KENNISCLIPS WEEK 1..................................................................................................................................... 2
Introductie tot de cursus......................................................................................................................................2
Het culturele dier..................................................................................................................................................3
Het Zelf.................................................................................................................................................................4
KENNISCLIPS WEEK 2..................................................................................................................................... 5
Het duale brein: algemeen kader.........................................................................................................................5
Systeem 1: SNEL (automatisch)............................................................................................................................5
Systeem 2: LANGZAAM (bewust).........................................................................................................................5
KENNISCLIPS WEEK 3..................................................................................................................................... 6
Aandacht..............................................................................................................................................................7
KENNISCLIPS WEEK 4.................................................................................................................................... 10
Wat is taal?........................................................................................................................................................10
Taalbegrip...........................................................................................................................................................11
Taalgebruik.........................................................................................................................................................12
KENNISCLIPS WEEK 5.................................................................................................................................... 13
Het communicatie-instinct.................................................................................................................................13
Emoties tijdens communicatie...........................................................................................................................15
KENNISCLIPS WEEK 6.................................................................................................................................... 16
Conformity..........................................................................................................................................................16
Obedience...........................................................................................................................................................16
Prosociaal gedrag...............................................................................................................................................16
B&B H1: The mission and the method.......................................................................................................... 19
B&B H2: Culture and nature......................................................................................................................... 22
B&B H3: The self.......................................................................................................................................... 24
B&B H4: Learning objectives........................................................................................................................ 27
GVH H3: Perception..................................................................................................................................... 31
GVH H5: Short-term and working memory................................................................................................... 33
GVH H6: Long-term memory: Structure........................................................................................................ 35
GVH H11: Language...................................................................................................................................... 38
NOBA MODULE: Thinking like a psychologist................................................................................................41
,NOBA MODULE: Multimodal perception...................................................................................................... 42
NOBA MODULE: Conditioning and Learning.................................................................................................. 43
NOBA MODULE: Eyewitness testimony and memory biases..........................................................................44
KENNISCLIPS WEEK 1
Introductie tot de cursus
Sociale psychologie: De mens als sociaal wezen (zelfbeeld, zelfpresentatie,
stereotypes, attitudes, relaties, sociale emoties, etc.)
Cognitieve psychologie: De mens als informatieverwerker (waarnemen, aandacht,
geheugen, beslissen, creativiteit, taal, bewustzijn, emoties, etc.)
Beide steunen op het experiment als basis voor wetenschappelijke kennis.
Introductie tot de diersoort Homo Sapiens
Biologische evolutie
- Homo sapiens zijn ook dieren
- Hillis plot: de stamboom van het leven. Laat zien dat alle soorten met elkaar verbonden
zijn en gezamenlijke voorouders hebben.
- Onze familierelaties zijn zichtbaar in het embryo
- We zijn net als andere dieren ‘wandelende gereedschapskisten’, met allerlei biologisch
geëvolueerde eigenschappen (biologische adaptaties) die ons helpen te overleven en
ons voort te planten.
- We delen een groot deel van dat gereedschap met heel veel andere dieren
(lichaamsopbouw, geheugen, emoties, etc.)
- We hebben ook een unieke tools zoals handige handen, taalvermogen en andere
aspecten van onze socialiteit.
Wat kun je doen om niet ten onder te gaan:
Get bigger
Get armor
Get out of the way
Maar ook: get smarter dit doet de mens
- Wordt beter in het representeren (map-making) van je omgeving en jezelf en zorg dat je
dit kunt opslaan
- Zorg voor ‘executieve controle’ zodat je geen slaaf bent van evolutionaire reflexen
(manieren om impulsen af te remmen zoals chocola laten liggen als je wil afvallen)
- Ga samenwerken, daarover communiceren, het vastleggen (tekst), en er over lesgeven
(school) het culturele dier
Veel van onze mentale vermogens en neigingen zijn niet toevallig, maar biologisch
geëvolueerde onderdelen van de standaard toolkit van de soort.
Hoewel ons ‘soort’ een standaard gereedschapskist bezit is niet iedereen hetzelfde.
, ⁃ Genetische variatie
⁃ Andere leerervaringen, daardoor andere ideeën
⁃ Wel een gezamenlijke architectuur
Het culturele dier
B&B H2
Alle levende wezens moeten dingen in de wereld gedaan krijgen om te overleven en te
reproduceren. En wat ze aan interne vermogens hebben moet daarbij passen Je moet
bepaalde vaardigheden hebben om die dingen gedaan te krijgen
- Boom stofjes uit de grond en de lucht halen, zonlicht opvangen
- Solistisch dier eten zoeken en evt. doodmaken, ontsnappen aan andere dieren,
navigeren, slaapplek zoeken
- Sociaal dier Dat alles, plus gedrag coördineren, samenwerken, conflicten oplossen
- Cultuur dier mens is zowel een sociaal als cultuurdier (ultra-sociaal)
Hypothese van Dunbar De grootte van de neocortex (brein) hangt samen met de grootte
van de sociale groepen waarin deze soorten leven
Social brain hypothesis Dit is geen toeval, voor samenleven in grotere groepen heb je
meer ‘rekenkracht’ nodig
Daarnaast maakt het ons ook geschikt voor cultuur
Cultuur An information-based system, involving both shared ideas and shared ways of
doing things (praxis), that enables groups of people to live together in an organized fashion
and to get what they need.
- Gedeelde ideeën
- Gedeelde praktijken
- Gedeelde informatie
- Een sociaal systeem
Putting people first: Veel van onze mentale vermogens zijn gericht op andere mensen.
Mensen zijn afhankelijk van andere mensen.
Wat heb je nodig als cultureel dier:
1. Vermogen tot roldifferentiatie: Wie ben ik nu en wat hoort daarbij? We switchen
contant van rol
2. Zelfbewustzijn, zelfkennis, zelfpresentatie: Wat kan ik in deze rol en hoe presenteer
ik mezelf in die rol
3. Executive control: Zelfbeheersing en impulscontrole, in verschillende situaties moet je
je anders gedragen en dat gedrag ook kunnen controleren
4. Behulpzaam instinct: Naast je familie ook anderen kunnen en willen helpen Jonge
kinderen hebben een sterke neiging om te helpen
5. Theory of mind skills: Goed kunnen inschatten en interpreteren wat anderen willen,
voelen en weten. Dit onthouden wij automatisch per persoon zonder moeite. Bij
gedrag dat je niet begrijpt ga je nadenken over wat de ander weet, voelt en wil.
6. Geavanceerde vormen van informatieoverdracht o.a. taal.
, 7. Neiging tot het doorgeven van informatie: we kunnen informatie doorgeven via taal
maar dit moeten we ook willen, bv lesgeven
8. Neiging tot cultureel leren, d.w.z. lokale gewoontes en standaarden spontaan over te
nemen
Er is dus een hele interessante relatie tussen instinct en cultuur. Onze biologie (d.w.z. ons
‘instinct’) bereidt ons via een aantal specifieke eigenschappen voor op het als een spons
opzuigen en kunnen uitdragen/doorgeven van lokale cultuur, en via dit alles breiden we onze
mogelijkheden én onze ‘aard’ enorm uit.
B&B: if the brain is like a personal computer, then culture is like the internet.
Ons instinct is dus eigenlijk voorgeprogrammeerd om zichzelf zo snel mogelijk uit te laten
breiden en evt. ook af te laten remmen
(Nature says go, culture says stop).
Het Zelf
B&B H3
De kosten van onze ‘ultra’-socialiteit:
We moeten voortdurend nadenken over onszelf en onze rollen, en vooral ook over
hoe anderen ons zien. Dat is geen onverdeeld genoegen. We vergelijken onszelf de
hele tijd met standaarden.
Sociometer theorie: we houden voortdurend bij of we wel geaccepteerd worden
(aantrekkelijk, leuk, competent, moreel OK?).
We zijn voortdurend bezig met zelfpresentatie, met het claimen van identiteit, het
vervormen van feedback, etc.
Maar:
1. We staan hierin niet alleen
2. Dit is nou eenmaal de prijs van een cultureel dier zijn waar we natuurlijk ook dagelijks de
voordelen van plukken.