventie inzetten (indien nodig) → doorsturen naar psycholoog, psychiater,…
postpartum: fysiologische veranderingen
• alles van de zwangerschap gaat terug naar ‘normaal’
• vroedkundige begeleiding: 8 B’s controleren
→ baarmoeder → borsten
→ bloedverlies → blaas
→ bilnaad → bloeddruk (pols, temperatuur)
→ benen → beleving
1) uterus
• myometrium: spier die baarmoeder laat indrukken of uitdrukken
- snelheid involutie en subinvolutie: hangt af van 1e kind, 8e kind, meerling,…
- veiligheidsbol: hoe kleiner en harder de baarmoeder, hoe veiliger
hoe kleiner de baarmoeder hoe kleiner de wonde van de placenta, is ze samengeknepen? Dan zijn
de bloedvaten ook dicht
• endometrium: binnenkant, via hier gaat de vrouw bloed verliezen
- lochia: bloedverlies (bestaat uit slijmvlies, necrotiserende weefselresten, bloed)
- snelheid van het herstel: afhankelijk van de genezing van het endometrium
• cervix: moet uitzetten tot 10cm
- primipara vs multipara: herstelt niet helemaal volledig
2) baarmoeder
• belang van blaasleging
• palpatie baarmoeder
- dag 0: navelhoogte
- dag 1: 1 vinger onder navelhoogte
- dag 2: 2 vingers onder navelhoogte
- …
1
,• naweeën
- pijnlijk (afhankelijk van de pariteit)
- baarmoeder knijpt terug samen (pijn is normaal)
- behandeling naweeën: lege blaas, buikligging met kussen en analgetica (pijnstiller, niet binnen 4u
na bevalling)
• wat controleer je:
- hardheid
- hoogte
- pijnlijkheid
3) bloed
• kleur
- dag 1-6: rood
- dag 7-8: roodbruin
- dag 9-10: wit
• geur
- fletse geur
- opletten bij zwaar ruikende geur (infectie)
• hoeveelheid
- dag 0: erg hevige menstruatie (+++)
- dag 1: ++
- dag 2: +
- dag 3 tot 6 weken: steeds minder
• wat controleer je:
- hoeveelheid
- geur
- kleur
4) vagina
• gekneusd, opgezwollen en wijder als voorheen
• geen vroedkundige begeleiding: geneest uit zichzelf
5) perineum
• gescheurd, geknipt,… → pijnlijk bij zitten
• heelt gemakkelijk (korte pijn)
• 10% heeft na 2 maand nog last
• 30% klachten bij kunstverlossing
• dyspareunie (aanhoudende of terugkerende pijn bij het vrijen) kan pijnlijk zijn → tot 1 jaar na bevalling
6) bilnaad
• episiotomie: inknippen van het perineum (bilnaad tussen vulva en anus)
• inspectie: schaamlippen spreiden en op zij laten draaien
• GVO: raad geven, pijnlijk maar pijn mag niet toenemen (infectie)
• 7 tot 10 dagen tot de wond heelt
• pijnvermindering:
- lokaal ijsfrictie (maandverband nat maken en invriezen)
- spoelen bij het plassen
- pijnmedicatie
7) buikwand
• verslapt door uitrekking: herstelt maar kan enkele maanden duren (+/- 9 maanden)
2
, • diastase: rechte buikspieren rekken uit elkaar
→ verschillende oorzaken: pariteit (grotere kans bij meerdere kinderen)
• striemen: opperhuid rekt op waardoor elastische vezels en collageen breken
→ heeft te maken met de eigenheid van huid
→ gaat nooit helemaal weg
→ rood-paars naar wit
8) borsten
• moedermelk wordt ontwikkeld tijdens de zwangerschap
- mammogenese: groei van melkklieren
- lactogenese: opgang komen van melk
- galactogenese: behoud van melkproductie
• moedermelk vervang placenta
• verwachtingen meegeven: borstvoeding verloopt niet altijd vlot
• bekijk borsten en tepels: bv. nakijken op rode plekken of kloof in tepels
• voeding op 24u: 8 tot 12 keer gevoed
• GVO: pijn bij aanhappen, volle borsten op dag 3 (maximale productie van melk waardoor de borst hard
wordt = stuwing), regelmatig voeden,…
9) gewicht
• onmiddellijk 5 tot 6 kg verlies
• na 1 week: 2 kg vochtverlies
• overige extra verlies wordt traag afgebroken
• 28% heeft op 6 weken het gewicht van voor de zwangerschap
10) hematologische veranderingen
• tijdens zwangerschap: lichaam maakt extra bloed aan omdat het weet dat het veel ga verliezen
(bloedarmoede tegengaan)
• postpartum: stolling gaat stabiliseren → verhoogde kans op klontervorming
• witte bloedcellen stijgen: wanneer er een infectie is → is nu normaal door veranderingen in het
lichaam
11) benen
• spataders → verhoogde aanmaak van bloed tijdens de zwangerschap
• flebitis = ontsteking van de ander → te merken aan koorts
• advies: verplichte mobilisatie, steunkousen (versmallen de aders zodat er minder kans is op klonters),
pols & temperatuur, gevoeligheid van de kuiten en antistollingstherapie (fraxieparine)
12) vitale parameters
• temperatuur blijft binnen de normale grenzen
• pols blijft binnen normale grenzen
• bloeddruk: opletten voor flauwvallen bij eerste opkomen (minder bloed in het hoofd bij opstaan)
→ bloeddruk meten in lig – recht zitten – rechtzitten op de rand van bed – opstaan
• anemie (= bloedarmoede): hemoglobine onder 11g/dl
3