100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Volledige samenvatting observeren en rapporteren

Rating
-
Sold
1
Pages
22
Uploaded on
19-03-2025
Written in
2024/2025

Hi, Duidelijk samenvatting van het vak observeren en rapporteren. de samenvatting is volledig. het boek is observeren en rapporteren geschreven door: Smadar Celestin-West reich & Leon-Patrice Celestin 3e editie.

Institution
Course










Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
March 19, 2025
Number of pages
22
Written in
2024/2025
Type
Summary

Subjects

Content preview

Observeren en rapporteren
Uitwerking toets jezelf
Hoofdstuk 1
1. Wat is alledaags observeren: dit omvat het voortdurend en ongemerkt
waarnemen, verwerken en interpreteren van zintuigelijke prikkels
2. Wat is het verschil tussen verbaal, non-verbaal en paraverbaal gedrag:
a. Verbaal gedrag: dit bevat alles wat de persoon in woorden uitdrukt
b. Non-verbaal: omvat alle signalen die we niet in woorden uitdrukken,
zoals gelaatsuitdrukking, oogcontact, lichaamshouding, gebaren en
bewegingen.
c. Paraverbaal: stemhoogte, ritme en toon.
3. Wat is het nu van de eerste indruk: hieruit bouw je direct gedachten en
gevoelens op. om op die manier je snel sociaal te plaatsen tegenover
anderen.
4. Noem drie hoofddoelen van observeren:
a. Je krijgt informatie over anderen, met wie je al dan niet direct
communiceert
b. Je krijgt informatie over relaties en situaties, waarbij je al dan niet
betrokken bent
c. Je krijgt informatie over jezelf, vooral door zelfobservatie en
zogeheten afgeleide observatie.
5. Geef de basisdefinitie van waarnemen: bestaat zuiver gesteld uit het
opnemen van de prikkels met de zintuigen.
6. Selectiviteit van de alledaagse waarneming: ons brein kan altijd maar een
deel van de beschikbare zintuigelijke informatie verwerken.
7. Subjectiviteit van de alledaagse waarneming: dit zijn met name de
ongemerkte verwerking van je waarneming en dit gaat heel wat
vertekeningen.
8. Welke twee stappen van het leertraject naar professioneel observeren
oefen je concreet in dit hoofdstuk:
a. Bewust informatie opnemen
b. Doelgerichte aandacht

,Hoofdstuk 2
1. Geef de uitgebreide definitie van professionele observatie: het verzamelen
en het ordenen van waarneembaar gedrag, vooral door de visuele en
aanvullend de auditieve waarneming (ogen en horen). Gebeurt in een
natuurlijk omgeving met minimale controle.
2. Waartoe dienen hypothesen in professionele observatie: dit is een
toetsbare verwachting of voorspelling van hoe het gedrag zich zal
voordoen in een situatie.
3. Noem vier soorten gedrag of situaties die je niet of moeilijk kunt
observeren:
a. Gedrag wat niet afspeelt op dat moment
b. Verleden of toekomstig gedrag
c. Groot aantal personen
d. Weinig toegankelijke onderwerpen (zoals misbruik)
4. Noem vier soorten gedrag of situaties waarin observatie raadzaam is:
a. Als je zicht wilt hebben op gedrag waar mensen niet bij stilstaan of
maar deels zichtbaar is.
b. Personen die verbaal beperkt zijn.
c. Taalverschillen
d. Weinig zelfinzicht.
5. Op welke manier vullen observatie en interview elkaar aan? geef een
voorbeeld: wanneer je informatie wilt over een grote groep is het handiger
om een survey te doen.
6. Wat betekent operationaliseren in professionele observatie:
observatievragen lees werkbaar of meetbaar maken.
7. Het verband tussen zichtbaar gedrag en denk- en voelprocessen is
meervoudig, waardoor je je observatievraag meetbaar moet maken.
Bespreek de twee manieren (inductief en deductief) waarop je dit kunt
doen:

, a. Inductief: hier probeer je uit het concrete gedrag af te leiden welke
onderliggende eigenschap dit vertegenwoordigt. Dit doe je om de
betekenissen van het geobserveerde gedrag te doorgronden.
b. Deductief: dit vertaalt gericht een onderliggende eigenschap (zoals
agressie) naar direct waarneembaar gedrag (zoals schelden). Je
kiest vooraf welke gedragingen de eigenschappen weerspiegelen
die je wilt observeren.
8. Marco-observatie: dit is de waarneming van ruime betekenisvolle
gedragingen bij individuen of groepen. (molaire observatie)
9. Micro-observatie: de waarneming van een eenvoudige , direct zichtbare
gedragingen. (moleculaire observatie).
10.Op welk soort gedrag focus je wanneer je een event observeert: het
kleinste gedragseenheid die op zich nog een betekenisvol geheel vormt.
11.Wat is het verschil tussen participerend en niet-participerend observeren:
als participerend observator heb je een dubbele rol: de bekende rol in de
groep en de verborgen rol als observator. Niet-participerend is alleen
observeren.
12.Geef twee voor- en twee nadelen van participerend observeren:
a. Ongemerkt observeren
b. Toegang tot situaties, gedrag en relaties die anders verborgen
blijven
c. De werking van aandacht en geheugen maakt het moeilijk om te
noteren terwijl je observeert en participeert.
d. Je wordt gevoelsmatig betrokken bij het gebeuren.
13.Bespreek twee voor- en nadelen van niet-participerend (participerende
diagnostiek) observeren:
a. Je kunt de observatieregels goed volgen
b. Tot sommige situaties heb je geen toegang vanuit een outsiders-
perspectief: dit zijn de waarnemingen die je als buitenstaander
opdoet wanneer je niet-participerend observeert.
c. Het observatoreffect kan ontstaan: de invloed van jouw
aanwezigheid als zichtbare observator.
14.Waartoe dient een vooronderzoek: dit is een vrije observatie, meestal in
het begin, waarin je de situatie verkent.
15.Bespreek het biased viewpoint-effect: dit betekent dat je als participerend
observator alleen maar toegang hebt tot een deel van de situatie of het
gedrag, met name het deel waar je zelf aan deelneemt.
16.Bespreek het controle-effect: dit betekent dat je datgene wat je wilt
observeren, zelf als participerend observator actief beïnvloedt en wijzigt.
17.Bespreek het verband tussen participerend diagnostiek en de noodzaak tot
expliciteren in professionele observatie: expliciteren is het benoemen en
verwoorden van interne en externe waarnemingen die ongemerkt of
impliciet lopen. Als je dit niet doet gaan ze ongemerkt je observaties
sturen.
18.Hoe kun je het observatoreffect controleren: door gewenningsperiode in te
stellen. Dit is een periode waarin je observeert maar waarvan je de
waarnemingen niet opneemt in de interpretatie. Je kan ook een
vooronderzoek doen.
19.Bespreek de voor- en nadelen van vrij versus systematisch observeren: vrij
observeren is verkennend waarnemen, waar je informatie over wilt moet je
$12.18
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
emiliawalhout

Get to know the seller

Seller avatar
emiliawalhout LOI
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
1
Member since
1 year
Number of followers
0
Documents
4
Last sold
8 months ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions