Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 162 pages
Summary

Uitgebreide samenvatting van het blok 3.8 NVO toets (Erasmus)

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 162 pages

Deze samenvatting van 160 pagina's bevat een complete integratie van de te bestuderen literatuur (zoals vermeld staat in de leerdoelen) en eerdere samenvattingen van de problemen uit de te bestuderen blokken (blok 1.4, 1.5 en 1.6). - De belangrijke begrippen zijn dikgedrukt. - Theorieën of perspectieven zijn aangeduid met een logo van een 'lampje' - Belangrijke verbanden of concluderende stukken zijn aangeduid met een rood uitroepteken. - Er zijn verschillende schema's toegevoegd om de stof (met name van ontwikkelingsstadia) overzichtelijker te maken. - Er zijn verschillende afbeeldingen toegevoegd wanneer dit verhelderend was.

Content preview

Blok 3.8 NVO toets
NVO-TOETS – PREMASTER PEDAGOGISCHE WETENSCHAPPEN
(ORTHOPEDAGOGIEK)

, Samenvatting NVO-toets juli 2020
1. Ontwikkeling kindertijd (blok 1.5)
1a. Een beschrijving geven van de fysieke ontwikkeling,
inclusief prenatale ontwikkeling (belangrijkste fasen en
het effect van teratogenen op de prenatale ontwikkeling)
en erfelijkheidspatronen (blok 1.5 – probleem 1).

Berk, L. E. (2013). Child Development (9th ed.) Chapter 3, pp. 73-127
Boyd, D. G. & Bee, H. L. (2014). The developing child (13th ed.) Chapter 2, pp.
43-74
Leman, P. et al (2012). Developmental psychology. Chapter 4, pp. 53-84 +
Chapter 5, pp. 85-122. (Gedetailleerd ; dus belangrijk om te lezen !)
Santrock, J. W. (2014). Child Development (14th ed.) Chapter 2, pp. 48-72 +
Chapter 3, pp. 73-87
Shaffer, D. R. & Kipp, K. (2014). Developmental Psychology: Childhood and
Adolescence (9th ed). Chapter 2, pp. 45-86 + Chapter 3, pp. 89-129
Damon, A., McGonegal, R., Tosto, P., & Ward, W. (2014). (Minder belangrijk)


De genetische basis
Erfelijk materiaal ligt vast in de celkern. Elke cel in het lichaam bevat een verzameling aan
biologische instructies. Voor de mens zijn deze instructies vastgelegd in 23 paar (in totaal
46) chromosomen (lange, dunne en spiraalvormige draadjes waarlangs de genen zijn
gerangschikt als kralen van een ketting).
Twee van deze chromosomen verdienen speciale aandacht: de geslachtschromosomen.
Deze worden X en Y genoemd vanwege hun vorm. Een kind ontvangt een X-chromosoom
van de moeder en een X- of Y-chromosoom van de vader. Een XX-combinatie zorgt voor
een vrouwelijk fenotype, een XY-combinatie zorgt voor een mannelijk fenotype. In feite
bepaalt de chromosoom afkomstig van de vader dus het geslacht van het kind. Alle
andere chromosomen die niet tot de geslachtschromosomen horen, worden autosomen
genoemd.


Hoe komt DNA tot stand?
Chromosomen bestaan voornamelijk uit DNA (desoxyribonucleïnezuur). Dit zijn weer
stukjes van een chromosoom waarin de codes van de erfelijke, lichamelijke en psychische
eigenschappen zijn opgeslagen. DNA ontwikkelt zich rond een specifiek eiwit dat een
histoon heet.
DNA is weer opgebouwd uit korte segmenten die de genen worden genoemd. Soms
hebben deze genen defecten. De resulterende fouten kunnen lichamelijke en
ontwikkelingsproblemen veroorzaken, zoals een hersenverlamming of een verstandelijke
beperking.
Wanneer we op kleinere schaal gaan kijken bestaan genen weer uit nucleotiden. Er zijn
vier soorten nucleotiden:

, • Adenine (A) → bindt zich aan T
• Thymine (T) → bindt zich aan A
• Cytosine (C) → bindt zich aan G
• Guanine (G) → bindt zich aan C

Transcriptie = Omdat DNA zich in de celkern bevindt en niet zomaar naar buiten kan,
wordt de genetische code gekopieerd naar mRNA, dat wel naar buiten kan. Het kopiëren
van DNA tot mRNA wordt transcriptie genoemd. Dit kopiëren gebeurt complementair aan
het DNA zelf. VB: Als de DNA-streng de volgorde A-G-T zou hebben, heeft het mRNA de
volgorde T-C-A.

Translatie = Tijdens de translatie wordt het mRNA omgezet in aminozuren. De
aminozuren worden buiten de celkernen gemaakt, vandaar dat het nodig is dat het DNA
eerst omgezet wordt in mRNA, dat wel de celkern uit kan.


! Kortom: DNA → transcriptie → mRNA → translatie → aminozuren (eiwitten)




Hoe werkt celdeling?
Mitose = Mitose is de celdeling van lichaamscellen met als doel om te groeien en/of
herstellen. De 46 chromosomen in een cel verdubbelen zich naar 92, zodat de cel zich
vervolgens kan dupliceren. Zo bevat elke cel een exacte kopie van 46 chromosomen.

Meiose = Meiose is de celdeling van geslachtscellen of gameten. In de celkern zitten 23
chromosomen. Eerst verdubbelen de chromosomen zich tot 46. Er vindt crossing-over
plaats: twee homologe chromosomen wisselen DNA uit. Daardoor ontstaan er unieke
erfelijke combinaties. De originele cel deelt zich waardoor elke cel 23 chromosomen bezit.
Bij de conceptie komen de gameten van de man (23 chromosomen) en van de vrouw (23
chromosomen) bij elkaar, waardoor de zygoot (versmelting van de twee
gameten/bevruchte eicel) 46 chromosomen.
- Meiose I de cel kopieert de 23 chromosomen en er vindt crossing-over plaats.
- Meiose II de cel met 46 chromosomen splitst zich

, ! Kortom:

Mitose Meiose
Lichaamscellen (autosomen) Geslachtscellen (gameten)
Moeder- en dochtercel identiek Moeder- en dochtercel niet identiek
(DNA-strengen zijn niet gehusseld, puur (DNA-strengen zijn wel gehusseld, door
gekopieerd) crossing-over en vervolgens gekopieerd)
46 chromosomen 23 chromosomen
Diploïde (2N → 2N) Haploïde (2N → 1N)
Van alle chromosomen zijn twee Van alle chormosomen is slechts één
exemplaren in de cel aanwezig. exemplaar aanwezig in de cel.
Meervoudig Enkelvoudig

De overerving van genen
Dominant en recessief
Als een gen dominant is, komt dat tot uiting als het gekoppeld is aan een recessief gen.
VB dominante trekken: bruin haar, veel haar, gewoon zicht, gewone huid, bloedgroep A
en B en ‘het niet hebben van een ziekte’.

Een recessief gen komt tot uiting als het gekoppeld is aan een ander recessief gen.
VB recessieve trekken: blond haar, kaalheid, kleurenblindheid, albinisme, bloedgroep O,
Hemofilie en Cystic Fibrosis.


! Kortom: wanneer er in een organisme een dominant en een recessief allel voor een
eigenschap samenkomen (zoals in drie van de vier gevallen), komt ten alle tijden het
dominante allel tot uiting in het fenotype. In de onderstaande tabel zie je dat er maar één
van de vier gevallen kans is op de uiting van een recessief gen). De kans op een
dominante eigenschap is dus 75% en de kans op een recessieve eigenschap 25%.

A a
A AA Aa
a aA aa

Homozygoot en heterozygoot
Je bent homozygoot (KK) voor een bepaald gen wanneer deze wordt vertegenwoordigd
door twee dezelfde allelen (bijvoorbeeld twee allelen die allebei krullend haar coderen).

Wanneer een bepaalde eigenschap wordt vertegenwoordigd door twee verschillende
allelen, ben je heterozygoot (KS) voor deze eigenschap (bijvoorbeeld één allel codeert
krullend haar en het andere allel sluik haar).

Soorten overerving
Simpele dominant-recessieve overerving
Bij deze vorm van erfelijkheid komt het dominante gen tot uiting in het fenotype.

Document information

Study
Uploaded on
June 30, 2020
File latest updated on
June 30, 2020
Number of pages
162
Written in
2019/2020
Type
Summary
$19.62
Purchased by 34 students

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
Sold
296
Followers
223
Items
14
Last sold
6 months ago

Reviews from verified buyers



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions