Inleiding criminologie en de
strafrechtsbedeling
COLLEGE 1
Wat is criminologie?
Vragen stellen: zorgt politie ervoor dat criminaliteit verbeterd, wat doet
politie precies, zorgen ze zelf niet voor criminaliteit, ..
Vb. jongeren die stenen gooien naar politiewagen worden vaak
gecontroleerd door politie etc. => ze keren hun tegen de politie
Verschillende onderzoekssubjecten/objecten/vraagstukken:
- Is iets criminaliteit? (mening mensen <-> wet)
- Is iets een misdrijf?
We bekijken zaken anders naarmate het meer geaccepteerd is in
de maatschappij
Zie dia 23-44
Decriminaliseren: wet aanpassen, strafbaar karakter ervan ontnemen
Babyface-effect: je verwacht van iemand niet dat diegene een crimineel is
80% van groeps(verkrachtingen) gebeurt familiaal
Crimigratie: mensen op vlucht brengen criminaliteit met zich mee
Milieucriminaliteit: probleem want dieren hebben geen stem..
Waarom is het moeilijk om criminaliteit te beschrijven?
EXAMENVRAAG ‘23
- Goed & kwaad = ethische en morele omschrijving
- Strafbaar gesteld gedrag <-> wettelijke normativiteit
- Normovertreding moet strafbaar gesteld worden (wetten,
reglementen, norm..)
Verschillende normen:
o Wettelijk
o Maatschappelijk
o Moreel
, o Religieus (bepaald moraal)
o cultureel
- Bepaald strafbaar gedrag nooit vervolgd (“geen criminaliteit”)
- Belangengroepen: invloed op (de)criminalisering; abortus,
euthanasie..; rol mensenrechten; klasse normativiteit (norm wordt
bepaald door soort klasse)
Criminaliteit ontleden in dimensies:
- Hangt af van gedrag (betrokkenen stellen handeling)
- Vaststelling van gedrag als overtreding van een (wettelijke) norm
(strafbaar) = kwalificeren (ticket op plakken) als misdrijf
Strafwet bepaald: misdrijf of niet
- Schadelijke gevolgen?
- Sociale consensus (overeenstemming) over handhaving norm en
schade
Consensus niet altijd aanwezig
- Ingrijpen = officiële maatschappelijke reactie (politie en justitie)
Criminaliteit ontleden:
- Afhankelijk van perspectief/context, tijd/plaats/wetgeving..
- Belang institutionele maatschappelijke praktijk
- Relatie gedrag en reactie op gedrag
Antwoord wat is criminaliteit: niet evident
Criminaliteit is geen ontologisch gegeven:
1. Ontologie (= zijnsleer = leer die op zoek gaat naar waargenomen
werkelijkheid: wat zijn feiten en wat niet)
2. Epistemologie (= kennisleer = hoe verwerven we kennis, wat is
waarheid) -> zoveel mogelijk documenteren (bewijst of bewijst niet
wat criminaliteit is)
3. Criminaliteit: gemaakt of evolueert (vb. geweld: je wordt er niet mee
geboren maar ontstaat door o.a. omgeving)
4. Sociale constructie (delinquent gedrag en criminologie worden
gezien als een veranderend sociaal gegeven)
Delinquent gedrag = alle vormen van gedrag die mogelijks een vorm
van criminaliteit, geweld, problemen kan genereren => valt
buiten ..?
(Vb. jongeren op straat zorgen voor delinquent gedrag)
,COLLEGE 2
Vakjargon
Misdrijven = wet overtreden (moord, wildplassen… sekswerkers NIET)
Misdaad = zware feiten (politiek misdrijf..)
Deviant gedrag = staat niet in strafrecht maar wordt wel beschouwd als
‘crimineel’ gedrag (vb. jongeren op bank die geluidsoverlast veroorzaken)
nulla poena sine lege => als er geen wet is over bepaalde handelingen
kan er ook geen straf voor gegeven worden
Delinquent gedrag = crimineel gedrag
Justitie => bepaalt straf of sanctie
strafrechtketen zie dia 8:
1. Strafuitvoering (vervroegde vrijlating?..)
2. Rechtbank (straffen) (soms eerst jury’s die schuld of onschuld
bepalen)
3. Openbaar ministerie (parket): vervolgen
4. Politie: opsporen en handhaven
Dader = schuldig
Verdachte = je wordt verdacht van…
Beklaagde: verschijnt voor politierechtbank, correctionele rechtbank, Hof
van Beroep Beschuldigd: verschijnt voor Hof van Assisen
Veroordeeld/gestrafte = je wordt gestraft
Slachtoffer:
- Natuurlijk persoon of rechtspersoon (onderneming/instelling)
- Klagers & burgerlijke partij: persoonlijke schade geleden van misdrijf
Criminaliteit onderzoeken
- Object/mening/onderzoek van wetenschap werkelijkheid
- Tegensprekelijkheid en waarheidsbenadering: kenmerk van
wetenschappelijke praktijk
, - Intersubjectiviteit – tegenspraak:
o Belang voor wetenschappelijke uitspraak
o Duidelijk beschrijven hoe er te werk is gegaan in het
onderzoek
- Belang van ethiek!!
Wat is werkelijkheid
Criminaliteit:
1. Kwantitatieve benadering: cijfers, tabellen, verbanden in grote
populatie
2. Kwalitatieve benadering: verhaal achter de cijfer =
verklaring/context
3. Sociale werkelijkheid
1. Kwantitatief
Dia 16: Geregistreerde (door politie) criminaliteit daalt => dia 24: veel
criminaliteit niet geregistreerd omdat het niet ‘zichtbaar’ is / niet
aangegeven wordt vb. oplichting..
Zegt meer iets over activiteit van politie i.p.v. daling criminaliteit
Statistiek suggereert maar verklaard weinig
Hoe geregistreerde zaken tot stand komen:
1. Aangifte doen
2. Politie erkent het potentieel misdrijf
3. Geen opheldering door politie (hond
4. Erkennen van misdrijf -> doorsturen naar parket -> vervolgd
5. Veroordeling voor rechtbank -> rechter spreekt vonnis/arrest uit
6. Strafuitvoering
Kritieken van statistiek:
1. Productievoorwaarden (totstandkoming): context waarin statistiek
tot stand komt, praktijk SRB, wijze van statistische registratie
2. Basiskritieken: alle activiteit in statistiek?, registratiepraktijk soms
niet goed, activiteitstatistiek (prioriteiten in beleid, focus op
bepaalde fenomenen), onderrapportage (bepaalde
bevolkingsgroepen, seksuele misdrijven), evolutie wetgeving
((de)criminalisatie)
strafrechtsbedeling
COLLEGE 1
Wat is criminologie?
Vragen stellen: zorgt politie ervoor dat criminaliteit verbeterd, wat doet
politie precies, zorgen ze zelf niet voor criminaliteit, ..
Vb. jongeren die stenen gooien naar politiewagen worden vaak
gecontroleerd door politie etc. => ze keren hun tegen de politie
Verschillende onderzoekssubjecten/objecten/vraagstukken:
- Is iets criminaliteit? (mening mensen <-> wet)
- Is iets een misdrijf?
We bekijken zaken anders naarmate het meer geaccepteerd is in
de maatschappij
Zie dia 23-44
Decriminaliseren: wet aanpassen, strafbaar karakter ervan ontnemen
Babyface-effect: je verwacht van iemand niet dat diegene een crimineel is
80% van groeps(verkrachtingen) gebeurt familiaal
Crimigratie: mensen op vlucht brengen criminaliteit met zich mee
Milieucriminaliteit: probleem want dieren hebben geen stem..
Waarom is het moeilijk om criminaliteit te beschrijven?
EXAMENVRAAG ‘23
- Goed & kwaad = ethische en morele omschrijving
- Strafbaar gesteld gedrag <-> wettelijke normativiteit
- Normovertreding moet strafbaar gesteld worden (wetten,
reglementen, norm..)
Verschillende normen:
o Wettelijk
o Maatschappelijk
o Moreel
, o Religieus (bepaald moraal)
o cultureel
- Bepaald strafbaar gedrag nooit vervolgd (“geen criminaliteit”)
- Belangengroepen: invloed op (de)criminalisering; abortus,
euthanasie..; rol mensenrechten; klasse normativiteit (norm wordt
bepaald door soort klasse)
Criminaliteit ontleden in dimensies:
- Hangt af van gedrag (betrokkenen stellen handeling)
- Vaststelling van gedrag als overtreding van een (wettelijke) norm
(strafbaar) = kwalificeren (ticket op plakken) als misdrijf
Strafwet bepaald: misdrijf of niet
- Schadelijke gevolgen?
- Sociale consensus (overeenstemming) over handhaving norm en
schade
Consensus niet altijd aanwezig
- Ingrijpen = officiële maatschappelijke reactie (politie en justitie)
Criminaliteit ontleden:
- Afhankelijk van perspectief/context, tijd/plaats/wetgeving..
- Belang institutionele maatschappelijke praktijk
- Relatie gedrag en reactie op gedrag
Antwoord wat is criminaliteit: niet evident
Criminaliteit is geen ontologisch gegeven:
1. Ontologie (= zijnsleer = leer die op zoek gaat naar waargenomen
werkelijkheid: wat zijn feiten en wat niet)
2. Epistemologie (= kennisleer = hoe verwerven we kennis, wat is
waarheid) -> zoveel mogelijk documenteren (bewijst of bewijst niet
wat criminaliteit is)
3. Criminaliteit: gemaakt of evolueert (vb. geweld: je wordt er niet mee
geboren maar ontstaat door o.a. omgeving)
4. Sociale constructie (delinquent gedrag en criminologie worden
gezien als een veranderend sociaal gegeven)
Delinquent gedrag = alle vormen van gedrag die mogelijks een vorm
van criminaliteit, geweld, problemen kan genereren => valt
buiten ..?
(Vb. jongeren op straat zorgen voor delinquent gedrag)
,COLLEGE 2
Vakjargon
Misdrijven = wet overtreden (moord, wildplassen… sekswerkers NIET)
Misdaad = zware feiten (politiek misdrijf..)
Deviant gedrag = staat niet in strafrecht maar wordt wel beschouwd als
‘crimineel’ gedrag (vb. jongeren op bank die geluidsoverlast veroorzaken)
nulla poena sine lege => als er geen wet is over bepaalde handelingen
kan er ook geen straf voor gegeven worden
Delinquent gedrag = crimineel gedrag
Justitie => bepaalt straf of sanctie
strafrechtketen zie dia 8:
1. Strafuitvoering (vervroegde vrijlating?..)
2. Rechtbank (straffen) (soms eerst jury’s die schuld of onschuld
bepalen)
3. Openbaar ministerie (parket): vervolgen
4. Politie: opsporen en handhaven
Dader = schuldig
Verdachte = je wordt verdacht van…
Beklaagde: verschijnt voor politierechtbank, correctionele rechtbank, Hof
van Beroep Beschuldigd: verschijnt voor Hof van Assisen
Veroordeeld/gestrafte = je wordt gestraft
Slachtoffer:
- Natuurlijk persoon of rechtspersoon (onderneming/instelling)
- Klagers & burgerlijke partij: persoonlijke schade geleden van misdrijf
Criminaliteit onderzoeken
- Object/mening/onderzoek van wetenschap werkelijkheid
- Tegensprekelijkheid en waarheidsbenadering: kenmerk van
wetenschappelijke praktijk
, - Intersubjectiviteit – tegenspraak:
o Belang voor wetenschappelijke uitspraak
o Duidelijk beschrijven hoe er te werk is gegaan in het
onderzoek
- Belang van ethiek!!
Wat is werkelijkheid
Criminaliteit:
1. Kwantitatieve benadering: cijfers, tabellen, verbanden in grote
populatie
2. Kwalitatieve benadering: verhaal achter de cijfer =
verklaring/context
3. Sociale werkelijkheid
1. Kwantitatief
Dia 16: Geregistreerde (door politie) criminaliteit daalt => dia 24: veel
criminaliteit niet geregistreerd omdat het niet ‘zichtbaar’ is / niet
aangegeven wordt vb. oplichting..
Zegt meer iets over activiteit van politie i.p.v. daling criminaliteit
Statistiek suggereert maar verklaard weinig
Hoe geregistreerde zaken tot stand komen:
1. Aangifte doen
2. Politie erkent het potentieel misdrijf
3. Geen opheldering door politie (hond
4. Erkennen van misdrijf -> doorsturen naar parket -> vervolgd
5. Veroordeling voor rechtbank -> rechter spreekt vonnis/arrest uit
6. Strafuitvoering
Kritieken van statistiek:
1. Productievoorwaarden (totstandkoming): context waarin statistiek
tot stand komt, praktijk SRB, wijze van statistische registratie
2. Basiskritieken: alle activiteit in statistiek?, registratiepraktijk soms
niet goed, activiteitstatistiek (prioriteiten in beleid, focus op
bepaalde fenomenen), onderrapportage (bepaalde
bevolkingsgroepen, seksuele misdrijven), evolutie wetgeving
((de)criminalisatie)