Overige samenvattingen geneeskunde
Interne geneeskunde (2007)
5. bloedvaten
5.3 Afwijkingen van de coronairarteriën
5.3.1 Oorzaken
Atherosclerose
Spasmen van kransslagader: plotselinge kramp in coronairvat, neemt doorbloeding hartspier af.
Zuurstoftekort dat ontstaat leidt o.a. tot pijn op borst.
Trombose/embolie: leidt tot totale afsluiting coronairvat waardoor hartspier geen bloed ontvangt en
afsterft
Anemie: bloedarmoede aanleiding tot minder zuurstofarmoede
Aortaklepstenose: coronaire bloedvaten ontvangen minder bloed en onder lagere druk doordat per
hartslag minder bloed in aorta komt.
5.3.2 Angina pectoris
Syndroom als hartspierweefsel in zuurstofnood verkeert. Spiercellen sterven nog niet af, maar tijdelijke
verstoring tussen vraag-aanbod. Onderscheid stabiele en instabiele angina pectoris.
- Stabiele angina pectoris: ernst klacht steeds gelijk; klacht alleen optreedt bij dezelfde omstandigheden
en door rust of nitroglycerine nemen klachten snel af. Redelijk goede prognose.
- Instabiele angina pectoris: klachten recent ontstaan of bestaande klachten in ernst toenemen. Minder
goede prognose + verder onderzoek.
Symptomen:
Pijn op borst met typische lokalisatie en uitstraling; pijn snoerend, drukkend of beklemmend van aard, meestal
gelokaliseerd links op borst naast of onder borstbeen; straalt uit naar linkeschouder, arm og hand en soms hals,
kaken of rechterarm. Angst + kortademig. Klachten tijdens inspanning, emoties, plotseling overgang warm-
koud en stevige maaltijd. Door rust of nitroglycerine snel verdwijnen. Ook dagritme aanwezig; in ochtend
klachten heviger.
Onderzoek:
ECG
Angiografie (hartkatherisatie)
Behandeling:
- Conservatief
Medicijnen: nitroglycerinepreparaten in vorm van spray of pilletjes onder tong toedienen. Via
haarvaten in bloed en direct via holle ader naar hart. Verminderd zware werk hart door daling
bloeddruk en vermindering veneuze terugvloed naar hart. Werkt niet vaatverwijdend zieke
kransslagaders. Voor onderhoud:
o Langwerkende nitroglycerinepreparaten
o Bètablokkers: daling polsfrequentie en bloeddruk en daling zuurstofbehoefte myocard en
toevoer zuurstof
o Calciumantagonisten: vaatverwijding van coronairarteriënen gaan zuurstoftekort hartspier
tegen.
Algemeen: leefstijl verandering
- Operatief en semi-operatief
Bypass-operatie
Percutane transluminale coronaire angioplastiek (PTCA) = ballondilatatie/dotterprocedure
Lasercoagulatie
, 5.3.3 Hartinfarct
Veelal bij ouderen en factoren als roken, erfelijkheid, geslacht ect. van invloed. Vaak ’s nachts omdat bloed dan
meeste neiging tot bloedstolling vertoont; te maken met dag- en nachtritme stolling. Oorzaak in optreden
atherosclerose van kransslagaders door diverse factoren. Proces atherosclerose ontwikkelt zich chronisch en
buitengewoon traag. Na enkele jaren pas klachten. Soms zo traag, dat lichaam nieuwe en extra vaten vormt
(collateraalvorming).
Complicatie hartinfarct
Acute trombose: atherosclerose plaque scheurt. Bloedstolsel ontwikkelt op plaque die vat (vrijwel) volledig
afsluit. Bij geen collaterale bloedvoorziening = hartinfarct. Bij onvolledige afsluiting ontstaat beeld instabiele
angina pectoris of dreigend hartinfarct met pijnaanvallen in rust. Met betrekking tot ischemische hartziekte:
- Chronische, langzaam progressieve atherosclerose (langzame fase)
- Acute chronische, langzaam coronaire trombose (snelle fase)
Symptomen:
Aard, lokalisatie en uitstraling vrijwel gelijk als angina pectoris. Pijn en angst heviger. Ook bleekheid, hevig
transpieren, misselijkheid, braken en lage bloeddruk in combinatie met trage pols. Verschijnselen terug te
voeren op stimulering van n. vagus -> vegetatieve verschijnselen. Pijn samen met hartritmestoornissen,
hypotensie, astma cardiale of shock. Binnen 24 na infarct krijgt patiënt koorts. Klachten verdwijnen niet na rust
of gebruik Nitrobaat. Klachten ook niet beperkt tot perioden tijdens inspanning, emoties en dergelijk; kan in
volledige rust optreden.
Onderzoek:
ECG
Angiografie
Enzymbepaling in bloed: verschillende enzymen in bloed zoals CPK, LDH, ASAT. Als hartspier afsterft,
komen enzymen vrij en bloed neemt ze op. Verhoging CPK-mb is specifiek maar troponine-t is
specifieker voor hart maar verschijnt later.
Radio-isotopisch onderzoek (myocardscintigrafie): plaats infarct bepalen. Radioactieve stof hoopt op
in hartcellen die necrotisch zijn en plaats infarct.
Behandeling:
Bij acute stadium behandeling op speciale afdeling met gespecialiseerde verpleging en bewakingsapparatuur
coronary care unit. In 1e uren na infarct risico van ventrikelfibrilleren en plotselinge dood het grootst door
continue bewaking snel opgemerkt.
Sedativa: verminderen en verlicht pijn
Pijnbestrijding; opiaten
Zuurstof
Antistollingstherapie: gedurende eerste weken anticoagulantia toedienen.
Trombolyse: oplossen stolsel door streptokinase. Binnen 6 uur na infarct beginnen voor verbetering
bloeddoorstroming. Vaak in combi met aspirine; werkingsmechanisme lijkt me beter.
Patiënt stabiele toestand naar afdeling cardiologie. Therapie grotendeels verder. Langzaam mobiliseren, bij
genormaliseerd ontslag. Operatie bij een of meer ernstige vernauwingen afhankelijk van toestand patiënt,
ernst vernauwing en klachten.
Complicaties:
Deconpensatio cordis
Shock/hartritmestoornissen (tachycardie/bradycardie, onr. Pols, ventrikelfibrilleren/ asystolie)
CVA
Aneurysma cordis
Preventie:
Preventie gericht op beide fasen. Primair gericht op voorkomen atherosclerose door leefregels en adviezen;
lichaamsbeweging, vermageren, roken, stress, cholesterol, verhoogde bloeddruk. Secundair gericht op
adviezen en leefregels. Effect na aantal jaar duidelijk. Maatregelen m.b.v. medicijnen. Ook bètablokkers,
operatie.
Interne geneeskunde (2007)
5. bloedvaten
5.3 Afwijkingen van de coronairarteriën
5.3.1 Oorzaken
Atherosclerose
Spasmen van kransslagader: plotselinge kramp in coronairvat, neemt doorbloeding hartspier af.
Zuurstoftekort dat ontstaat leidt o.a. tot pijn op borst.
Trombose/embolie: leidt tot totale afsluiting coronairvat waardoor hartspier geen bloed ontvangt en
afsterft
Anemie: bloedarmoede aanleiding tot minder zuurstofarmoede
Aortaklepstenose: coronaire bloedvaten ontvangen minder bloed en onder lagere druk doordat per
hartslag minder bloed in aorta komt.
5.3.2 Angina pectoris
Syndroom als hartspierweefsel in zuurstofnood verkeert. Spiercellen sterven nog niet af, maar tijdelijke
verstoring tussen vraag-aanbod. Onderscheid stabiele en instabiele angina pectoris.
- Stabiele angina pectoris: ernst klacht steeds gelijk; klacht alleen optreedt bij dezelfde omstandigheden
en door rust of nitroglycerine nemen klachten snel af. Redelijk goede prognose.
- Instabiele angina pectoris: klachten recent ontstaan of bestaande klachten in ernst toenemen. Minder
goede prognose + verder onderzoek.
Symptomen:
Pijn op borst met typische lokalisatie en uitstraling; pijn snoerend, drukkend of beklemmend van aard, meestal
gelokaliseerd links op borst naast of onder borstbeen; straalt uit naar linkeschouder, arm og hand en soms hals,
kaken of rechterarm. Angst + kortademig. Klachten tijdens inspanning, emoties, plotseling overgang warm-
koud en stevige maaltijd. Door rust of nitroglycerine snel verdwijnen. Ook dagritme aanwezig; in ochtend
klachten heviger.
Onderzoek:
ECG
Angiografie (hartkatherisatie)
Behandeling:
- Conservatief
Medicijnen: nitroglycerinepreparaten in vorm van spray of pilletjes onder tong toedienen. Via
haarvaten in bloed en direct via holle ader naar hart. Verminderd zware werk hart door daling
bloeddruk en vermindering veneuze terugvloed naar hart. Werkt niet vaatverwijdend zieke
kransslagaders. Voor onderhoud:
o Langwerkende nitroglycerinepreparaten
o Bètablokkers: daling polsfrequentie en bloeddruk en daling zuurstofbehoefte myocard en
toevoer zuurstof
o Calciumantagonisten: vaatverwijding van coronairarteriënen gaan zuurstoftekort hartspier
tegen.
Algemeen: leefstijl verandering
- Operatief en semi-operatief
Bypass-operatie
Percutane transluminale coronaire angioplastiek (PTCA) = ballondilatatie/dotterprocedure
Lasercoagulatie
, 5.3.3 Hartinfarct
Veelal bij ouderen en factoren als roken, erfelijkheid, geslacht ect. van invloed. Vaak ’s nachts omdat bloed dan
meeste neiging tot bloedstolling vertoont; te maken met dag- en nachtritme stolling. Oorzaak in optreden
atherosclerose van kransslagaders door diverse factoren. Proces atherosclerose ontwikkelt zich chronisch en
buitengewoon traag. Na enkele jaren pas klachten. Soms zo traag, dat lichaam nieuwe en extra vaten vormt
(collateraalvorming).
Complicatie hartinfarct
Acute trombose: atherosclerose plaque scheurt. Bloedstolsel ontwikkelt op plaque die vat (vrijwel) volledig
afsluit. Bij geen collaterale bloedvoorziening = hartinfarct. Bij onvolledige afsluiting ontstaat beeld instabiele
angina pectoris of dreigend hartinfarct met pijnaanvallen in rust. Met betrekking tot ischemische hartziekte:
- Chronische, langzaam progressieve atherosclerose (langzame fase)
- Acute chronische, langzaam coronaire trombose (snelle fase)
Symptomen:
Aard, lokalisatie en uitstraling vrijwel gelijk als angina pectoris. Pijn en angst heviger. Ook bleekheid, hevig
transpieren, misselijkheid, braken en lage bloeddruk in combinatie met trage pols. Verschijnselen terug te
voeren op stimulering van n. vagus -> vegetatieve verschijnselen. Pijn samen met hartritmestoornissen,
hypotensie, astma cardiale of shock. Binnen 24 na infarct krijgt patiënt koorts. Klachten verdwijnen niet na rust
of gebruik Nitrobaat. Klachten ook niet beperkt tot perioden tijdens inspanning, emoties en dergelijk; kan in
volledige rust optreden.
Onderzoek:
ECG
Angiografie
Enzymbepaling in bloed: verschillende enzymen in bloed zoals CPK, LDH, ASAT. Als hartspier afsterft,
komen enzymen vrij en bloed neemt ze op. Verhoging CPK-mb is specifiek maar troponine-t is
specifieker voor hart maar verschijnt later.
Radio-isotopisch onderzoek (myocardscintigrafie): plaats infarct bepalen. Radioactieve stof hoopt op
in hartcellen die necrotisch zijn en plaats infarct.
Behandeling:
Bij acute stadium behandeling op speciale afdeling met gespecialiseerde verpleging en bewakingsapparatuur
coronary care unit. In 1e uren na infarct risico van ventrikelfibrilleren en plotselinge dood het grootst door
continue bewaking snel opgemerkt.
Sedativa: verminderen en verlicht pijn
Pijnbestrijding; opiaten
Zuurstof
Antistollingstherapie: gedurende eerste weken anticoagulantia toedienen.
Trombolyse: oplossen stolsel door streptokinase. Binnen 6 uur na infarct beginnen voor verbetering
bloeddoorstroming. Vaak in combi met aspirine; werkingsmechanisme lijkt me beter.
Patiënt stabiele toestand naar afdeling cardiologie. Therapie grotendeels verder. Langzaam mobiliseren, bij
genormaliseerd ontslag. Operatie bij een of meer ernstige vernauwingen afhankelijk van toestand patiënt,
ernst vernauwing en klachten.
Complicaties:
Deconpensatio cordis
Shock/hartritmestoornissen (tachycardie/bradycardie, onr. Pols, ventrikelfibrilleren/ asystolie)
CVA
Aneurysma cordis
Preventie:
Preventie gericht op beide fasen. Primair gericht op voorkomen atherosclerose door leefregels en adviezen;
lichaamsbeweging, vermageren, roken, stress, cholesterol, verhoogde bloeddruk. Secundair gericht op
adviezen en leefregels. Effect na aantal jaar duidelijk. Maatregelen m.b.v. medicijnen. Ook bètablokkers,
operatie.