,DE VOLKSUNIE EN ERFGENAMEN 4
DE AANLOOP TOT DE OPRICHTING VAN DE VOLKSUNIE 4
VAN HET ONTSTAAN TOT DE EERSTE POLITIEKE DOORBRAAK 1954-1961 6
VAN ZWEEPPARTIJ NAAR OPPOSITIEPARTIJ 1961 – 1970 8
VAN OPPOSITIEPARTIJ TOT REGERINGSPARTIJ 1971 – 1977 10
HET EGMONTPACT 11
NA EGMONT 12
DE VOLKSUNIE ONDER VOORZITTER J. GABRIELS 14
DE VOLKSUNIE AAN HERBRONNING TOE 16
DE VOLKSUNIE EN HAAR ERFGENAMEN: SPIRIT 18
DE VOLKSUNIE EN HAAR ERFGENAMEN: N-VA 19
DE CHRISTENDEMOCRATEN 23
VAN KATHOLIEKE PARTIJ NAAR CVP 23
DE KONINGSKWESTIE 25
DE SCHOOLSTRIJD 26
DE SOCIAALECONOMISCHE DIMENSIE 27
DE COMMUNAUTAIRE TWEESPALT 28
DE SOCIAALECONOMISCHE DIMENSIE EN DE COMMUNAUTAIRE TWEESPALT 30
DE CVP ALS AUTONOME PARTIJ 31
DE EVOLUTIE VAN DE CVP VANAF 1981 33
DE EVOLUTIE VAN DE CD&V VANAF 2001 36
LIBERALEN 42
DOCTRINAIREN VS. PROGRESSISTEN 42
NA TWEEDE WERELDOORLOG 43
KONINGSKWESTIE 44
NIEUW SPANNINGVELD: DE SCHOOLSTRIJD (1950-1958) 44
NOODZAAK TOT HERORIËNTERING 45
CONTESTATIE TEGEN VANAUDENHOVE 46
DE SPLITSING VAN DE LIBERALE PARTIJ à HIER DE OPSPLITSING!!!! 46
DE OPRICHTING VAN DE PVV IN 1971 47
VAN PLP NAAR MR à FRANSTALIGE VERHAAL 47
VERHOFSTADT EN HET RADICAAL-LIBERALISME 50
VAN PVV NAAR VLD 52
DE VERDERE ONTWIKKELINGEN VAN DE VLD 52
DE SOCIALISTEN 57
DE BWP IN DE REGERING 58
IDEOLOGIE EN ZUILORGANISATIES (NIET KENNEN IN DE CURSUS) 59
HENDRIK DE MAN EN HET PLAN VAN DE ARBEID 59
DE SOCIALISTEN IN DE JAREN DERTIG 60
BBP 2
,DE SOCIALISTEN TIJDENS WOII 60
DE SOCIALISTEN EN DE VAKBEWEGING (OVERGELATEN FF – NIET KENNEN CURSUS) 61
DE SOCIALISTISCHE IDEOLOGIE (OVERGELATEN FF – NIET KENNEN CURSUS) 61
SPANNINGEN BIJ OPRICHTING ABVV (OVERLATEN FF – NIET KENNEN CURSUS) 61
DE PARTIJ LEIDT DE WEDEROPBOUW 61
IN DE BAN VAN STRUCTUURHERVORMINGEN 61
ECONOMISCH FEDERALISME VS. CULTUURAUTONOMIE 64
DE PS NA DE SPLITSING 66
DE SP NA DE SPLITSING 68
VAN SP NAAR SP.A 70
DE GROENEN 74
VAN BEWEGING TOT PARTIJ 74
PARTIJPROGRAMMA 75
VERKIEZINGSDEELNAME 78
VAN AGALEV TOT GROEN: 78
VLAAMS BELANG 81
ONTSTAAN 82
PROGRAMMAPUNTEN 83
ELECTORALE EVOLUTIE 83
EVOLUTIE PROGRAMMAPUNTEN 84
EVOLUTIE PARTIJ 84
ELECTORALE EVOLUTIE 86
ACTUA 86
BBP 3
, Belgisch binnenlandse politiek
De Volksunie en erfgenamen
De aanloop tot de oprichting van de Volksunie
Reeks in Vlaamse velden à pour les flamant la même chose. Soldaten waren vanzelfsprekend
Fransen. Er was een enorm verschil tussen het Vlaams en het Waals. Als gevolg hiervan zien we
dat aan het front toch een aantal van oordeel zijn dat dat eigenlijk niet kan. Er was een
communautaire strijd waarbij een aantal Vlaamse soldaten waren die vonden dat het niet kon.
We kregen dus een frontpartij.
Jaren 30 van de vorige eeuw – Vlaams nationaal verbond = langzaamaan krijg het Vlaams
gedachtengoed zijn ingang en zien we dat het meer en meer politieke betekenis zal krijgen.
- Verkiezingen van 1936: vele van de zaken die we vandaag zien zijn eigenlijk niet nieuw en
zagen we toen ook al.
- 24 november 1991 – zwarte zondag: stel dat VB het waarmaakt, dan zal er ongetwijfeld
weer verwezen worden naar deze dag. Toen werd er ook al verwezen naar de verkiezingen
van 1396 omdat er toen al een gepolariseerd landschap was.
Gedurende de tweede wereldoorlog waren er een aantal mensen die in de Vlaamse beweging in
de collaboratie terecht gekomen, dus samengespannen meet de Duitsers. Zowel politieke als
economische redenen. Dat collaboratie verleden is niet de meest mooie pagina uit het stuk van
de VNV. Dit hebben de Franstaligen ook voor een stuk gebruikt om zo te tonen dat de Vlaamse
beweging eigenlijk andere doelstellingen voor ogen. We zien dus na WOII dat er een poging is
geweest om die Vlaamse beweging volledig uit te schakelen. Na WOII, ondanks het
collaboratiebeweging en ondanks de pogingen om die beweging uit te schakelen, zien we dat het
VNV niet dood gaat. De Vlaamse beweging had wel een zware klap gekregen, maar het was wel
duidelijk dat een nieuw Vlaamse beweging toch potentieel had. Dit manifesteerde zich onder
meer in de werking van allerlei culturele kringen, volksdansgroepen…. Daarnaast verschenen al
snel publicaties als De rommelpot en het weekblad ’t Pallieterke onder leiding van Bruno De
Winter. Ook de oprichting van het Vermeylenfonds was een teken van het voortbestaan van de
Vlaamse Beweging.
Hoe komt het dat het Vlaamse bewustzijn vrij snel gaat opflakkeren?
- Dynamitering IJzertoren
o Alles voor Vlaanderen, Vlaanderen voor Christus – AVV-VVV
o Oorlogsmonument van WOI in Diksmuide
- Talentelling 1947
o In verschillende gemeenten ging men na welke taal men finaal sprak
o Vooral bij taalgrensgemeenten kwamen er plots Franstalige gemeenten. Dit
systeem was geen goed systeem, dus heeft men in 1962 de taalgrens
vastgesteld.
o Later heeft men ontdekt dat men geprutst heeft met de telling in voordeel van de
FR
- Anti-Vlaams karakter repressie
o Tijdens WO had je de collaboratie en als reactie daarop na WOII is er een periode
van repressie. Wat houdt dat in?
BBP 4
, Er zijn beelden van vrouwen die kaalgeschoren werden, kruisen op het hoofd,
mensen worden in de zoo opgesloten…. Als reactie hierop is er dus een repressie
geweest. Langs de Vlaamse kant had men het gevoel dat dit een anti-Vlaamse
karakter had. In Vlaanderen was er vooral sprake van politieke repressie en langs
de FR kant zegt men dat het vooral ecologische repressie was. Het gevoel was
dat er uiteindelijk repressie was die vooral ook hier ten nadele was van de
Vlamingen
- Aantal Vlaamse verworvenheden waren teruggeschroefd
In die periode zien we ook dat er een andere partij begint op te vlakkeren en die hoopten dat er
geen nieuwe Vlaamse nationale partij zou tot stand komen. Van het verbond vroeger waren het
vooral de katholieken die er nadeel bij hadden. Daarom richten ze een CVP op als tegenreactie.
Hierdoor kwam er ook een stemrecht voor de vrouwen. De christendemocraten probeerde een
lijst te vormen en probeerden de Vlaams nationaal gezinde mensen op hun lijst te krijgen.
Wegens haar Waalse en Brusselse vleugel kon de CVP zich niet al te radicaal opstellen. Haar
aarzelende houding inzake de koningskwestie en de liquidatie van de repressie werd dan ook
door vele flaminganten beschouwd als een bewijs van het failliet van de pogingen om via de CVP
de eisen van de Vlaamse beweging te realiseren.
Dus aan de ene kant krijgt de Vlaamse beweging een deuk en aan de andere kant was het
duidelijk dat de partij niet dood was, maar er was toch wel onduidelijkheid over hoe we het best
gaan aanpakken.
Aanloop parlementsverkiezingen 1949 à verschillende visies volgens Frans van der Elst
- Nog te vroeg om succesvol aan de verkiezingen deel te nemen, beschikte nog niet over
de middelen om kans te maken à beter afwachten
- Niet langer wachten, een bescheiden succes zal ook een stroomversnellingen met zich
meebrengen
Er zijn dus een aantal pogingen geweest om niet direct over te gaan tot een nationale partij
- 1949 Volksunie – kort bestaan
o Solidarisme, strijd tegen repressie en particratie = hoofdthema’s
- Oprichting Vlaamse Concentratie haalde de kiesdrempel helemaal niet (bestond nog
niet maar vergeleken met nu want ze haalden maar 2% van de stemmen). Zo zag men dat
er wel een potentiële electorale macht was voor een Vlaamse partij.
- De Vlaamse concentratie hield eigenlijk een pleidooi tegen de repressie à Vlaams anti-
repressiepartij = heeft ook een kort bestaan als gevolg van interne moeilijkheden (1954)
Door de afgang van CVP door de koningskwestie en de beruchte fraude bij de talentelling kwam
er een nieuwe voedingsbodem voor de oprichting van een nieuwe politiek. De vernieuwing van
het Vlaams-Nationalisme kwam er vooral door een aantal jongeren en figuren die niet
rechtstreeks bij de collaboratie waren betrokken. Er kwam een Vlaams komitee voor
Federalisme tot stand. Maar in dat centrum speelden er een machtsstrijd af tussen twee
strekkingen waarbij de ene eerder het federalisme wouden behandelen vanuit een Europees
perspectief en de andere (meerderheid) wou dit doen vanuit een Belgisch perspectief als
oplossing voor de Vlaams-Waalse problemen.
BBP 5
,Van het ontstaan tot de eerste politieke doorbraak 1954-1961
Oprichting Volksunie – Vlaams politieke partij (voorloper NVA). Het was een verkiezingsakkoord
tussen een groep Vlaams-nationalisten die bij de Vlaamse Concentratie betrokken waren
geweest, vertegenwoordigers van het Boerenfront, een Vlaams-Nationale
landbouwersorganisatie die in 1938 tegen de Boerenbond in werd opgericht, en
vertegenwoordigers van het Algemeen Christelijk Middenstandverbond.
1954 stichtingsjaar van de Volksunie. Het was een Vlaams politieke partij die wou opkomen voor
de belangen van de Vlamingen. Waarom oprichting? De stichters waren gedreven door de
bezorgdheid dat spijt alle ojiciële beloften het Vlaams werklozenprobleem onopgelost blijft, dat
ondanks alle taalwetten de taalgrieven nog steeds niet zijn opgelost, de denationalisatie te
Brussel en aan de taalgrens voortduurt, dat de Vlaamse afgevaardigden in de drie traditionele
partijen niet in staat zijn gebleken de Vlaamse problemen op te lossen, omdat ze voortdurend
het hogere Vlaamse belang aan minderwaardige partijdoeleinden ojeren, hierbij schandelijk
capitulerend voor de Waalse partijvleugel, dat in Vlaanderen en Wallonië een steeds groeiend
gevoel van onbehagen bestaat tegenover de eenheidsstaat, die de vrije ontwikkeling van de
Vlaamse en Waalse volksgemeenschap belemmert.
Naast de taalkwestie en de Vlaams-Waalse verhoudingen was er ook aandacht voor
economische problematiek. Het doel was om werk in eigen streek meer te stimuleren zodat
pendelarbeid minder zou voorkomen. Ook wou men de gevolgen van de repressie wegnemen.
Centraal element in het manifest was het federalisme als de enige mogelijkheid om de Vlaamse
politieke zelfstandigheid te realiseren en op die wijze de Vlaams-Waalse problematiek op te
lossen.
Onmiddellijke doelstellingen = cultuuranatomie, het vastleggen van de taalgrens, de
afbakening van de Brusselse agglomeratie, een taalstatuur voor Brussel, de wettelijke
vernederlandsing van het bedrijfsleven en van het FR onderwijs in VL en de gelijkheid van
Vlamingen en Walen in staatsdiensten en parastatalen.
Ongunstig politiek milieu
1954-1958 hebben we een belangrijke schoolstrijd (1ste puntje) in België. We merken dat de
levensbeschouwelijke tegenstelling tussen katholieken en vrijzinnigen zich duidelijk
weerspiegeld in het onderwijs. Dus het politieke vloeide in het onderwijs. Vroeger ging het vooral
over de strijd van de ziel van het kind. Na WOII kregen kinderen meer en meer de mogelijkheid
om naar het middelbaar onderwijs te gaan en dat was voorheen niet het geval. (Komen we later
nog op terug) POLITIEKE STRIJD DIE ZICH ENT OP DE LEVENSBESCHOUWELIJKE BREUKLIJN. De
Volksunie verdedigde hier de volledige wettelijke gelijkstelling van het vrij onderwijs met het
ojicieel onderwijs.
Als tweede puntje steunde men op slachtojers van de regressie. De partij had van amnestie en
het ongedaan maken van de gevolgen van de repressie één van haar belangrijkste
programmapunten gemaakt. Door de regressie zullen ze lang doorgaan als partij van de zwarten.
Vooral bij de liberalen. De CVP zag de Volksunie als een bedreiging voor de katholieke eenheid
en haar positie.
(Twee belangrijke programmapunten = federalisme + amnestie)
BBP 6
,Gunstig politiek milieu
In die periode was er wel een gunstige voedingsbodem voor die partij. Als eerste element
hebben we de koningskwestie gehad. Leopold III komt finaal niet terug op de troon. Vooraleer
dat Boudewijn de koning werd heeft Prins Karel de waak gehouden. Dus eigenlijk van een Vlaams
perspectief dat dit ervoor zorgde dat Vlaanderen het gevoel had dat er gesjoemeld is geweest
want de meerderheid had gestemd voor de terugkeer, maar gebeurt toch niet. Waar waren die
andere politieke partijen om onze Vlaamse Belangen te verdedigen. Dus belangrijk voor de
Volksunie om dat te gaan wijzigen.
Ook op dat moment (in de jaren 50) spreken we eigenlijk nog altijd over Belgische politieke
partijen. De Volksunie komt daar aan de Vlaamse kant bij.
Tweede element is opnieuw terug de repressie als gunstige voedingsbodem. Men aarzelde over
de houding van de regering.
Derde element als gunstige voedingsbodem was de taaltelling. Men ziet dat er heel veel fouten
gebeurd zijn in het voordeel van de FR. Ondertussen waren er ook taalwetten en zelfs die werden
niet goed toegepast.
Uiteindelijk komt de partij er en die heeft 2 belangrijke eisen
- We zaten nog in een Belgische politieke partij dus ze wouden federalisme. Momenteel
zitten we ook in een federale staat. Vanuit het idee dat als we eigen bevoegdheden
krijgen, dan zouden we het toch beter doen dan in een context van een Belgisch politiek
model. Wat we zelf doen, doen we beter!
- Gekoppeld aan de collaboratie en repressie kwam de vraag naar amnestie. We moeten
niet vergeten wat er gebeurd is tijdens WOII, maar laat er ons nu gewoon een streep
onder trekken, laat het ons vergeven.
Hoe verklaar je dat in de periode 1954 – 1958 de Volksunie electoraal gezien niet zo goed
scoorde?
We zitten in een periode van de schoolstrijd. De regering van Achiel Vanacker, een Paarse
regering avant la lettre). In die periode hebben de socialisten samen met de liberalen de regering
gevormd onder leiding van Achiel Vanacker. Dat was de enige Bruggeling die ooit premier is
geweest. Onder zijn impuls hebben er ook veel krijsgevangenen in de steelkool sector gewerkt.
Hij wordt ook beschouwd als een van de mensen die aan de basis liggen van ons sociaal
zekerheidssysteem. Franck Van Acker is kort na zijn overlijden burgemeester geworden. Dit was
naar aanleiding van de verkiezingen. Toen vielen de parlementsverkiezingen en de
gemeenteverkiezingen samen.
Tweede element: vele mensen zeiden dat de Volksunie de partij is van de zwarten, de partij van
de collaborateurs, maar eigenlijk heel wat mensen die bij de Volksunie zaten helemaal niets te
maken hadden met die collaboratie.
Het was ook een partij van de scheurmakers. De CVP zag dat niet zitten dat er een nieuwe
Vlaams nationale politieke partij zou komen, dus als die kiezers die potentieel zou vertrekken dat
het katholieke blok zwakker werd. Daarom zei men dat die partij ervoor zorgt dat de
christendemocraten veel zwakker staan in de schoolstrijd.
BBP 7
,Tekenen van opleving na 1958
Na de schoolstrijd wordt er eigenlijk een schoolpact gesloten. Ze zoeken binnen de politiek een
oplossing voor de schoolstrijd en voor de levensbeschouwelijke breuklijn. Dat heeft natuurlijk
gevolg voor alle politieke partijen.
Examenvraag: wat was de betekenis van de schoolpacht voor…. (Welke partij)
Betekenis voor de Volksunie.
- Na het afsluiten van het schoolpact wordt het sociaaleconomische binnen de Belgische
politiek belangrijk, maar ook het communautaire belangrijker. Na 1958 begint het
politiek klimaat voor de Volksunie er beter uit te zien. Zo wordt de partij ook beter
uitgebouwd.
Frans Van der Elst heeft veel parlementaire activiteit ontwikkeld waardoor:
- Het isolement van zijn eenmansfractie werd doorbroken in de Kamer
- Aandacht aan taalpolitieke aspecten
- Voorstel met de eis tot amnestie
De Volksunie slaagt er ook in om de partij verder organisatorisch uit te bouwen.
Van zweeppartij naar oppositiepartij 1961 – 1970
Volksunie was de eerste partij die aantoonde aan de andere politieke partijen om een bepaald
thema op de politieke agenda te plaatsen. En dat thema was federalisme.
Bij de parlementsverkiezingen van 1961 boekt de Volksunie een grote overwinning
- De CVP leidt zwaar verlies en Volksunie is de duidelijke overwinnaar
- In 1961 komt de regering Lefèvre-Spaak tot stand. Dat is een Rooms-rode regering. Het is
een Christendemocratische regering. Op die agenda staat vooral sociaaleconomische
thema’s (problematiek) en communautaire problemen. Het zal die regering zijn die de
taalgrens definitief zal vastleggen in 1963.
- Binnen de Volksunie zal er ook interne spanningen komen. Een regel in de politiek is dat
er altijd spanningen zijn en de regel bij uitstek is dat je moet zorgen dat de
tegenstellingen niet op straat mogen komen.
Opnieuw voerde de Volksunie een actie aanwezigheidspolitiek in de Kamer, maar door haar nog
steeds bescheiden aanwezigheid in het Parlement kon de partij echter voorlopig geen
rechtstreekse invloed op de besluitvorming uitoefenen. Daarentegen was haar functie als
zweeppartij (= oppositiepartij die soms de regering toch kan beïnvloeden) een belangrijk
machtsmiddel in handen van de flamingantische parlementsleden.
De Volksunie maakte ook gebruik van een aantal typische actievormen zoals huis-aan-huis
propaganda wat alleen maar mogelijk was door de grote inzet van de militanten. Ook
organiseerden ze de jaarlijkse landdagen.
Tijdens het partijcongres in Mechelen in 1963 kwam er een koerswijzing tot uiting. Aanvankelijk
was de Volksunie een niet-confessionele maar toch uitgesproken christelijke en rechtse
anticommunistische partij. In het begin van de jaren 60 zou ze, niet zonder zware interne
spanningen, maar een levensbeschouwelijk pluralisme en een centrum-linkse opstelling op
sociaaleconomisch vlak evolueren.
BBP 8
,Waarom was het partijcongres in Mechelen verschillen met de voorgaande congressen?
1° De nieuwe partijstatuten, die een verdere democratisering van de VU tot doel hadden door
een actievere participatie van de lokale partijafdelingen in de besluitvorming van de partij
mogelijk te maken, zouden worden toegepast.
2° Er zou voor het eerst gebruik gemaakt worden van de voorbereidende werkzaamheden van de
studiedienst. Dit was tekenend voor de verdere organisatorische uitbouw van de partij.
Ook verdedigde de partij nog rechtse thema’s zoals verplichte rechtspersoonlijkheid voor de
vakverenigingen en ze besteedden veel aandacht aan de problemen van de middenstand en de
KMO’s.
Maar er kwamen interne spanningen. Er ontstond een linker- en rechtervleugel binnen de partij.
Ook kwam er een breuk met de Vlaamse Militanten Orde (VMO). Ook kwamen er problemen met
Daniël Deconick die voorstander was van een linksgeoriënteerd federalisme. Mensen
beschouwen zijn idee als een poging om het marxisme binnen de partij te brengen. Uitiendelijk
verliet hij de VU.
Er waren goede electorale resultaten en dat blijkt ook bij de parlementsverkiezingen van 1965.
Het is een gunstig politiek klimaat. Er zullen ook verruimingsoperaties plaatsvinden. Men gaat
opzoek naar mensen die niet lid waren van de Volksunie, maar waarvan ze denken dat hmm die
persoon heeft wel een interessant profiel, misschien kunnen we ze wel lid maken van onze partij.
Voorbeelden zijn Hugo Schiltz, Vic Anciaux en Coppieters. Ze waren ook stevig organisatorisch
uitgebouwd. Men beschikte al over een eigen studiedienst en er kwamen meer plaatselijke
afdelingen. Ze beschikten wel nog niet over een jongerenorganisatie en een uitgebreid complex
van zuilorganisaties.
De parlementsverkiezingen in 1965 waren goed voor de Volksunie, maar ook goed voor de
Liberale Politieke partij. Men had op dat moment als Liberale partij de PVV (partij voor vrijheid en
vooruitgang) aan de Vlaamse kant. Wat is er hier opvallend aan, aan de naam? Het woordje
liberaal stond er niet meer in. Doelpubliek van de Liberale partij was de rechtervleugel van de
Christendemocratische partij. Men zei dus dat de gelovigen ook de stap konden maken naar de
liberale partij. Sommigen zeiden vooral uit Vlaams nationale hoek dat die partij een Pest voor
Vlaanderen is.
Dus de Volksunie doet het goed en de liberalen ook in 1965. We hadden de regering Levèrere
(rooms rood) die hun ontslag aanbood door de nederlaag van de CVP. Er komt kortstondig een
regering Harmel- Spinoy tot stand. Ook een rooms rode partij, maar bestond niet lang en daarna
kwam de regering VBD De Clerq en dat was een rooms blauwe regering. Zij zullen zich vooral
focussen op het sociaaleconomische en het communautaire wouden ze geen aandacht aan
scheppen. Het was geen prioriteit meer. Finaal gaat die regering vallen in 1968. Op die dag kwam
er ook de splitsing van de universiteit van Leuven. Voordien was er één Leuvense universiteit. Dit
wordt de struikelsteen voor die regering omdat ze geen aandacht schepten op het
communautaire.
Aan de ene kant was er de traditionele rechtervleugel, die zich bleef vastklampen aan het
traditioneel Vlaams-nationalisme zoals ze het van het VNV hadden overgeërfd en die wilde dat
de VU haar zuiver Vlaams-radicale pressiefunctie bewaarde. Deze strekking groepeerde izch in
de Vlaams Nationale vleugel.
BBP 9
, Aan de andere kant hadden we meer een progressieve vleugel die van de VU een volwaardige
politieke partij wilde maken door te opteren voor de omvorming van de VU van een pressiepartij
naar een oppositiepartij.
Op het congres in 1867 werd het levensbeschouwelijke pluralisme van de partij voor het eerst
uitdrukkelijk bevestigd en werd de centrum-linkse opstelling op sociaaleconomisch gebied
opnieuw beklemtoond. Hierdoor kwam er wel verzet van de rechts vleugel.
Parlementsverkiezingen van 1968 stonden in het teken van het communautaire verhaal in
België en je merkt dat de communautaire partijen hun beste resultaat haalden. Voor de
Volksunie dat ze de derde partij in Vlaanderen werden. De Volksunie is er dus nooit in geslaagd
om de grootste partij te worden (NVA nu wel). In die periode komt er weer een
verruimingsoperatie met 1 belangrijk figuur: Lode Claes. Hij behoorde tot de rechtervleugel van
de partij. Later zal hij niet onbelangrijk zijn bij het tot stand komen van het Vlaams Blok. We
krijgen opnieuw een Rooms rode regering, namelijk regering Eyskens-Merlot-Cools. Die regering
is van belang geweest omdat in 1970 de gemeenschappen tot stand zullen komen, later dan de
gewesten. Die regering zal daarin een belangrijke rol spelen.
De nieuwe regering beschikte niet over de vereiste 2/3de meerderheid in het parlement die nodig
was om de grondwetsherziening door te voeren. Zij was dan ook verplicht om de
oppositiepartijen bij haar overleg te betrekken à installatie van Werkgroep der 28 (= werkgroep
Eyskens). De resultaten tonen ons aan dat er een ruime consensus bestond over de culturele
autonomie, de decentralisatie en de hervorming van de instellingen.
Gemeenteraadsverkiezingen van 1970: er was een marsorder bij de christendemocratische
partij die eigenlijk niet wilden dat de Volksunie verkozenen in het college van burgemeester en
schepenen zouden komen. Ze wouden geen meerderheid vormen met de Volksunie. Dus hier
zien we terug dat de spanning tussen de Volksunie en de christendemocraten wel gebleven is.
In 1971 konden nog een aantal van de wetten ter uitvoering van de gewijzigde grondwetsartikelen
door het parlement worden goedgekeurd. Ze hadden onder andere betrekking op de installatie
van de Cultuurraden en de organisatie van de agglomeratie en de federaties van gemeenten. De
VU verleende haar steun bij de stemming.
Binnen een politieke partij komt de vraag van: moeten we niet richting bestuursmeerderheid
gaan, moeten we geen regeringspartij gaan worden? Moeten we niet in de regering komen om zo
onze ideeën te kunnen uitwerken? – volgend deeltje
Van 1958 tot 1999 waren de Christendemocraten er altijd bij! In 1999 zal dat veranderen in de
Paars groene regering.
Van oppositiepartij tot regeringspartij 1971 – 1977
Parlementsverkiezingen 1971: vaak hebben we in het verleden korte legislatuur gehad en veel
verkiezingen. We zien dat de communautaire partijen het opnieuw goed doen zowel VL als FR
kant en de Volksunie bereikt terug de derde plaats. Ze bereiken een electoraal plafond. Begin van
de jaren 70 zien we dat er sprake is van een stagnatie. De vraag is in die periode vooral van ja wat
gaan we doen, blijven we in de oppositie of komen we tot een regeringspartij? Finaal doen ze het
niet en dat lijdt voor enorme spanningen tussen de linker- en rechtervleugel van de partij. De
linker kant wou het wel en zeiden ook van ja we zullen toegevingen moeten doen en we zullen
ons moeten aanpassen en we zullen compromis moeten sluiten maar we zullen ten minste
finaal een deel van ons programma kunnen realiseren.
BBP 10