Opdrachten
Opdracht A: Casus
Camping de Stormvogel v. Summer Breeze
In de nacht van 24 op 25 juli 2024 vaart het onder Canadese vlag varende cruiseschip Summer Breeze
in een zwaar onweer in de territoriale wateren van de Engelse Zuidkust in de richting van de
Nederlandse westkust. De in België woonachtige kapitein negeert waarschuwingen van de kustwacht
en maakt een navigatiefout waardoor de Summer Breeze op een tanker botst. Uit de tanker stroomt
olie, die door de stroming op de Nederlandse kust terecht komt. Het is hoogseizoen en de Bergense
Camping de Stormvogel die direct aan zee ligt en een stuk strand in eigendom heeft, leidt schade
door de olievervuiling. De gasten blijven weg en het schoonmaken van het strand moet worden
uitgevoerd door een gespecialiseerd bedrijf.
Camping de Stormvogel start een schadevergoedingsprocedure voor rechtbank Noord-Holland tegen
de in Canada gevestigde rederij van de Summer Breeze. De vordering bestaat uit een bedrag van 2
miljoen euro in verband met gederfde inkomsten en kosten gemaakt voor het schoonmaken van het
strand.
Gegevens (gedeeltelijk fictief):
• Naar Engels recht zou de Camping meer schadevergoeding voor gederfde inkomsten krijgen dan
naar Nederlands recht.
Vraag 1 Is de rechtbank Noord-Holland bevoegd om kennis te nemen van de vordering van de
camping?
Het gaat hier om de bevoegdheidsvraag bij een onrechtmatige daad. De verordening die hierop ziet,
is Brussel I-bis. Er moet worden gekeken of deze van toepassing is:
- Materieel tpg: art. 1 lid 1 ja, burgerlijke zaak die niet onder de uitzonderingen valt
- Temporeel tpg: art. 66 jo. 81 ja, na 10 jan 2015
- Formeel tpg: art. 5 en 6 nee, verweerder woont niet in een lidstaat en er is ook niet aan
een van de mogelijkheden van art .6 lid 1 voldaan.
EVEX II en HFKV ook n.v.t. want geen ZIJN-land en geen forumkeuze
Kijken naar Rv. Volgens art. 6 sub e heeft de NL rechter rechtsmacht bij verbintenissen uit OD indien
het schadebrengende feit zich in NL heeft voorgedaan of kan voordoen.
- Het schadebrengende feit is het botsen op de tanker. Dit is in het territorium van Engeland
en niet NL.
Uit art. 3 volgt dat de NL rechter rechtsmacht heeft als de verzoeker zijn gewone verblijfplaats in NL
heeft. Dat is het geval dus de NL rechter is bevoegd. Bergen ligt in NH dus de rechtbank NH is
bevoegd.
Juiste antwoord:
Bevoegdheidsvraag bij OD.
Bron? Brussel I-bis:
- Materieel tpg: art. 1 lid 1 ja, burgerlijke zaak die niet onder de uitzonderingen valt
- Temporeel tpg: art. 66 jo. 81 ja, na 10 jan 2015
- Formeel tpg: art. 5 en 6 nee, verweerder woont niet in een lidstaat en er is ook niet aan
een van de mogelijkheden van art. 6 lid 1 voldaan.
Geen ander verdrag of verordening, dus nationaal recht.
Kijken naar Rv.
, Volgens art. 6 sub e heeft de NL rechter rechtsmacht bij verbintenissen uit OD indien het
schadebrengende feit zich in NL heeft voorgedaan of kan voordoen.
- Wat is het schadebrengende feit? HvJ Kalimijnen, ook toepassen bij Rv ondanks dat het zag
op Brussel I-bis: HO = Engeland, EO = NL
o HO= plaats schadeveroorzakende feit botsing in Engeland
o EO= plaats gevolgen schadeveroorzakende feit NL camping
Je kunt naast het HO ook naar het EO dus NL rechter ook bevoegd over schade NL camping.
Vraag 2 Stel dat de rechtbank zich bevoegd acht, naar welk recht zal zij de vordering van de
camping beoordelen? Wat zou u als advocaat van de camping hieromtrent naar voren brengen?
Het gaat hier om de conflictenrechtelijke vraag bij een onrechtmatige daad. De vordering die hierop
ziet, is Rome II. Er moet worden gekeken of deze van toepassing is:
- Materieel tpg: art. 1 en 2 ja, het is een niet-contractuele verbintenis in een burgerlijke- of
handelszaak die niet onder een uitzondering valt.
- Temporeel tpg: art. 31 ja, na 11-1-2009
- Formeel tpg: art. 3 ja, universeel
Rome II is dus van toepassing. Kijken naar de conflictenregels:
- Oneerlijke concurrentie (art. 6) of intellectuele eigendom (art. 8) geen sprake van
- Rechtskeuze (art. 14) geen sprake van
- Productaansprakelijkheid (art. 5); milieudelicten (art. 7 (jo. art. 4)); collectieve actie bij
arbeidsconflicten (art. 9) wel sprake van een milieudelict
o Art. 7 klimaatdelicten: preambule punt 24
In beginsel is bij milieudelicten het toepasselijke recht het aangewezen recht uit art. 4 of het recht
van de plaats waar de schadeveroorzakende gebeurtenis zich heeft voorgedaan. De eiser mag kiezen.
- De plaats van de schadeveroorzakende gebeurtenis is Engeland dus er kan voor Engels recht
worden gekozen
- Art. 4: het recht waar de schade zich voordoet, m.u.v. indirecte schade. De plek waar de
schade zich voordoet, is NL. De schade is wegblijvende gasten en het schoonmaken van het
strand dat moet worden uitgevoerd door een gespecialiseerd bedrijf. Wegblijvende gasten is
een indirect gevolg.
Volgens Engels recht kan er meer vergoeding van de gederfde inkomsten plaatsvinden. Dus als
advocaat zou ik ervoor pleiten om Engels recht van toepassing te verklaren. De eiser mag kiezen
volgens art. 7 dus dan moet de rechtbank Engels recht toepassen.
Juiste antwoord:
Toepasselijk recht bij OD
Bron? Rome II
- Materieel tpg: art. 1 en 2 ja, het is een niet-contractuele verbintenis in een burgerlijke- of
handelszaak die niet onder een uitzondering valt.
- Temporeel tpg: art. 31 + 32 ja, na 11-1-2009
- Formeel tpg: art. 3 ja, universeel
Ja Rome II van toepassing. Geen andere bron. Dus naar verwijzingsregels Rome II
- Geen rechtskeuze gedaan (art. 14)
- Productaansprakelijkheid (art. 5); milieudelicten (art. 7 (jo. art. 4 lid 1)); collectieve actie bij
arbeidsconflicten (art. 9) wel sprake van een milieudelict