100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Judgments

Arresten Overheid en privaatrecht

Rating
-
Sold
1
Pages
55
Uploaded on
22-04-2025
Written in
2024/2025

Alle arresten week 1 tot en met 7 overheid en privaatrecht samengevat

Institution
Module











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Module

Document information

Uploaded on
April 22, 2025
Number of pages
55
Written in
2024/2025
Type
Judgments

Subjects

Content preview

Integratievak Overheid en Privaatrecht: te bestuderen uitspraken


Onderscheid publiek- en privaatrechtelijke rechtshandelingen:
Long Lin, ABRvS 10 april 1995, ECLI:NL:RVS:1995:AK3508

Minister van Verkeer en Waternet weigert toestemming te geven aan het schip Long Lin
om de territoriale wateren binnen te varen. Weigering is privaatrechtelijk → is deze
beslissing aan te merken als beschikking?
Toepassing van het publieke taakcriterium zorgt ervoor dat er sprake is van een
beschikking, ook als er geen publiekrechtelijke bevoegdheid is.


kern

Dit is de eerste uitspraak over het publiekrechtelijke taak-criterium. De Afdeling stelt dat een
publiekrechtelijk voorschrift geen vereiste is voor een publieke handeling. Er moet worden
gekeken naar de aard van het besluit. De beschikking m.b.t. beheer van de territoriale wateren
is publiekrechtelijk, vanwege de bevoegdheid die is gelegen in de soevereiniteit van de Staat
om de territoriale wateren te beheren.

Feiten:

 Een Chinese rederij (Guangzhou Ocean Shipping Company) had een schip, de ‘Long
Lin’, dat op de Noordzee zwaar beschadigd raakte na een aanvaring. Daarbij verloren
brandstoftanks hun lading in zee.
 De rederij vroeg de Nederlandse autoriteiten toestemming om de territoriale wateren
binnen te varen voor reparatie.
 De Minister van Verkeer en Waterstaat stelde als voorwaarde dat de rederij een
onvoorwaardelijke betalingstoezegging van 10 miljoen gulden zou geven voor
eventuele kosten, zoals begeleiding naar de haven en oliebestrijding.
 De verzekeraar van de rederij wilde alleen instemmen als daarbij een voorbehoud van
aansprakelijkheidsbeperking werd opgenomen.
 De Minister weigerde dat voorbehoud en verbood het schip de Nederlandse wateren
binnen te varen.
 De rederij vocht dit besluit aan en stelde dat de Minister onterecht had gehandeld.

Rechtsregel:

 De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS) oordeelde dat een
overheidshandeling niet per se gebaseerd hoeft te zijn op een publiekrechtelijk
voorschrift om publiekrechtelijk te zijn.
 Het gaat om de aard van de handeling: het beheer van de territoriale wateren is
een publieke taak en de bevoegdheid van de Minister komt voort uit de soevereiniteit
van de Staat.

,  De Staat mag een schip dat een gevaar kan vormen weigeren, maar mag een schip in
nood niet volledig de toegang ontzeggen zonder een belangenafweging te maken.
 Een garantie van de rederij was begrijpelijk, maar het bedrag moest redelijk zijn en
niet hoger dan de daadwerkelijke kosten die de Staat zou kunnen maken.
 Omdat het besluit onvoldoende gemotiveerd was, werd het vernietigd.

Kern:

 Dit arrest introduceert het "publiekrechtelijke taak-criterium", wat betekent dat een
overheidshandeling publiekrechtelijk kan zijn ook zonder een specifiek
publiekrechtelijk voorschrift.
 Belangrijk is of de handeling verband houdt met een publieke taak, zoals in dit geval
het beheer van de territoriale wateren.
 De Staat mag voorwaarden stellen aan toegang tot zijn wateren, maar moet ook
rekening houden met de ernst van de situatie en de redelijkheid van de eisen.


Terugvordering subsidie, ABRvS 21 oktober 1996, ECLI:NL:RVS:1996:ZF2335
 Een eigenaar kreeg een jaarlijkse bijdrage op grond van de Beschikking geldelijke steun
eigen woningen 1979voor het bewonen van zijn woning.
 De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en
Milieubeheer trok deze subsidie later in, met terugwerkende kracht, omdat de eigenaar
de woning niet langer zelf bewoonde.
 Hierdoor moest de eigenaar fl. 4.400,- terugbetalen.
 De eigenaar maakte bezwaar en stapte naar de rechter, maar de Raad van State oordeelde
dat de intrekking terecht was.
 De rechtbank had eerder geoordeeld dat het terugvorderingsbesluit géén Awb-besluit was,
maar de Raad van State corrigeerde dit en bepaalde dat terugvordering wél een
besluit is dat voor beroep vatbaar is.

Kort samengevat: de overheid trok een subsidie in en wilde geld terug, de eigenaar vocht dit
aan, maar de Raad van State bevestigde grotendeels de terugvordering.

In deze zaak heeft de Raad van State bepaald dat een terugvorderingsbesluit van een
bestuursorgaan een besluit in de zin van de Awb is, ook als er geen specifieke wettelijke
grondslag voor is. Dit komt doordat het terugvorderingsbesluit een rechtsgevolg heeft: het
schept een verplichting tot terugbetaling en verandert daarmee de juridische positie van de
betrokkene.

De Raad van State wijkt hiermee af van de strikte doctrine dat een besluit alleen kan bestaan
als er een expliciete wettelijke bevoegdheid is. In plaats daarvan wordt het algemene
bestuursrechtelijke beginsel toegepast dat onverschuldigd betaalde bedragen kunnen
worden teruggevorderd. Hierdoor kan iemand tegen zo’n besluit bezwaar en beroep
instellen bij de bestuursrechter.

,Kort gezegd: terugvorderingsbesluiten zijn bestuursrechtelijke besluiten, ook als ze niet
op een specifieke wettelijke bepaling berusten, zolang ze een juridisch bindend effect
hebben.


Beëindiging noodopvang

Feiten:

 Appellanten (een moeder en haar zoon) zijn (voormalige) asielzoekers die sinds 2008
in een woning verbleven, gefaciliteerd door de gemeente Almere en beheerd door
het Leger des Heils.
 De gemeente Almere had een noodopvangregeling opgezet voor bepaalde groepen
uitgeprocedeerde asielzoekers, maar besloot deze opvang per 1 april 2010 te
beëindigen.
 Op 4 maart 2010 ontving appellante een brief van de gemeente waarin stond dat
hun noodopvang per 23 maart 2010 zou stoppen.
 Appellante maakte bezwaar tegen deze beëindiging, maar de gemeente verklaarde dit
bezwaar niet-ontvankelijk, omdat de brief volgens hen geen besluit was in de zin van
de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
 De rechtbank bevestigde het standpunt van de gemeente, waarna appellanten in hoger
beroep gingen bij de Centrale Raad van Beroep (CRvB).

Oordeel van de CRvB:

1. De brief van 4 maart 2010 is wél een besluit in de zin van de Awb.
o De gemeente had namelijk een publiekrechtelijke bevoegdheid om
noodopvang te bieden en bepaalde zelf per individu wie daarvoor in
aanmerking kwam.
o Omdat de gemeente de rechtspositie van appellanten eenzijdig
wijzigde (door hun opvang te beëindigen), is er sprake van een besluit.
2. De gemeente had dus inhoudelijk op het bezwaar moeten beslissen in plaats van
het bezwaar niet-ontvankelijk te verklaren.
3. De rechtbank had dit niet onderkend, dus haar uitspraak wordt vernietigd.
4. De gemeente krijgt zes weken de tijd om het gebrek te herstellen en alsnog een
inhoudelijk besluit te nemen over de beëindiging van de noodopvang.

Rechtsregel:

Een besluit tot beëindiging van gemeentelijke noodopvang is een besluit in de zin van de
Awb, ook als het gebaseerd is op buitenwettelijk beleid. Dit komt omdat de gemeente een
publiekrechtelijke bevoegdheid uitoefent door eenzijdig te beslissen over toelating tot en
beëindiging van de opvang.

, Week 2: Wanneer mag de overheid privaatrechtelijk handelen?

Windmill, HR 26 januari 1990, ECLI:NL:HR:1990:AC0965:
Feiten:

 Windmill Holland B.V. loosde afvalgips in slurryvorm in de Nieuwe Waterweg, die
eigendom is van de Staat.
 Windmill had hiervoor een vergunning op basis van de Rivierenwet en de Wet
verontreiniging oppervlaktewateren (WVO).
 De Staat wilde echter naast de publieke vergunning ook een privaatrechtelijke
vergunning opleggen en stelde dat Windmill moest betalen voor het lozen (€1,25 per
kubieke meter).
 Windmill weigerde en de Staat eiste een verbod op lozing zonder privaatrechtelijke
vergunning.
 De rechtbank en het hof wezen de vordering van de Staat af, waarna de Staat in
cassatie ging bij de Hoge Raad.

Oordeel van de Hoge Raad:

 De WVO bevat een complete publiekrechtelijke regeling voor lozingen en voorziet
niet in privaatrechtelijke betalingen.
 De overheid mag geen privaatrechtelijke instrumenten gebruiken als dat
een onaanvaardbare doorkruising van een publiekrechtelijke regeling betekent.
 Een privaatrechtelijke vergunning zou het publiekrechtelijke
heffingsstelsel omzeilen en de rechtsbescherming van burgers verminderen.
 De Staat mocht dus geen extra privaatrechtelijke vergoeding eisen.
 Het cassatieberoep van de Staat werd verworpen.

Rechtsregel (Windmill-criterium):

De overheid mag geen privaatrechtelijke middelen (zoals contracten of eigendomsrechten)
gebruiken als dat een onaanvaardbare doorkruising vormt van een publiekrechtelijke
regeling. Of dat zo is, hangt af van:

1. De inhoud en strekking van de publiekrechtelijke regeling.
2. De rechtsbescherming die de publiekrechtelijke regeling biedt.
3. Of de overheid met de publiekrechtelijke regeling een vergelijkbaar resultaat kan
bereiken.

Dit arrest is nog steeds belangrijk bij de vraag of de overheid iets via privaatrecht mag
regelen als er al een publiekrechtelijke regeling is.
$11.13
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
khaadie

Get to know the seller

Seller avatar
khaadie Vrije Universiteit Amsterdam
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
2
Member since
10 year
Number of followers
0
Documents
2
Last sold
6 months ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these revision notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No problem! You can straightaway pick a different document that better suits what you're after.

Pay as you like, start learning straight away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and smashed it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions