Uitwerking examenmatrijs Bestuurs- en Staatsrecht
1.1 De kandidaat beschrijft op centraal en decentraal niveau welke organen
belast zijn met de drie onderdelen van de trias politica (wetgeving, uitvoering
(bestuur) en rechtspraak).
Op centraal niveau zijn de wetgevende macht, uitvoerende macht en rechterlijke macht
respectievelijk:
1. de Staten-Generaal en de regering,
2. de regering
3. de rechtelijke instanties (rechtbanken, gerechtshoven en de Hoge Raad).
Op decentraal niveau zijn dit de Provinciale Staten en de Gemeenteraad voor de
wetgevende macht,
de Gedeputeerde Staten en de Commissaris van de Koning en het College van
Burgemeester en Wethouders voor de uitvoerende macht
de regionale rechtbanken en kantonrechters voor de rechterlijke macht.
1.2 De kandidaat bepaalt voor een orgaan onder welke bestuurslaag (Rijk,
provincie, gemeente) dit valt.
1.3 De kandidaat beschrijft welke (semi)overheidsinstantie belast is met de
uitvoering van wetgeving of het treffen van een voorziening op een bepaald
beleidsterrein.
• Werknemersverzekeringen (UWV)
• Volksverzekeringen (SVB)
• Toeslagen (Belastingdienst)
• Studiefinanciering (DUO)
• Jeugdhulp en WMO (gemeente)
• Volkshuisvesting (woningbouwcorporaties)
• Ondernemersklimaat (KvK)
, • Vreemdelingenbeleid (IND)
• Rijvaardigheid (CBR)
• Voorkomen/verminderen crimineel gedrag (reclassering)
• Klachten overheidshandelen (ombudsman)
1. Werknemersverzekeringen (UWV)
Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV): Het UWV is een zelfstandig
bestuursorgaan dat verantwoordelijk is voor de uitvoering van werknemersverzekeringen
zoals de Werkloosheidswet (WW), de Ziektewet (ZW) en de Wet werk en inkomen naar
arbeidsvermogen (WIA). Het UWV verzorgt de uitkeringen en helpt bij re-integratie van
werklozen en arbeidsongeschikten.
2. Volksverzekeringen (SVB)
Sociale Verzekeringsbank (SVB): De SVB is belast met de uitvoering van
volksverzekeringen zoals de Algemene Ouderdomswet (AOW), de Algemene
nabestaandenwet (Anw) en de Kinderbijslagwet (AKW). De SVB zorgt voor de uitkering
van pensioenen, nabestaandenuitkeringen en kinderbijslag.
3. Vreemdelingenbeleid (IND)
Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND): De IND is verantwoordelijk voor de uitvoering
van het vreemdelingenbeleid. Dit omvat de beoordeling van verblijfsaanvragen,
asielaanvragen, en naturalisatieverzoeken.
Elke (semi)overheidsinstantie heeft specifieke verantwoordelijkheden op een bepaald
beleidsterrein, variërend van het verstrekken van uitkeringen, toeslagen en vergunningen
en het behandelen van klachten over overheidsoptreden.
2.1 De kandidaat stelt in een eenvoudige situatie vast op grond van welke wet
een overheidsorgaan mag optreden (legaliteitsbeginsel).
Het legaliteitsbeginsel houdt in dat elk optreden van een overheidsorgaan gebaseerd
moet zijn op een wettelijke grondslag. Dit betekent dat de overheid alleen bevoegdheden
mag uitoefenen die uitdrukkelijk zijn toegekend door de wet. Hieronder geef ik een aantal
eenvoudige situaties met de bijbehorende wetten op grond waarvan een overheidsorgaan
mag optreden.
Situatie 1: Het UWV verstrekt een WW-uitkering
Wet: Werkloosheidswet (WW)
Overheidsorgaan: Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV)
Toelichting: Het UWV verstrekt werkloosheidsuitkeringen op grond van de
Werkloosheidswet (WW). Deze wet regelt de voorwaarden en procedures voor het
verkrijgen van een werkloosheidsuitkering.
Situatie 2: De SVB verstrekt een AOW-pensioen
Wet: Algemene Ouderdomswet (AOW)
Overheidsorgaan: Sociale Verzekeringsbank (SVB)
Toelichting: De SVB is verantwoordelijk voor de uitvoering van de AOW en
verstrekt pensioenen aan mensen die de pensioengerechtigde leeftijd hebben
bereikt.
1.1 De kandidaat beschrijft op centraal en decentraal niveau welke organen
belast zijn met de drie onderdelen van de trias politica (wetgeving, uitvoering
(bestuur) en rechtspraak).
Op centraal niveau zijn de wetgevende macht, uitvoerende macht en rechterlijke macht
respectievelijk:
1. de Staten-Generaal en de regering,
2. de regering
3. de rechtelijke instanties (rechtbanken, gerechtshoven en de Hoge Raad).
Op decentraal niveau zijn dit de Provinciale Staten en de Gemeenteraad voor de
wetgevende macht,
de Gedeputeerde Staten en de Commissaris van de Koning en het College van
Burgemeester en Wethouders voor de uitvoerende macht
de regionale rechtbanken en kantonrechters voor de rechterlijke macht.
1.2 De kandidaat bepaalt voor een orgaan onder welke bestuurslaag (Rijk,
provincie, gemeente) dit valt.
1.3 De kandidaat beschrijft welke (semi)overheidsinstantie belast is met de
uitvoering van wetgeving of het treffen van een voorziening op een bepaald
beleidsterrein.
• Werknemersverzekeringen (UWV)
• Volksverzekeringen (SVB)
• Toeslagen (Belastingdienst)
• Studiefinanciering (DUO)
• Jeugdhulp en WMO (gemeente)
• Volkshuisvesting (woningbouwcorporaties)
• Ondernemersklimaat (KvK)
, • Vreemdelingenbeleid (IND)
• Rijvaardigheid (CBR)
• Voorkomen/verminderen crimineel gedrag (reclassering)
• Klachten overheidshandelen (ombudsman)
1. Werknemersverzekeringen (UWV)
Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV): Het UWV is een zelfstandig
bestuursorgaan dat verantwoordelijk is voor de uitvoering van werknemersverzekeringen
zoals de Werkloosheidswet (WW), de Ziektewet (ZW) en de Wet werk en inkomen naar
arbeidsvermogen (WIA). Het UWV verzorgt de uitkeringen en helpt bij re-integratie van
werklozen en arbeidsongeschikten.
2. Volksverzekeringen (SVB)
Sociale Verzekeringsbank (SVB): De SVB is belast met de uitvoering van
volksverzekeringen zoals de Algemene Ouderdomswet (AOW), de Algemene
nabestaandenwet (Anw) en de Kinderbijslagwet (AKW). De SVB zorgt voor de uitkering
van pensioenen, nabestaandenuitkeringen en kinderbijslag.
3. Vreemdelingenbeleid (IND)
Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND): De IND is verantwoordelijk voor de uitvoering
van het vreemdelingenbeleid. Dit omvat de beoordeling van verblijfsaanvragen,
asielaanvragen, en naturalisatieverzoeken.
Elke (semi)overheidsinstantie heeft specifieke verantwoordelijkheden op een bepaald
beleidsterrein, variërend van het verstrekken van uitkeringen, toeslagen en vergunningen
en het behandelen van klachten over overheidsoptreden.
2.1 De kandidaat stelt in een eenvoudige situatie vast op grond van welke wet
een overheidsorgaan mag optreden (legaliteitsbeginsel).
Het legaliteitsbeginsel houdt in dat elk optreden van een overheidsorgaan gebaseerd
moet zijn op een wettelijke grondslag. Dit betekent dat de overheid alleen bevoegdheden
mag uitoefenen die uitdrukkelijk zijn toegekend door de wet. Hieronder geef ik een aantal
eenvoudige situaties met de bijbehorende wetten op grond waarvan een overheidsorgaan
mag optreden.
Situatie 1: Het UWV verstrekt een WW-uitkering
Wet: Werkloosheidswet (WW)
Overheidsorgaan: Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV)
Toelichting: Het UWV verstrekt werkloosheidsuitkeringen op grond van de
Werkloosheidswet (WW). Deze wet regelt de voorwaarden en procedures voor het
verkrijgen van een werkloosheidsuitkering.
Situatie 2: De SVB verstrekt een AOW-pensioen
Wet: Algemene Ouderdomswet (AOW)
Overheidsorgaan: Sociale Verzekeringsbank (SVB)
Toelichting: De SVB is verantwoordelijk voor de uitvoering van de AOW en
verstrekt pensioenen aan mensen die de pensioengerechtigde leeftijd hebben
bereikt.