Beweging op school
Basketbal
H1: In balsporten is authentiek onderwijzen spelgericht onderwijzen
1.1| Spelgericht onderwijzen: een “nieuw” sportspelconcept
Basketbal heeft een verschuiving meegemaakt waardoor het niet meer gaat om alle
technieken aan te leren, maar om het spel te kunnen spelen (nieuwe eindterm).
Spelgerichte leerplandoelstellingen = De spelregels, vrijlopen en passen naar vrije speler, …
Techniek = manier om op actieve wijze deel te nemen aan een doelspel.
Authentiek sportspelonderwijs:
Leersituatie aanbieden waarin deelnamebekwaamheid geleerd en ontwikkeld wordt, het
oplossen van spelproblemen is belangrijk.
“wat moet ik doen in deze situatie?” in plaats van “hoe moet ik deze vaardigheid uitvoeren?”
Het aanleren van spel-leersituaties met de klemtoon op het “verstaan” van de situatie ->
voordelen:
- Grotere interesse
- Verbetering tactische kennis
- Dieper inzicht in spelsituaties dat ze kunnen meenemen in andere spelvormen.
= teaching for understanding aanpak
Spelend – geleerd = balans tussen haalbaarheid en uitdaging zodat lln succesvol kan zijn.
1.2| Een spelgerichte aanpak vraagt een selectieve aanpak
= selecteren van spel-leersituaties die aansluiten bij het “echte” basketbalspel.
Lln die enkel techniek oefenen kunnen dit niet toepassen in spelsituaties (transfereren).
Leraar moet op voorhand weten wat die wilt bereiken en prioriteiten stellen op de dingen die
zeker behaald moeten worden. (Doelbewust werken)
1.3| Transfer: leren voor later
= spelhandelingen vertonen tactische gelijkenissen omdat doelspelen uit hetzelfde spelidee
komen (“meer doelpunten maken dan de tegenstander”)
‘Breed inzetbare’ handelingen = zorgt voor meer leertijd. = less is more
- Balbezit: aanspeelbaar opstellen, rebound verzekeren…
- Doelkansen creëren: insnijden naar doel en bal vragen.
- Doelkansen voorkomen: doel afschermen.
- Balbezit veroveren: man met bal onder druk zetten en slechte pas uitlokken.
, 1.4| Meervoudige deelnamebekwaamheid ontwikkelen
Deelnamebekwaamheid omvat cognitieve, sociale en motorische vaardigheden.
1.4.1|Motorische bekwaamheid
Voor basketbal moet men genoeg technische vaardigheden bezitten en ook op fysiek
vlak sterk zijn.
Tactisch handelen: technieken uitvoeren in spelsituaties.
Vb. nauwkeurige pas geven aan insnijdende ploegmaat
1.4.2| Cognitieve bekwaamheid
Dankzij de kennis en inzicht krijgen de leerlingen meer greep op hun handelingen.
De leerkracht legt duidelijk uit waar hij naartoe wil en op welke manier:
(intentionaliteit en zingeving) = verwoorden van eigen denkwijze.
1.4.3| Sociale bekwaamheid
Elke leerkracht ervaart activiteit als plezier -> niet balvaardige spelers niet onder druk
zetten. (differentiatie inbouwen)
Sociale cognitie = inzicht hebben in denken en voelen van een ander
Voorbeelden:
Lichaamstaal van andere begrijpen
Zich kunnen verplaatsen in een ander
1.4.4| Ensceneringsbekwaamheid
= deelnemen aan bewegingssituaties in een andere rol dan de beweger:
scheidsrechter zijn
…
H2: Een leerweg ontwerpen in basketbal
2.1| Een spelgerichte leerweg
vereenvoudigde spelen opbouwspelen “doel”spel = 3v3 op half basketbalveld
Aanvullend met onderwijsthema’s (OT) die technische en tactische doelen bevatten:
Technische elementen -> dribbelen, pas, shit, …
Tactische element -> verdediging, aanval, …
2.2| Ontwerpen van een leergang: enkele basisregels
, Leerstofopbouw is belangrijk!
Gesitueerd leren = probleemsituaties aanbrengen tijdens de les en op het eindspel oefenen.
Haalbare spel-leersituatie ontwerpen, (leerlingen niet overspoelen)!
2.2.1| Een leerstofopbouw is steeds doelgericht
Doelbewust = ontwikkelen van meervoudige deelnamebekwaamheid voor het
uiteindelijke spel.
Meerdere opbouwspelen of lead-up games: spelvormen die geleidelijk
moeilijker worden op technisch en tactisch vlak.
Spelidee of spelfases reeds aanwezig:
Vb. 2v2 situatie waarin een give and go word toegepast.
Doelgericht = tijdens handelen vooropgestelde doelen voor ogen houden.
Spelanalyse = nagaan welke tactische en technische vaardigheden er nodig zijn voor
het eindspel.
2.2.2| Een leerstofopbouw is progressief
= makkelijk moeilijk, gekend onbekend, enkelvoudig meervoudig
Vb. setshot dichtbij de ring in een hoek 45°, later afstand en positie veranderen
Verfijningsfase: verbeteren van bewegingskwaliteit.
Uitbreidingsfase: techniek/tactiek wordt moeilijker.
Toepassingsfase: vaardigheid in verschillende situaties gebruiken.
2.2.3| Leerstofopbouw open+gesloten vaardigheden verschillend
= afhankelijk van de moeilijkheidsgraad en de omgeving
Gesloten vaardigheid = standaard oefening, voorspelbare omgeving
Vb. ongehinderd uitvoeren van een lay-up na een dribbel
Open vaardigheid = veranderlijke oefening, onvoorspelbare omgeving
Herhaling -> efficiënter verloop -> automatisch verloop
2.3| Een model voor het progressief onderwijzen van basketbal !!!
FASE 1
, Tijd Uitvoerder ruimte
Gesloten leeromgeving “Ik met bal” (“ik zonder bal”) Gesloten leeromgeving
(geen tijdsdruk, van rustig Zonder verdediger Geen ruimteveranderingen
naar sneller uitvoeren) Zelfde maar sneller
Controle:
Geautomatiseerd
Efficiënt
Aandacht verleggen
op omgevevingseisen
“Ik met bal en …”
(bewegende ploegmaats Bewegende Ruimte wordt afgebakend
zorgen voor bijkomende ploegmaats of
tijdsdruk) passieve verdediger
Half actieve
verdedigers
“Reële spelsituatie”
(Steeds wisselend en Vaardigheid Steeds wisselende ruimte
onvoorspelbaar tempo) wordt uitgevoerd
ten opzichte van
verdedigers
Open leeromgeving Open leeromgeving
2.4| Strategieën om leersituaties te vereenvoudigen of uit te bereiden
2.4.1| Spelmateriaal aanpassen
- Bij gebrek aan vereiste fysieke capaciteiten (beginners)
Vb. mini basketbal met lage doelen bij jonge kinderen
2.4.2| Ruimtelijke engagementen
- Afstand veranderen, merktekens gebruiken
Vb. shotafstand vergroten om krachtiger shot te ontwikkelen
2.4.3| Aantal deelnemers
- Coöperatief (spelen met) -> competitief (spelen tegen)
Vb. aanvalsbewegingen zonder verdediger inoefenen
2.4.4| Focus op het leerdoel
- Vaardigheid als doel (bewegingspatroon) -> vaardigheid als middel (spelvorm)
Vb. focus lay-up, dit wil niet zeggen dat je moet scoren maar dat je moet
letten op de aandachtpunten van de lay-up
2.4.5| Speelvoorwaarden of bewegingsrestricties !!!
- Afhankelijk van leerinhoud (tempo, kracht, stilstaand/beweging)
Vb. lay-up uitvoeren onder tijdsdruk.
Vb. verdediger tracht tussen man en doel te blijven, hij mag de bal niet
afnemen.
2.4.6| Spelregels aanpassen
Basketbal
H1: In balsporten is authentiek onderwijzen spelgericht onderwijzen
1.1| Spelgericht onderwijzen: een “nieuw” sportspelconcept
Basketbal heeft een verschuiving meegemaakt waardoor het niet meer gaat om alle
technieken aan te leren, maar om het spel te kunnen spelen (nieuwe eindterm).
Spelgerichte leerplandoelstellingen = De spelregels, vrijlopen en passen naar vrije speler, …
Techniek = manier om op actieve wijze deel te nemen aan een doelspel.
Authentiek sportspelonderwijs:
Leersituatie aanbieden waarin deelnamebekwaamheid geleerd en ontwikkeld wordt, het
oplossen van spelproblemen is belangrijk.
“wat moet ik doen in deze situatie?” in plaats van “hoe moet ik deze vaardigheid uitvoeren?”
Het aanleren van spel-leersituaties met de klemtoon op het “verstaan” van de situatie ->
voordelen:
- Grotere interesse
- Verbetering tactische kennis
- Dieper inzicht in spelsituaties dat ze kunnen meenemen in andere spelvormen.
= teaching for understanding aanpak
Spelend – geleerd = balans tussen haalbaarheid en uitdaging zodat lln succesvol kan zijn.
1.2| Een spelgerichte aanpak vraagt een selectieve aanpak
= selecteren van spel-leersituaties die aansluiten bij het “echte” basketbalspel.
Lln die enkel techniek oefenen kunnen dit niet toepassen in spelsituaties (transfereren).
Leraar moet op voorhand weten wat die wilt bereiken en prioriteiten stellen op de dingen die
zeker behaald moeten worden. (Doelbewust werken)
1.3| Transfer: leren voor later
= spelhandelingen vertonen tactische gelijkenissen omdat doelspelen uit hetzelfde spelidee
komen (“meer doelpunten maken dan de tegenstander”)
‘Breed inzetbare’ handelingen = zorgt voor meer leertijd. = less is more
- Balbezit: aanspeelbaar opstellen, rebound verzekeren…
- Doelkansen creëren: insnijden naar doel en bal vragen.
- Doelkansen voorkomen: doel afschermen.
- Balbezit veroveren: man met bal onder druk zetten en slechte pas uitlokken.
, 1.4| Meervoudige deelnamebekwaamheid ontwikkelen
Deelnamebekwaamheid omvat cognitieve, sociale en motorische vaardigheden.
1.4.1|Motorische bekwaamheid
Voor basketbal moet men genoeg technische vaardigheden bezitten en ook op fysiek
vlak sterk zijn.
Tactisch handelen: technieken uitvoeren in spelsituaties.
Vb. nauwkeurige pas geven aan insnijdende ploegmaat
1.4.2| Cognitieve bekwaamheid
Dankzij de kennis en inzicht krijgen de leerlingen meer greep op hun handelingen.
De leerkracht legt duidelijk uit waar hij naartoe wil en op welke manier:
(intentionaliteit en zingeving) = verwoorden van eigen denkwijze.
1.4.3| Sociale bekwaamheid
Elke leerkracht ervaart activiteit als plezier -> niet balvaardige spelers niet onder druk
zetten. (differentiatie inbouwen)
Sociale cognitie = inzicht hebben in denken en voelen van een ander
Voorbeelden:
Lichaamstaal van andere begrijpen
Zich kunnen verplaatsen in een ander
1.4.4| Ensceneringsbekwaamheid
= deelnemen aan bewegingssituaties in een andere rol dan de beweger:
scheidsrechter zijn
…
H2: Een leerweg ontwerpen in basketbal
2.1| Een spelgerichte leerweg
vereenvoudigde spelen opbouwspelen “doel”spel = 3v3 op half basketbalveld
Aanvullend met onderwijsthema’s (OT) die technische en tactische doelen bevatten:
Technische elementen -> dribbelen, pas, shit, …
Tactische element -> verdediging, aanval, …
2.2| Ontwerpen van een leergang: enkele basisregels
, Leerstofopbouw is belangrijk!
Gesitueerd leren = probleemsituaties aanbrengen tijdens de les en op het eindspel oefenen.
Haalbare spel-leersituatie ontwerpen, (leerlingen niet overspoelen)!
2.2.1| Een leerstofopbouw is steeds doelgericht
Doelbewust = ontwikkelen van meervoudige deelnamebekwaamheid voor het
uiteindelijke spel.
Meerdere opbouwspelen of lead-up games: spelvormen die geleidelijk
moeilijker worden op technisch en tactisch vlak.
Spelidee of spelfases reeds aanwezig:
Vb. 2v2 situatie waarin een give and go word toegepast.
Doelgericht = tijdens handelen vooropgestelde doelen voor ogen houden.
Spelanalyse = nagaan welke tactische en technische vaardigheden er nodig zijn voor
het eindspel.
2.2.2| Een leerstofopbouw is progressief
= makkelijk moeilijk, gekend onbekend, enkelvoudig meervoudig
Vb. setshot dichtbij de ring in een hoek 45°, later afstand en positie veranderen
Verfijningsfase: verbeteren van bewegingskwaliteit.
Uitbreidingsfase: techniek/tactiek wordt moeilijker.
Toepassingsfase: vaardigheid in verschillende situaties gebruiken.
2.2.3| Leerstofopbouw open+gesloten vaardigheden verschillend
= afhankelijk van de moeilijkheidsgraad en de omgeving
Gesloten vaardigheid = standaard oefening, voorspelbare omgeving
Vb. ongehinderd uitvoeren van een lay-up na een dribbel
Open vaardigheid = veranderlijke oefening, onvoorspelbare omgeving
Herhaling -> efficiënter verloop -> automatisch verloop
2.3| Een model voor het progressief onderwijzen van basketbal !!!
FASE 1
, Tijd Uitvoerder ruimte
Gesloten leeromgeving “Ik met bal” (“ik zonder bal”) Gesloten leeromgeving
(geen tijdsdruk, van rustig Zonder verdediger Geen ruimteveranderingen
naar sneller uitvoeren) Zelfde maar sneller
Controle:
Geautomatiseerd
Efficiënt
Aandacht verleggen
op omgevevingseisen
“Ik met bal en …”
(bewegende ploegmaats Bewegende Ruimte wordt afgebakend
zorgen voor bijkomende ploegmaats of
tijdsdruk) passieve verdediger
Half actieve
verdedigers
“Reële spelsituatie”
(Steeds wisselend en Vaardigheid Steeds wisselende ruimte
onvoorspelbaar tempo) wordt uitgevoerd
ten opzichte van
verdedigers
Open leeromgeving Open leeromgeving
2.4| Strategieën om leersituaties te vereenvoudigen of uit te bereiden
2.4.1| Spelmateriaal aanpassen
- Bij gebrek aan vereiste fysieke capaciteiten (beginners)
Vb. mini basketbal met lage doelen bij jonge kinderen
2.4.2| Ruimtelijke engagementen
- Afstand veranderen, merktekens gebruiken
Vb. shotafstand vergroten om krachtiger shot te ontwikkelen
2.4.3| Aantal deelnemers
- Coöperatief (spelen met) -> competitief (spelen tegen)
Vb. aanvalsbewegingen zonder verdediger inoefenen
2.4.4| Focus op het leerdoel
- Vaardigheid als doel (bewegingspatroon) -> vaardigheid als middel (spelvorm)
Vb. focus lay-up, dit wil niet zeggen dat je moet scoren maar dat je moet
letten op de aandachtpunten van de lay-up
2.4.5| Speelvoorwaarden of bewegingsrestricties !!!
- Afhankelijk van leerinhoud (tempo, kracht, stilstaand/beweging)
Vb. lay-up uitvoeren onder tijdsdruk.
Vb. verdediger tracht tussen man en doel te blijven, hij mag de bal niet
afnemen.
2.4.6| Spelregels aanpassen